Site-archief

Poëzieroute

Harderwijk

.

Harderwijk kent iedereen natuurlijk van het Dolfinarium. Maar er is meer te beleven. Zo is er in de binnenstad de poëzieroute ‘Dichter bij de stad’. De poëzieroute is een initiatief van Literaire Culturele Stichting Apollo in Harderwijk, i.s.m. VVV Harderwijk. De literaire culturele kring Apollo is opgericht in 1986 en stelt zich ten doel: het literaire en culturele leven in Harderwijk te stimuleren door het organiseren van evenementen welke een onderhoudend karakter hebben, en werkt zij, op het gebied van cultuur, theater en kunst ook met andere organisaties samen.

Joz Brummans was de initiatiefnemer van deze route die bestaat uit 25 gedichten geplaatst op stenen tableaus die overal in de binnenstad en aan de haven liggen. Gedichten van plaatselijke dichters maar ook van Ida Gerhardt, Arthur Rimbaud, Hans Lodeizen en A. Marja.

De route is te raadplegen via https://www.google.com/maps/d/viewer?mid=1pcSVKHdahMsT14AOXyvR4JD6I7w&hl=en_US

h1

h2

h3

 

harderwijk

 

 

POeM PAiNtiNG

Lynda Black

.

De Engelse kunstenares Lynda Black is zeer veelzijdig als kunstenaar. Een deel van haar werk staat in het teken van (poëtische) teksten en daarbij maakt ze willekeurig gebruik van kleine letters, kapitalen en lettervormen.

In de jaren 70’en 80’van de vorige eeuw studeerde ze kunst en arts aan verschillende Engelse scholen en instituten, ze had vele tentoonstellingen, solo of in groepen en inmiddels verkoopt ze delen van haar werk via https://www.etsy.com op internet. Ook is haar werk opgenomen in collecties in Londen, Brisbane en Gympie (dit laatste verzin ik niet, het is een stadje van 10.000 inwoners in Queensland, Australië).

Haar Black and white paintings is het werk waar ze poëtische teksten in verwerkt zoals je hieronder kunt zien. Onder de noemer ‘Gedichten in vreemde vormen’ wilde ik je deze niet onthouden.

.

lb

lb2

lb3

An

Herman de Coninck

.

In april 2016 ben ik gestopt met het, elke zondag, plaatsen van gedichten van één van mijn favoriete dichters aller tijden Herman de Coninck. Maar telkens als ik voor mijn boekenkast sta met dichtbundels trekken zijn bundels mijn aandacht. Dan neem ik ze één voor één ter hand, blader en lees er wat in en zet ze terug. En soms, zoals vandaag, denk ik; ik ga er gewoon weer een plaatsen.

Op de onvolprezen website http://www.dbnl.org/ staat te lezen over de bundel ‘Schoolslag’ uit 1994:

“De Coninck is een dichter die zichzelf van nature tegenspreekt, in de rede valt, corrigeert. Hij moet wel iemand zijn die waarheden in het algemeen en ook zijn eigen waarheden wantrouwt. Dat heeft zo zijn consequenties voor zijn poëzie. Van grote onderwerpen ziet hij de ontnuchterende details, triviale kleinigheden brengen hem tot visioenen. Die wisselwerking levert karakteristieke gedichten op.”

In het gedicht over An ‘1971’ (dat gaat over zijn bij een ongeluk overleden vrouw An en hun zoon Tom) is de Coninck heel persoonlijk en zelfs wat afstandelijk in één gedicht. Hij ondergaat en hij observeert. Mede daarom bleef mijn oog hangen op dit gedicht.

.

1971

Verliezen lukte beter: daar heb ik ternauwernood
één dichtbundel over gedaan. Ik won
de Prijs van de Vlaamse Provinciën met jouw dood.
Ik herinner me vooral dat ik mijn bril niet vinden kon.

Die lag naast de auto op de grond. Eerst vond
ik hem, het was een nieuwe, dan jou.
Dank zij die bril kan ik je nog steeds zien.
Na een eeuwigheid, misschien.

een minuut of twee, wees een vrouw naar het gras:
kijk, een kindje. Oja, dat hadden we ook. Snel mond
op mond. Tom gillen als vermoord. Dat leek me gezond.

Pas toen besefte ik hoe stil het voordien was.
Ik dacht: zal ik eens proberen te huilen?
Het lukte. Dat kwam de volgende dagen goed van pas.

.

de-coninck-4

Eneas

Publius Virgilius Maro en Joost van de Vondel

.

