Site-archief

Sign O’ The Times

Prince Rogers Nelson (1958 – 2016)

.

Donderdag 21 april is Prince op veel te jonge leeftijd overleden. Dat zal niemand ontgaan zijn. Ik was vooral in de beginjaren fan van Prince, maar jarenlang daarna heb ik hem nog gevolgd en zijn muziek gekocht. In augustus 1986 heb ik een concert van hem bezocht in Sportpaleis Ahoy in Rotterdam en dat was één van de meest memorabele concerten die ik in mijn leven heb bezocht. De show, de muziek, de totaalbeleving.

Uit de vele artikelen die de laatste dagen zijn verschenen komt steeds weer het beeld naar voren van Prince als vernieuwer van de muziek en de muziek scene. Maar ook in zijn teksten was Prince een verhaal apart. Hoewel hij in het begin vooral bekend stond om zijn seksueel getinte teksten (hierdoor kreeg hij de bijnaam His Royal Badness) kregen zijn nummers steeds meer inhoud. Het nummer ‘1999’, het meest gespeelde nummer ever tijdens de jaarwisseling naar 2000 toe, was zijn doorbraak (geschreven in 1982). het wordt beschreven als een apocalyptisch dansnummer. De albumversie begint met de langzaam gesproken zin “Don’t worry, I won’t hurt you. I only want you to have some fun.” welke gesproken door God moet voorstellen.

Ook in andere nummers laat Prince zien over inhoud te beschikken, denk aan ‘Purple rain’ en vooral ‘Sign O’The Times’. Dit laatste nummer behoort samen met ‘Alfabet Street’ en ‘Kiss’ tot mijn favoriete Prince nummers. Als je de tekst van ‘Sign O’ The Times’ leest (en dit lukt je zonder automatisch mee te gaan zingen) dan blijkt dit over een zekere poëtische kracht te beschikken. Het leest als een gedicht van een (tekst)dichter die probeert af te rekenen met de problemen die de mensheid bedreigen. Het nummer beschrijft het bedroevende beeld van de Verenigde Staten in 1986/87 en handelt over moeilijke onderwerpen als aids, straatbendes, natuurrampen, armoede, drugs, Iran-Contra, Space Shuttle Challengerramp en de kernoorlog. In de laatste alinea of strofe komt na alle narigheid een omkering en een vleugje hoop en lijkt Prince op te roepen om elkaar toch vooral lief te hebben.

.

Sign O’ The Times
In France, a skinny man died of a big disease with a little name
By chance his girlfriend came across a needle and soon she did the same
At home there are seventeen-year-old boys and their idea of fun
Is being in a gang called ‘The Disciples’
High on crack and totin’ a machine gun

Time
Times

Hurricane Annie ripped the ceiling of a church and killed everyone inside
You turn on the telly and every other story is tellin’ you somebody died
A sister killed her baby ‘cause she couldn’t afford to feed it
And yet we’re sending people to the moon
In September, my cousin tried reefer for the very first time
Now he’s doing horse – it’s June, unh

Times
Times

It’s silly, no?
When a rocket ship explodes and everybody still wants to fly
But some say a man ain’t happy unless a man truly dies
Oh why?

Time
Time

Baby make a speech, Star Wars fly
Neighbors just shine it on
But if a night falls and a bomb falls
Will anybody see the dawn?

Time, mm
Times

Is it silly, no?
When a rocket blows and, and everybody still wants to fly
Some say man ain’t happy truly until a man truly dies
Oh why, oh why?
Sign o’ the times, unh

Time
Time

Sign o’ the times mess with your mind
Hurry before it’s too late
Let’s fall in love, get married, have a baby
We’ll call him Nate
If it’s a boy

Time
Times

Times
Time

.

Prince

Roeping

Gerard Reve

.

