Categorie archief: jonge dichters
MUG #5 is er!
Een nieuw (mini) poëziemagazine
.
Een dag als alle andere. Geen zin, geen woord, je ZOOM-top aan en klaar voor het thuiskantoor of fileleed. En bij thuiskomst of bij thuisblijf, weer geen brief. Of wacht even. Kijk nog eens, op je deurmat. Ja! daar ligt ie. Hij ligt er echt. Een pakketje poëzie verpakt in woorden vol belofte. En wat gebeurt er? Het licht is ineens zachtjes gaan schijnen, de luikjes gaan open, de wereld lacht. Gauw! Ga je tanden poetsen en begin daarna met lezen.
Met veel plezier presenteren wij, Marie-Anne van Poetry Affairs die zulke geweldige voorwoorden schrijft zoals hierboven , Bart van Brrt.Graphic.Design en ikzelf namens MUGbooks, de nieuwe MUGzine #5. De laatste editie van dit jaar want volgend jaar gaan we door met het publiceren van dichters uit Nederland en Vlaanderen in combinatie met kunstenaars en illustratoren.
In #5 staan gedichten van de volgende veelbelovende dichters en aanstormende talenten: Marloes van der Singel, Mattijs Deraedt, Sara De Lodder en Nele Bruynooghe. De illustraties zijn van de zeer getalenteerde illustrator en tekenaar Lies Schroeyen.
MUG verwondert zich dit keer over the morning-after. Het feest is geweest en het was goed want je herinneringen ben je kwijt. De dagen grijs, het uitzicht grijs, je grijze massa gelijk je grijze haren. Of zoals onze Luule het zo mooi kan zeggen:
.
Ze lag erbij als de gedekte tafel
na afloop van het feest. Het randje
was er nu wel af. De glazen waren
om. Het raam geopend voor
de allerlaatste sprong.
.
MUGzine is gratis te downloaden via http://mugzines.nl/ maar misschien wil je wel de papieren versie ontvangen? Of wil je niet alleen dit nummer maar ook alle vorige nummers (#1 t/m #4) met poëzie van onder andere Daniel Dee, Elfie Tromp, Runa Svetlikova, Serge van Duijnhoven en Sabine Kars, ontvangen? Dat kan. Word donateur voor een jaar en ontvang alle nummers van dat jaar via de post thuisgestuurd. Voor meer informatie kijk je op http://mugzines.nl/word-donateur
Als voorproefje hier alvast een gedicht van Mattijs Deraedt getiteld ‘Bizon’ (dit gedicht staat niet in de MUG #5).
.
Bizon
.
Na de trip hield ik mijn geslacht vast
als een gewond dier
en leidde het naar de drinkplaats.
De vacht van de reuzenbizon werd weer een tapijt
en de spiegel klom terug de muur op.
Het ei dat in mijn borstkas had gegloeid was uitgelopen.
Ik doopte mijn handen in de regenplas op de tuintafel
en legde ze op mijn wangen.
Onder elk gezicht groeit een ander
en in elk kattenhaar gaat een lichtjaar schuil.
.
Les in poëzie
Korte gedichten
.
Na een gastles op het Lyceum Rotterdam was ik opnieuw gevraagd door vriend Bart (docent Nederlands) maar nu voor een gastles aan de Montessori MAVO Rotterdam voor een brugklas. Omdat de lesuren hier 80 minuten duren (in tegenstelling tot het Lyceum waar ze 50 minuten duren) had ik mijn lesstof uitgebreid. Dit keer niet alleen een korte introductie over het korte gedicht met een uiteenzetting van de haiku, het elfje en de luule maar dit keer aangevuld met het naamgedicht of acrostichon.
Een acrostichon (ook: naamdicht of lettervers) is een gedicht waarvan bepaalde, meestal de eerste, letters van iedere regel of strofe, achter elkaar gelezen zelf ook een woord of zin vormen. Betreft het niet de eerste, maar de middelste letters, spreekt men ook wel van een mesostichon. Het woord acrostichon is een samenvoeging van de Griekse woorden akros (uítstekend) en stichos (rij, vers).
