Krantenvrouw
Marnix Gijsen
.
De laatste weken valt me iets op als ik in het dashboard van dit blog mijn statistieken bekijk. Al een paar keer is het aantal bezoekers uit Vlaanderen groter dan het aantal bezoekers uit Nederland. Nu probeer ik mijn aandacht van onderwerpen niet te kijken naar landen of herkomst maar ik weet dat veel Vlaamse vrienden dit blog graag en vaak bezoeken. Als dank daarvoor een gedicht van de beroemde Vlaamse schrijver/dichter Marnix Gijsen (1899 – 1984).
.
De krantenvrouw
De kleine klaagstem van de krantenvrouw
siddert door d’avondlucht
en wil niet laten.
Is er een mensch ter wereld
meer verlaten?
een even wrak en nutteloos gerucht.
Er is een ster en een lantaren,
boven der menschen smalle nacht.
Er is een minnaar met ronde gebaren
en een meisje dat huivert en lacht.
De huizen zijn vol donker gebeuren:
de wanden van een oud en rijk tooverslot.
Waarom klaagt de krantenvrouw
aan alle gesloten deuren?
Waarom breekt haar stem als een slechte sleutel
in het harde slot?
Waarom druppelt haar woord,
op den drempel der menschen,
zoo vergeefs en ellendig,
lijk het bloed van mijn God.
.
Uit: Het Huis, 1925
.
Met dank aan Meander.
Uit mijn boekenkast
Biotopia
.
In mijn boekenkast staat (nog) de bundel Biotopia van Jaap Montagne, stadsdichter te Leiden. Gekocht van de dichter tijdens een poëziepodium van Ongehoord! begin deze maand.
In deze bundel neemt Jaap Montagne de lezer mee naar het Leiden van zijn jeugd, de volkswijk waar hij opgroeide maar ook naar het Leiden dat wij, niet Leidenaars, kennen zoals het Leiden van Rembrandt en de 3 oktober feesten.
De fraaie omslag van de bundel is gemaakt door kunstschilder Hans de Bruijn, de vroegere buurjongen van Jaap in de Surinamestraat. De bundel is uitgegeven in 2013 bij uitgeverij De Muze.
.
Plein der eeuwige leegte
.
Op het plein der eeuwige leegte
echoot stiekem verwaaide muziek
pist een hond tegen een kale boom
waait knisperend afval over de klinkers.
.
De maan geeft er geen licht
de zon trekt er zijn gordijnen dicht
vergeten in een duistere hoek
brengt geen mens een bezoek
aan het plein der eeuwige leegte.
.
Geen hopsasa of tralala
geen salsa en geen tango
geen polonaise, geen hoempapa
geen wals, geen rock & roll.
.
Op het plein der eeuwige leegte
is het koud, hoor je de wind nooit zingen
een dichter vindt er zijn verdriet
een zwerver zijn armoede
een clown een droef gezicht
over het plein der eeuwige leegte
schrijft niemand een gedicht.
.
Rusteloze nacht
Klassiek Chinees landschapsgedicht
.
Naar aanleiding van mijn blogbericht over de Chinese muur met klassieke gedichten kreeg ik via Facebook van Jacqueline Gruloos de vraag of ik ook een Chinees klassiek gedicht in vertaling kon plaatsen. Maar natuurlijk kan dat.
Silvia Marijnissen heeft in 2012 in haar bundel ‘Berg en water’ een groot aantal klassieke Chinese gedichten rechtstreeks vanuit het Chinees in het Nederlands vertaald. In het boek staan gedichten van de 4de eeuw tot en met de Song-dynastie, tot 1279 na Christus.
Van een van haar favoriete dichters Du Fu (764) het gedicht ‘Rusteloze nacht’.
.
Rusteloze nacht
,
Bamboekoelte dringt de slaapkamer in, het maanlicht vult de hoeken in de tuin. De zware dauw verandert in straaltjes, schaarse sterren verschijnen, verdwijnen.
In het donker licht een vuurvliegje op, aan het water roepen vogels elkaar. Om tienduizend dingen wordt gestreden – vergeefs verdriet, de nacht verstrijkt helder.
.
Het boek ‘Berg en water’ is te koop via http://www.zaiton.nl voor 45 euro.
The poets passage
San Juan, Puerto Rico
.
Op het Caraïbische eiland San Juan (Puerto Rico) staat een bijzondere winkel / passage. Achter de winkel is een klein café met drankjes als een metaphor café latte, een espresso met de naam Haiku of een drankje als The rhyme (een latte met vanille, caramel en amandel), makkelijke stoelen, uitzicht op de plaats en gebakjes. Daarachter tegenover de hal is het poëziegedeelte, er worden poëziebundels verkocht leuke kleine handgemaakte items verkocht evenals schilderijen en foto’s.
Iedere dinsdagavond is er een open podium waar poëzie wordt voorgedragen, muziek wordt gemaakt en soms lopen deze avonden uit en gaat het geheel door tot op straat. Een podium in maart trok bijna 2000 mensen waardoor de hele passage vol zat en het podium doorging tot 3 uur ’s nachts.
Gedichten op vreemde plekken
Op een muur van 450 vierkante meter
.
