Categorie archief: Poëzie evenementen
Alle begin is moeilijk
Peter Swanborn
.
Canxatard reageerde op mijn oproep voor een dichter op verzoek en wilde graag Peter Swanborn (1963) in het zonnetje plaatsen. Rotterdamse dichter Peter Swanborn ken ik al sinds 2016 toen hij jurylid van de Ongehoord! Poëzieprijs was. In 2017 was hij te gast als dichter bij het Zomerpodium van Ongehoord! in de Jacobustuin. En op 25 juni zal hij één van de Rotterdamse dichters zijn die op het podium van Raamwerk II (kunst en poëzieproject van de NE studio’s op het Noordereiland in Rotterdam) acte de présence geven. In dit project zijn 20 dichters gekoppeld aan 20 kunstenaars. Peter Swanborn is gekoppeld aan kunstenaar Tamyra Meesters. Aan dit project is ook een poëziewedstrijd gekoppeld Dichtwerk.
Canxatard wilde een gedicht van Peter Swanborn omdat “het zo’n geweldige docent poëzie lezen en schrijven is en een heerlijke dichter”. Alle reden dus om aan dit verzoek te voldoen. Ik koos voor het gedicht ‘Alle begin is moeilijk’ (Peter is tenslotte docent) uit De Gids nummer 3 uit 2017.
.
Alle begin is moeilijk
.
maar een paar nieuwe aanstalten zouden wel helpen.
Oude opboenen, skeletboom tot pijlen schaven, het is
niet meer van deze tijd. Liever zelfbouwpakket bestellen,
inclusief talige handleiding en klantaardig beeldmateriaal.
.
Voorfase overslaan is, naar men zegt, optie twee. Deur openen,
dikbevolkte stad in gaan, vaste route winkelcentrum. Na een uur
constateren dat bewapening onvoldoende, dan wel afwezig was.
Verrotzooid terugkeren op zelfverwijtend pantoffelschoeisel.
.
Die nacht procedure nalopen. Volgende ochtend nog geen
aanstalten bij post. Staand voor helder winterraamboos
bellen. Bloemknoppen tellen aan gisteren nog dode
tak. Mij vergapen aan moed en kleur en levenslust.
.
Katrijn
Daan Janssens
.
In 2017 ging de Vlaamse Daan Janssens (1994) als één van de deelnemende dichters mee met de Poëziebus. Omdat ik het interessant vind om na al die jaren eens te kijken hoe het met jonge dichters gaat die destijds meegingen op de Poëziebus ben ik op zoek gegaan.
Daan Janssens is inmiddels stadsdichter van Hoogstraten geweest van 2017-2019 en in 2021 stond hij samen met Babeth Fonchie en Maan Methven bij ‘Vers van het Mes’ bij Perdu. Zij schreven een ‘kleine poëtica’, waarin ze zich uitspraken over hun rol in het poëzielandschap, en optreden in Vlaanderen en Nederland.
Ook was hij een van de makers van de Podcast ‘grensgangers’ (samen met Jens Meijen, Lisa Weeda en Onias Landveld) waarin ze met dichters uit Nederland en Vlaanderen praten over hun werk en het literaire landschap in de twee landen.
Daarnaast is hij mede oprichter van Dans! Dichter! Dans! een VZW die de ontwikkeling bevordert van beloftevolle schrijvers die graag over de disciplinaire grenzen kijken die eigen zijn aan de literatuur.
Het gedicht ‘Katrijn – een gedicht voor onze kerk’ schreef hij als stadsdichter van Hoogstraten.
.
Katrijn – een gedicht voor onze kerk
.
je kan niet ontkennen dat je mij ziet
al hul ik mij in de mistige herfstdagen of klauwt
mijn kruin naar de hoogste middagzon
.
ik ben de oermoeder van deze stad
en ik ben blij dat je weet dat je voor je moeder moet zorgen
.
dat je weet dat eeuwen hun tol eisen
dat ze sporen nalaten – geen groef
in mijn bakstenen lijf is onberoerd
geen schemering zonlicht langs mijn ramenmozaïek
tot in het binnenste van mijn catacomben
.
dat ik
zelfs gehuld in al jouw goede zorgen
steeds statig boven de kruinen van ieders huis reik
dat ik uitkijk op de dagen die komen – en weet
wat er altijd al was
.
want jullie allemaal zijn de kinderen van mijn oeverloze blik
.
