Site-archief
23 augustus
Harry G. de Vries
.
Harry G. de Vries (1961) is docent Engels aan de Avans Hogeschool (Breda). Ik kwam met hem in contact via een vertaling die hij maakte van het gedicht van Philip Larkin ‘Home is so sad’.
De Vries begon als vertaler van gedichten van Philip Larkin: Sneeuw Valt op een Zondag in april (an April Sunday Brings the Snow), die in 2003 werd uitgegeven door Wagner & Van Santen.
In 2014 is De Vries begonnen met het publiceren van zijn eigen Engelse gedichten op deze website https://sites.google.com/view/poemsbyharrygdevries/poems
Gedichten van zijn hand in het Engels zijn gepubliceerd in de Jul / Aug-editie van de Broadkill Review, een literair tijdschrift dat is gevestigd in Delaware, en in ENVOI (Cinnamon Press), uitgave 179. Het gedicht ‘Impact’ heb ik gekozen van zijn website omdat 23 augustus voor mij een bijzondere dag is.
.
Impact
.
On 23 August 1944 the only thing
to seek shelter from was the sun.
So Derk, Quincy and I revered the
unexpected cool of a deserted
.
country church, when Jacob
called to have a look at this: a pipe
organ with man-powered bellows!
He showed us how to operate its
.
pedals and as we trod wind into a
wooden chest, Jacob slid into the
console, pulled out some knobs
and rested his hands on the
.
bone-clad keys to blast a splendour
through the vaults that silenced
everything we had been through.
When the whirl ended, ten minutes
.
later, he grinned at our marvel
and thanked us for the blowjob.
Back in the fields, the war caught
up with us again when Jacob asked
.
me to take the bandage from his
helmet, after which his rapid release
from a combat hospital was seen
to by similar surgery; as we picked
.
him up, he looked teary and we
heard a doctor hiss that it was only
a finger – but Derk, Quincy and I,
we all knew better.
.
poëziemarathons
Groningen en Toronto
.
In mijn zoektocht naar bijzondere poëzieprojecten stuitte ik op het fenomeen van de poëziemarathon. Volgens Wikipedia is de Poëziemarathon is een initiatief van de stichting Poëziemarathon waarbij op de Landelijke Gedichtendag in de stad Groningen op allerlei plekken 24 uur lang poëzie te horen valt. Vanaf 2009 is de organisatie overgenomen door SLAG, de Stichting Literaire Activiteiten Groningen, die ook o.a. Dichters in de Prinsentuin organiseert.
De dag begint on middernacht met 8 uur poëzie op OOG Radio. Om 8 uur is er in een boekhandel een Poëzieontbijt. Op elk moment van de dag is er ergens in de stad iets poëtisch te beleven. De dag eindigt met een drie uur durende slotmanifestatie, waarbij veel landelijk bekende dichters optreden. De poëziemarathon werd voor het eerst georganiseerd in 1999.
Inmiddels is de Poëziemarathon uitgegroeid tot een 6-daags festival (in 2018 was dit festival van 25 – 31 januari in de Week van de Poëzie). Meer informatie vind je op: http://www.poeziemarathon.nl/home/
In Toronto is Caitlin Elizabeth Thomson actief. In 2008 verhuisde ze van Toronto naar New York en studeerde daar poëzie aan het Sarah Lawrence College. In die periode was ze onder andere poetry editor voor het literaire magazine ‘Lumina‘. In 2010 studeerde ze af en kreeg de titel Master of Fine Arts in Poetry. In de jaren daarna publiceerde ze in verschillende chapbooks. Chapbooks zijn kleine (meestal tussen de 8 en 24 pagina’s) goedkoop geproduceerde folderachtige boekjes. Haar werk verscheen in Nederland, de Verenigde Staten, Canada, Spanje, Engeland, Frankrijk, Australië, Ierland, Roemenië, Singapore en Wales.
