Site-archief
Laatste Ongehoord! podium van 2014
Met een bijzondere line up
.
Op zondag 14 december zal in de centrale bibliotheek van Rotterdam het laatste podium van Ongehoord! te bezoeken zijn met dit keer wel een bijzondere line up van dichters. Zo komen de Vlaamse dichters Willy Spillebeen en Hervé Deleu vanuit Menen naar Rotterdam om daar hun poëzie te brengen. Willy Spillebeen (1932) is in Nederland vooral bekend van zijn monografieën en essays over de dichters Nijhoff, Leopold en Gerhard. Hij won in België en Nederland tal van literaire prijzen. Willy Spillebeens oeuvre bezit een opvallende eenheid qua thematiek en levensbeschouwing. De sleutelbegrippen tot de gedichten keren terug in de romans en verhalen. De vaak sterk symbolisch geladen beelden uit zijn poëzie zijn ook terug te vinden in zijn proza en worden daar aangevuld met een naturalistische natuurbeschouwing. Schrijven is de zingeving van zijn bestaan. Willy schrijft nog altijd en zal zijn laatste poëzie brengen.
Hervé Deleu kreeg bekendheid in Nederland (en België) na het winnen van de eerste Ongehoord! Poëziewedstrijd in 2012. Hierna verscheen in zijn woonplaats Menen de bundel ‘De geur van de maan’ uitgegeven door Marcel Vaandrager en pas geleden zijn verhalenbundel ‘De Blonde Engel’.
Naast deze twee heren uit Vlaanderen staan Rinske Kegel, schrijfster, dichter, stemactrice en illustratrice. In 2012 en 2013 was ze eens per maand Dichter bij de Dag bij het Actualiteitenprogramma ‘Dit Is De Dag’ op Radio 1. Meer over Rinske op: http://rinskekegel.blogspot.nl/
Ook op het podium Miguel Santos. Miguel Santos is schrijver, dichter en levensgenieter. Hij woont, schrijft, blogt en werkt in Rotterdam. In vriendenkringen wordt hij vaker ‘dichter’ dan ‘schrijver’ en is een dichtbundel in de maak. Met zijn poëzievoordrachten stond hij op het Rotterdamse kunstplatform Speyksessies, Vuurverhalen en Firma ZINtuig. Daarnaast organiseert hij het poëziepodium Het Nieuwe Dicht en mede de Poetry Slam Rotterdam. Hij is één van de 9 dichters die de bundel ‘Wij dragen Rotterdam’ tot een succes maakte.
En tot slot komt een oude bekende terug op het Ongehoord! podium: Daniel Vis, een jong dichttalent dat opvalt door zijn rauwe toon en succes op het podium. Anno nu kan Vis zichzelf Nederlands Kampioen Poetryslam 2014 noemen. Zijn debuut,’Crowdsurfen op laag water’, verscheen in april van dit jaar bij uitgeverij Prometheus.
Voor de muziek tekent Bryony Burns. Dichteres en muzikante Bryony verzorgd tekst en muziek deze middag.
Het podium heeft plaats in de centrale bibliotheek van Rotterdam (Hoogstraat) op de eerste verdieping in de Glazen Zaal, is gratis toegankelijk, gratis thee en koffie en begint om 14.00 uur. Inloop vanaf 13.30 uur.
To the virgins
Comics en poëzie
Soms kom ik opeens op een idee en dan blijkt dat idee (uiteraard zou ik bijna zeggen) al te bestaan. De combinatie van comics en poëzie was zo’n idee. Al in 1980 schreef Dave Morice het boek ‘Poetry comics, a cartoonverse of poems’. In dat boek comics met de teksten van gedichten.In de inleiding van het boek schrijft Morice:
A few years ago, a friend of mine said, “Great poems should paint pictures in the mind.” Jokingly, I replied that great poems would make great cartoons, and what began as a wisecrack soon evolved into a diabolical plot to overthrow the Foundations of Poetry.
Zover is het uiteraard niet gekomen maar wat is gebleven is een zeer vermakelijk boek met comics en poëzie. Daarnaast wordt de poëzie ook wel gebruikt door cartoonisten. Hieronder zie je een aantal voorbeelden daarvan.
Uit Poetry comics een mooi voorbeeld van een comic rond de tekst van een gedicht van Robert Herrick (1591 – 1674) met de intrigerende titel ‘To the virgins, to make much of time’.