Vandaag is het 10 jaar geleden dat ‘volksschrijver’ Gerard Reve (1923 – 2006) overleed in Zulte, Oost Vlaanderen waar hij woonde. Gerard Reve is natuurlijk vooral bekend en beroemd geworden door zijn roman ‘De Avonden’  uit 1947, dat hij aanvankelijk onder het pseudoniem Simon van het Reve publiceerde. Na de derde druk werd zijn volledige naam echte gebruikt en tot 1973 publiceerde hij onder de naam Gerard Kornelis van het Reve. In de loop van 1973 werd het echter Gerard Reve en bij Koninklijk besluit werd dit ook zijn burgerlijke naam.

Gerard Reve schreef behalve verhalen, toneelwerken, brieven, toespraken en romans ook poëzie. Zijn debuut als schrijver was als dichter in 1940 met de poëziebundel ‘Terugkeer’ dat hij in 1993 in eigen beheer als facsimile opnieuw uitgaf in een oplage van 500 stuks.

Misschien wel één van zijn mooiste en bekende gedichten is het gedicht ‘Roeping’ uit ‘Verzamelde gedichten’ uit 1986.

.

Roeping

.

Zuster Immaculata die al vier en dertig jaar
verlamde oude mensen wast, in bed verschoont,
en eten voert,
zal nooit haar naam vermeld zien.
Maar elke ongewassen aap die met een bord: dat hij
vóór dit, of tegen dat is, het verkeer verspert,
ziet ’s avonds reeds zijn smoel op de tee vee.
Toch goed dat er een God is.

.

Gerard-Reve

terugkeer

Nummer 14

Johan Cruijff

.

Gistermiddag werd bekend dat Johan Cruijff was overleden. De legendarische voetballer, trainer en taalkunstenaar. Volgens veel mensen (zoals ik) de meest totale en beste voetballer aller tijden. Toen Cruijff in 1997 vijftig jaar werd schreef Jan Kal een sonnet over hem. Dat een sonnet nu eenmaal precies 14 regels moet tellen geeft dit gedicht een extra dimensie.

.

Cruijff 50

.

Hun zeggen Johan Cruijff wordt vijftig jaar,

dus in principe is dat een gegeven,

want net als bij het voetbal heb het leven

dat dus de dingen volgen na mekaar.

.

Je ken in wezen honderd worden, maar

normaal gesproken word je nooit meer zeven.

Op die soort basis is dus veel geschreven,

want als je hier bent, ben je dus niet daar.

.

Je moet je ergens aan de regels houden,

in een sonnet en op het voetbalveld.

Dat is dus logisch, denk je bij je eigen.

.

Je wordt wel ouder, maar je blijft de oude.

Jij, Johan, bent nog lang niet uitgeteld,

maar ik moet nu na nummer veertien zwijgen.

.

Cruijff_schema

Martijn Teerlinck

Ademgebed

.

Martijn William Zimri Teerlinck (1987 – 2013) was een in België geboren Nederlands muzikant en dichter. Op 26 jarige leeftijd overleed hij aan het syndroom van Marfan dat bij ongeveer 1 op de 10.000 voorkomt. Andere bekende namen die aan het syndroom zijn overleden zijn Joey Ramone, Niccolò Paganini en Sergej Rachmaninov.

Van Martijn Teerlinck is in 2014 postuum zijn debuutbundel ‘Ademgebed’ verschenen. Tijdens zijn leven wilde geen uitgeverij de handen branden aan deze post-romantische lyriek maar een jaar na zijn overlijden verscheen dan toch bij Lebowski publishers zijn debuut.

Martijn Teerlinck won in 2010 het NK Poetry Slam. Bijdragen van hem verschenen in de bloemlezing ‘Met dat hoofd gebeurt nog eens wat’ ( 2011), een persoonlijke bloemlezing van Arie Boomsma, in ‘Deus ex Machina’ en ‘Awater’ en in het online literaire tijdschrift ‘Samplekanon’.