Van Ton Rodenburg kreeg ik de ‘Eneas’ van Publius Virgilius Maro in de vertaling van Joost van den Vondel uit 1947 met lithografieën van Dignum Dominicus Lammers. Een mooi, groot, lijvig werk van 382 pagina’s dat eigenlijk te groot is voor mijn boekenkast. En toch ben ik zeer verrukt over deze gift van Ton.

Vergilius zijn bekendste werk is de Aeneis  (of in vertaling de Eneas), het grote heldendicht waarin de grootheid van Rome, van Romes oorsprong en verleden wordt bezongen. Dit werk moest even beroemd worden als de Ilias en de Odyssee van Homerus, het heeft dan ook een gelijkaardige inhoud, maar het is kritischer geschreven.

De Aeneïs gaat over de legende van Aeneas, die de Romein voorstelt als de verre afstammelingen van de Trojanen en van het geslacht van de Iulii (=Julii), waartoe Augustus behoorde door de adoptie van Quintus, de zoon van Aeneas en kleinzoon van Venus en Jupiter. De vermenging van deze mythologie met Latijnse geschiedenis maakt dit epos tot een nationaal kunstwerk, dat vanaf zijn ontstaan tot het heden toe geldt als het mooiste gedicht in de Latijnse taal.

In de taal van Vondel wordt dit een prachtig maar niet eenvoudig werk om te lezen. En toch ben ik eraan begonnen. De taal van Vondel is archaïsch maar prachtig. En nee, niet alles wat ik lees begrijp ik meteen maar dat geeft niet, door de taal, de rijkdom aan woorden en beschrijvingen neemt de schrijver me mee in het verhaal. Wat ik verder heel bijzonder vind is hoe de taal is veranderd. Als je de tekst hardop in je hoofd leest is er niet zo gek veel veranderd maar het gebruik van d’s en t’s, van h’s en g’s waar we dat niet gewend zijn, de ae voor de e, het gebruik van de stille c, de n aan het eind van vele woorden, allemaal in onbruik geraakt. Mooi om te zien hoe taal steeds veranderd en zich aanpast aan de tijd.

Per boek staat aan het begin een korte inhoudsopgave zoals dat vroeger vaker gedaan werd. Hier de inhoud van het eerste boek. Als tekst bijna een gedicht.

.

Eneas, de godtvruchte en strijtbaere oorloghshelt,

Vervolght van Iunoos wrock, en doolende om te landen

In ’t oude Italie, vervalt, door ’t woest gewelt,

Der Siciljaensche zee, in ’t ende aen Didoos stranden.

Zijn moeder Venus wijst hem ’t onbekende padt,

Dat naer Karthago loopt: zij deckt met eene wolcke

Achates, en haer’ zoon; die vindt de nieuwe stadt,

En wint Elyzes gunst, ten troost van zijnen volcke,

Geberght, en wel onthaelt ter tafel in ’t palais,

Belust om trojes val te hooren, en hun reis.

.

img_5642

img_5643

img_5644

img_5645

 

Leave a light on

Marble sounds

.

Soms zijn de tekstregels van liedjes voor meerdere interpretaties vatbaar. En een enkele keer kom je er nooit helemaal achter wat er nu precies bedoeld wordt met de tekst, wat je met poëzie ook kunt hebben. In het geval van een liedtekst kan dan altijd de muziek nog helpen of zelfs een video die bij dat nummer hoort. Bij het nummer ‘Leave a light on’ van de Belgische band Marble Sounds heb ik dat heel erg.

Marble Sounds is een Belgische postrockband rond zanger Pieter Van Dessel. Een belangrijk kenmerk van de muziekgroep is het melancholisch karakter van hun liedjes en dat is in ‘Leave a light on’ zeer goed te horen.

.

Leave a light on

sure i can leave a light on
let it shine on
leave it till dawn
sure i can leave a light on
leave a light on for you

it takes two to find a way out
there is no doubt
i will be around
if you have lost the right track
then i’ll lead you right back

don’t search to find
don’t smile just to be nice
don’t run just to get there on time

be amazed
simply blown away
live on without
getting off your cloud

sure i can leave a light on
leave a light on for you

sure i can play a quiet song
i could just hum

beat a soft drum
sure i can play a quiet song
play a quiet song for you

it takes you to make my heart sing
to let air in
and keep breathing
it takes two to keep the vibe true
i am waiting for you

it struck me again
we both look the same
but what you make
appears in all shapes

i should impress
but nevertheless
i cannot change
night into a day

so sure i can leave a light on
leave a light on for you

.

marbles
.