J.C. Bloem
Nyk de Vries
.
De stichting Mr. J.C. Bloem Poëzieprijs heeft naar aanleiding van twintig jaar poëzieprijsuitreikingen een selectie gemaakt van op J.C. Bloem geïnspireerd werk. Deze bundel zal ik binnenkort uitgebreider bespreken op dit blog maar ik wil vandaag alvast een gedicht van Nyk de Vries plaatsen. Ik heb Nyk de Vries leren kennen als dichter op het Dunya poëziefestival in Rotterdam. Ester Naomi Perquin was destijds stadsdichter van Rotterdam en zij mocht een podium vullen met dichters. Één van die dichters was Nyk de Vries (1971).
Ik zal dat optreden niet snel vergeten want ik stond schuin naast het podium te luisteren toen er iemand aan kwam lopen en naast me kwam staan om mee te luisteren. Ik dacht deze persoon te herkennen maar kom hem niet meteen plaatsen. We begroeten elkaar en we genoten van het optreden van Nyk de Vries. Na zijn voordracht zei de man gedag en liep weer verder. Ik ging nog even met een bevriende dichter praten en vroeg hem wie die man toch was? Hij kwam me zo bekend voor. Het bleek Ahmed Aboutaleb, de kersverse burgemeester van Rotterdam en poëzieliefhebber te zijn. Die kon toen nog redelijk anoniem en zorgeloos over zo’n festival te kunnen lopen.
Maar terug naar de bundel ‘Beste meneer Bloem,’. Uit deze bundel het gedicht van Nyk de Vries (genomineerd in 2013 met zijn bundel ‘De dingen geburen omdat ze rijmen’ ) getiteld ‘J.C. Bloem’.
.
J.C. Bloem
.
Ik ontmoette J.C. Bloem in 1956 en meteen begreep ik
dat het een vreemde snuiter was. We liepen door het
Chinese deel van de stad toen hij een dolk te voorschijn
trok en die recht in zijn buik plaatste. Hij was niet dood,
maar we moesten wel als gekken naar het ziekenhuis.
Daar sprak ik bijna de hele avond met zuster Anna en
amper twee weken later waren we getrouwd. Wat kan
ik er verder over zeggen? Waarom langer wachten op je
liefje als ze gewoon naast je zit?
.
Met de Noorderzon
Aperitief
.
Het Noorderzon Festival of Performing Arts & Society (dat is de volledige titel van dit festival) is de ietwat curieuze combinatie van een groots zomerfeest en internationaal kunstenfestival. Op de website van de organisatie staat het als volgt omschreven: “Lokaal programma staat zij-aan-zij met avontuurlijke internationale podiumkunsten en maatschappelijke duiding. Cutting-edge theater en muziek, literatuur, moderne dans, lokale voorstellingen in intieme setting, nagesprekken en colleges. De stad als podium, het vrij toegankelijke en idyllische Noorderplantsoen als ontmoetingsplaats, dorp en podium ineen.”
Het festival bestaat sinds 1991. Het begon als een lokaal festival dat destijds bestond uit een aantal zeer geslaagde muzikale zondagen op verschillende plekken in de stad Groningen in combinatie met een afsplitsing van festival ‘De Parade’.
Ter gelegenheid van het live-programma ‘Arno’s Aperitief’ dat tijdens Noorderzon dagelijks werd uitgezonden door Radio Noord, het regionale radio- en televisiestation voor Groningen, verscheen in 2005 het bundeltje ‘Aperitief’ Noorderzon in gedichten. In dit bundeltje zijn gedichten opgenomen van 13 dichters die zich lieten inspireren door het festival in het Groningse Noorderplantsoen. Alle dichters droegen hun gedicht voor in het radioprogramma ‘Arno’s Aperitief’ dat dagelijks gepresenteerd werd vanuit de Spiegeltent door Arno van der Heyden.
Deelnemende dichters waren Mowaffk Al-Sawad, Jurre van den Berg, Anneke Claus, Maria van Daalen, Daniël Dee, Karen ten Haaf, Renée Luth, Stefan Nieuwenhuis, Ronald Ohlsen, Coen Peppelenbos, Kasper Peters, Nyk de Vries en Driek van Wissen.
Van Nyk de Vries is het gedicht ‘Stephanie’ uit de bundel.
Stephanie
.
