Categorie archief: Vakantie poëzie

Alp

Anneke Brassinga

.

Voor iedereen die de bergen intrekt deze zomer het gedicht ‘Alp’ van Anneke Brassinga (1948) uit de bundel ‘Aurora’ uit 1987.

.

Alp

.

De koe is groeiensmoe
zij loeit zo droef
op de veranda,
de koe is moe
zij draagt er twee
– enculée de sa mère.

.

De boer slaat flank, hij roemt haar
boezeroen van vlees en wimpers.
Donsoor trilt, neus snurkt roze
rauw, zij weent en roept
teloor in ’t stille dal.
Het is niet groen, ’t is wit.

.

Begraafplaats

Jean Pierre Rawie

.

Wie mij een beetje kent weet dat ik een voorliefde heb voor het bezoeken van begraafplaatsen. Daarom vandaag in het kader van vakantiepoëzie het gedicht ‘Begraafplaats’ van Jean Pierre Rawie (1951) uit de bundel ‘Woelig stof’ uit 1989.

.

Begraafplaats

.

De mannetjes die hier wat werken
doen alles maar op hun gemak,
ze harken de paden en perken
en scheren de sierheesters strak.
.
Ze weten van elk van de zerken
het nummer, de rij en het vak;
ze zouden het zeker bemerken
wanneer er een dode ontbrak.
.
Dat zal ook wel nooit meer gebeuren.
De mannetjes kennen hun plicht,
het hek met de ijzeren deuren
gaat tegen de schemering dicht.
.
Waarover de treurwilgen treuren,
wie, wie die er wakker van ligt?

.

Gedachten aan jou

Toon Tellegen

.

Zoals elk jaar neem ik ook dit jaar weer even wat gas terug in de vakantieperiode. Dat wil niet zeggen dat er niet dagelijks een bericht van mij zal verschijnen met een gedicht, maar dat zal het dan ook zijn, een gedicht uit één van de vele bundels uit mijn boekenkast met verwijzing naar welke bundel. Vandaag wilde ik beginnen met het gedicht ´Gedachten aan jou´ van Toon Tellegen (1941) uit de bundel ´Mijn winter´ uit 1987.

.

Gedachte aan jou

.

Gedachten aan jou zijn lastig –

ze zeuren,

vragen iets onmogelijks,

willen nooit slapen,

ruimen nooit iets op

en sturen dagen, misschien wel jaren, grondig in de war,

maken nooit iets af.

Aan welke wereld ik ook denk,

de een probeert het bed,

een ander maakt iets los,

een derde geeuwt alsof,

een vierde is ernstig – mag meteen weer vertrekken –

een vijfde vindt een boek

‘Houses and rooms are full of perfumes… the shelves

are crowded with perfumes…

een zesde leunt op mijn tafel,

aarzelt tussen twijfel en verbazing,

een zevende is verlegen,

maar de achtste gedachte aan jou weet iets beters,

sluipt op haar tenen

de gangen door de trappen op naar de kantelen,

schrikt van de inktzwarte lucht om haar heen

en het heden,

.

overal.

.

Spreeuw

Judith Herzberg

.

Uit de bundel ‘Gedichten’ van Judith Herzberg (1934) komt een gedicht, dat door het thema mij in ieder geval deed denken aan de zomer. Het betreft hier het gedicht ‘Spreeuw’.

.

Spreeuw

.

Had niets te beweren

te klein voor veren

te nat om bruin te heten

en snavel dicht

ook tegen eten.

.

Maar werd een hoogst

warmpotig geleerde

specialistisch geïnteresseerde

zeehondgeveerde

vetervereerder.

.

Frivoolkelige imitator

een parel-bespetterde

wezel, een vliegende

ongeletterde triomfator.

,

Vakantieliefde

Dubbel-gedicht

.

Over reizen en over liefde zijn vele gedichten en zelfs bundels vol geschreven. Gedichten over liefdes op reis zijn wat schaarser. Maar ze zijn er. Daarom vandaag in de categorie ‘Dubbel-gedicht’ de vakantieliefde, of in dit geval de vakantieflirt want de liefde is kort, vluchtig maar intens.

Het eerste gedicht is van Esther Jansma (1958) en is getiteld ‘Vakantie-flirt’. Het gedicht komt uit het literair tijdschrift ‘De Tweede Ronde’ uit 1985. Het tweede gedicht is van Simon Carmiggelt (1913-1987) en is getiteld ‘Verliefde reiziger’. Het gedicht komt uit ‘De gedichten’ uit 1999.

.

Vakantie-flirt

.

Witter dan zout ligt boven zee

het labyrint van oude trappen

waar wij, bij toeval uit de nacht

ontstaan, de ronde van toeristen

gaan en pizza eten.

.

Ons gesprek spoelt af en aan

tegen de stadsmuur van Sperlonga.

.

Wat jouw gezicht voor mij betekent

blijft onzeker, wel weet ik

hoe in dit licht mijn lichaam staat

en hoe jij rekent.

