Site-archief

Hoop

Lift every voice and sing

.

Hoop vind ik een mooi begrip, een mooi woord ook. Het straalt optimisme en positiviteit uit. Toen ik gisterochtend een artikel las over Maya Angelou (waarover ik gister schreef naar aanleiding van haar overlijden) kwam ik het volgende stukje tegen:

“De kracht van het woord ontdekte ze (Maya Angelou) in 1940, tijdens een ceremonie ter afsluiting van haar lagere school. Een klasgenootje droeg daar het ‘negervolkslied’ voor, een gedicht van James Weldon Johnson. Wij zijn een weg gegaan die nat is van tranen, wij hebben ons een weg gebaand door het bloed van doden.”

Nieuwsgierig geworden naar dit gedicht zocht ik op de titel en kwam de Wikipedia pagina tegen met de tekst en de historie.

‘Lift every voice and sing’ is geschreven door James Weldon Johnson (1871 – 1938) in 1900 en voor het eerst gereciteerd door 500 schoolkinderen van de gesegregeerde Stanton School. Johnson schreef het gedicht als introductie van zijn gast Booker T. Washington (ter gelegenheid van het vieren van de verjaardag van Lincoln). In 1905 werd het gedicht door zijn broer John Rosamond Johnson op muziek gezet.

Door de jaren heb is het gedicht en het lied bekend geworden als ‘The negro National Anthem’ en werd door veel zwarte Amerikanen uitgevoerd waaronder Stevie Wonder, Anita Baker en Bobby Brown.

In de autobiografie ‘I know why the caged bird sings’ van Angelou wordt het lied gezongen  door studenten en publiek bij haar afstuderen.

Een heel bijzondere versie van dit lied is de uitvoering van Al Green en Deniece Williams, bijgestaan door onder andere Roberta Flack. Persoonlijk hou ik enorm van de hoop die gospel en soulmuziek in zich bergt, bij deze uitvoering komt dat bijzonder sterk naar voren.

.

Lift every voice and sing

Lift every voice and sing
Till earth and heaven ring,
Ring with the harmonies of Liberty;
Let our rejoicing rise
High as the listening skies,
Let it resound loud as the rolling sea.
Sing a song full of the faith that the dark past has taught us,
Sing a song full of the hope that the present has brought us,
Facing the rising sun of our new day begun
Let us march on till victory is won.

Stony the road we trod,
Bitter the chastening rod,
Felt in the days when hope unborn had died;
Yet with a steady beat,
Have not our weary feet
Come to the place for which our fathers sighed?
We have come over a way that with tears has been watered,
We have come, treading our path through the blood of the slaughtered,
Out from the gloomy past,
Till now we stand at last
Where the white gleam of our bright star is cast.

God of our weary years,
God of our silent tears,
Thou who has brought us thus far on the way;
Thou who has by Thy might Led us into the light,
Keep us forever in the path, we pray.
Lest our feet stray from the places, our God, where we met Thee,
Lest, our hearts drunk with the wine of the world, we forget Thee;
Shadowed beneath Thy hand,
May we forever stand.
True to our God,
True to our native land.

.

Lift-Every-Voice-and-Sing-9780802782502

Ik kan de video hier niet delen maar je kunt hem vinden op: 

Met dank aan Wikipedia

 

Suzanne Vega

Poëzie in muziek

.

De zangeres Suzanne Vega is vooral bekend als zangeres van hits als ‘Luka’, ‘Tom’s diner’ en ‘Left of center’. Wat minder bekend is, is dat ze ook gedichten schrijft en verhalen.

Zo verscheen van haar in 1999 het boek “The Passionate Eye: The Collected Writing of Suzanne Vega” met daarin verhalen, herinneringen, gedichten en songteksten. Op haar officiële website is zelfs een pagina besteed aan gedichtjes uit haar jeugd. Daar kun je al lezen dat ze op zeer jonge leeftijd talent had voor taal.

Haar jeugdpoëzie staat op http://www.suzannevega.com/suzannes-childhood-poems/

Maar ook in de teksten van haar liedjes blijkt een poëtisch taalgevoel. Hieronder de tekst van een van haar grootste hits Luka.