Misschien het de beroemdste maar niet perse bekendste naamgedicht is de tekst van het Nederlandse volkslied, het Wilhelmus, waarvan de eerste letters van de coupletten in de originele spelling samen de naam ‘Willem van Nassov’ vormen. In de tijd dat het Wilhelmus werd geschreven waren de u en de v uitwisselbaar.
Dit keer een kleine klas met 12 leerlingen maar de resultaten waren opnieuw verrassend. Na soms een aarzelende start schreven alle leerlingen een gedicht (de meeste een elfje of een naamgedicht). Sommige leerlingen bleken over een goeie fantasie te beschikken. Hier een paar voorbeelden van een luule (in dit geval een klankgedicht), een naamgedicht en twee elfjes.
.
Gesprek
.
bla bla
bla bla
bla bla
bla bla
SCHREEUW
bla bla
bla bla
bla bla
SSST….
.
Lekker buiten
In de zon
Super gezellig met elkaar
Appeltaart erbij en klaar
.
Tas
op school
met de fiets
huiswerk moet je maken
zwaar
.
Potlood
schetsen maken
en dan overtrekken
uitgummen en dan klaar
kunstwerk
.
Klimaatdichters
Yanni Ratajczyk
.
Enige tijd geleden schreef ik al over de klimaatdichters https://woutervanheiningen.wordpress.com/2020/07/28/klimaatdichters/een groep dichters en woordkunstenaars die het klimaat aan het hart gaat, die het manifest onderschrijven https://www.klimaatdichters.org/in-woord en waar ik me inmiddels ook bij heb aangesloten. Van de klimaatdichters verscheen pas geleden de bloemlezing ‘Zwemlessen voor later’ klimaatpoëzie. Elke maand wordt er op de website een gedicht van de maand gekozen en deze maand is dat het gedicht ‘3 280 840 ft’ van de jonge Vlaamse dichter Yanni Ratajczyk.
Yanni Ratajczyk (1994) is filosoof, dichter en liefhebber van absurde humor. Hij studeerde in Antwerpen en Leuven en is (poëzie)redacteur bij Deus Ex Machina. Na een liftreis van vier maanden is hij te vinden op diverse literaire evenementen waar hij graag de muren tussen tekst, performance en publiek sloopt.
.
3 280 840 ft
.
die duizend kilometers tussen ons
laat deze nog weerklinken, weergaloos
ik wantrouw afstand wanneer ze onecht lijkt
zoals ik beducht ben voor gedempt geluid
van ruzies tussen boekenkasten
ben je zover gekomen om de zomer te zien
vergaan tot stof, is dit nu zo vraag je je af
ik heb een scherm zeg ik, ik zal het gebruiken
om de wereld te ontkleden, desnoods zet ik
zwermen vogels in
ze brengen eilanden in kaart, ze laten zien
hoe we stilaan dichterbij drijven
zonder voluit te beseffen
deze verte is geen verte meer
niet langer tussen ons
.
Wat je moet weten voor je beslist om een man te zijn
Mattijs Deraedt
.
Mattijs Deraedt (1993) woont in Brussel en is dichter en poëzieredacteur bij het literaire tijdschrift ‘Kluger Hans’. In 2020 bracht hij zijn debuutbundel ‘De schaduw van wat zo graag in de zon was blijven staan’ uit bij Poëziecentrum. Hij studeerde Schrijven aan het RITCS (Royal Institute for Theatre, Cinema and Sound) en publiceerde onder meer in ‘Het Liegend Konijn’, ‘De Revisor’, ‘Deus Ex Machina’, ‘Poëziekrant’ en ‘Tirade’ en ‘Extaze’. Naast zijn literaire activiteiten is Mattijs zanger en tekstschrijver bij de band WLAZLO. Uit zijn debuutbundel hier het gedicht ‘Wat je moet weten voor je beslist om een man te zijn’.
.
Wat je moet weten voor je beslist om een man te zijn
.
Een man zijn betekent niet huilen
wanneer je broers je Pokémonkaarten verscheurd hebben.