Vanaf 2013 organiseert Thomson samen met haar man Jacob in augustus ‘The Poetry Marathon’. Het doel van de marathon is een andere dan in Groningen. De bedoeling is dat er in 24 uur elk uur een gedicht wordt geschreven. Je moet deze gedichten op je eigen blog publiceren op elk uur. Dat wil zeggen dat je 24 uur lang elk uur een gedicht moet schrijven en deze plaatsen op je blog. Hiervoor jkun je je aanmelden bij de organisatie. Van over de hele wereld doen dichters mee. Heel bekende dichters maar ook volledig onbekende dichters. In 2017 deden maar liefst 800 dichters mee. Van de gedichten wordt elk jaar door Thomson een publicatie (Anthology) gemaakt.
Door de enorme organisatie die deze marathon met zich mee brengt ( en het feit dat Caitlin en Jacob een kind verwachten) is er in 2018 geen Poetry Marathon maar de volgende in 2019 wordt alweer voorbereid. Voor meer informatie kijk je op hun website: https://thepoetrymarathon.com/blog/about-the-poetry-marathon/
Hieronder een gedicht van Thomson en de cover van de Poetry Marathon Anthology van 2017.
.
Yes, Each Man Is a Tower of Birds
after llya Kaminsky
Is seven birds a tower, or two hundred?
More importantly, what kind of birds
are they? The difference between a sparrow
and a falcon is the difference between
diner and meal. Are all men the same
type of bird? Robins for example,
or gulls. Or are some men albatrosses,
others puffins, others hummingbirds
stuck in backwards flight? Does a whole
range of birds make up one man’s tower?
The cockatiel, peacocks, and great blue
herons all part of one awkward flock.
And if each man is a tower of birds, what
does that make each woman? A tower of fish?
A hunter? A pet owner? A falconer?
.
Stilte
Thomas Hood
.
In de film ‘The piano’ uit 1993 van Jane Campion (die maar liefst drie Oscars won), met in de hoofdrollen Harvey Keitel, Holly Hunter en Sam Neill, komt het gedicht ‘Silence’ van Thomas Hood (1799 – 1845) voorbij. Thomas Hood was een Engelse dichter, auteur en humorist, vooral bekend van gedichten zoals ‘The Bridge of Sighs’ en ‘The Song of the Shirt’. Hood schreef regelmatig voor The London Magazine, Athenaeum en Punch. Later publiceerde hij een tijdschrift dat grotendeels bestond uit zijn eigen werken. Hood stierf op 45-jarige leeftijd. William Michael Rossetti noemde hem in 1903 ‘de beste Engelse dichter’ tussen de generaties Shelley en Tennyson.
Het gedicht ‘Silence’ uit The Oxford Book of English Verse: 1250–1900.
.
Silence
.
There is a silence where hath been no sound,
There is a silence where no sound may be,
In the cold grave—under the deep deep sea,
Or in wide desert where no life is found,
Which hath been mute, and still must sleep profound;
No voice is hush’d—no life treads silently,
But clouds and cloudy shadows wander free.
That never spoke, over the idle ground:
But in green ruins, in the desolate walls
Of antique palaces, where Man hath been,
Though the dun fox, or wild hyæna, calls,
And owls, that flit continually between,
Shriek to the echo, and the low winds moan,—
There the true Silence is, self-conscious and alone.
.
Caedmons Hymn
Oudste Engelse gedicht
.
Cædmon’s ‘Hymn’ is een kort Oud Engels gedicht geschreven door Caedmon, een herder die niet kon schrijven of lezen maar die in God’s eer dit ‘lied’ zong waarbij hij deze woorden gebruikte. Het werd ‘geschreven’ of opgeschreven tussen 658 en 680 en is het oudste vastgelegde Engelse gedicht. Het is ook het oudste voorbeeld van een allitererend Germaans gedicht. Het gedicht gaat over de kerstening van Anglo-Saxisch Engeland.
