Site-archief

Theater van de natuur

Sellingen

.

In 2012 werd in het plaatsje Sellingen (Oost Groningen) het Theater van de natuur voltooid.

Willeke Bergman, woordvoerster van het Waterschap Hunze en Aa’s zei hier destijds bij: “Het Theater van de Natuur is een grote heuvel aan de oever van de De Ruiten Aa in het bos bij Sellingen. De heuvel is meer dan vijftien jaar geleden ontstaan, bij het hermeanderen van de rivier. Toen kwam er zand vrij. Als waterschap zijn we de eigenaar. We hebben een trap op de heuvel aangelegd en ieder jaar wordt op één trede een gedicht van een schrijver onthuld.”

In september 2012 was dit het geval. Op de bovenste en laatste trede van de trap werd een gedicht van Jan Mulder geplaatst. Bovenop de heuvel is een bankje en een minitheatertje met een soort kijkdoorgang gemaakt waarop je naar de natuur kunt kijken als ware het een toneelvoorstelling.

.

theater van de natuur

theater van de natuur 2

theater van de natuur 3

theater van de natuur 4

Met dank aan het Dagblad van het Noorden.

Konterfeitsel

Micha Hamel

.

Afgelopen woensdag mocht ik aanwezig zijn bij de uitreiking van de VSB poëzieprijs 2014. Er waren 5 genomineerden te weten: Maria Barnas, F. van Dixhoorn, Miriam Van hee, Antoine de Kom en Micha Hamel.

Vijf zeer verschillende dichters met vijf zeer uiteenlopende bundels. Antoine de Kom won de prijs en ik denk een terechte winnaar maar na de voordrachten was ik toch ook zeer gecharmeerd van de poëzie van Micha Hamel. Zijn manier van poëzie maken is zo anders, zo verrassend, humoristisch en origineel dat ik hier graag een gedicht van hem plaats. Uit de bundel ‘Luchtwortels’ uit 2006 het gedicht ‘Konterfeitsel’.

.

Konterfeitsel

Ontbijt met krantenfoto
van de onontkoombare oogopslag van een loensende blondine
die besloot de paarse kringen van slaaptekort aan het glasdeeg
van de huid rond haar ogen toe te staan

daar ze droomt als ze werkt en werkt als ze praat en
praat als ze slaapt en slaapt als ze reist als ze
denkt en denkt als ze droomt. Goedemorgen passagier

door een span hoogwaardige chromosomen vervoerd, wat
bent u mooi boven de dertig en wat schonk de Schepper
half rijmend op uw verwekker u een prachtig stel

rechte enkels, een scheve hoektand en ‘Jij
vindt Patricia Arquette alleen maar aantrekkelijk
omdat ze op Ireentje lijkt.’

zegt mijn vrouw. Ireentje is niet mijn vrouw
maar een liefde van vroeger, van school

‘Dit is niet Patricia, dit is Noreena Hertz.’

‘Wie?’

‘Die komt in Nederland werken, en wordt er doodmoe van
dat mannen haar altijd complimenteren met haar intelligentie.’

‘Je aapt gigantisch Tonnus Oosterhoff na als je dit
allemaal zo letterlijk gaat zitten opschrijven, hoor.’

.

.

hamel-klein

Meer lezen of beluisteren? Dat kan op http://www.vsbpoezieprijs.nl/nominaties?id=146

Met dank aan gedichten.nl

A girl

Ezra Pound

.

Al eerder schreef ik over Ezra Pound (1885 – 1972) en deze week werd ik weer eens herinnerd aan zijn bestaan. Op 13 juli 2013 schreef ik over de poëzietheorie van Pound en op 14 januari 2013 kwam zijn gedicht ‘In a Station of the Metro’ voor op een lijstje met de 9 meest vreemde gedichten die je ooit las. Ik zag dat ik dit gedicht toen niet plaatste, vandaar vandaag twee gedichten van deze bijzondere dichter.

.

In a Station of the Metro

The apparition of these faces in the crowd;

Petals on a wet, black bough.

.

A Girl

The tree has entered my hands,
The sap has ascended my arms,
The tree has grown in my breast –
Downward,
The branches grow out of me, like arms.

Tree you are,
Moss you are,
You are violets with wind above them.
A child – so high – you are,
And all this is folly to the world.

.

Ezra_Pound_2                                                                                                                Ezra Pound in 1913

.