.

Tom’s Diner

I am sitting
In the morning
At the diner
On the corner

I am waiting
At the counter
For the man
To pour the coffee

And he fills it
Only halfway
And before
I even argue

He is looking
Out the window
At somebody
Coming in

“It is always
Nice to see you”
Says the man
Behind the counter

To the woman
Who has come in
She is shaking
Her umbrella

And I look
The other way
As they are kissing
Their hellos

I’m pretending
Not to see them
Instead
I pour the milk

I open
Up the paper
There’s a story
Of an actor

Who had died
While he was drinking
It was no one
I had heard of

And I’m turning
To the horoscope
And looking
For the funnies

When I’m feeling
Someone watching me
And so
I raise my head

There’s a woman
On the outside
Looking inside
Does she see me?

No she does not
Really see me
Cause she sees
Her own reflection

And I’m trying
Not to notice
That she’s hitching
Up her skirt

And while she’s
Straightening her stockings
Her hair
Has gotten wet

Oh, this rain
It will continue
Through the morning
As I’m listening

To the bells
Of the cathedral
I am thinking
Of your voice…

And of the midnight picnic
Once upon a time
Before the rain began…

I finish up my coffee
It’s time to catch the train

.

WAK festival Den Haag

Week van de Amateurkunst

.

Van 17 tot en met 25 mei is de week van de amateurkunst. In dit kader organiseren Margreet Schuemie (van de CultuurSchakel Den Haag) en Geraldina Metselaar (eigenaar van communicatiebureau GMtekst) op 17 mei een festival in het hofje van Wouw in Den Haag. Dit festival is gratis te bezoeken en begint om 14.00 uur (tot 16.00 uur).

Ik zal op dit festival mijn gedichten ten gehore brengen. Maar ik ben natuurlijk niet de enige. Wie treden er allemaal op?

Dichters: Simon Mulder, Antoinette Sisto, Paulina Vanderbilt, Luuk Imhann en Martijn Breeman.

Muziek is er van: Schola Cantorum Gregoriana, operettegezelschap ODES, gemengd koor Pepperoni, Popkoor Prins 27, Beheurlijk bekeurlijk en het Haags Kleinkoor.

Poëzie en muziek in de prachtige Hof van Wouw aan de Brouwersgracht 30 in Den Haag (vlak achter het Paard van Troje), wie wil er niet heen?

.

hof_van_wouw_-_7

Programma Ongehoord! zondag 6 april

Morgen is het weer zover

.

Op zondag 6 april (morgen) is er weer een gevarieerd podium van de Stichting Ongehoord!. In samenwerking met de bibliotheek Rotterdam zet Ongehoord! een podium neer in het kader van de maand van de filosofie.

Dus zet je denkbril op en bezoek dit zeer gevarieerde podium. Wie zijn er te zien en te beluisteren?

.

Iris Penning: Singersongwriter/Dichter (1993)

“Je wordt niet oud en wijs als je niet jong en dwaas bent geweest”.

 

Hintjes blues en een knipoog naar kleinkunst, tekstueel, dromerig en echt. Met een sterke nadruk op tekst houd ik alles zo dicht mogelijk bij mezelf. Mezelf, dat is: iemand die hart boven skills verkiest, zich laat meevoeren door muziek en geen biografieën schrijft in de derde persoon.www.irispenning.com

 

.Gideon Roggeveen (1984)

is theatermaker, columnist, dichter en tekstschrijver. Hij schrijft over het dagelijks leven al zit dat ook vaak helemaal alleen in zijn hoofd.

.

Martin Aart de Jong
Op het Blog  van Martin Aart de Jong is actuele informatie te vinden over zijn persoon maar ook een gedicht, en een fragment dat de opmaat moet gaan worden van een roman. Daarnaast post hij, afhankelijk van zijn humeur, het weer, agenda en andere onvoorziene factoren informatie over optredens. Optredens zijn solo of in combinatie met multi-mediaal gezelschap NV de Nieuwe Wanhoop en het muzikaal ondersteund dichterscollectief Hongerlief. Zie ook http://www.hongerlief.nl en http://www.denieuwewanhoop.nl

.