Uit de bundel ‘Ademgebed’ het gedicht ‘Lucht’.

.

lucht

alle lucht is ingehouden adem van de wereld
die langzaam aan het stikken is

maar mensen hebben vijgenbladgezichten
en zij lopen onbekommerd in hun eeuwen

mensen slikken alles zonder storm: aarde en vlees
daar stinkt het binnen in hun stolpen naar

en ik, al ben ik dunbevleugeld
en al heb ik een lichaam van draden

als ik toch longen had gehad
had ik ze aan de wereld willen geven

maar ik heb lege druppels
die te drogen hangen in mijn borst

daarom beadem ik zachtjes een stem bij elkaar
en laat ik de wereld waaien in mij

.

Teerlinck-Ademgebed-193x300

 

teerlinck

Dilemma

Pero Senda

.

Gister zou mijn vriend en dichter Pero Senda 70 jaar zijn geworden. Helaas stierf hij een te vroege dood op 16 november 2013. In 2010 werd ik gevraagd de regie te voeren over een literair kunstproject in de gemeente Maassluis, naar aanleiding van de wijk Het Balkon aan de Waterweg, dat uitmondde in het bijzondere boek ‘Balkonscènes aan het water’. Hiervoor vroeg ik schrijvers en dichters uit Maassluis of die geboren waren in Maassluis om een bijdrage te leveren. Pero was één van hen. In een verhaal over zijn leven verwerkte hij een aantal gedichten. Het gedicht ‘Dilemma’ wil ik graag met jullie delen.

.

Dilemma

.

Rotterdam, Rotterdam

venster van Europa, poort naar de wereld

in de lente bloeit de jeugd buitenshuis

mijn dilemma is Rotterdam of Maassluis

omdat Rotterdam zijn eigen ritme heeft

en Maassluis kalm sluimerend in stilte leeft

.

In zomers stil onverdraaglijk en heet

verstilt het leven, als het asfalt zweet

als de winter de boten in de haven doet vastlopen

en Rotterdam verkrampt de geest lijkt te geven

gaat in de hoek de poort open

door ‘Het balkon’door de longen

komt een briesje gedreven

en Rotterdam ademt door Maassluis

.

Balkon Scenes klein

senda

Maya Angelou

Maya Angelou (1928 – 2014)

.

Op woensdag 28 mei overleed, op 86 jarige leeftijd, Maya Angelou. Maya Angelou werd ook wel “America’s most visible black female autobiographer” genoemd en al in de jaren tachtig las ik boeken van haar. In die tijd vooral verhalen en pas veel later gedichten want Maya Angelou was behalve schrijfster van autobiografieën (zeven!) ook schrijfster van essays, televisieshows, toneelstukken en films. Kortom een zeer inspirerende en belangrijke schrijfster. Ze ontving in haar lange loopbaan verschillende keren awards en meer dan 30! eredoctoraten.

Met haar eerste biografie ‘I know why the caged bird sings’ kreeg ze internationale bekendheid. Van haar hand verscheen ook een gedicht met deze titel.

.

I know why the caged bird sings

The free bird leaps
on the back of the wind
and floats downstream
till the current ends
and dips his wings
in the orange sun rays
and dares to claim the sky.

But a bird that stalks
down his narrow cage
can seldom see through
his bars of rage
his wings are clipped and
his feet are tied
so he opens his throat to sing.

The caged bird sings
with fearful trill
of the things unknown
but longed for still
and his tune is heard
on the distant hill
for the caged bird
sings of freedom

The free bird thinks of another breeze
and the trade winds soft through the sighing trees
and the fat worms waiting on a dawn-bright lawn
and he names the sky his own.

But a caged bird stands on the grave of dreams
his shadow shouts on a nightmare scream
his wings are clipped and his feet are tied
so he opens his throat to sing

The caged bird sings
with a fearful trill
of things unknown
but longed for still
and his tune is heard
on the distant hill
for the caged bird
sings of freedom.

