Site-archief
Chicago blues
Wouter van Heiningen
.
In het kader van vakantiegedichten vandaag een gedicht van mijzelf. Ik heb een aantal jaar geleden een drietal gedichten geschreven na een reis door de Verenigde Staten. Het gedicht hieronder ‘Chicago blues’ komt uit mijn bundel ‘Zoals de wind in maart graven beroert’ uit 2011.
.
Chicago blues
.
Deze stad ademt de blues
vlak onder de huid bijgezet
in het geheugen van schoonmakers
en slachters
.
hier trekt de gospel
van mond tot hart
en biedt zij troost
als bijvangst van de fles
.
het centrum als een pacemaker
die in een oud en versleten lijf
ligt te wachten op de laatste regel
uit een lied van Muddy Waters
.
‘You ain’t gonna trouble
poor me, anymore’
.
Vakantiegedicht
Ingmar Heytze
.
In de vakantie neem ik altijd een korte pauze op dit blog. Dan deel ik elke dag gewoon een gedicht maar zonder al teveel duiding, informatie, of in relatie met de categorieën die ik op dit blog heb. In realiteit komt het neer op het gedicht van een dichter, als het kan heeft het een relatie met de vakantie of reizen of rust, waar het gedicht uitkomt, uit welke bundel bijvoorbeeld en wie het heeft geschreven.
Daar begin ik zo half augustus mee maar voor dat het zover is wil ik alvast vakantievierders in de stemming brengen door het delen van een vakantiegedicht van Ingmar Heytze dat te lezen is op de website van het Poëziecentrum in Gent.
Wat ik erg leuk vind aan dit gedicht is dat het begint met een quote van een groot (woord)kunstenaar Wim T. Schippers dat ook meteen de titel verklaart.
.
De grote vacantie
.
Vacantie moet met een c, vind ik, anders is het geen vacantie.
Wim T. Schippers, interview in Onze Taal, 1996
.
Minder gestampte pot, oké,
meer Méditerranée, maar dan de leegte
in de letter ‘c’, alles opeens veel meer vacant –
de klapperende deuren van een uitgestorven
restaurant, tuimelkruid over het strand,
het thema van Monsieur Hulot
uit de buizenradio in je achterhoofd
maar dan op een eenzame mondharmonica.
Vacantie is een hoofd vol vragen: is de zon
soms kouder, de vis te taai, liggen er haaien
voor de kust? Waar is iedereen naar toe?
Waarom hier vandaan?
.
Judith Herzberg
Hij bidt
.
Een vakantiegedicht dat lijkt te gaan over bidden maar eigenlijk de liefde betreft. Uit de bundel ‘Zoals’ uit 1992 van Judith Herzberg (1934) het gedicht ‘Hij bidt’.
.
Hij bidt
.
Hij bidt maar niet tot god
niet tot, maar bidt.
Dan moet hij plassen en staat op
maar komt, vóór kleren, auto, weer in bed,
omhelzend verlangt hij naar omhelzen, haar.
Een hemelsbreedte rekt zich in hem
om haar, dagelijks, omhelsbaar.
.
Portobello road
Jules Deelder
.
Voor een ieder die dit jaar op vakantie gaat naar Londen of gewoon een liefhebber is van de poëzie van Jules Deelder (1944-2019) een vakantiegedicht over een beroemde straat in Londen ‘Portobello road’ uit de bundel ‘Dag en nacht geopend’ uit 1970.
.
Portobello road
.
De oude vrouw – broodmager
en behaagziek – gaat gebogen over
’t kinderwagenwrak, waarin
een pathofoon pathetisch krast.
.
De dagen van weleer, toen ze
Caruso in een taxi zag en buiten
westen ging. De plaat
blijft steken en ze lacht.
.
De dichter
Pauze in licht
.
In de, door Mugbooks in 2021 uitgegeven trilogie ‘Pauze in licht’ van dichter Martie Genger (1936), staat in deel 2 ‘Gedichten’ een mooi gedicht over de dichter vol verwijzingen naar dieren (kikker, vlinder, leeuw). Een typisch vakantiegedicht lijkt me.
.
De dichter
.
Zo is de kikker
in onmacht
onder een glazen stolp
Ook de vlinder
heel dichtbij
ongrijpbaar
vastgeprikt
aan de pen
van de dichter.
