Categorie archief: Favoriete dichters
En leefde er
Eva Gerlach
.
Geen vakantie zonder een gedicht van Eva Gerlach (1948) leek me, en daarom uit de bundel ‘De kracht van verlamming’ uit 1988 het gedicht ‘En leefde er’.
.
En leefde er
.
staand in de paskamer merkt
mijn uitgeklede lichaam
dat het niet goed meer werkt,
het valt, het houdt op te staan.
.
Languit op de vloer tussen
kreukels zie ik mijzelf
languit aan ophanglussen
tegen de wanden sterven.
.
Stel dat je hier nu was.
Dadelijk hield ik je vast
tot je, precies, gedegen,
dood tot vertrek zou bewegen.
.
Ik veeg mijn natte vel droog,
kijk langs de spiegels omhoog
tot waar zij de zoldering raken,
sta op en verlaat de zaak.
.
Friesland
Dien L. de Boer
.
Bij vakanties denken de meeste mensen aan verre reizen, of de camping in Frankrijk, stedentripjes of een dagje aan het strand. Je kunt natuurlijk ook naar Friesland afreizen. Meren, watersport, natuur, genoeg te doen en te zien. Dien L. de Boer, initiatiefneemster van Dichter op de Deel, schreef in haar bundel ‘Vluchtstofgoud’ dat pas geleden uit kwam een gedicht over wat Friesland ook is.
.
friesland
.
waar de wind altijd werkt
en de voorraad vogels zowat
is teruggebracht tot meeuwen
zwalkend boven de mestdrap
van geïnjecteerde landerijen
.
het waaien bolt fietsers-
jassen en zeilen, rolt golven
tegen het basalt van dijken
wordt in turbines getemd
tot stroom, helpt de zaden
.
zich ritselend te verplaatsen
het leeft diep in het riet
in eieren van de kiekendief
of eend om deuntjes
in hen te blazen
.
Borobudur
Willem Brandt
.
In de bundel van Willem Brandt (1905-1981) getiteld ‘Het land van terugkomst’ een Indonesisch reisjournaal in poëzie uit 1976 staat het gedicht ‘Borobudur’. Dit ten noordwesten van Jogjakarta liggende boeddhistische heiligdom is een trekpleister voor elke toerist die (midden) Java aandoet. Daarom in het kader van de vakantiepoëzie dit gedicht.
.
Borobudur
.
Grijs en geweldig maar hoe stil en teer
oprijzend uit de vlakte, nevelbergen;
heilige vijgebomen, kromme dwergen,
fluistren de hoge roepnaam van hun heer.
.
Glimlacht de Buddha in het labyrinth,
onzichtbaar, roerloos achter tempelbogen?
Moeizaam ben ik de treden opgetogen,
machtloos en klein geworden als een kind.
.
Mijn begeleider hoedt mij als ik zwicht,
struiklend omhoog, tastend als een blinde;
ik voel de aarde onder mij ontbinden,
reizende naar de omgang van het licht.
.
Als ik mijn hart en adem overwin,
nu staande op de hoogste piramide,
weet ik en tijd en dood mijzelf ontvlieden;
er is geen einde, alles is begin.
.
hoe het mij gaat…
Jozef Eijckmans
.
In het gedicht ‘hoe het mij gaat…’ van de (bijna) vergeten dichter Jozef Eijckmans (1907-1996) las ik de tweede strofe als ‘vakantie’ en daarom besloot ik dit gedicht te gebruiken in mijn categorie vakantiepoëzie. Het gedicht komt uit de bundel ‘Verzamelde Gedichten’ uit 1988.
hoe het mij gaat…
.
hoe het mij gaat?
ik bied je mijn verontschuldiging aan
want kijk:
.
de huizen ontvangen hun warmte
van de zon
en het water lacht
de bomen fluisteren elkaar
geheimen toe
.
zo zie je
.
voorlopig moet dit mijn
antwoord zijn
.
Geluk
Maarten Willems
.
Voor sommige mensen staat vakantie of op vakantie gaan gelijk aan geluk. Voor anderen (Maarten ’t Hart, Maarten van Rossem) is op vakantie gaan een gruwel (zou het aan die voornaam liggen?) en kun je het best thuis blijven en lezen over verre bestemmingen. Want dan heb je geen last van wachttijden op Schiphol, irritante buitenlandse taxichauffeurs, zonnesteek, diarree, ongemak van een vreemd bed of erger. Maarten Willems (nog een Maarten) kijkt anders naar geluk. In onderstaand gedicht uit zijn bundel ‘Tenslotte wint de liefde’ uit 2007.
.
Allen weten wat
geluk is, zolang zij
niet gelukkig zijn.
.
Uitgerekt heet het
‘niet houdbaar’
of noemt men het
‘geduldig zijn’.
.
Mijn liefste…
je bent te mooi
om niet waar te zijn.
.
Vakantiegedicht
Ingmar Heytze
.
