Site-archief
Arubaanse poëzie
Eva Beeldsnijder
.
In april 2011 won de toen 17 jarige Eva Beeldsnijder de Jazz/Poëziewedstrijd van de stichting Let’s do it. De in 2010 in Paramaribo opgerichte stichting ‘Lets do it’ wil op zoek gaan naar naar getalenteerde dansers zangers en dichters zowel individueel als in collectief verband. Op de Jazz/Poëzieavond wedstrijd werd door elf woordkunstenaars op kunstzinnige en creatieve manier hun zelfgeschreven gedichten gepresenteerd.
“Ik heb heel veel geleerd. Vooral hoe ik mijn emoties kan tonen bij het voordragen van een gedicht. En ook hoe je een gedicht levendiger kan maken”, zegt de poëziewinnares aan de Ware Tijd (krant in Suriname). De opgedane kennis toepassen in haar carrière is voor haar belangrijker dan de prijzen die ze gewonnen heeft. “Het staat wel vast dat ik als een dichteres door het leven ga”, zegt ze vastberaden. De wedstrijd heeft zij als een nieuw concept van poëzierevolutie ervaren. Beeldsnijders mag een contract sluiten met de stichting.
Inmiddels is Eva Beeldsnijder een blog begonnen waarop zij haar poëzie plaatst. Haar blog kun je hier lezen: http://zivahanpoezija.blogspot.nl/search?updated-min=2013-01-01T00:00:00-08:00&updated-max=2014-01-01T00:00:00-08:00&max-results=12
Hier staan haar Nederlandstalige en Engelse gedichten waaronder het gedicht ‘Fuchsia licht, roze zeden’.
.
Fuchsia licht, roze zeden
Ik wil dat de avond mij geeft waar ik voor op straat ben.
Onthoofde vrouwenlichamen, bloot voor mij.
Een list, gesneden rozenkransen.
Mag ik mij aan jou voorstellen, vrouw met vlees van lust?
Mond open, benen gespreid.
Ik verlang naar jou drum spel in mijn tempel.
Wrijven, wormen, kwijlen.
Een nijl varen van verlangen.
Het vangen van vissen die smaken naar aardbei.
Onder het licht van een fuchsia roze lamp.
Verdronken in lust op een droog bed.
Huid dat fluistert in mijn huid.
Sopperig van zweet.
Ik kom dichterbij mijn hoogte.
Mijn denken verlaat mij, ik ga mijn gang.
Tijd legt zich naast ons neer.
Een slok van stilte, jou kus neemt mijn stem weg.
Ik sluit mijn ogen.
God verlichtend vloeit mijn bloed, warm, uit mijn derde been
Nimmer voelde vrijheid zó vrij.
Met één vrouw wilde ik de natuur en astrologie vergeten.
In het geheim gevreeën met de nacht.
Vuil in de lucht door de kolenverbranding van mijn fantasie.
Gegeven schoonheid op mijn rauw geweten.
.
The Nightmare Before Christmas
Films gebaseerd op poëzie: Deel 4
.
Tim Burton schreef in 1982, toen hij nog bij Walt Disney Animation Studio werkte, een drie pagina’s tellend gedicht genaamd The Nightmare Before Christmas. Hij liet zich hiervoor inspireren door de televisiespecials Rudolph the Red-Nosed Reindeer en How the Grinch stole Chrismas en het gedicht A visit from St. Nicholas. Na het succes van Burton’s stop-motion film Vincent in 1982, begon Disney plannen te maken om Burton’s gedicht om te zetten naar een korte film. Rick Heinrichs en Tim Burton maakten hierop een voorlopig script en bedachten al enkele personages.
De korte film kwam niet van de grond, maar in de loop der jaren bleef het idee voor de film wel hangen bij Burton. In 1990 ontdekte Burton dat Disney nog steeds de filmrechten op het verhaal had, en maakte plannen om in plaats van een korte film een speelfilm te produceren. Hij kreeg groen licht van Disney. De film kwam er in 1993 en werd bijna helemaal gemaakt met stop-motion, een filmtechniek waarmee speciale effecten in films kunnen worden gecreëerd.
