Site-archief
Brokstukken
Uit: Voor de muur (Pred zidom) van Pero Senda
.
Afgelopen woensdag werd dichter en vriend Pero Senda gecremeerd. Op de herdenkingsbijeenkomst las ik Brokstukken (Krhotine) voor omdat ik dat een heel toepasselijk gedicht vond.
.
Brokstukken
.
Van de zon stal ik een straal
En van een wolk een druppel
Om brokstukken van mij te zaaien
Op de vruchteloze bodem
Daar, ver weg in de woestijn
Verder van dromen
.
Wat zal er met mijn gedichten gebeuren
Verspreid als vervloekt zaad
Wat blijft er dan van mij
Wat blijft van mij
.
Krhotine
.
Ukrao sam Suncu zrak
I oblaku kaplju
Da posijem krhotine mene
Na jalovo tlo
Tamo, daleko u pustinji
Dalje od snova
.
Sto ce biti sa pjesmama mojim
Rasutim k’o ukleto sjeme
Sto ce tada ostati od mene
Sto ce ostati od mene
.
Pero Senda (1945 – 2013)
Bericht van overlijden
.
Gister bereikte mij het trieste bericht dat vriend en dichter Hrvoje Pero Senda op zaterdag 16 november is overleden.
Hrvoje Pero Senda werd geboren op 28 juni 1945 in Gornji Vakuf, een kleine stad in Centraal Bosnië. Pero studeerde Zuidslavische taal en literatuur aan de Filosofische universiteit in Sarajevo, Zagreb. In 1971 keerde hij terug naar zijn geboorteplaats en werkte daar als leraar tot het begin van de oorlog. In 1993 vluchtte hij met zijn familie naar Nederland. Veel van zijn manuscripten zijn daarbij verloren gegaan.
In 1997 won Pero Senda met het gedicht ‘De Vrouw’ de Dunya Poëzieprijs en in 1999 verscheen zijn eerste tweetalige dichtbundel ‘Brokstukken’. Senda was in 2007 een van de tien dichters die meewerkte aan het prachtige boek Verse taal met muziek-cd van Wilma Paalman, gepubliceerd door Uitgeverij De Brouwerij te Maassluis. In juni 2010 werd bij dezelfde uitgeverij zijn tweetalige dichtbundel (Kroatisch / Nederlands) ‘Voor de muur’ gepresenteerd.
Pero vormde samen met Otto Zegers de jury van mijn tweede gedichtenwedstrijd (2010) die na 2011 is overgegaan in de Gedichtenwedstrijd van de stichting Ongehoord!
In dat zelfde jaar vroeg ik hem als dichter een bijdrage te leveren aan het boek Balkon scènes aan het water (samen met Arend van Dam, Henriette Faas, Henk Weltevreden en Maarten van Buuren). Hij was meteen enthousiast en wist ook meteen een thema voor zijn bijdrage. Van Balkan naar Balkon. Het Balkon is een nieuwbouwwijk aan de Waterweg in Maassluis.
In de bibliotheek van Maassluis werkte ik met Pero samen bij een aantal projecten georganiseerd door PICO en later vormde hij samen met Otto Zeegers het hart van de Poëziewerkplaats in de bibliotheek van Maassluis.
Pero trad als dichter regelmatig op, voor zijn landgenoten in Nederland maar ook op poëziepodia onder andere het Ongehoord! podium.
In Pero verliezen we een begenadigd schrijver, dichter, vriend maar vooral een bijzonder man.
.
Requim voor de mens
.
Verstomd heelal
eenzaam, aan de rand van de Melkweg
rilt en huivert de planeet Gaia
in dodelijke koorts
de dronken carrousel schommelt vervaarlijk
dezelfde menigte
twee millennia na Christus
brult en zingt unisono: gloria, gloria
dood, dood, in dezelfde euforie
en opnieuw, aan het eind van deze eeuw,
kruisigt men de Mens
Het is carnaval
en in dat gezichtsloze straattheater
in een plechtige optocht – met maskers
van prinsen, prinsessen, courtisanes,
harlekijnen en hansworsten –
danst de bandeloze massa, schreeuwt
en krijst: gloria, gloria
dood, dood, in dezelfde euforie
en alles is weer als toen, maar na de parade,
aan het eind van deze eeuw, ligt
vertrapt in de modder
het masker van de Mens
.
Uit: Balkonscènes aan het water
Toeval bestaat niet
Pham Duy en Guillaume Apollinaire
.
Afgelopen zaterdag was ik bezig met een blogbericht waar ik niet helemaal uitkwam. Het betrof een gedicht van Guillaume Apollinaire waar ik de tekst niet van kon achterhalen. Dat was ook de reden dat ik ergens anders over schreef die dag. Tot ik op zondag via Goodreads, waar ik al eerder over schreef, een bericht las over het overlijden van een bekend Vietnamees componist Pham Duy. Niet dat ik Pham Duy kende maar toen ik het stukje las bleek dat deze componist een muziekstuk heeft gecomponeerd “Mùa Thu Chết” of “De herfst is dood” zoals de vertaling luidt, dat gebaseerd is op een kort gedicht van, jawel, Guillaume Apollinaire met de titel “L’Adieu,”.