Daan Zeijen (21 jaar)

woont in Utrecht waar hij humanistiek studeert. Daan heeft opgetreden bij diverse slams (dit jaar o.m. publieksprijzen bij Bellum Poetica en Festina Lente (voorronde) en een gewonnen voorronde bij de Rhythm & Poetry slam in Delft) en andere evenementen (o.m. Museumnacht in Amsterdam, Literaire Manifestatie in Den Bosch, Dichter bij de Bar in Delft). Hij heeft een voorliefde voor (Noord-Amerikaanse) slam poets en hip-hop. Oh, en dit wordt zijn eerste optreden in Rotterdam!

.

Marcel de Jong (1965)
Is  sinds 1997 journalist en schrijver.
Bij uitgeverij Passage verschenen van hem twee romans:Tropenkolder (2010) en Geen les meer (2011). Tropenkolder beschrijft de tragiek op Bonaire, of eigenlijk alle Antilliaanse eilanden. Geen les meer gaat over de misstanden in het onderwijs. Of beter gezegd: over de dwaasheid en grootheidswaanzin van schoolbesturen. Marcel is momenteel bezig met de afronding van zijn nieuwe roman Coma.
.
En natuurlijk is er een open podium. Aanmelden bij Yvonne, vooraf en tijdens de pauze.
Bibliotheek Rotterdam (centrale) eerste verdieping, Glazen Zaal open om 13.30 uur, aanvang 14.00 uur, gratis koffie en thee en er is een boeken/CD-tafel.
.
Iris
Iris
Daan
Daan

All I wanna do (is have some fun)

Sheryl Crow en Wyn Cooper

.

Vorige week hoorde ik op de radio dat de tekst van het nummer ‘All I wanna do’ van Sheryl Crow eigenlijk als gedicht is geschreven. Genoeg reden om eens uit te zoeken wie dan de dichter is. De single van Sheryl Crow verscheen in 1993 op haar debuutalbum ‘Tuesday night music club’ en werd een hele grote hit over de hele wereld. Ze won met dit nummer zelfs een Grammy.

Het gedicht waaraan dit nummer te danken is (de tekst is vrijwel een op een overgenomen) is van Wyn Cooper, een Amerikaans dichter uit Michigan. Hij studeerde aan de Universiteit van Utah waar hij later ook docent werd. Sinds 1987 publiceert hij poëzie. In 1987 schreef hij het gedicht ‘Fun’,  de tekst van ‘All I wanna do’. Tegenwoordig is hij actief als docent, dichter en schrijft hij songteksten.

Hieronder de tekst van zijn gedicht ‘Fun’ en de muzikale invulling van dit gedicht van Sheryl Crow.

.

Fun

“All I want is to have a little
fun
Before I die,” says the man
next to me
Out of nowhere, apropos of
nothing. He says
His name’s William but I’m
sure he’s Bill
Or Billy, Mac or Buddy; he’s
plain ugly to me,
And I wonder if he’s ever had
fun in his life.

We are drinking beer at noon
on Tuesday,
In a bar that faces a giant car
wash.
The good people of the world
are washing their cars
On their lunch hours, hosing
and scrubbing
As best they can in skirts and
suits.
They drive their shiny Datsuns
and Buicks
Back to the phone company,
the record store,
The genetic engineering lab,
but not a single one
Appears to be having fun like
Billy and me.

I like a good beer buzz early
in the day,
And Billy likes to peel the
labels
From his bottles of Bud and
shred them on the bar.
Then he lights every match in
an oversized pack,
Letting each one burn down to
his thick fingers
Before blowing and cursing
them out.

A happy couple enters the bar,
dangerously close
To one another, like this is a
motel,
But they clean up their act
when we give them
A look. One quick beer and
they’re out,
Down the road and in the next
state
For all I care, smiling like
idiots.
We cover sports and politics
and once,
When Billy burns his thumb
and lets out a yelp,
The bartender looks up from
his want-ads.

Otherwise the bar is ours, and
the day and the night
And the car wash too, the
matches and Buds
And the clean and dirty cars,
the sun and the moon
And every motel on this
highway. It’s ours you hear?
And we’ve got plans, so relax
and let us in –
All we want is to have a little
fun.