Op een 450 vierkante meter grote muur op de Yunyang Normal University Attached Elementary School campus in het Chinese Chongqing staan 72 klassieke Chinese gedichten geschilderd. Deze muur is opgericht om de studenten te deze traditionele kunstvorm aan te leren.
Verontrustend
Cutter poems
.
Tijdens mijn zoektocht naar de rafelranden van de poëzie kwam ik terecht op wattpad.com bij een categorie Cutter Poems.
Wattpad is naar eigen zeggen: An unlimited, ever-growing library of free books and stories all in the palm of your hand! On Wattpad, millions of people are discovering great fiction, sharing stories with friends and following their favorite authors chapter-by-chapter.
Cutter poems is een verzameling van gedichten geschreven door mensen die aan automutilatie doen, depressief zijn of aan anorexia lijden. Geen vrolijke onderwerpen maar wel heel duidelijk.
Een voorbeeld is het gedicht ‘attached’.
.
.
Meer gedichten op http://www.wattpad.com/37318459-cutter-poems-attached
Poëziewandeling
Nederhemert noord
.
In het plaatsje Nederhemert noord staat de Bed & Breakfast van Thom en Inge Ummels. Vanuit deze B&B organiseren zij onder andere op de zaterdagen (maar ook op andere dagen in overleg) een poëziewandeling.
Tijdens een ontspannen wandeling met dichter Thom Ummels staat poëzie centraal, maar is er ook, zoals zo vaak bij poëziewandelingen, voldoende oog voor het landschap. Thom draagt voor uit eigen werk, en leest gedichten voor van bekende Nederlandse dichters. De gedichten hebben vaak een relatie met de plek waar de wandelaars staan.
De Poëziewandeling duurt ongeveer 1,5 uur, en voert via de Maasdijk en het veerpontje over de Maas naar het eiland Nederhemert Zuid. De wandeling is toegankelijk voor losse individuen en voor groepen vanaf vier personen. De tijd wordt in overleg met Thom Ummels bepaald. De kosten bedragen 14.50 euro, inclusief koffie/thee, koek, en het veertarief.
Een voorbeeld van een gedicht van Thom uit één van zijn bundels is ‘Ouderdom’.
.
Ouderdom
Als je oud bent
grijs en kromgebogen
de ogen vermoeid
bij het open haardvuur
dichtvallen
en soms
starend
in het vervlogen niets
ook dan ben je
die je was
voor mij.
(Vrij naar Yeats)
.
Meer informatie op hun website http://www.ummelsenummels.nl/home
Harry Mulisch
Uit: De vogels: Drie balladen
.
Uit de bundel ‘De vogels’ van Harry Mulisch het volgende gedicht.
.
Droge naald etst hen aan de rand van het bos:
Jager & hond. Nevel arcerend in koper.
Oktober. Een dinsdag in het jachtseizoen.
.
Zon, nog begraven onder het mos, woelt al
Tussen de wortels. Metaal krult van de plaat.
Metaal als geweerloop. Metalen kogels.
.
Mist ligt in vitrages over het meer, nee
Meer een plas, trage schaal vloeibare lucht.
Jager & hond roerloos tussen hout en water.
.
Met dank aan Arie Boomsma
Jabberwocky
Lewis Caroll en Terry Gilliam
.
Schreef ik vorige week nog over een van de meest vreemde gedichten (van een lijstje dat ik op 14 januari 2013 op dit blog plaatste) van Ezra Pound, vandaag alweer een gedicht van dit lijstje van Lewis Caroll met Jabberwocky. De reden dat dit gedicht hier behandeld wordt is dat er een film gemaakt is naar dit gedicht door Terry Gilliam.
Jabberwocky uit 1977 is een Britse fantasy film geregiseerd en mede geschreven door Terry Gilliam, die vooral bekend is van zijn werk met Monty Python. Zoals gezegd is de film losjes gebaseerd op het gedicht ‘Jabberwocky’ dat verscheen in ‘Through the Looking-Glass’ dat verscheen in 1871.
Het verhaal gaat over Cooper (in de film gespeeld door Michael Palin) die gedwongen wordt, door onhandige vaak ongelukkige omstandigheden, een verschrikkelijke draak op te jagen na de dood van zijn vader.
Hieronder het gedicht van Lewis Caroll.
.
Jabberwocky
‘Twas brillig, and the slithy toves
Did gyre and gimble in the wabe;
All mimsy were the borogoves,
And the mome raths outgrabe.
.
“Beware the Jabberwock, my son
The jaws that bite, the claws that catch!
Beware the Jubjub bird, and shun
The frumious Bandersnatch!”
.
He took his vorpal sword in hand;
Long time the manxome foe he sought –
So rested he by the Tumtum tree,
And stood awhile in thought.
.
And, as in uffish thought he stood,
The Jabberwock, with eyes of flame,
Came whiffling through the tulgey wood,
And burbled as it came!
.
One, two! One, two! And through and through
The vorpal blade went snicker-snack!
He left it dead, and with its head
He went galumphing back.
.
“And hast thou slain the Jabberwock?
Come to my arms, my beamish boy!
O frabjous day! Callooh! Callay!”
He chortled in his joy.
.
‘Twas brillig, and the slithy toves
Did gyre and gimble in the wabe;
All mimsy were the borogoves,
And the mome raths outgrabe.
.


















