Maandelijks archief: augustus 2014
De Grote Vakantie
F. Starik
.
Uit mijn boekenkast vandaag de bundel ‘De Grote Vakantie’ van F. Starik uit 2004, uitgegeven door In de Knipscheer. De bundel bevat behalve 45 gedichten ook een CD met daarop 4 gedichten “verklankt” door Von der Möhlen en Cor Vos en gezongen door F. Starik. De CD bevalt me minder dan de bundel. De gezongen gedichten doen me erg ‘kleinkunstig’ aan. Niks mis mee op zichzelf maar ik persoonlijk vind
ze niet echt iets toevoegen, zoals de CD bij de laatste bundel van Serge van Duijnhoven dat absoluut wel doet.
De bundel met gedichten kan ik echter zeer waarderen. In 6 hoofdstukken en een coda neemt Starik je mee in zijn wereld en poëzie. Soms heel serieus, dan weer heel luchtig en altijd in een frisse taal.
Hieronder twee voorbeelden van een zeer luchtig gedicht en een op het oog luchtig gedicht maar met een serieuze ondertoon.
.
Landjuweel
Landjuweel, jaarlijks nazomerfestival
voor ouwe hippies, bewijst in elk geval
zo sprak Diana Ozon luid: ‘roken is niet dodelijk’.
Al zie ik wel bezwaren voor de huid.
.
De Grote Vakantie
Zo op het oog hier alles
welvaart en gemoedsrust.
Waar de Noordzee loom
haar brede zandstrand kust.
.
Vaders, moeders, kinderen
ze lachen, ze spelen, ze scheppen kastelen
in de tamme vloedlijn. Zou er ooit
volmaakter vrede zijn?
.
Eén van hen zal volgend jaar
niet langer bij ze zijn. Ze onderscheidt zich
al van verre: het dunne, kroezend haar.
.
De zon gaat onder, onbewogen
staan ze in het koude licht.
Niemand maakt bezwaar.
.
Visuele poëzie
Woorden en Vorm
.
Ik schreef al eerder over visuele poëzie, over poëzie zonder woorden en over poëzie in bijzondere vormen maar wat is visuele poëzie nu eigenlijk? Er zijn een aantal definities in omloop, zo spreekt de website http://tussentaalenbeeld.nl/ van “Gedichten die gemaakt zijn om, met middelen uit de beeldende kunst ontleend, inhouden over te dragen”.
Op http://www.encyclo.nl/maken ze een onderscheid tussen abstracte en tekstuele visuele poëzie:
Abstract: Poëzie waarin letter- beeld- en tekstmateriaal, pictogrammen, tekens en tekstfragmenten door elkaar worden gebruikt.
Tekst: De visualiteit van de taal, schrift, beeld en tekst voegt literatuur en beeldende kunst tot een nieuwe eenheid samen. Grenzen tussen lezen en waarnemen zijn er niet en moeten door de kijker of lezer zelf vastgesteld worden.
Op de website http://fontys.nl/ spreekt men dan weer van “Poëzie waarbij de schrijfwijze (of typografie) de inhoud van de tekst illustreert”.
Op de educatieve website http://qwiklit.com/wordt de lezer gevraagd zelf visuele poëzie te maken. Voorwaarden: het moet eruit zien als het beschreven onderwerp gebruik makend van louter woorden of tekst. Tip die gegeven wordt: Visualiseer het gedicht om een sterke imprint te geven van het gedicht.
Een voorbeelden is dan:
Een aantal andere voorbeelden van visuele poëzie:
Tot het ons loslaat
Rutger Kopland
.
Uit de bundel ‘ Tot het ons loslaat’ van Rutger Kopland het gedicht ‘Die eeuwige schoonheid’.
.
Die eeuwige schoonheid
Hij begon in die toevallige wereld
die onbegrepen wirwar van lijnen en lijntjes
die een boom werden bijvoorbeeld
hij noemde deze schoonheid de tragische schoonheid
van de mens die haar ziet:
van moment tot moment
hij wilde niet zien hoe de wereld voorbij gaat
maar zien hoe eeuwig zij is
als zij terugkeert naar dat ene
moment waarin haar lijnen en lijntjes uiteenvallen
tot een boom bijvoorbeeld
tot haar formule
hij stierf en zag alles, zag alles en stierf
Zomergasten en de poëzie
Ionica Smeets
.
Afgelopen zondag was wetenschapsjournaliste en wiskundige Ionica Smeets (1979) de Zomergast bij het gelijknamige programma van de VPRO (lees vooral ook de recensie van dit programma vandaag in de Volkskrant van Jean-Pierre Geelen). Nu ken ik Ionica al vele jaren, ze werkte jarenlang tijdens haar school- en studietijd bij de bibliotheek Maassluis waar ik directeur ben. In de jaren dat we collega’s waren was Ionica precies zoals ze op tv was afgelopen zondag. Ik herinner me een keer na een bibliotheekuitstapje, toen ik haar een lift gaf naar haar woonplaats Delft, dat ze tijdens de autorit uit haar hoofd een gedicht voordroeg.