.

Meer over Wyn Cooper op zijn website: http://www.wyncooper.com/

Boudewijn de Groot

De kinderballade

.

De tekst van het lied ‘De kinderballade’ van Boudewijn de Groot is geschreven door Gerrit Komrij, niet vreemd dan ook dat ik juist dit nummer vandaag hier plaats in de categorie poëzie en muziek. Zoals Herman Pieter de Boer de tekst van ‘Annabel’ schreef, zo dus Komrij de tekst van ‘De kinderballade’. Nu had ik vrijwel elk nummer van Boudewijn de Groot kunnen nemen, zijn vaste tekstschrijver Lennart Nijgh zou je de dichter onder de tekstschrijvers kunnen noemen.

‘De kinderballade’ kwam uit op het album ‘Zing je moerstaal’ uitgebracht in de Boekenweek van 1976. Ad Visser (Toppop) bedacht en produceerde deze LP. Op dit album vertolkten Nederlandse artiesten teksten van Nederlandse auteurs. Voorbeelden zijn duo’s als Kees Buddingh en Alexander Curly, Jules Deelder en Focus en Judith Herzberg en Earth & Fire. Pas in 2006 verscheen ‘De kinderballade’ in druk.

.

De kinderballade

Hij was twaalf, had rappe leden,
jongen uit de Hof van Eden.
Als hij lachte, lachten luidkeels
alle leeuweriken mee.
Met zijn blikkering van tanden,
met zijn marmerbleke handen
leek hij op een tere engel
uit een sierlijk bal masque.
Hij kon klaterhelder zingen
en zijn haar rook naar seringen.
Oh hij was een waterprins
die in zijn pak van goudlamee
was ontstegen aan de zee.

Zij was dertien, een gazelle,
en haar naam was Annabelle.
Annabelle noemden haar zowel
de hinde als het ree.
Met haar helderrode wangen,
met haar glinsterende spangen,
leek zij in haar gazen bruidsjurk
’t meest nog op een toverfee.
Blauw waren haar vreemde ogen,
blauw maar zonder mededogen.
Oh ze was een kleine meermin
die maar net van lieverlee
was ontstegen aan de zee.

Samen in het ochtendgloren
wandelden ze langs het koren.
Mild en zonder ze te storen
scheen het zonlicht naar benee.
En onder de roze stralen
kuste hij haar lippen dralend
en hij zei haar wonderwoorden,
zelfs het gras luisterde mee.
Op het horen van die woorden
week voor hen gedwee het koren
en het lispelde: wees welkom,
en bood doorgang aan die twee
zoals eens de Rode Zee.

Toen hij, op geblaf van honden,
dagen later werd gevonden,
lag de blanke prins geschonden
in het koren zonder fee.
Met zijn dode grote ogen
keek hij roerloos naar omhoog en
langzaam ritselde zijn bloed nog
uit een gruwelijke snee.
Niemand wist meer te vertellen
hoezeer kleine Annabelle
had gehouden van haar engel
uit het sierlijk bal masque.
Maar nog altijd ruist de zee.

.

Boudewijn de Groot

The poets passage

San Juan, Puerto Rico

.

Op het Caraïbische eiland San Juan (Puerto Rico) staat een bijzondere winkel / passage. Achter de winkel is een klein café met drankjes als een metaphor café latte, een espresso met de naam Haiku of een drankje als The rhyme (een latte met vanille, caramel en amandel), makkelijke stoelen, uitzicht op de plaats en gebakjes.  Daarachter tegenover de hal is het poëziegedeelte, er worden poëziebundels verkocht leuke kleine handgemaakte items verkocht evenals schilderijen en foto’s.

Iedere dinsdagavond is er een open podium waar poëzie wordt voorgedragen, muziek wordt gemaakt en soms lopen deze avonden uit en gaat het geheel door tot op straat. Een podium in maart trok bijna 2000 mensen waardoor de hele passage vol zat en het podium doorging tot 3 uur ’s nachts.

poetry passage1

poeziepassage

Poëzie als Olympische Sport

Poëzine

.