Dichter van de maand Oktober

Toon Tellegen

.

Zoals al een beetje weggegeven op verschillende social media heb ik als Dichter van de maand oktober gekozen voor Toon Tellegen. Blijkbaar weet de poëzie van Toon Tellegen vele harten te raken. In ieder geval het mijne en daarom dus op elke zondag in oktober een gedicht van Toon Tellegen.

Voor vandaag heb ik gekozen voor het gedicht ‘Een gedachte’ uit de bundel ‘Gedichten 1977 – 1999’ uit het jaar 2000.

.

Een gedachte

.

Er moet een gedachte zijn

die te verschrikkelijk is om te bedenken.

Aan die gedachte moet ik denken,

nu.

Buiten morren mijn dromen, lopen geruchten tergend langzaam

heen en weer. Ik denk

dat zij bedolven ligt

onder al mijn andere gedachten

en niets te maken heeft met god of dood

of wat dan ook.

Misschien rekt zij zich wel uit, nu,

in het diepst van mijn gedachten, begeeft zij zich

op weg.

.

tt

Hoed u!

Martin Wijtgaard bij Ongehoord!

.

Afgelopen zondag was Martin Wijtgaard één van de dichters op het podium van Ongehoord! Op 11 juli schreef ik al eens over Martin in het kader van de Poëziebus toer. Op het podium van Ongehoord! droeg hij onder andere op onnavolgbare wijze het gedicht ‘Onschadelijke mensen’ voor. En laat dit zelfde gedicht nu staan in zijn laatste bundel ‘Drie kogels en een rattenstaart’ die via zijn website http://martinwijtgaard.blogspot.nl/ of via een bericht op Facebook aan hem te koop is voor € 5,- (exclusief portokosten).

Martin vertelde mij dat zijn voordrachten tijdens de Poëziebus toer aangescherpt en verbeterd waren en dat was goed te merken op het Ongehoord! podium. Gelukkig is het gedicht ook zeer goed lees- en genietbaar als tekst, daarom hier ‘Onschadelijke mensen’.

.

Onschadelijke mensen

                              ‘Don’t struggle like that, I will only love you more’.
                              Robert Smith

Wees op je hoede voor onschadelijke mensen

die met muizetanden kaakjes knagen

in wolken van geblauwseld haar

en vijftig tinten Vroom & Dreesmannbruin.

.

Hun open voordeur is een val

die toeklapt op een aardig woord:

ga binnen en ze klampen zich

hardnekkig als een virus vast

.

met kiekjes van hun bloedverwanten,

klachten over ziekenhuizen,

Oisterwijkse meubelstukken,

biedermeier theeserviezen,

postzegelverzamelingen,

kunstig afgedwongen decoraties

.

en dringende adviezen voor de tuin.

.

Verzet je niet: bescheidenheid

maakt het roofdier in ze wakker.

Aanvaard de aangeboden thee,

bereken je ontsnappingskansen:

vroeg of laat moet iemand bellen

met groetjes of een doodsbericht.

.

Gebaar naar staartklok of horloge,

trek – je spijtigste gezicht;

– een sprintje naar de buitendeur

en   – deze hard achter je dicht.

.

Wees op je hoede voor onschadelijke mensen,

ze hebben het beste met ons voor

het beste met ons voor

het beste.

.

mw

img_5528

Jan Arends

Spiegel van de Nederlandse poëzie

.

Sinds kort ben ik in het bezit van de ‘Spiegel van de Nederlandse poëzie’ in twee delen. Deel 1 behandelt de poëzie van 1100 tot en met 1900 en deel 2 de Nederlandse poëzie van de twintigste eeuw. Nu moet je de 20ste eeuw niet te nauw nemen want mijn uitgaven zijn van 1979. Nog een vijfde van de eeuw te gaan die niet meegenomen is, maar dit terzijde.

In deze bundel vele bekende dichters en een groot aantal minder bekende dichters. Wie kent bijvoorbeeld  J. Decroos en P.N. van Eyck nog of Garmt Stuiveling. Toch lees ik bij deze minder bekende dichters vaak heel bijzondere poëzie.