Anders landt je grootvader als een loodzware vogel op je schouders.
.
Een man zijn betekent je herinneringen samendrukken
tot ze als diamanten uit je voorhoofd barsten.
.
Een man zijn betekent je niet als vlinder
laten schminken, maar als schedel.
.
Een man zijn betekent je benen niet kruisen op de trein
maar tongzoenen met het hiphopmeisje
dat op je schoot komt zitten.
‘Of ben je een homo misschien?’
.
Een man is een jachtgeweer.
Hij draagt zijn spieren als een blinkend harnas,
laat zich kruisigen tot hij glimlachend
in een jacuzzi van bloed baadt,
een glas whisky in de hand.
.
Een man is kanonnenvlees.
Zijn mond heeft de vorm van een loop.
.
Een man is een acteur.
Niemand weet wat de rol inhoudt,
maar iedereen wil hem spelen.
.
Een man zou een dichter kunnen zijn,
maar daar heeft de wereld al jongens voor.
.
Voor een jonge dichter
Hans Warren
In 1956, voorafgaand aan een bezoek van een jonge dichter die later een beroemde dichter zou worden, schreef Hans Warren (1921 – 2001) het gedicht ‘Voor een jonge dichter’. Wie deze dichter was bleek later uit ‘Geheim dagboek’, het bleek de dichter Hans Verhagen (1939 – 2020) te zijn. In ‘Voor een jonge dichter’ verheugt Hans Warren zich op bezoek. Hij kreeg aardige brieven van de jonge dichter, verzen met ‘iets’, maar het was vooral een telefoontje dat de fantasie prikkelde: ‘Je stem klonk warm, geraffineerd’.
Toen Hans Verhagen in 1963 debuteerde met ‘Rozen & motoren’ op 24 jarige leeftijd, werd hij meteen beroemd in Nederland. In 1956 had hij contact met Hans Warren gezocht en in de zomer van dat jaar was hij bij hem op bezoek in Borssele, waarna hij hem in het najaar van 1956 in Frankrijk bezocht. Hans Warren schrijft in ‘Geheim dagboek’ dat de zeventienjarige bezoeker tegenviel: ‘een bril met dikke glazen, vuile tanden, nog vuiler nagels, niet goed gebouwd.’ Weg dromen over een ruige vreemdeling!
In de dichtbundels die Hans Verhagen publiceerde, kom je de ruige vreemdeling Warren nergens tegen. Maar de oude Hans bewaarde de brieven en verzen die de jonge Hans hem stuurde. En jawel, in ‘Nobody weeps for me’, een van die vergeten gedichten, duikt hij toch nog op. ‘Daarom ben ik als een andere wereld,/ daarom als een ruige vreemdeling,’ dichtte Hans Verhagen. De rest heeft Hans Warren tussen de regels gelezen.
Ondanks dat er nooit iets moois of bijzonders is opgegroeid tussen de twee dichters is er in ieder geval het prachtige gedicht van Warren.
.
Voor een jonge dichter
.
Aardige brieven, verzen met ‘iets’, een telefoontje,
en nu je naar me toe komt fietsen
schenk ik je gespannen kuiten,
ogen vol zeelicht van de kust
en een lok die telkens voorover valt.
.
Je stem klonk warm, geraffineerd, en daarom
schik ik perzen in het avondlicht
waarop je boeiend zou kunnen manoeuvreren.
Want als je bent als die stem, ben je zo:
bruin, met donzige oren, en brede
sleutelbeenderen in een open hemd
– een ruige vreemdeling – schrijf je ergens,
maar ik kan niet blind blijven, straks
sta je voor me, neem ik je papieren op
en zit je veel te dicht bij.
.
Straks praten we als twee vreemden,
misschien zeg ik wel u, maar nu
gun ik mij nog even de luxe
van een illusie, en dus ben je
een aardige jongen in de zomerregen
met een lok die telkens voorover valt.
.
Röntgenfotomodel
Vicky Francken
.