Omdat ik hier vaker schrijf over de relatie tussen film en poëzie en ook over de poëzie in muziek leek me dit een mooie gelegenheid dit met jullie te delen.
.
L’Adieu
.
J’ai cueilli ce brin de bruyère
L’automne est morte souviens-t’en
Nous ne nous verrons plus sur terre
Odeur du temps brin de bruyère
Et souviens-toi que je t’attends
.
Pham Duy ( 1921-2013) was een populaire Vietnamese componist. Hij wordt samen met Van Cao en Trinh Cong Son gezien als een van de drie meest opmerkelijke componisten van de moderne, niet-klassieke, Vietnamese muziek. Pham Duy was meer dan 50 jaar actief en heeft in die tijd duizenden liedjes geschreven.
Met dank aan Wikipedia en Goodreads.com
.
Digging
Seamus Heaney (1939 – 2013)
.
Eerder deze week overleed Seamus Heaney, Iers dichter en Nobelprijswinnaar voor de Literatuur in 1995, In 1966 debuteerde Heaney met de bundel ‘Death of a Naturalist’ waaruit het onderstaande gedicht komt. Voor een uitgebreide analyse van het gedicht kijk je op http://www.shmoop.com/digging-heaney/summary.html onder Stanza.
.
Digging
.
.
.
.
.
.
.
.
Maarten Roozendaal songtekst
Poëzie in muziek
.
Maandag 1 juli is zanger, liedjesschrijver en theatermaker Maarten van Roozendaal op 51 jarige leeftijd overleden. De liedjes van Maarten van Roozendaal zijn een genre op zich. Of zoals Henk van Gelder het zegt:
“Doorleefde spreektaal op grillig meanderende melodieën, vaak tegen het parlando aan, waarin hij hart en ziel een stem gaf. Soms vilein, soms liefdevol, maar altijd met zo veel inzet dat elk nummer de essentie leek van wat hij op dat moment te zeggen had.”
.
Kortom alle reden om een liedjestekst van Maarten te posten. Ik heb gekozen voor het liedje Dochter, omdat het mij na aan het hart ligt en omdat de tekst zowel poëtisch is al heel erg waar.
.
Dochter
.
Ik zeg: “Van jou is er maar één”
Dan kijk je door je pony heen
Met een blik van: ’t is genoeg
En van of jij me soms iets vroeg
.
Over je benen en je kont
Houd ik dus verder maar mijn mond
Als jij weer naar je kamer gaat
En mokkend voor de spiegel staat
.
Maar je bent zo mooi
Ach, je bent zo prachtig
Mijn god, dat je het zelf niet ziet
Zo mooi, zo allejezus prachtig
Maar je gelooft het niet
.
Nee, jij vindt jezelf idioot
Dan is je neus weer eens te groot
Je duwt je borsten bij elkaar
Verft de krullen uit je haar
.
Het is natuurlijk wel terecht
Dat alles wat je vader zegt
Is dom, debiel en slap gezwets
Achterhaald en ouderwets
.
Maar lieve schat, straks ben je oud
Je raakt verliefd, verloofd, getrouwd
Geloof je eigen ogen niet
Als je een oude foto ziet
.
Zo mooi
Ach, zo prachtig
Mijn god, dat je het nu niet ziet
Je bent zo mooi
Zo allejezus prachtig
Maar je gelooft het niet
.
Dennis O’Driscoll
1954 – 2012
.
Opnieuw is er een dichter overleden. Op Facebook las ik het bericht van het overlijden van Dennis O’Driscoll op 24 december jongstleden.
Deze Ierse dichter publiceerde in totaal 9 poëziebundels, ontving vele prijzen voor zijn werk en had een eredoctoraat in de literatuur aan the University College in Dublin. O’Driscoll’s werk karakteriseerde zich door het economische woordgebruik en terugkerende motieven als sterfelijkheid en de breekbaarheid van het alledaagse leven.
Voor dat O’Driscoll zelf poëzie publiceerde was hij actief en bekend als poëziecriticus. The Times Literary Supplement noemde hem eens ‘een van Ierlands meest gerespecteerde poëziecritici’. In het Engels taalgebied een grote naam, voor wie het (nog) niet kent, op http://www.poetryfoundation.org kun je zijn biografie alsmede een aantal gedichten van zijn hand lezen. Hier alvast een gedicht van hem.
.
Normally speaking
Ieder ontwaken een feest
Adriaan Bontebal (1952 – 2012)
.