Toen ze zondagavond dan ook een fragment liet zien van haar favoriete dichter Leo Vroman verbaasde mij dat niet. Een prachtig fragment uit een documentaire over Leo Vroman en zijn vrouw Tineke. Naar aanleiding van deze aflevering heb ik werk van Leo Vroman herlezen en wil ik graag een gedicht van hem met jullie delen.
.
In bed
.
Het is mij een droom te ontwaken
door een hand op het haar en de slapen
en de streling van zaaien en rapen
meer dromen te voelen maken;
.
hoor in het omhullend geruis
van een adem de zee, de wind
op een lang, leeg strand, en een kind
ver van het ouderlijk huis –
.
Zij vroeg mij waar we nu waren.
Het was herfst in mijn droom en ook buiten
bewegen zich dorre blaren
door de lucht, en over de ruiten.
.
Gedicht op een maquette
Groot Speijck
.
Samen met FBW heeft Natuurmonumenten plannen ontwikkeld voor een geïntegreerd bezoekerscentrum en horeca inclusief kantoren voor de boswachters van Midden Brabant. Het gaat om een bestaand gebouw midden in de bossen, bekend onder de naam Groot Speijck te Oisterwijk. De bestaande aanbouwen aan het oorspronkelijke café-restaurant Groot Speijck zullen vervangen worden door nieuwbouw. Groot Speijck zelf zal van binnen uitgepeld worden en zal het hart van het nieuwe bezoekerscentrum annex horeca vormen.
In mei van dit jaar is de verbouwing begonnen. In het nieuwe gebouw is op de maquette een gedicht opgenomen. wie de dichter is heb ik niet kunnen achterhalen maar wellicht dat iemand mij hierbij kan helpen.
.
Gedicht in een garderobe
Theater Lampegiet
.
In de garderobe van theater Lampegiet in Veenendaal is een gedicht van Kees Torn geplaatst dat heel toepasselijk is voor de plek waar het hangt.
Het gedicht ‘Probleem’ van Kees Torn maakt deel uit van de ‘Gedichten in het centrum’ van Veenendaal.Er hangen op dit moment al veel gedichten in het centrum. Daarvan zijn er twaalf door de commissie Gedichten op Muren geplaatst. Daarnaast hangen in het centrum vijf gedichten van scholieren die de afgelopen jaren gewonnen hebben bij de gedichtenwedstrijden die de commissie organiseert. Het is de bedoeling dat er binnen afzienbare tijd een zogenaamde gedichtenroute door het centrum komt. Naast het gedicht van Torn zijn gedichten te lezen van o.a. Kees Stip, Jules Deelder, Jan Hanlo en K. Schippers.
Meer info op: http://www.gedichtenopmuren.nl/index.php/in-het-centrum/
.
Gedicht op een tapijt
Obe Postma
.
Van de Friese dichter Obe Postma (1868 – 1963) is in Tresoar, het Fries Historisch en Letterkundig Centrum in Leeuwarden, op het tapijt in de hal een gedicht geplaatst. Het betreft hier het gedicht ” ‘T hat west, it is ‘t” uit 1951.
Postma debuteerde in 1902 in het tijdschrift ‘Forjit my net’ . In 1947 kreeg hij de Gysbert Japicxprijs voor de bundel ‘It sil bestean’ en in 1954 won zijn gedicht ‘Fan de fjouwer eleminten’ de Rely Jorritsmaprijs.
‘T hat west, it is ‘t
Hat west, it is; it stiet beskreaun
En heart ta wrâlds bestean,
’t Is by it grutte barren komd
En kin net mear fergean.
Wy drage it mei yn ùs ûnthâld
In libben barrens stik,
Mar fêster wierheid hat it wûn
Yn ivichheids beskik.
O freonen dy’t myn jonkheit hie,
O mienskip my sa nei!
Fergûn, ferstoarn? Mar heger geast
Hat it yn ljochte dei.
Uit: Samle fersen
Nederlandse vertaling
’t Is geweest;
het is, het staat beschreven
En hoort tot werelds bestaan,
’t Is bij het grote gebeuren gekomen
en kan niet meer vergaan.
Wij dragen het mee in ons
Een gebeurtenis uit het leven,
Maar vaster werkelijkheid heeft het gewonnen
in eeuwigheids plan.
O vrienden wie mijn jeugd had
O gemeenschap mij zo dichtbij
Vergaan, gestorven? Maar hoger geest
Heeft het in lichte dag.
Vertaling: Andrys Stienstra





