In de vakantie neem ik altijd een korte pauze op dit blog. Dan deel ik elke dag gewoon een gedicht maar zonder al teveel duiding, informatie, of in relatie met de categorieën die ik op dit blog heb. In realiteit komt het neer op het gedicht van een dichter, als het kan heeft het een relatie met de vakantie of reizen of rust, waar het gedicht uitkomt, uit welke bundel bijvoorbeeld en wie het heeft geschreven.
Daar begin ik zo half augustus mee maar voor dat het zover is wil ik alvast vakantievierders in de stemming brengen door het delen van een vakantiegedicht van Ingmar Heytze dat te lezen is op de website van het Poëziecentrum in Gent.
Wat ik erg leuk vind aan dit gedicht is dat het begint met een quote van een groot (woord)kunstenaar Wim T. Schippers dat ook meteen de titel verklaart.
.
De grote vacantie
.
Vacantie moet met een c, vind ik, anders is het geen vacantie.
Wim T. Schippers, interview in Onze Taal, 1996
.
Minder gestampte pot, oké,
meer Méditerranée, maar dan de leegte
in de letter ‘c’, alles opeens veel meer vacant –
de klapperende deuren van een uitgestorven
restaurant, tuimelkruid over het strand,
het thema van Monsieur Hulot
uit de buizenradio in je achterhoofd
maar dan op een eenzame mondharmonica.
Vacantie is een hoofd vol vragen: is de zon
soms kouder, de vis te taai, liggen er haaien
voor de kust? Waar is iedereen naar toe?
Waarom hier vandaan?
.
Judith Herzberg
Hij bidt
.
Een vakantiegedicht dat lijkt te gaan over bidden maar eigenlijk de liefde betreft. Uit de bundel ‘Zoals’ uit 1992 van Judith Herzberg (1934) het gedicht ‘Hij bidt’.
.
Hij bidt
.
Hij bidt maar niet tot god
niet tot, maar bidt.
Dan moet hij plassen en staat op
maar komt, vóór kleren, auto, weer in bed,
omhelzend verlangt hij naar omhelzen, haar.
Een hemelsbreedte rekt zich in hem
om haar, dagelijks, omhelsbaar.
.
Gedicht met morele strekking
Gust Gils
.
In de vakantie mag een gedicht met als titel ‘Gedicht met morele strekking’ niet ontbreken. Daarom van Gust Gils (1924-2002) dit gedicht uit de bundel ‘Onzachte landing’ uit 1979.
.
Gedicht met morele strekking
.
als je ’s morgens vóór je spiegel staat
en je ontwaart een hoofd op je schouders
en het is niet het jouwe
dan moet je daarvan onmiddellijk
melding maken
bij de dienst voor bevolking
van je gemeente
die doen dan wel het nodige.
maar herken je in plaats van je hoofd
je lichaam niet meer als je eigen
daarmee helpen ze je niet
‘meneer zo kunnen we bezig blijven!’
en ze hebben gelijk.
kijk dus goed uit
bij partnerruil
.
Overal
Dolf Jansen
.
Vakantie is ergens heen gaan en wanneer je dan gevraagd wordt waar je was in dat land of die stad dan is het antwoord al snel: Overal. Dolf Jansen (1963) schreef het gedicht ‘Overal’ dat verscheen in zijn bundel ‘Gedichten om te huilen’ uit 2005. Vooral de laatste zin is mooi: ‘samen zijn we overal / ik ben nergens zonder jou’.
.
Overal
.
Vertel me niet waar je ooit was
het is voorbij het maakt me klein
ik wil weten waar je heengaat
zodat ik daar al kan zijn
.
ik baan het pad en warm het bed
ontdoe het beeld van schone schijn
jij arriveert en een ding telt:
ik zal er altijd voor je zijn
.
jij zoekt mijn ogen, in mijn blik
herken je dat ik je herken
de stilte helpt me meer dan ooit
te begrijpen wie ik ben
.
ik zoek de zin die alles zegt
in zwart op wit of hemelsblauw:
‘samen zijn we overal
ik ben nergens zonder jou’
.
Droomreis
Dirk Kroon
.
Wanneer je op vakantie gaat hoop je een droomreis te maken (waarschijnlijk tegen beter weten in). Vakantiereisjes zijn eigenlijk nooit droomreisjes. Rotterdamse dichter Dirk Kroon (1946) schreef er een passend gedicht bij met als titel ‘Droomreis’. Het gedicht komt uit ‘Op de hoogte van de vogels’ uit 2017 maar stamt uit zijn bundel ‘Tweegesprek’ uit 1975.
.
Droomreis
.
Je komt door streken
waar geen god of goed mens
de weg zal wijzen.
.
De zon is een onzichtbare getuige.
Woeste bergketens sluiten zich aaneen,
je bent de eerste die niet kan ontkomen.
.
Je vlucht naar uitgestorven dorpen
waar ook de laatste sporen van verval zijn uitgewist.
Je weet niet meer in welke eeuw het is.
.
Je wordt niet gek,
je legt je wortels bloot.
Je maakt een droomreis door de dood.
.