Poëzine, het onvolprezen digitale magazine vol poëzie en kunst had in één van haar eerste afleveringen als thema “Een zomer zonder doping’. Ik heb daar toen een bijdrage voor geschreven waar ik laatst aan moest denken toen de hele discussie over Sochi en de corruptie binnen de Spelen weer eens aan de orde kwamen. Ik las mijn stuk nog eens terug en besefte toen dat alleen de lezers van Poëzine dit hadden kunnen lezen. Dat zijn er inmiddels al heel veel,  maar om het ook met diegene die (nog) geen lid zijn (doen hoor!) te delen alsnog de tekst.

Tijdens de Olympische spelen van 2012 kwamen vele dichters (50 talen) uit allerlei landen bij elkaar in Londen op een festival met de naam Poetry Parnassus. Daar droegen zij hun poëzie voor en van deze voordrachten werden 100.000 kopieën van hun verzamelde werk uitgestort door helikopters boven het olympisch terrein aan de Thames. Een ander poëzie project ‘The Written World’ bestond uit het dagelijks voorlezen van een gedicht uit één van de 204 deelnemende landen, door de BBC. Tot slot waren er op stenen, houten en metalen gedenkplaten gedichten aangebracht die her en der op het Olympisch terrein stonden.

Toch gaat de relatie tussen sport en poëzie verder terug dan je zou denken. In het oude Griekenland waren literaire activiteiten een onlosmakelijk onderdeel van atletiek evenementen. Dichters waren toen minstens zo populair als de atleten. Beroemde atleten uit die tijd lieten dichters odes schrijven over hun belangrijkste zeges. Bij een Grieks atletiek festival bij Delphi, de god van muziek en poëzie, was het voordragen van poëzie een even competitief onderdeel als de atletiekwedstrijden.

Voor een groot deel van de Olympische spelen in de 20ste eeuw was poëzie een officieel wedstrijdonderdeel waarbij medailles waren te winnen. Baron Pierre de Coubertin stond erop dat dit soort Griekse kunsten werden toegestaan naast de sportieve onderdelen. In 1912 werd zijn droom gerealiseerd toen literatuur, muziek, schilderkunst, beeldhouwkunst en zelfs architectuur olympische onderdelen werden tijdens de zogenaamde Pentathlon der Muzen waarbij alle inzendingen direct geïnspireerd moesten zijn door sporten.

Tijdens 7 opeenvolgende Olympische spelen werden gouden, zilveren en bronzen medailles uitgereikt aan zowel schrijvers (meestal dichters) als atleten als sprinters, worstelaars en gewichtheffers. De Coubertin, slim als hij was, deed de eerste keer onder pseudoniem mee en ‘won’ een medaille voor zijn ode aan de sport. Toch was er al snel kritiek op dit onderdeel. Beroemde dichters (T.S. Elliot, Jean Cocteau) werden genegeerd en mindere goden wonnen de medailles voor vaak kritiekloze en ophemelende poëzie. Daarnaast was de regel dat alleen amateurs mochten meedingen terwijl kwaliteit juist meestal niet van amateurs kwam. Toen tijdens  de Olympische spelen in en rond de crisistijd en de oorlog deze vorm van competitie ook nog eens werd ingezet als propaganda was dit het eind van de kunsten als competitief onderdeel van de spelen. In 1952 tijdens de Olympische spelen van Helsinki werd poëzie stilletjes van het programma geschrapt. Vandaag de dag zijn alle niet sport uitslagen uit de boeken van de Olympische spelen geschrapt. En misschien is dat maar beter ook. Je kunt je afvragen of poëzie zich leent als Olympisch onderdeel.

Dat tijdens de Olympische spelen van 2012 weer een vernieuwde interesse was voor poëzie kan je alleen maar toejuichen. In plaats van een zomer zonder doping zou je hier kunnen spreken van een sportzomer zonder doping maar met poëzie. En dat is alle doping die je nodig hebt lijkt me.

Tot slot twee coupletten uit het winnende gedicht van Pierre de Coubertin (onder het pseudoniem M. Eschbach geschreven van 1912. Het complete gedicht telt 9 coupletten. Voor de volledige tekst kun je terecht op http://library.la84.org/

I.