.

maya

Brokstukken

Uit: Voor de muur (Pred zidom) van Pero Senda

.

Afgelopen woensdag werd dichter en vriend Pero Senda gecremeerd. Op de herdenkingsbijeenkomst las ik Brokstukken (Krhotine) voor omdat ik dat een heel toepasselijk gedicht vond.

.

Brokstukken

.

Van de zon stal ik een straal

En van een wolk een druppel

Om brokstukken van mij te zaaien

Op de vruchteloze bodem

Daar, ver weg in de woestijn

Verder van dromen

.

Wat zal er met mijn gedichten gebeuren

Verspreid als vervloekt zaad

Wat blijft er dan van mij

Wat blijft van mij

.

Krhotine

.

Ukrao sam Suncu zrak

I oblaku kaplju

Da posijem krhotine mene

Na jalovo tlo

Tamo, daleko u pustinji

Dalje od snova

.

Sto ce biti sa pjesmama mojim

Rasutim k’o ukleto sjeme

Sto ce tada ostati od mene

Sto ce ostati od mene

.

Voor

Pero Senda (1945 – 2013)

Bericht van overlijden

.

Gister bereikte mij het trieste bericht dat vriend en dichter Hrvoje Pero Senda op zaterdag 16 november is overleden.

Hrvoje Pero Senda werd geboren op 28 juni 1945 in Gornji Vakuf, een kleine stad in Centraal Bosnië. Pero studeerde Zuidslavische taal en literatuur aan de Filosofische universiteit in Sarajevo, Zagreb. In 1971 keerde hij terug naar zijn geboorteplaats en werkte daar als leraar tot het begin van de oorlog. In 1993 vluchtte hij met zijn familie naar Nederland. Veel van zijn manuscripten zijn daarbij verloren gegaan.
In 1997 won Pero Senda met het gedicht ‘De Vrouw’ de Dunya Poëzieprijs en in 1999 verscheen zijn eerste tweetalige dichtbundel ‘Brokstukken’. Senda was in 2007 een van de tien dichters die meewerkte aan het prachtige boek Verse taal met muziek-cd van Wilma Paalman, gepubliceerd door Uitgeverij De Brouwerij te Maassluis. In juni 2010 werd bij dezelfde uitgeverij zijn tweetalige dichtbundel (Kroatisch / Nederlands) ‘Voor de muur’ gepresenteerd.

Pero vormde samen met Otto Zegers de jury van mijn tweede gedichtenwedstrijd (2010) die na 2011 is overgegaan in de Gedichtenwedstrijd van de stichting Ongehoord!

In dat zelfde jaar vroeg ik hem als dichter een bijdrage te leveren aan het boek Balkon scènes aan het water (samen met Arend van Dam, Henriette Faas, Henk Weltevreden en Maarten van Buuren). Hij was meteen enthousiast en wist ook meteen een thema voor zijn bijdrage. Van Balkan naar Balkon. Het Balkon is een nieuwbouwwijk aan de Waterweg in Maassluis.

In de bibliotheek van Maassluis werkte ik met Pero samen bij een aantal projecten georganiseerd door PICO en later vormde hij samen met Otto Zeegers het hart van de Poëziewerkplaats in de bibliotheek van Maassluis.

Pero trad als dichter regelmatig op, voor zijn landgenoten in Nederland maar ook op poëziepodia onder andere het Ongehoord! podium.

In Pero verliezen we een begenadigd schrijver, dichter, vriend maar vooral een bijzonder man.

.

Requim voor de mens

.