Met dank aan Poemhunter.com

Gedicht naar aanleiding van Gedichtendag

Gedichtendag

 

Het lijkt een groet als van

goedemorgen terwijl de

.

middag toch allang is en

de avond alweer bijna

.

leg het maar eens uit

aan al deze kindskinderen

.

opa vertelt maar niemand

luistert, is hij nog wel te

.

verstaan? Het is zo’n dag

als alle andere, zo’n dag

.

die je begroet, niet uit

gewoonte maar meer als

.

beleefdheid, zoals inwoners

van de Verenigde Staten altijd

.

aan je vragen ‘How are you?’

terwijl ze de andere kant opkijken

.

Voordragen met huisarrest

Liu Xia en Liu Xiaobo

.

Liu Xia is een Chinees dichter, schilderes en fotografe uit Beijing en de vrouw van Nobelprijswinnaar voor de Vrede (2010) Liu Xiaobo. Liu Xiaobo was de president van het onafhankelijk Chinese PEN centrum. International PEN (ook geschreven als P.E.N.) is een internationale organisatie van schrijvers, die zich onder andere inzet voor de vrijheid van meningsuiting en voor schrijvers die om hun meningen worden onderdrukt. Verder heeft de organisatie ten doel vriendschap en samenwerking tussen schrijvers overal ter wereld te bevorderen en de rol van literatuur bij de ontwikkeling van goede wederzijdse verstandhoudingen en cultuur in de wereld onder de aandacht te brengen. De organisatie heeft op dit moment (2005) 141 centra in 99 landen en is georganiseerd naar taalgebied.

Van 1996 tot 1998 zat Liu Xiaobo in een Chinees werkkamp en in die periode schreef hij het volgende gedicht voor zijn vrouw.

.

Voor Xia

De hemel is te weids en vaal

om met mijn zielsogen te doorgronden

Geef me één druppel regen

die de betonnen vloer laat glanzen

geef me één straal licht

die laat zien wat de bliksem wil

Zeg me één woord

en je opent deze deur

waardoor de nacht naar huis kan gaan.

.

Nadat Liu Xiaobo 11 jaar gevangenisstraf had gekregen als mensenrechtenactivist omdat hij had meegeschreven aan Charter 08 (in 2008) waarin de ondertekenaars een aantal eisen neerlegde met betrekking tot verschillende mensenrechten  in China. Liu Xia wordt wel gezien als de spreekbuis van Liu Xiaobo en kreeg daarom in oktober 2010 huisarrest opgelegd door de Chinese regering.

In 2013 werd een video het land uit gesmokkeld en afgeleverd bij PEN waarop Liu Xia poëzie van haar hand voordraagt.

.

Met dank aan Wikipedia, Amnesty.nl, vertaling gedicht Liu Xiaobo: Daan Bronkhorst.

Debutanten

Volkskrant 

.

In de Volkskrant van dinsdag staat een aardig stuk over 5 debutanten onder de titel Dichtgroeien. Deze 5 debutanten zijn Hannah van Wieringen, Pieter de Bruijn Kops, Jeroen van Rooij, Daniël Vis en Laura van der Haar. De laatste twee finalist en winnaar van het NK Poetry Slam, de eerste een toneel/prozaschrijfster, nummer twee redacteur en nummer drie prozaschrijver. Van elk van de dichters een gedicht en een kort interview met vragen als: waarom schrijf je gedichten?, welk woord zou je nooit gebruiken? en wanneer ben je ermee begonnen?

Alle vijf debuteren met een dichtbundel en na lezing van het (bijna) 3 pagina’s tellende stuk gaat mijn voorkeur uit naar Daniël Vis. Hij debuteert bij Prometheus met de bundel ‘Crowdsurfen op laag water’ (komt uit in april 2014).

Voor degene die niet wil wachten tot april heeft Daniël ook een website: http://danielvis.wordpress.com/

Van deze website het volgende gedicht: daten op de uitlaatplek

.

daten op de uitlaatplek

I
we nemen de roltrap
naar de lingerie-afdeling.

ze is op zoek naar een broekje,
blauw,
voor bij die en die bh.

we kennen elkaars ondergoed.

ik laat m’n ogen gaan
over maten die ze niet heeft,

het hangt vol met wat je mist.

ik wis de laatste tijd weer
regelmatig mijn browsegeschiedenis.

II
ze vertelt over de hond
die ze vroeger hadden, thuis.

dat ze na jaren kon zien
aan z’n blik
wanneer hij moest schijten,

het was zielig hem dan niet uit te laten.

een huisdier is handig vindt ze,
om omgang te trainen.
en binding.

ik groef een kuil voor de konijnen
die bij m’n ouders in de garage
stil verhongerden.

ze waren niet van mij.
ik was onschuldig.

een supersoaker vol bleek
en de kat van de buren.