In het midden van de jaren tachtig las ik de verhalenbundel van Adriaan Bontebal ‘Vijf voor vierentachtig’ moet dat zijn geweest. Eerlijk gezegd weet ik de titel niet meer precies maar omdat dit de enige verhalenbundel is die hij uitgaf in die tijd moet dat hem wel geweest zijn. Ik was toen al onder de indruk van zijn talent om schijnbaar nietszeggende, lullige, dagelijkse dingen zo te beschrijven dat ik er in ieder geval erg om moest lachen en van kon genieten. De naam van Bontebal is me altijd bijgebleven. Toen begin 2012 het bericht verscheen dat hij was overleden moest ik meteen weer aan die tijd terugdenken. Bontebal of Aad van Rijn, zoals zijn echte naam was, was ook dichter. Hij publiceerde meerdere bundels in de loop van de tijd. Ook schreef hij tot aan zijn dood een blog op http://www.bloggen.be/adriaanbontebal/
Hieronder zo’n typisch Bontebal gedicht.
.
ONTWAKEN
.
Ieder ontwaken
een feest
.
Ik sta op
rek me uit en
krab me eens flink
aan het onderlijf
,
Als rijpe vruchten
vallen de eitjes
van mijn schaamluis
op het dauwvochtige
slaapkamerzeil
.
Iedere morgen
een feest
.
Zwarte koffie
zware shag en
scharreleieren
bij het ontbijt
.
Bernlef als dichter
Bernlef (1937 – 2012)
.
Afgelopen maandag op 29 oktober overleed de schrijver/dichter/vertaler Bernlef (pseudoniem van Hendrik Jan Marsman). Hoewel Bernlef bij het grote publiek vooral bekend is van zijn roman Hersenschimmen is zijn werk als dichter minder bekend. Toch zijn de gedichten van Bernlef zeer bijzonder. Hieronder een toepasselijk gedicht uit de bundel ‘Vreemde wil’ uit 1994.
.
Prachtig
Beroemd maar dood vroeg hij: en
wat bleef er van mij over?
Ik wees op een losse regel
een uit zijn verband gerukt citaat
meestal toegeschreven aan een ander.
Voetafdruk op een verlaten strand
vol lege, uitgewoonde schelpen.
Prachtig is de onsterfelijkheid
maar wat doen wij in de tussentijd?
Met dank aan gedichten.nl
Rutger Kopland
1934 – 2012
.
In korte tijd al de tweede grote Nederlandse dichter die is overleden. Het gedicht van Rutger Kopland voor mij is nog altijd Vertrek van dochters, een gedicht dat ik al eens publiceerde op dit blog. Omdat Rutger is overleden een gedicht over de dood . Dit gedicht schreef Rutger voor Herman de Coninck. Lees bij Herman* Rutger en de cirkel is rond.
.
Kaart van een Grieks eiland
Herman*,
.
ik had je nog een kaart willen schrijven,
zo’n lullige ansicht, voorzien van een grap
over, nou ja, je weet wel waarover,
.
maar ik hoorde dat je al dood was
voor ik een grap had gevonden.
.
Ik leef nog, ons gesprek is niet af,
maar ik leef deze laatste dagen gebogen, over woorden
die ik doorstreep, weer opschrijf –
.
Waar hadden we het over, waar
waren we gebleven, zonder de dood te verwachten
schrijf je geen poëzie, daar waren we
het hartroerend over eens,
.
poëzie was geluk, het geluk om een paar woorden
te vinden die even bij elkaar wilden horen
voor de dood ons kwam halen,
.
een grap, een zorgvuldig verzwegen grap
om de dood, deze doorstrepen en weer opschrijven,
zo was poëzie.
.
Ik zal je dus nooit meer zien.
.
Ik leef deze laatste dagen gebogen, voor dat alles,
voor dat verlegen lichaam, dat weemoedige hoofd
waarmee je sprak, voor dat alles
levend wordt begraven,
.
ik bedoel, ik leef gebogen over die kaart,
je weet wel, zo’n veel te blauwe zee,
zo’n veel te blauwe hemel:
Happy days in Greece.
.
*Herman de Coninck
Gerrit Komrij
1944-2012
.
Vannacht is Gerrit Komrij overleden. Dichter, essayist, schrijver en criticus. Maar vooral dichter wat mij betreft. Hieronder een prachtig gedicht van hem ‘Antipode’ .
.
Antipode
Bewaar me voor de helderheid der dingen,
Het schone hemd, de reidans en de zon.
Geef mij het spiegelbeeld, herinneringen,
De vale schutskleur van het kameleon.
.
Ik ben er niet. Geen bloedbaan ruist in mij.
Ik leef in schaduwen, ben nameloos.
Laat me verdorren in het wintertij,
Ver van de zomers met hun hels gehoos.
.
Ik kan de lichte stormen niet verdragen.
Kijk niet naar me. Behoed me voor die pijn.
O camera. O beeld van welbehagen.
Laat me van dit de antipode zijn.
.