.

Verliefde reiziger

.

In ’t kust-pension kwam liefde hem bezoeken.

Zij at haar visje en zijn hart werd warm.

De zoutpot gaf hij haar met blijde charm

en hij sprak Engels zonder een woord op te zoeken.

.

Zijn lieven thuis geraakten in het duister,

want in zijn knieën kwam een oud gevoel.

Hij schertste wervend naar zijn zondig doel.

Zijn nieuwe pak gaf hem ’n ongekende luister.

.

Eerbiedig keek ze naar de stempels in zijn pas,

het werd haar prentenboek – een meisjesdroom.

Haar kus bleek kinderlijk; het vreemd idioom

dwong hem alleen te melden dat ze lovely was.

.

Bij ’t afscheid werd geweend; op zo’n station

spant alles samen tegen een romantisch slot.

Hij reed naar huis en voelde zich een vod,

maar leerde spoedig, dat hij snel vergeten kon.

.

Zo waren zij 1

Rosemarie Mels

.

Vandaag gewoon een gedicht, zonder verdere toelichting (vooral omdat ik niet meer weet uit welke bundel uit mijn boekenkast ik dit gedicht nam..) maar mooi in al haar eenvoud.

.

Zo waren zij 1

.

Zo waren zij.

Als was er enkel

water tussen hen

dat niet bewoog.

Onhoorbaar.

Zij waren roerloos

en volkomen stil.

.

En de hand van de ene

bewoog het water

en zo de ander

maar zacht,

zacht.

.

Zomer in de bergen

Marijke Boon

.

Soms kan een gedicht je op de verkeerde voet zetten met een titel. Zo las ik in de bundel ‘Tranen op het tafelzeiltje’ van Marijke Boon uit 1999 het gedicht ‘Zomer in de bergen’ dat begint met te verwachten zinnen maar eindigt anders dan verwacht.

.

Zomer in de bergen

.

Zomer in de bergen

het regent

kinderstemmen in het dal

een uil zit in de olmen

hij braakt een bal

hij schudt zijn veren

en denkt

krijg allemaal de klere.

.

We zijn er!

Arjen Duinker

.

In 2009 verscheen bij Querido de dichtbundel ‘Buurtkinderen’ van Arjen Duinker (1956). Duinker studeerde psychologie en filosofie en debuteerde in 1980 in ‘Hollands Maandblad’. Duinker ontving voor zijn poëzie onder meer de VSB poëzieprijs, de Jan Campert-prijs en voor de bundel ‘Buurtkinderen’ de Awater Poëzieprijs.

Duinker publiceerde meer dan 10 dichtbundels en 1 roman. Uit de ruim 200 pagina’s gedichten die de bundel ‘Buurtkinderen’ telt koos ik een, bij de vakantie, toepasselijk gedicht getiteld ‘We zijn er!’ met als ondertitel voor Kim.

.

We zijn er!

voor Kim

De zomer wordt ’s zomers één, twee, drie…

De windmolen versnippert kleine wolken…

Een blik, en ik zag die als een groet…

Een blik, en ik zag die als een groet…

Zo mooi om de kiezels te bewonderen, zo mooi…

We zijn er!… Maar waar dan?… waar je wilt…

De handen zullen bloeiende namen vinden…

De insecten zullen schateren met de ogen…

.

Nog maar eentje dan

vrij me

.

Hoewel het eigenlijk tegen mijn ‘principes’ is om heel snel twee gedichten uit een zelfde dichtbundel te plaatsen wil ik hier toch een uitzondering maken voor de bundel ‘hoe angst klinkt’ van Hans Hagen (1955). Lezend in deze bundel kom ik zulke pareltjes van gedichten tegen dat ik gewoon nog een gedicht uit deze bundel ga plaatsen. Dit keer het gedicht ‘vrij me’ een zwoel, onrustig en erotisch gedicht waar vooral heel veel suggestie uit klinkt.

.

vrij me

.

dat buurvrouw gluurvrouw

zelf haar kinderen heeft gemaakt

is volgens mij gelogen

ze ziet er zo groes en

anti-vrij-me-nou uit

maar

haar dochter ’s avonds laat

voor het raam

van de kamer waar ze slaapt

als zij zich koeltjes

omkleedt en draait

uitdagend de gordijnen open

en heel goed weet dat ik daar sta

ja die

ja dan

.

Stel je voor

Gijs ter Haar

.

In 2017 komt bij uitgeverij de Muze het bundeltje ‘Voor de zwijnen’ van Gijs ter Haar uit. Een mooi klein bundeltje van een bijzonder dichter en mens. Uit dit bundeltje koos ik het gedicht ‘Stel je voor’.

.

Stel je voor

.

je buik……

mijn hoofd op jouw buik

en stilte

niet bewegen

alleen voelen

ogen dicht

en verder niets

daar zijn

samen op dezelfde plek

en je adem

onder mijn handen

.