III
het broekje dat ze zoekt
is niet te vinden.

is het de juiste maat
dan is het de kleur niet,

de juiste kleur
en niet de maat.

en ja. het moet blauw.

soms ben je elke kilo die je weegt.
de prijskaartjes liegen er niet om.

.

Daniel-Vis

Het handje

Versvormen

.

Vandaag een bijzondere versvorm bedacht door Jan van der Pol ‘Het handje’. In het handje,  een vijfvingerig vers, richt een mens, dier, plant of ding zich tot iets of iemand in een monoloog. De pink is vier jamben lang, de duim drie. De drie centrale vingers zijn vijfjambig, maar de middelvinger is (typografisch of door vrouwelijk rijm) langer.

.

Een voorbeeld van Het handje van Jaap van der Born ‘De aandelenmakelaar tot zijn klant’.

.

De aandelenmakelaar tot zijn klant

.

Ik heb met ijzeren geduld

de kosten haarfijn voor je uitgerekend.

Maar jij, slechts van hebzuchtigheid vervuld

hebt blindelings papieren ondertekend:

Dat was je eigen schuld!

.

hand

Met dank aan: https://sites.google.com/site/versvormen/versvormen/het-handje

Uit een oud dorp

Uit mijn boekenkast

.

In mijn boekenkast staan naast de vele dichtbundels die de meesten van ons wel zullen (her)kennen ook een aantal uiterst obscure bundeltjes. Zo ook het bundeltje ‘Uit een oud dorp’ van A. Roland Holst. Onder de naam Kort en goed en onder redactie van Kees Fens en Rob Nieuwenhuis werd bij uitgeverij Em. Querido in 1976 dit curieuze bundeltje uitgegeven. Curieus door zijn vorm; een slap kartonnen kaft in blauwe kleur waarin leven en werk in 7 bladzijden worden geschetst (twee pagina’s aan het begin en twee pagina’s aan het eind van het bundeltje inclusief voor- en achterkaft). Wat dit bundeltje voor mij extra interessant maakt is dat in de verhandeling over A. Roland Holst de naam van Prof. dr. H. C. Rümke valt. Hier wordt prof. Rümke opgevoerd als de auteur van het ‘beroem geworden boekje’ Levenstijdperken van de man, ik ken prof. Rümke van een gedicht dat ik aan hem wijdde naar aanleiding van een uitspraak van hem, die ik las in het Dolhuis in Haarlem (museum van de psychiatrie). (zie hiervoor mijn blogberichten uit 2010 en 2011, zoek onder Rümke).

.

In dit bundeltje een kleine bloemlezing van gedichten van A. Roland Holst en hieruit gekozen het gedicht ‘De vagebond’ uit ‘Verzamelde gedichten’ uit 1971.

.

De vagebond

.

Zij wikken en wegen

hun geld en hun god,

en kanten zich tegen

mijn vluchtiger lot,

omdat ik mijn handen

en ogen leeg

door hunne  landen

omdroeg, en zweeg

in hun geschillen,

en ging als blind

om der eenzame wille

van sterren en wind.

.

A. Roland Holst

Mannen

Maria Barnas

.

In de zaterdag Volkskrant van gisteren staat een groot artikel over Maria Barnas.  Zij is genomineerd voor de VSB Poëzieprijs welke op woensdag 29 januari zal worden uitgereikt in het stadhuis in Rotterdam. Ik heb een uitnodiging gekregen en zal naar deze feestelijke uitreiking toegaan. Andere genomineerden zijn Miriam van Hee, Antoine de Kom, Micha Hamel en F. van Dixhoorn. Omdat de poëzie van Maria Barnas voor mij nog redelijk onbekend was heb ik eens wat van haar gelezen. Hieronder een aardig gedicht uit de bundel ‘twee zonnen’ uit 2003. Wil je meer van haar lezen kijk dan even op http://www.gedichten.nl/schrijver/Maria+Barnas

.

Mannen

Ik denk aan de man die ik liefhad.
Heb ik hem lief?
Hoeveel angsten zijn dat?

Onze borden raakten leger
En aan de rand ligt een bloem. gesneden
uit radijsjes. Een klein uitbundig leven.

Niet om te eten, weet hij.

.

barnas2Met dank aan: http://www.derecensent.nl

Poëzie als Olympische Sport

Poëzine

.