Die avond reden we over de brede boulevards waar overal
mensen voor de cafés zaten en verkoelende drankjes
nuttigden. We stopten bij een kleurig verlichte zandstrand
en ik kocht bij een kiosk een pakje sigaretten. Stephanie
droeg een lange zwarte rok die strak om haar heupen
spande. We stonden dicht bij elkaar en die nacht sliepen
we samen. De volgende ochtend, toen ik wakker werd,
was ze echter al weer verdwenen. een zwaar gevoel van
teleurstelling bekroop mij, al legde ik me maar gauw bij
de feiten neer. Ze was immers zoals een spionnenmeisje
behoort te zijn: sexy, soepel en snel.
.
Poëzie uit het Koninkrijk
Tsjead Bruinja
.
Op woensdag 23 november vindt er in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag een bijzondere poëziemiddag plaats met voormalig dichter des vaderlands Tsjead Bruinja (1974). Op deze middag, die toegankelijk voor iedereen (aanmelden kan hier, onderaan de pagina) zal Bruinja zijn bundel ‘De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie 101 gedichten uit het koninkrijk van 1945 tot nu’, presenteren. In zijn periode als dichter des vaderlands (2019-2020) deed hij onderzoek (vooral in de collectie van de KB) naar de volle breedte van de poëzie in het Koninkrijk Nederland, dus ook naar poëzie in andere talen en dialecten.
Toen ik hier voor het eerst van hoorde moest ik meteen denken aan de bundel ‘Minnezinne in moerstaal’ van Ria Westerhuis en Delia Bremer uit 2019 waarin de dames 49 dichters (en dus 49 gedichten) verzamelden in vele dialecten en talen, van Utregs, Limburgs, Drents tot plat Haags, Achterhoeks, Deventers, Vlaams, Suid-Afrikaans en Schleswig-Holsteins.
Bruinja gaat alleen weer een stuk verder want hij verzamelde poëzie vanuit alle windstreken maar ook van dichters wier wortels niet in Nederland liggen maar in landen als Irak, Iran, Amerika, Suriname, de Antillen, Aruba, Indonesië etc. Hiermee streeft hij naar een veel inclusiever verhaal over de poëzie in Nederland.
Op de presentatie gaat Arno Kuipers, collectiespecialist van de KB, in gesprek met Tsead Bruinja over zijn speurtochten in de KB en zullen de dichters Nina Werkman, Lamia Makaddam, Frans Budé en Raj Mohan voordragen.
Om alvast in de stemming te komen hier een gedicht van Lamia Makaddam (1971) uit haar bundel ‘Je zult me vinden in elk woord dat ik schrijf’ dat in 2020 verscheen getiteld ‘Kamerplanten’.
.
Kamerplanten
Ik koop geen kamerplanten meer.
Ze gaan altijd dood en daar erger ik me aan.
Ik verzorg ze zoals ik een kind zou verzorgen.
Liggen ze er slapjes bij dan geef ik ze een beetje water.
In oorlogstijd verplaats ik ze van hoek naar hoek
en geef ze nog wat water.
Wanneer een blad naar de tuin van de buren dwarrelt
geef ik ze nog meer water.
En wanneer een van de kinderen laat thuiskomt
houd ik de planten onder stromend water.
En een keer liet ik ze een week lang in bad liggen
omdat mijn man ging slapen zonder mij een kus te geven.
.
Het onkruid in onze borst
.
De boom waarin ik de wind dacht te horen waaien
hakte ik omver.
Voor de maan die me liet weten dat het nacht was
sloot ik mijn ogen.
Ik liet de liefde achter op tafel en rende achter de gedichten aan.
Ik verloor mezelf in het leven en betrad een boek zonder titel.
Sinds vanochtend zit ik in een tuin die ik met de hand heb getekend
en spreek ik een man toe die ik gemaakt heb uit tuinafval.
Ik vertelde hem over het leven dat na de dood begint
over het dode onkruid dat wij in onze borst dragen
niet omdat het van goud is, maar omdat wat uit de boom valt
onze doden zijn.
En de takken die breken, dat is onze tijd.
.
AMAI awards 2023
Jaarlijkse verkiezing
.