Verstomd heelal

eenzaam,  aan de rand van de Melkweg

rilt en huivert de planeet Gaia

in dodelijke koorts

de dronken carrousel schommelt vervaarlijk

dezelfde menigte

twee millennia na Christus

brult en zingt unisono: gloria, gloria

dood, dood, in dezelfde euforie

en opnieuw, aan het eind van deze eeuw,

kruisigt men de Mens

Het is carnaval

en in dat gezichtsloze straattheater

in een plechtige optocht – met maskers

van prinsen, prinsessen, courtisanes,

harlekijnen en hansworsten –

danst de bandeloze massa, schreeuwt

en krijst: gloria, gloria

dood, dood, in dezelfde euforie

en alles is weer als toen, maar na de parade,

aan het eind van deze eeuw, ligt

vertrapt in de modder

het masker van de Mens

.

Uit: Balkonscènes aan het water

Pero

 

pero

Toeval bestaat niet

Pham Duy en Guillaume Apollinaire

.

Afgelopen zaterdag was ik bezig met een blogbericht waar ik niet helemaal uitkwam. Het betrof een gedicht van Guillaume Apollinaire waar ik de tekst niet van kon achterhalen. Dat was ook de reden dat ik ergens anders over schreef die dag. Tot ik op zondag via Goodreads, waar ik al eerder over schreef, een bericht las over het overlijden van een bekend Vietnamees componist Pham Duy. Niet dat ik Pham Duy kende maar toen ik het stukje las bleek dat deze componist een muziekstuk heeft gecomponeerd “Mùa Thu Chết”  of “De herfst is dood” zoals de vertaling luidt, dat gebaseerd is op een kort gedicht van, jawel, Guillaume Apollinaire met de titel “L’Adieu,”.

Omdat ik hier vaker schrijf over de relatie tussen film en poëzie en ook over de poëzie in muziek leek me dit een mooie gelegenheid dit met jullie te delen.

.

L’Adieu

.

J’ai cueilli ce brin de bruyère
L’automne est morte souviens-t’en
Nous ne nous verrons plus sur terre
Odeur du temps brin de bruyère
Et souviens-toi que je t’attends

.

Pham Duy ( 1921-2013) was een populaire  Vietnamese componist.  Hij wordt samen met  Van Cao en Trinh Cong Son gezien als een van de drie meest opmerkelijke componisten van de moderne, niet-klassieke, Vietnamese muziek. Pham Duy was meer dan 50 jaar actief en heeft in die tijd duizenden liedjes geschreven.

Met dank aan Wikipedia en Goodreads.com

.

ga

phamduy2

Digging

Seamus Heaney (1939 – 2013)

.

Eerder deze week overleed Seamus Heaney, Iers dichter en Nobelprijswinnaar voor de Literatuur in 1995, In 1966 debuteerde Heaney met de bundel ‘Death of a Naturalist’ waaruit het onderstaande gedicht komt. Voor een uitgebreide analyse van het gedicht kijk je op http://www.shmoop.com/digging-heaney/summary.html onder Stanza.

.

Digging

.

Between my finger and my thumb
The squat pen rests; snug as a gun.

.

Under my window, a clean rasping sound
When the spade sinks into gravelly ground:
My father, digging. I look down

.

Till his straining rump among the flowerbeds
Bends low, comes up twenty years away
Stooping in rhythm through potato drills
Where he was digging.

.

The coarse boot nestled on the lug, the shaft
Against the inside knee was levered firmly.
He rooted out tall tops, buried the bright edge deep
To scatter new potatoes that we picked,
Loving their cool hardness in our hands.

.

By God, the old man could handle a spade.
Just like his old man.

.

My grandfather cut more turf in a day
Than any other man on Toner’s bog.
Once I carried him milk in a bottle
Corked sloppily with paper. He straightened up
To drink it, then fell to right away
Nicking and slicing neatly, heaving sods
Over his shoulder, going down and down
For the good turf. Digging.

.

The cold smell of potato mould, the squelch and slap
Of soggy peat, the curt cuts of an edge
Through living roots awaken in my head.
But I’ve no spade to follow men like them.

.

Between my finger and my thumb
The squat pen rests.
I’ll dig with it.