Toch viel al lezend en bladerend een gedicht van Jan Arends mij op. Jan Arends is bekender als dichter en ik schreef al eerder over zijn werk en leven (3 juni 2016). Dit gedicht wilde ik toch graag met jullie delen omdat het aan de ene kant de poëzie beschrijft zoals ik ze ook soms zie en aan de andere kant de donkere kant van Jan Arends (hij pleegde zelfmoord op 49 jarige leeftijd). Uit: Nagelaten gedichten uit 1975.

.

Het is

een gedicht.

.

Het is maar

een afvalprodukt

van wat ik weet.

.

Ik

weet het.

.

Het is

het onvertaalbare weten

dat mij kwaad laat doen.

.

Het is

geen woord

maar

het is liefde

en haat.

.

Het woord

dat ik niet zeggen kan

dat mij

verbitterd maakt

en oud.

.

spiegel_1979_new

Dichterspodia

Schrijvenswaard en Literair café Reizende Dichters

.

In Nederland zijn vele podia en evenementen waar (beginnende) dichters hun poëzie ten gehore kunnen brengen. Ik heb in het verleden al aan verschillende podia aandacht besteed (zie onder de categorie Poëziepodia). Dit keer weer twee initiatieven waar vooral open podium dichters hun slag kunnen slaan.

Open Podium Schrijvenswaard

Schrijvenswaard is een dichters/schrijverscollectief en is opgericht in 1999. Op zaterdag 1 oktober van 13.30 – 15.30 uur organiseert Schrijvenswaard haar 6e Open Podium Schrijvenswaard in de Bibliotheek aan het Stadsplein van Heerhugowaard. Dit podium staat open voor dichters, schrijvers en singer-songwriters, akoestisch (bij voorkeur Nederlandstalig). Er is nog plaats voor dichters en schrijvers en je kunt je inschrijven via info@schrijvenswaard.nl

Het 7e Open Podium in de bibliotheek staat gepland op 5 november 2016

Meer informatie kun je vinden op de wesbite: http://www.schrijvenswaard.nl

Locatie: Bibliotheek Heerhugowaard Centrum
Tijd: 13.30 – 15.30 uur
Toegang: gratis

schrijvensw

.

Literair café Reizende Dichters

De Reizende Dichters delen de passie voor taal als verwoord in gedichten en verhalen.
Dit dichterscollectief wordt gevormd door de leden wonende op Goeree-Overflakkee. Zij hebben als doel poëzie onder de aandacht van het grote publiek te brengen, o.a. door het organiseren van allerlei activiteiten waaronder Literaire Café s op verschillende locaties in bijvoorbeeld Middelharnis, Brielle en Sommelsdijk. Deze literaire cafés vinden een aantal keren per jaar plaats.

De reizende dichters hebben een website http://oogo.cultuurpleingo.nl/ en daar is alle informatie over komende podia (en nog veel meer) te vinden.

oogo

Weemoedts felicitatiedienst

Lévi Weemoedt

.

De in Vlaardingen geboren dichter Lévi Weemoedt (1948) is vooral bekend van zijn tragi-komische korte verhalen en gedichten. Jarenlang was Weemoedt leraar maar toen hij daar genoeg van had richtte hij zich volledig op het bestaan van schrijver.  Weemoedt was medewerker van het Algemeen Dagblad, publiceerde in het, in Vlaardingen opgezette, literair tijdschrift ‘Renaissance’ en was van 1976 tot 1979 redacteur van literair-satirisch studentenblad Propria Cures. Later, in de jaren ’80 schreef hij in “Mare,” het weekblad van de Rijksuniversiteit Leiden.

Van de hand van Weemoedt verschenen ca. 350 gedichten. Uit de bundel ‘Geen bloemen’ uit 1978 het gedicht ‘Weemoedts felicitatiedienst’.

.

Weemoedts felicitatiedienst

.

O! als je trouwt, vergeet mij niet te vragen,

en sta mij toe om tussen oom en tant’

een stukje uit mijn dagboek voor te dragen:

wat heb ik snel de lachers op mijn hand!

.

Bijvoorbeeld, 18 maart: ‘met L. geslapen!

Ze houdt van mij!! Gaat morgen weg bij Freek’.

En, 20 maart: ‘een brief van L. op tafel:

ze trouwt met F.!!.. Bruiloft over een week’

.

De mensen brullen! ‘Dagboek van een Gek!’.

gilt tante Jo, ‘hoe krijgt-ie het verzonnen!

Je zal toch maar getrouwd zijn met die L.!’

.

Dan explodeert een stilte in ’t vertrek:

een kille tocht vaart door de trouwjaponnen.

De tafelkleedjes krijgen kippevel.

.

gb

lw