Deze ‘Hymn’ is de enige compositie die bekend is van Caedmon. Het was een gezongen versie die later werd behouden doordat anderen het opschreven in niet minder dan 19 kopiëën en manuscripten.
In het Østre Anlæg, een park in Kopenhagen staat het Statens museum voor kunst. In dit museum kwam ik het onderstaande schilderij tegen van de Deense schilder Skovgaard, die een schilderij heeft gemaakt naar aanleiding van een hervertelling door ene Grundtvig van dit oudste Engelse gedicht. Hieronder de ‘Hymn’ hertaald naar het moderne Engels ( door A.Z. Foreman) en in het Oud Engels.
.
Cædmon’s Hymn to God
Hail now the holder of heaven’s realm,
That architect’s might, his mind’s many ways,
Lord forever and father of glory,
Ultimate crafter of all wonders,
Holy Maker who hoisted the heavens
To roof the heads of the human race,
And fashioned land for the legs of man,
Liege of the worldborn, Lord almighty.
Het origineel in oud Engels
Nū sculon heriġean heofonrīċes weard,
Meotodes meahte ond his mōdġeþanc,
weorc wuldorfæder, swā hē wundra ġehwæs,
ēċe Drihten, ōr onstealde.
Hē ǣrest sceōp eorðan bearnum
heofon tō hrōfe, hāliġ Scyppend;
þā middanġeard monncynnes weard,
ēċe Drihten, æfter tēode
fīrum foldan, Frēa ælmihtiġ.
.
Onoverwinnelijk
Gebruik van poëzie
.
In het Volkskrant magazine van 28 juli las ik een stuk over Leon Emmen van wie in 2015, na een infectie met een streptokokkenbacterie, beide benen moesten worden afgezet. Dit artikel gaat over hoe mensen hun ‘geluk’ ervaren. Nu drie jaar nadat zijn benen zijn afgezet en hij met prothesen heeft leren lopen geeft hij zijn leven een 8+.
Op zichzelf een interessant artikel maar ik werd gegrepen door het plaatsen van een gedicht bij het artikel. Het betreft het gedicht ‘Onoverwinnelijk’ een vertaalde versie (door Kris Eikelenboom) van het gedicht ‘Invictus’ van de Engelse dichter William Ernest Henley (1849 – 1903).
Leon Emmen putte kracht uit dit gedicht tijdens zijn revalidatie. Het origineel hangt nu ingelijst in zijn woonkamer. Mooi kan je nu denken, maar ik moest terug denken aan een stuk dat ik op 9 juli 2012 schreef op dit blog over de terrorist Timothy McVeigh, die vlak voor hij ter dood gebracht werd (hij had de doodstraf gekregen na na het plegen van een bomaanslag op een gebouw van de federale overheid in Oklahoma city) een briefje aan zijn bewaker gaf met daarin juist dit gedicht (handgeschreven) als ‘Final written statement’.
Twee totaal verschillende gevallen, de een een macaber geval van een Amerikaanse veteraan uit de Golfoorlog die na terugkeer radicaliseert en met een bom 168 mensen vermoordt onder wie 19 kinderen. De ander een gewone Nederlander die na een schijnbaar eenvoudige operatie zo ongelukkig is om besmet te raken met een bacterie en zijn benen verliest maar uit de situatie juist kracht put om verder te leven.
Daarin schuilt voor mij de kracht van poëzie, dit laat zien dat poëzie geen grenzen kent (goed of fout), niet discrimineert en voor elk mens, in welke omstandigheid dan ook, iets bijzonders kan betekenen.
Wil je het gedicht ‘Invictus’ in het Engels lezen ga dan even naar 9 juli 2012 (in de rechterbalk) of via deze link https://woutervanheiningen.wordpress.com/2012/07/09/de-terrorist-en-de-poezie/ of lees het hier in de Nederlandse vertaling van Kris Eikelenboom.
.
Onoverwinnelijk
.