.
To the Virgins, to Make Much of Time Gather ye rosebuds while ye may, Old Time is still a-flying; And this same flower that smiles today Tomorrow will be dying. The glorious lamp of heaven, the sun, The higher he’s a-getting, The sooner will his race be run, And nearer he’s to setting. That age is best which is the first, When youth and blood are warmer; But being spent, the worse, and worst Times still succeed the former. Then be not coy, but use your time, And while ye may, go marry; For having lost but once your prime, You may forever tarry. .![]()
![]()
![]()
A billion wicked thoughts
Accidental poetry
.
Poëzie ontstaat soms op de meest onverwachte manieren. Hier een staaltje toevallige poëzie (accidental poetry) of wat het eigenlijk is, een ready-made. Twee jonge neurowetenschappers, Ogi Ogas en Sai Gaddam, hebben een revolutie ontketend in de wetenschappelijke studie van seksuele aantrekkingskracht. Alfred Kinsey was ooit de eerste in de jaren vijftig van de vorige eeuw die onderzoek deed naar het seksuele gedrag van 18.000 blanke middenklassers. Wat Gaddam en Ogas hebben gedaan is het gedrag van meer dan 100 miljoen mannen en vrouwen van over de hele wereld bestuderen. Zij deden dit met behulp van het Internet. Hun bevindingen staan in het boek ‘A billion wicked thoughts’.
Tijdens hun onderzoek kwamen ze soms bijzondere dingen tegen zoals deze zoekgeschiedenis van AOL gebruiker 2.027.068. Dit leest als een readymade gedicht.
.
Filosofie van de liefde
Percy Bysshe Shelley
Om Percy Bysshe Shelley (1792 – 1822) zou ik bijna een nieuwe categorie starten; dichters met intrigerende namen. Toch maar niet doen misschien. Wat ik wel ga doen in ieder geval is een prachtig gedicht plaatsen van Shelley namelijk ‘Love’s philosophy’. Dit gedicht wordt gebruikt in de film ‘In & Out’ uit 1997 van Frank Oz met Kevin Kline, Joan Cusack, Matt Dillon en Tom Selleck. In & Out werd bekend als een van de mainstream pogingen om een gay film van zijn tijd te zijn.
.
Love’s philosophy
Nader en onverklaard
Niels Landstra
.
Van Niels Landstra (1966) kreeg ik zijn nieuwste bundel toegestuurd. Titel: ‘Nader en onverklaard’. Op de achterflap tot mijn verbazing (en genoegen) een quote die ik vorig schreef over de poëzie van Niels (Niels Landstra is een begenadigd dichter) in een column op Maassluis.nu
Dat Niels een begenadigd dichter is bewijst hij eens te meer in deze bundel. De bundel telt 30 gedichten, mooi uitgegeven door uitgeverij Oorspong. Wat me meteen in het oog viel is het gebruik van hoofdletters bij elke nieuwe zin (overigens niet consequent door de hele bundel). ik ken meer dichters die dit doen en als je zelf van het type dichter bent dat zo min mogelijk hoofdletters gebruikt is het altijd weer even wennen. Soms moet ik hele strofen opnieuw lezen om te zien waar de pauzes vallen en waar zinnen eindigen (er worden namelijk wel punten gebruikt). Toen ik wat meer gedichten had gelezen wende ook dit en kon ik me meer op het genieten van de poëzie richten. Want genieten is het. Niels Landstra verstaat als geen ander het beschrijven van alledaagse zaken op een heel onalledaagse manier. Een rij bomen is nooit zomaar een rij bomen bij hem en mensen in een tram op een brug worden bij Niels (In de vaart der volkeren):
” Een tram in het dwangspoor van een brug
Met lammeren tegen leunend glas, mat
Over de grachten van de grauwe cyclus ”
Ook het woordgebruik, of moet ik zeggen de woordenschat waar hij zich van bedient is prikkelend en uitgebreid. Een kleine greep uit zijn werkwoordgebruik: parelen, zwieren, zwalken, welken, priemen, minnen, schampen, dampen, gloeien, looien, verijlen en ga zo maar door. Zijn zeer rijke taalgebruik maakt dat elk gedicht niet alleen inhoudelijk genoten kan worden maar zeker ook taalkundig. Verwacht van Niels geen experimenten met poëzie; zijn gedichten bestaan voor het overgrote deel uit 3, 4 of 5 strofen met af en toe één met tussenzinnen.