Het gedicht waar Tim Burton zijn film op baseerde lees je hier: http://www.timburtoncollective.com/nmbcpoem.html
Hieronder het gedicht voorgedragen door Christopher Lee.
.
Poëzie in het Park
Zondag 15 september 2013
.
De stichting Ongehoord! organiseert op zondag 15 september in Maassluis op verzoek van de Culturele Raad Maassluis in het kader van het Weekend van de Cultuur een poëziepodium. Poëzie in het Park vindt plaats in het park achter de bibliotheek/theater Koningshof aan de Uiverlaan 20 in Maassluis.
Toegang is gratis, aanvang 14.00 uur. De middag duurt tot circa 16.15, voldoende gratis parkeergelegenheid. De presentatie verzorg ik.
De dichter die optreden in Maassluis zijn:
– Niels Landstra en Wout Kwakernaat
– Tromboëzie met Merlijn Huntjens
– Eric van Loo (duurzame dichter)
– Jakob Rosenbaum
– Marcel Vaandrager
– Saskia van Leendert (o.v.)
.
Poetry in motion
Jim Wilson
.
Iedereen die wel eens in Nieuw Zeeland is geweest zal ze weleens gezien hebben; de posters van Phantom Billstickers, die bands, festivals, toneelstukken en evenementen aankondigen. De oprichter van Phantom, Jim Wilson, had de wens om creatieve mensen te ondersteunen in een project waarbij hij creatieve geesten uit Nieuw Zeeland steunt.
Twee jaar lang reisde Jim door de Verenigde Staten om posters met gedichten van Nieuw Zeelandse dichters te plakken in de openbare ruimte. Zijn missie met het aanbrengen van deze ‘flora van de betonnen jungle’ zoals hij het noemt, is om een zachtere stem te geven aan een harde wereld, om verheffende momenten te bieden op feestdagen en om dichters (uit Nieuw Zeeland en hun gedichten) een stem te geven.
Gedichten over de zee, over aardbevingen, over de kostbare dingen, plaatsen en herinneringen, gedenkstenen, hekken en bakstenen muren in de Verenigde Staten en, dankzij de vrijwilligers, ook in verschillende Europese en Australische steden.
De eerste van een reeks ondersteunende optredens met acht Nieuw Zeelandse dichters werd in februari 2013 gehouden in New York. Veel meer Nieuw Zeelandse dichters zijn betrokken bij het bredere, street-level poster project – en honderdduizenden voetgangers over de hele wereld zijn gestopt in hun sporen voor een korte, poëtische ontmoeting met een ver land.
.
Meer informatie over dit project op: http://www.0800phantom.co.nz
Aanklacht tegen de oorlog
Dichter in verzet
.
Nu de hele wereld in rep en roer is om de gifgasaanval in Syrië wordt her en der ook teruggekeken naar gifgasaanvallen in het verleden. Gifgas werd niet voor het eerst in de eerste wereldoorlog gebruikt, maar al in de tijd van de oudheid. De Perzen zouden tijdens een beleg van de plaats Dura aan de rivier de Eufraat de Romeinen hebben vergiftigd met pek en zwavel in het jaar 256. De eerste grote gifgasaanvallen echter (chemische wapens) stammen uit de eerste wereldoorlog.
De dichter Wilfred Owen (1893 – 1918) wordt gezien als één van de grootste Engelse dichters van de eerste wereldoorlog (War poets). Hij werd beroemd door zijn oorlogspoëzie waarin de loopgraven en de gifgasaanvallen een grote rol speelden. In 1915 meldde Owen zich, voornamelijk uit romantische overwegingen, als vrijwilliger aan bij het leger. In januari 1917 werd hij, toegevoegd aan The Manchester Regiment. Na een aantal traumatische ervaringen (zo zat hij 3 dagen vast in een bomkrater) werd hij met een shellshockdiagnose naar huis gestuurd en opgenomen in het Craiglockhart War Hospital in Edinburg. Het was daar dat hij Siegfried Sassoon ontmoette.
Owen sneuvelde op 4 november 1918 tijdens een actie bij het Sambre -Oise kanaal, een week voor het tekenen van de wapenstilstand.