O Sport, pleasure of the Gods,

essence of life, you appeared suddenly

in the midst of the grey clearing

which writhes with the drudgery of

modern existence, like the radiant

messenger of a past age, when

mankind still smiled. And the glimmer

of dawn lit up the mountain tops and

flecks of light dotted the ground in the

gloomy forests.

II.

O Sport, you are Beauty! You are the

architect of that edifice which is the

human body and which can become

abject or sublime according to whether

it is defiled by vile passions or improved

through healthy exertion. There can be

no beauty without balance and proportion,

and you are the peerless master

of both, for you create harmony, you

give movements rhythm, you make

strength graceful and you endow suppleness

with power.

.

Olympische-Spelen

Gedicht: Al Green

Uit: Zoals de wind in maart graven beroert

.

Gistermiddag hoorde ik het nummer ‘Put a little love in your heart’ van Al Green en Annie Lennox op de radio. Een mooi nummer maar de sololiedjes van Al Green solo en Annie Lennox vind ik toch nog iets leuker om naar te luisteren. Dus zette ik de verzamel CD op van Al Green en bij het nummer ‘Tired of being alone’ (geschreven in 1968) moest ik denken aan het gedicht dat ik over dit nummer schreef en dat gepubliceerd is in mijn derde bundel ‘Zoals de wind in maart graven beroert’ uit 2012. Daarom hier het gedicht en de clip van dit wonderschone nummer.

.

Al Green

 .

Als
moe van het alleen zijn
ooit mooier klonk
dan nu
wil ik niets liever
dan dat geloven

moe van de pogingen
tot vluchten, in lang
uitgesponnen draden van woorden
een web van verlangen
te knopen

in de momenten dat
hij zwijgt
valt geluid weg
in een vacuüm van stille
beweging

wiegt hij me mee
in zijn zelf gekozen staat
van gekoesterde eenzaamheid

.

Klankenbos

Neerpelt (Vlaanderen)

.

In  het Vlaamse Neerpelt is,  in opdracht van Musica, Impulscentrum voor muziek, op 23 november een nieuwe klankinstallatie voor het Klankenbos geopend. De klankinstallatie is in de vorm van een klankwandeling, die te beluisteren is op de mobiele telefoon. Wat klinkt zal afhankelijk zijn van de geografische coördinaten van de wandelaar op dat moment. De klanken bestaan uit elektronische muziek en poëzie. Naast de app werd ook de bibliofiele dichtbundel ‘Curvices and Musicles’ van Rozalie Hirs en uitgegeven door Studio 3005 gepresenteerd.

Delen
De compositie Curvices bestaat uit tien delen en een interlude, welke corresponderen met de tien zones en een tussengebied binnen de gelijknamige soundapp:

Six destinations (2013) duur 3’32″
Aurora borealis (2013) duur 4’49″
This singing of tongues (2013) duur 1’58″
Ladders of escape (2013) duur 3’37″
Too many snakes here (2013) duur 2’26″
Climbing a small rock (2013) duur 3’01″
Substance of memory (2013) duur 2’03″
Proofs of love (2013) duur 3’40″
Words roll into brightness (2013) duur 2’44″
Lines of moving about desert, salt water, cities (2013) duur 1’30″
Interlude (2013) duur 17’32″

Het Klankenbos vindt je op de Dommelhof, Neerpelt, Toekomstlaan 5 in België.

Een voorbeeld van de poëzie van Hirs:

1.

Lines of movement. Mark six destinations of your
choice on a map of your choice. The destinations may
possess significantly different histories, ages,
numbers of inhabitants, and snackbars. Trace six
different paths of your choice from [here] to each
of the destinations, adding up to thirty-six different
paths. Add one more path connecting all six places,
preferably with the shortest possible distance, taking
into account unsurmountable obstacles such as mountains,
lakes. Buy one pair of new shoes. Pack your backpack.
With what? A tent, sleeping bag, gun?

.

klankenbos_097-300x173

 

De app kun je downloaden met deze QR-code.

App