Poëzine, het onvolprezen digitale magazine vol poëzie en kunst had in één van haar eerste afleveringen als thema “Een zomer zonder doping’. Ik heb daar toen een bijdrage voor geschreven waar ik laatst aan moest denken toen de hele discussie over Sochi en de corruptie binnen de Spelen weer eens aan de orde kwamen. Ik las mijn stuk nog eens terug en besefte toen dat alleen de lezers van Poëzine dit hadden kunnen lezen. Dat zijn er inmiddels al heel veel,  maar om het ook met diegene die (nog) geen lid zijn (doen hoor!) te delen alsnog de tekst.

Tijdens de Olympische spelen van 2012 kwamen vele dichters (50 talen) uit allerlei landen bij elkaar in Londen op een festival met de naam Poetry Parnassus. Daar droegen zij hun poëzie voor en van deze voordrachten werden 100.000 kopieën van hun verzamelde werk uitgestort door helikopters boven het olympisch terrein aan de Thames. Een ander poëzie project ‘The Written World’ bestond uit het dagelijks voorlezen van een gedicht uit één van de 204 deelnemende landen, door de BBC. Tot slot waren er op stenen, houten en metalen gedenkplaten gedichten aangebracht die her en der op het Olympisch terrein stonden.

Toch gaat de relatie tussen sport en poëzie verder terug dan je zou denken. In het oude Griekenland waren literaire activiteiten een onlosmakelijk onderdeel van atletiek evenementen. Dichters waren toen minstens zo populair als de atleten. Beroemde atleten uit die tijd lieten dichters odes schrijven over hun belangrijkste zeges. Bij een Grieks atletiek festival bij Delphi, de god van muziek en poëzie, was het voordragen van poëzie een even competitief onderdeel als de atletiekwedstrijden.

Voor een groot deel van de Olympische spelen in de 20ste eeuw was poëzie een officieel wedstrijdonderdeel waarbij medailles waren te winnen. Baron Pierre de Coubertin stond erop dat dit soort Griekse kunsten werden toegestaan naast de sportieve onderdelen. In 1912 werd zijn droom gerealiseerd toen literatuur, muziek, schilderkunst, beeldhouwkunst en zelfs architectuur olympische onderdelen werden tijdens de zogenaamde Pentathlon der Muzen waarbij alle inzendingen direct geïnspireerd moesten zijn door sporten.

Tijdens 7 opeenvolgende Olympische spelen werden gouden, zilveren en bronzen medailles uitgereikt aan zowel schrijvers (meestal dichters) als atleten als sprinters, worstelaars en gewichtheffers. De Coubertin, slim als hij was, deed de eerste keer onder pseudoniem mee en ‘won’ een medaille voor zijn ode aan de sport. Toch was er al snel kritiek op dit onderdeel. Beroemde dichters (T.S. Elliot, Jean Cocteau) werden genegeerd en mindere goden wonnen de medailles voor vaak kritiekloze en ophemelende poëzie. Daarnaast was de regel dat alleen amateurs mochten meedingen terwijl kwaliteit juist meestal niet van amateurs kwam. Toen tijdens  de Olympische spelen in en rond de crisistijd en de oorlog deze vorm van competitie ook nog eens werd ingezet als propaganda was dit het eind van de kunsten als competitief onderdeel van de spelen. In 1952 tijdens de Olympische spelen van Helsinki werd poëzie stilletjes van het programma geschrapt. Vandaag de dag zijn alle niet sport uitslagen uit de boeken van de Olympische spelen geschrapt. En misschien is dat maar beter ook. Je kunt je afvragen of poëzie zich leent als Olympisch onderdeel.

Dat tijdens de Olympische spelen van 2012 weer een vernieuwde interesse was voor poëzie kan je alleen maar toejuichen. In plaats van een zomer zonder doping zou je hier kunnen spreken van een sportzomer zonder doping maar met poëzie. En dat is alle doping die je nodig hebt lijkt me.

Tot slot twee coupletten uit het winnende gedicht van Pierre de Coubertin (onder het pseudoniem M. Eschbach geschreven van 1912. Het complete gedicht telt 9 coupletten. Voor de volledige tekst kun je terecht op http://library.la84.org/

I.

O Sport, pleasure of the Gods,

essence of life, you appeared suddenly

in the midst of the grey clearing

which writhes with the drudgery of

modern existence, like the radiant

messenger of a past age, when

mankind still smiled. And the glimmer

of dawn lit up the mountain tops and

flecks of light dotted the ground in the

gloomy forests.

II.

O Sport, you are Beauty! You are the

architect of that edifice which is the

human body and which can become

abject or sublime according to whether

it is defiled by vile passions or improved

through healthy exertion. There can be

no beauty without balance and proportion,

and you are the peerless master

of both, for you create harmony, you

give movements rhythm, you make

strength graceful and you endow suppleness

with power.

.

Olympische-Spelen