Al met al een fijne bundel die uitnodigt tot herlezen.
Uit deze bundel het gedicht ‘Struikelstenen’. Voor wie het fenomeen niet kent; struikelstenen of stolpersteine is een project van de Duitse kunstenaar Gunter Demnig (1947). Hij brengt gedenktekens aan op het trottoir voor de huizen van mensen die door de nazi’s verdreven, gedeporteerd, vermoord of tot zelfmoord gedreven zijn. Deze Stolpersteine (lett. ‘struikelstenen’) herinneren onder andere aan Joden, Sinti en Roma, politieke gevangenen, homoseksuelen, Jehova’s getuigen en gehandicapten.
.
Struikelstenen
.
Om de namen van hen niet te vergeten
die een hel zagen zonder enige reden
stapsgewijs van vale straatstenen gevaagd
nu door een stolp van blinkende messing geschraagd
,
de inscriptie zwart als de as die warrelde
door een verhitte lucht, doodszucht, beklaagden
op een weg besloten door een gillende vrees
die vogels en prikkeldraad snoerden, de kreet
.
van ontreddering verstomd in het trottoir
voor statige woningen die er zwijgend staan
getuigen van gezinnen beroofd van status
en voor altijd weer bruut afgevoerd, uitgeblust
.
door het reizen naar de verkommerde tijd
het komen bij de duivel thuis, het gelijk
struikelen in de kwade geschiedenis
over waanzin. moord en eeuwige droefenis
.
Men mag er niet aan denken
Paul Bogaert
.
Paul Bogaert (1968) is een Vlaams dichter. Hij studeerde Germaanse filologie aan de universiteiten van Brussel en Leuven. Hij publiceerde tot nu toe vijf gedichtenbundels. In 1996 debuteerde hij met de bundel ‘Welkom Hygiëne’. In 2008 schreef hij het Gedichtendagessay (Verwondingen). In oktober 2010 werd hij genomineerd voor de VSB Poëzieprijs, de belangrijkste poëzieprijs van de Nederlanden. In 2011 kreeg Paul Bogaert de driejaarlijkse Vlaamse Cultuurprijs Poëzie voor zijn bundel ‘de Slalom soft’; de bundel waarmee hij ook de Herman de Coninckprijs won in 2010.
Op zijn website http://www.paulbogaert.be/ zijn de gedichten van drie bundels integraal te lezen. Uit de bundel ‘Circulaire systemen’ uit 2002 het gedicht ‘Men mag er niet aan denken’.
.
Men mag er niet aan denken
dat het herbegint.
Men is op versnelling uit.
Men oefent in afwachting een uitspraak
of men staart zo een detail aan
dat het irritant wordt.
Niemand ontsnapt
aan gewenning.
Zelfs voor wie er niet aan went,
is hetzelfde nooit genoeg.
.
Fitness
Axel van der Ende
.
Axel van der Ende (1967 Rotterdam) is dichter, tekst- en liedjesschrijver, columnist en werkt voor de radio (o.a. Theater van het Sentiment). Op Gedichten.nl schrijft hij al jaren op actuele snelsonnetten en op nederlands.nl tevens een tweewekelijkse column op donderdagen. Axel van der Ende is een vormvast dichter, niets is voor hem zo aantrekkelijk als alles op een rijtje krijgen binnen de beperkingen van de vorm. Na vele poplimericks bekwaamde hij zich verder in onder meer kwatrijn en ollekebolleke en ontwierp hij de SMS-poëzie voor mobiele telefoons.
Het gedicht ‘Het monster van fitness is te lezen op Gedichten.nl
.
Het monster van fitness
.
We sporten thans in scholen, veilig binnen
Het trimmen, joggen, surfen is passé
Al tweeënhalf miljoen doen eraan mee
Aan bodycombat, steppen en aan spinnen
De fitnessfreaksverzameling groeit straf
En valt dezelfder tijd meteen weer af
.
Iemand moet altijd gemist worden
Recensie van een dichtbundel van Antoinette Sisto
.
Afgelopen zaterdag presenteerde Antoinette Sisto haar derde dichtbundel ‘Iemand moet altijd gemist worden’. Na de bundels ‘Het verre huis’ uit 2006 en ‘Dichter bij de dagen’ uit 2013 nu dus haar derde bundel bij uitgeverij Oorsprong.