Owen voelde zich al op jeugdige leeftijd aangetrokken tot de dichtkunst, voornamelijk door zijn fascinatie voor het werk van John Keats, wiens invloed merkbaar aanwezig is in zijn vroege werk. Zijn poëzie veranderde sterk tijdens zijn verblijf in Craiglockhart. Als onderdeel van zijn therapie werd Owen, door zijn behandelend arts, aangemoedigd zijn ervaringen in Frankrijk om te zetten in gedichten. Sassoons invloed bestond vooral uit het stimuleren van een andere stijl en inhoud van de gedichten. Owen nam vooral Sassoons satire en realisme over. Er zijn verscheidene handgeschreven manuscripten van Owen’s werk bekend, compleet met Sassoon’s commentaar.
De grootste bijdrage aan Owens roem door Sassoon is waarschijnlijk de promotie van diens werk geweest, zowel voor als na zijn dood. Sassoon was een van Owens eerste redacteuren, al tijdens hun verblijf in Craiglockhart.
Een beroemd gedicht van Owen over de gifgasaanvallen lijkt een aanklacht tegen gifgas maar in feitelijk een aanklacht tegen de oorlog of zoals een commentator Say Tan het omschrijft: “Owen is saying, basically, that if the kind of “patriots” who always think war is somehow “noble” actually heard the blood gurgling in a dying man’s lungs as it frothed up out of his mouth, they might not think war was such a glorious thing after all, and they might realize there is nothing “fitting and sweet” about dying for a country.”
.
Bent double, like old beggars under sacks,
Knock-kneed, coughing like hags, we cursed through sludge,
Till on the haunting flares we turned out backs,
And towards our distant rest began to trudge.
Men marched asleep. Many had lost their boots,
But limped on, blood-shod. All went lame, all blind;
Drunk with fatigue; deaf even to the hoots
Of gas-shells dropping softly behind.
.
Gas! GAS! Quick, boys!–An ecstasy of fumbling
Fitting the clumsy helmets just in time,
But someone still was yelling out and stumbling
And flound’ring like a man in fire or lime.–
Dim through the misty panes and thick green light,
As under a green sea, I saw him drowning.
.
In all my dreams before my helpless sight
He plunges at me, guttering, choking, drowning.
.
If in some smothering dreams, you too could pace
Behind the wagon that we flung him in,
And watch the white eyes writhing in his face,
His hanging face, like a devil’s sick of sin,
If you could hear, at every jolt, the blood
Come gargling from the froth-corrupted lungs
Bitter as the cud
Of vile, incurable sores on innocent tongues,–
My friend, you would not tell with such high zest
To children ardent for some desperate glory,
The old Lie: Dulce et decorum est
Pro patria mori.
Met dank aan Wikipedia en Poetseers.org
De columns van Campert
Volkskrant
.
Vandaag wil ik, als rechtgeaarde poëzieliefhebber, een lans breken voor de columns van Remco Campert. Niet alleen is Remco Campert al lang een van mijn favoriete dichters maar ik merk dat ik zijn columns ook steeds meer ga waarderen. Waar blijkt dat uit, zul je dan vragen?
Na mijn vakantie lag er zo’n kilo of 6 aan kranten van de afgelopen weken te wachten op tafel. Doelgericht haalde ik de boekenbijlagen van de Volkskrant eruit en de columns van Campert las ik met veel plezier als eerste. Volgens mij is de rest van de stapel vrijwel ongelezen uiteindelijk in de oud papierbak beland.
Maar waarom lees ik Campert dan zo graag? Omdat hij als geen ander schijnbaar achteloos met citaten strooit, strofen en regels van gedichten die nieuwsgierig maken. Neem nu zijn column van afgelopen zaterdag. Allereerst een gedicht van zijn vader Jan Campert over het eiland Walcheren, gevolgd door regels van Willem Kloos over de zee (toch al een onderwerp dat mijn interesse heeft, zal wel door mijn woonplaats komen), regels van Lucebert en eindigend met een kort gedicht van Paul van Ostaijen.
Ik krijg dan meteen zin om alle vier de gedichten op te gaan zoeken, om de hele tekst te lezen. En of Remco dit terloops, uit zijn hoofd of herinneringen doet of niet, mij weet hij altijd te boeien,
.
Uit zijn column van zaterdag 31 augustus het (volledige) gedicht over Walcheren van zijn vader Jan Campert.