Al een aantal keer heb ik geschreven over de AMAI Awards en de winnaar van de award voor gedichten in 2022. De AMAI (Alle Monden Award Instagram) kiest jaarlijks het beste gedicht, quote, Spoken Word en meest favoriete dichtersaccount van Instagram. Dit jaar (de 2023) editie ben ik gevraagd zitting te nemen in de Vakjury (gedichten en quotes) samen met dichters Maud Vanhauwaert, Ingmar Heytze en Derek Otte, Trouw journalist Nienke Schipper en winnaar van het beste gedicht 2022 Christianne Scholtens.
Je deelname inzenden kan vanaf 15 december 2022 tot en met 15 januari 2023 (lees hoe op de website van AMAI ). Op 28 januari 2023 wordt de longlist bekend gemaakt en kan er gestemd worden (tot en met 28 februari 2023) voor de publieksprijs. De bekendmaking van de prijswinnaars zal plaats vinden op zaterdag 25 maart in het Parktheater in Eindhoven. Tijdens de bekendmaking zullen er 10 verschillende optredens plaats vinden. Kaarten kunnen nu al besteld worden via de website van AMAI.
In 2021 kreeg dichter en illustrator Meliza de Vries de prijs voor het winnende gedicht. Daarom, ter inspiratie en als voorbeeld hier een, al wat ouder, gedicht van haar hand.
.
de laatste keer dat ik mijn moeder zag
er stonden drie huizen in het dorpje,
die door de moesson naar het zuiden dreven.
.
ergens vielen bananen uit hun tros.
een paar mensen schepten wegen om mij heen,
ik had geen idee uit welk huis zij kwamen.
.
ik vroeg mij af
hoe zij deze dag wilden onthouden,
niemand had een camera in de hand.
.
Meisjes van 40
Jolies Heij
.
Dichter en performer Jolies Heij (1964) ken ik al vele jaren. Regelmatig kwam en kom ik haar tegen op podia en andere poëzie-evenementen, zo was ze deelnemend dichter aan de Poëziebustoer van 2019. Jolies studeerde Duitse Taal- en letterkunde in Utrecht en Freiburg im Breisgau in Duitsland. Vanaf 1999 is ze actief als (slam) dichter en sinds 2008 doet ze mee aan diverse slampoetrywedstrijden in Nederland en Duitsland. Ze was winnares van Slam by the Sea, ze deed mee bij Kargadoorslam, U-slam, iPoetry, Slamersfoort, in Delft, Zeist en Vlissingen. Ze won de tweede prijs bij ‘Het woord in de wijk’, een schrijfwedstrijd over de Utrechtse wijk Zuilen.
Ze treed zoals gezegd regelmatig op bij allerlei podia in het land en haar werk werd gepubliceerd bij onder andere Meander, De Contrabas en Pomgedichten. Haar stem klinkt amusant, versneld en bewust articulerend. Ze is serieus en grappig, gebruikt daadkrachtige beelden, schuwt provocaties niet en neemt totaal geen blad voor haar mond. En elke keer als ik haar hoor of zie optreden denk ik: Ik moet eens over Jolies schrijven.
Op 2 juli jongstleden, op de dag van de roos, droegen we beide voor in het Westbroekpark in Den Haag (samen met nog enkele dichters). Opnieuw werd ik gegrepen door haar puntige en ironische poëzie. Ik kocht haar debuutbundel ‘Lolita zei…’ waar ze in 2016 mee ‘debuteerde’ en uit die bundel koos ik het gedicht ‘Meisjes van 40’ waar alles in zit wat me zo inneemt voor Jolies.
.
Meisjes van 40
.
ze raadt korte rokjes aan
ook al staan
haar benen als zuilen
haar spijkerhakkentiktakken
menig gat in de grond
bezaaid met handkussen
.
talloze gulle minnaars
heeft ze achter zich gelaten
.
maar niemand bezat het paspoort
niemand die koning mocht heten
of de bolster strelen
dit territorium ligt braak
nooit door laarzen aangestampt
of door pummels bemest
.
ze doet maar alsof
ze ergens tussen het hangende vel
een onderkomen heeft bewaard
voor koeriers
voor avonturiers
ook rovers
zijn niet te versmaden
.
daarom schikt zij haar lichaam
voordat het verlepte rozen braakt
en kobolds op doorzakpaarden
te gebocheld en afgedankt
.
er schuilt een zekere lijdzaamheid
in dit volharden
.
niemand ziet
hoe zij aaiend het hart
onder de riem draagt
.
meisjes van 40
zijn niks wijzer
hooguit wat aftandser
en zitten beter in hun harnas
.