Ik was een van de dichters die Antoinette had uitgenodigd om de presentatie extra glans te geven maar door een ongelofelijke stomme fout van mijn kant (vergissen in de dag) was ik er niet bij. Ik kan aanvoeren dat ik een hele drukke week achter de rug had en me de hele week al niet lekker voelde maar feit blijft dat ik Antoinette in de steek heb gelaten en daar baal ik enorm van. Desondanks was de presentatie een groot succes met bijdragen van Herbert Mouwen, Peter W.J. Brouwer, Jos van Daanen, Wilma van den Akker en niet in de laatste plaats Antoinette zelf.
Dan de bundel.
´Iemand moet altijd gemist worden´ bestaat uit 7 delen of hoofdstukken met als titel: Onderweg, Focus, Achter glas, Iemand moet altijd gemist worden, De man in het gedicht, Schrijven als anderen slapen en Zicht op de stad.
De poëzie van Antoinette laat zich het best omschrijven als observerend waarbij ze gebruik maakt van elegante taal. In het hoofdstuk ‘Onderweg’ is de afwezigheid van de ander steeds aanwezig, in een vorm van melancholisch herinneren. In ‘Focus’ staat liefdespoëzie die ik het liefste lees, tussen de regels doorlezen op zoek naar waar de liefde zich bevind. Maar ook hier overvalt me soms een zekere triestheid bij het lezen. ‘Achter glas’ lijkt het keerpunt in deze bundel. In de eerste twee hoofdstukken moeten zaken uit het verleden worden beschreven, verwerkt om in ‘Achter glas’ met een schone lei, opnieuw te kunnen beginnen. Dit hoofdstuk ademt een nieuw positief gevoel uit, een nieuwe start (lentezon, het jonge gras).
In het gedicht ‘Keukenprinses’ straalt een nieuwe ik, ondeugend en klaar voor iets nieuws. Of in het gedicht ‘Tomeloos’ waarin de herfst tot de nieuwe lente wordt gemaakt, waarna dit in het gedicht ‘Mantra’s’ nog eens wordt bevestigd.
In ‘De man in het gedicht’ legt Antoinette uit hoe het zit met de man en de vrouw in haar poëzie. Misschien had ze hier mee moeten beginnen maar aan de andere kant, het verklaard maar veranderd niet, het bevestigd mijn idee dat deze bundel een bundel van hoop is, van verandering.
In ‘Schrijven als anderen slapen’ laat Antoinette zien dat dat is wat ze doet, ze geeft een proeve weg van haar poëzie over een aantal onderwerpen die los staan van de eerdere hoofdstukken, om te eindigen met ‘Zicht op de stad’ waarin gedichten over de stad. Een voorzet voor een volgende bundel wellicht?
Al met al moet ik zeggen dat ik de bundel met veel plezier heb gelezen. Sommige gedichten moet je een paar keer lezen om ze echt goed te kunnen duiden maar de poëzie van Antoinette is heel toegankelijk en rustig van toon. Het enige dat je mist bij het lezen is de stem van Antoinette, haar te horen voordragen voegt werkelijk iets toe aan de beleving van haar poëzie.
De bundel is binnenkort te koop via de boekhandel of bij uitgeverijoorspong.nl
.
Een gedicht dat ik had willen voordragen bij de presentatie uit het hoofdstuk ‘Onderweg’ is ‘Maandag, 15.29u, Antwerpen Centraal’.
.
maandag, 15.29u, Antwerpen Centraal
.
Een snellere dienstregeling
heeft de oude verdrongen
tijd in kiosken wordt weggebladerd
lucht door optrekkende treinen verplaatst
.
een roltrap daalt naar drie niveau’s diepte
betonnen perrons onder de grond
uit mijn blikveld haasten zich reizigers
naar richtingen uiteenlopend onbekend.
.
Wie sla ik hier gade?
de man die op zijn vrouw wacht
de vrouw die verlangt naar haar minnaar
de moeder die zoekt
naar een lang gemiste zoon
.
de émigré die slechts stationsgeur
hier komt ruiken, geknars van remmen
wil beluisteren
als muziek zonder welke hij niet slapen kan.
.
