Vanuit een peilloze diepte, zwart als de nacht,
Een duisternis zo lang als mijn leven,
Dank ik een God, welke is mij om het even,
Voor een ziel met onverwoestbare kracht.
.
Het lot grijpt mij met klauwen beet,
Maar ik geef geen krimp, slaak geen enkele kreet.
Al regent het nog zo veel slagen in mijn leven,
Mijn hoofd is bebloed, maar ik houd het geheven.
.
Want waar ik nu slechts ween en smacht,
Is het enkel een schaduw die op mij wacht.
Al duren de jaren nog zo lang,
Ze mogen verstrijken, ik ben niet meer bang.
.
De poort is smal, een nauwe gang,
De lijst met straffen ellenlang,
Maar ik houd de teugels strak in handen,
Mijn zielenheil leg ik nimmer aan banden.
.
A book
Emily Dickinson
.
Het boek zit in het verdomhoekje. Niet zozeer omdat er steeds minder zijn, integendeel zou ik bijna zeggen, steeds meer mensen geven zelf een boek uit en er komen alleen maar meer titels bij dan dat er minder titels zijn. Nee, het boek wordt steeds minder gelezen. We hebben tegenwoordig zoveel (digitale) mogelijkheden om aan verstrooiing en informatie te komen dat boeken steeds minder worden gelezen. En dat is niet alleen jammer maar ook kwalijk. De leesvaardigheid van de Nederlander loopt sterk terug en de leesconcentratie wordt minder en minder.
Daarom wil ik een lans breken voor het boek en hoe dit beter te doen dan een gedicht over een boek van Emily Dickinson met de titel ‘A Book’.
.
A Book
.
There is no frigate like a book
To take us lands away,
Nor any coursers like a page
Of prancing poetry.
This traverse may the poorest take
Without oppress of toll;
How frugal is the chariot
That bears a human soul!
.
Mijn computer
Charles Bukowski
.
In de vakantieperiode mag een gedicht van één van mijn favoriete Amerikaanse dichter, Charles Bukowski, natuurlijk niet ontbreken. Daarom het gedicht ‘My computer’.
.
My computer
.
“What?” they say, “you got a
computer?”
it’s like I have sold out to
the enemy.
I had no idea so many
people were prejudiced
against
computers.
even two editors have
written me letters about
the computer.
one disparaged the
computer in a mild and
superior way.
the other seemed
genuinely
pissed.
I am aware that a
computer can’t create
a poem.
but neither can a
typewriter.
yet, still, once or
twice a week
I hear:
“what?
you have a
computer?
you?”
yes, I do
and I sit up here
almost every
night,
sometimes with
beer or
wine,
sometimes
without
and I work the
computer.
the damn thing
even corrects
my spelling.
and the poems
come flying
out,
better than
ever.
I have no
idea what causes
all this
computer
prejudice.
me?
I want to go
the next step
beyond the
computer.
I’m sure it’s
there.
and when I get
it,
they’ll say,
“hey, you hear,
Chinaski got a
space-biter!”
“what? ”
“yes, it’s true!”
“I can’t believe
it!”
and I’ll also have
some beer or
some wine
or maybe nothing
at all
and I’ll be
85 years old
driving it home
to
you and me
and to the little girl
who lost her
sheep.
or her
computer.
.
Spiegelsestet
Versvorm
.
Zomerklacht
Verdriet geeft regen mij nog niet,
Niet nattigheid zorgt voor verdriet,
Toch maakt klimaat mij stuurs en log.
Log is het juiste woord, ja toch?
Laat zonschijn mij nu zijn tot baat.
Baat mag zij zijn, eer vroeg dan laat!
.
It worked
.
“Turds like him can speak in fancy words.
Words that promise much. Those phony turds.
Great gods I fell for it.” Here I wait,
Wait for Merlin to do something great.
“Smile for then he’ll make it worth your while.
While there, he’ll match figure to your smile.”
.