.
Lof van Walcheren
.
Daar is geen land, dat zoo verliefd
Door het water wordt omarmd
Als tusschen Walcheren en Sloe
Van Walcheren het strand.
Dat moet toen God de wereld schiep,
Dien dag zóó zijn geweest,
Dat Hij het opriep uit het niets
Als weldaad voor den geest;
Een handvol grond, waaraan het oog
Had zijnen lieven lust,
Een groen juweel, een flonker-steen,
Domein van stilte en rust.
.
Men reize waarheen men ook wil,
Den verste kaap voorbij,
Maan nimmer treft men zulk een land
Als Walcheren in de Mei.
Wie ooren om te horen heeft
Hij luistere naar het lied,
Dat in de Meidoornhagen leeft
En hij vergeet het niet.
Wie oogen heeft om nog te zien
Zal, als hij Walcheren ziet,
Die sluiten voor een wijl misschien
Maar hij vergeet het niet.
.
En zelfs de voorjaarswind, die vaart
Langs zee en dijk en duin
Houdt den bewogen adem in
Boven Gods liefsten tuin
Met zijn meidoornhagen in bloei
En ’t wieg’lend wegelkruid –
En keert weerom en vaart nog eens,
Verliefder dan een bruid.
Daar is geen land als dit mijn land
Besloten tusschen zee en strand.
O palm van Gods hand…… .
.
Poetry is sexy!
Reuring
.
Maandag 9 september sta ik samen met Alja Spaan, Delia Bremer en Ria Westerhuis bij Reuring in Alkmaar (Bagels & Beans, Koorstraat 29) alwaar ik een keur aan (nieuwe) gedichten zal voordragen. Voor meer informatie kun je terecht op http://www.reuringgedichten.nl
.
Digging
Seamus Heaney (1939 – 2013)
.
Eerder deze week overleed Seamus Heaney, Iers dichter en Nobelprijswinnaar voor de Literatuur in 1995, In 1966 debuteerde Heaney met de bundel ‘Death of a Naturalist’ waaruit het onderstaande gedicht komt. Voor een uitgebreide analyse van het gedicht kijk je op http://www.shmoop.com/digging-heaney/summary.html onder Stanza.
.
Digging
.
.
.
.
.
.
.
.
Poetry International
Uit mijn boekenkast: 25 jaar Poetry International
.
Pas geleden gekocht in een tweedehands boekenwinkel de bundel 25ste Poetry International Rotterdam, The future of the past. Een mooie verzamelbundel waarin terug wordt gekeken naar de eerste 25 jaar van Poetry international. Het boek komt uit 1994. We zijn inmiddels bij de 44ste editie aangekomen.
In dit boekwerk een overzicht van 80 dichters die in die eerste 25 jaar deelnamen aan Poetry International.
Alle grote dichters zijn vertegenwoordigd met een korte biografie en een gedicht in de eigen taal en in de vertaling in het Nederlands en Engels waar van toepassing. In de bundel ook nog een losse uitgave van De Rode Hoed i.s.m. SLAA, van september 1994 (waarschijnlijk was de eigenaar van het boek ook daar aanwezig geweest) met de titel: Hommage aan lucebert.
.
Uit de bundel een bijzonder gedicht van Brigitte Olesschinski in de Nederlandse vertaling van Joke Gerritsen,
.
Iets leegs, iets stils blijft achter
.
op het strand, dat zich grijs en open tegen de wind wrijft
een schoongespoeld lichaam, ontspannen, verwrongen
waarboven het lichter wordt
en donker en weer licht, terwijl in de oogkassen
langzaam het zout droogt, haast als een nieuw netvlies
zonder verzet
naar de hemel gericht, ogen bijna voor-
goed opgeslagen
.
Van Lucebert een kort gedichtje: Memories are made of this
.
Memories are made of this
.
Voor Siep
.
Maak jij voor straf
alle lange lussen af
en voor goed gedrag
zet ook nog als bewijs
alle puntjes op de i’s en op de ij’s
zo is het goed maar nu opgelet
schrijf alles nog eens over in het net
.
Uit: Troost de hysterische robot, 1989
,