Zijn woord
een gedroogd blad
in het boek
der wijzen.
Vleugellam
zo is de opgezette leeuw.
Is hij de afgesneden bloem
in een vaas
onmachtig
als de kikker.
.
Zo waren zij 1
Rosemarie Mels
.
Vandaag gewoon een gedicht, zonder verdere toelichting (vooral omdat ik niet meer weet uit welke bundel uit mijn boekenkast ik dit gedicht nam..) maar mooi in al haar eenvoud.
.
Zo waren zij 1
.
Zo waren zij.
Als was er enkel
water tussen hen
dat niet bewoog.
Onhoorbaar.
Zij waren roerloos
en volkomen stil.
.
En de hand van de ene
bewoog het water
en zo de ander
maar zacht,
zacht.
.
Er is geen opening in water
Martie Genger
.
Uit de begin juli uitgekomen trilogie ‘Pauze in licht’ van Martie Genger (1936) bij MUGbooks uitgeverij van poëzie, nam ik uit deel 2 het gedicht ‘Er is geen opening in water’. Deze trilogie is te koop via pauzeinlicht@gmail.com voor € 35,-
.
Er is geen opening in water
.
Er is geen opening in water
noch gaten in de lucht.
Alleen ik val uit elkaar
na een leven lang
opgebouwd te zijn
uit anderen.
.
Zomer in de bergen
Marijke Boon
.
Soms kan een gedicht je op de verkeerde voet zetten met een titel. Zo las ik in de bundel ‘Tranen op het tafelzeiltje’ van Marijke Boon uit 1999 het gedicht ‘Zomer in de bergen’ dat begint met te verwachten zinnen maar eindigt anders dan verwacht.
.
Zomer in de bergen
.
Zomer in de bergen
het regent
kinderstemmen in het dal
een uil zit in de olmen
hij braakt een bal
hij schudt zijn veren
en denkt
krijg allemaal de klere.
.
We zijn er!
Arjen Duinker
.
In 2009 verscheen bij Querido de dichtbundel ‘Buurtkinderen’ van Arjen Duinker (1956). Duinker studeerde psychologie en filosofie en debuteerde in 1980 in ‘Hollands Maandblad’. Duinker ontving voor zijn poëzie onder meer de VSB poëzieprijs, de Jan Campert-prijs en voor de bundel ‘Buurtkinderen’ de Awater Poëzieprijs.
Duinker publiceerde meer dan 10 dichtbundels en 1 roman. Uit de ruim 200 pagina’s gedichten die de bundel ‘Buurtkinderen’ telt koos ik een, bij de vakantie, toepasselijk gedicht getiteld ‘We zijn er!’ met als ondertitel voor Kim.
.
We zijn er!
voor Kim
De zomer wordt ’s zomers één, twee, drie…
De windmolen versnippert kleine wolken…
Een blik, en ik zag die als een groet…
Een blik, en ik zag die als een groet…
Zo mooi om de kiezels te bewonderen, zo mooi…
We zijn er!… Maar waar dan?… waar je wilt…
De handen zullen bloeiende namen vinden…
De insecten zullen schateren met de ogen…
.
Nog maar eentje dan
vrij me
.
Hoewel het eigenlijk tegen mijn ‘principes’ is om heel snel twee gedichten uit een zelfde dichtbundel te plaatsen wil ik hier toch een uitzondering maken voor de bundel ‘hoe angst klinkt’ van Hans Hagen (1955). Lezend in deze bundel kom ik zulke pareltjes van gedichten tegen dat ik gewoon nog een gedicht uit deze bundel ga plaatsen. Dit keer het gedicht ‘vrij me’ een zwoel, onrustig en erotisch gedicht waar vooral heel veel suggestie uit klinkt.
.
vrij me
.
dat buurvrouw gluurvrouw
zelf haar kinderen heeft gemaakt
is volgens mij gelogen
ze ziet er zo groes en
anti-vrij-me-nou uit
maar
haar dochter ’s avonds laat
voor het raam
van de kamer waar ze slaapt
als zij zich koeltjes
omkleedt en draait
uitdagend de gordijnen open
en heel goed weet dat ik daar sta
ja die
ja dan
.