Ik schreef al een aantal keren over Vicky Francken (1989) maar dan in de context van iets anders (de Meander poëzieprijs, de verzamelbundel ‘Nieuwe dichters uit de jaren nul’, haar collage gedichten en naar aanleiding van het feit dat zij één van de dichters was die de C. Buddingh’ prijs had gewonnen). Maar nog niet over een dichtbundel, of moet ik zeggen de dichtbundel waarmee ze in 2017 debuteerde en waarmee ze de C. Buddingh’ prijs won.
Op de achterflap van deze bundel staat te lezen: “Een lichaam wordt tegen het licht gehouden. Om te onderzoeken wat eraan schort, om te bepalen waar het licht doorlaat. het lijf blijkt sterker dan gedacht, de huid een dunne wand die in volharding niet onderdoet voor zelfbeeld beton”. Op basis van deze zinnen verwacht je een bundel met fysieke poëzie te gaan lezen. En dat klopt. Alle vormen van lichaam en lichaamsdelen komen tevoorschijn in haar poëzie zonder dat dit overigens vervelend wordt of opgelegd lijkt. Soms heel duidelijk zoals in het gedicht zonder titel met de beginzin ‘ze heeft de dood onder haar rokken’ en soms heel subtiel zoals in het gedicht ‘Zonder panter’.
.
Zonder panter
.
je pak van kaken en snorharen afleggen
geen jongen meer krijgen niet begrijpen
waarom je zo moe bent
.
verdeeld zijn als kaarten over handen
wachten tot de troef wordt uitgespeeld
zien hoe je hart het tot ruit heeft geschopt
.
spelen op een zaag, verbaasd
nog altijd twee handen
.
er iemand een geven
zeggen: hou maar
.
Goedlachs
Dewi de Nijs Bik
.
Lezend in ‘Grenzenloos’ kom ik namen van dichters tegen die ik nog niet ken. Zoals Dewi de Nijs Bik (1990). de Nijs Bik is literair freelancer, schrijver en interviewer. Ze houdt sinds 2012 diepte-interviews voor Moesson, hét Indisch maandblad. Haar proza en poëzie verschenen in DW B, Kluger Hans, Extaze, op Hard//hoofd en in de bundel van de Turing Gedichtenwedstrijd 2017. Ze droeg onder meer voor op Oerol, tijdens Dichters in de Prinsentuin en op het Dichtersbal.
In de bundel ‘Grenzenloos’ is van haar het gedicht ‘Goedlachs’ opgenomen.
.
Goedlachs
.
Als de aardappels niet willen garen
spreekt zij ze toe
.
alsof het haar kinderen zijn, losgetrokken
lavendel wordt potpourri in schaaltjes
door het huis verspreid
.
ze redt wat er te redden valt, schraapt vlinders
van de vensterbank
.
heeft de bloemen leren nemen zoals gegeven
door de grond
.
Foto: Marianne Hommersom
Keizerin van Oostenrijk
Liefde die moet vrij zijn
.
Keizerin Sissi, zo is ze vooral bekend, al is het maar door de films met Romy Schneider, die haar beroemd maakte; Keizerin Elisabeth van Oostenrijk. Elisabeth Amalie Eugenie in Beieren (1837 – 1898) zoals haar naam was trouwde op zeer jonge leeftijd (16 jaar, haar man Keizer Frans Jozef was 23) en werd daardoor Keizerin van Oostenrijk en (vanaf 1867) Hongarije.
Ze was totaal onvoorbereid op een leven als Keizerin. Ze was van geboorte al prinses van Beieren en Hertogin in Beieren maar Keizerin was toch een ander verhaal. Ze had enorm veel moeite om zich aan te passen aan de strenge etiquette aan het hof en deed er van alles aan om aan de regels te ontsnappen.
Wat minder bekend is was dat ze in het diepste geheim honderden verzen schreef. Pas in 1952, ruim een halve eeuw na haar tragische dood, werd in het Zwitserse Bern een cassette gevonden waarin zij haar verzamelde gedichten had opgeborgen.
In haar poëzie klinkt veelal haar eenzaamheid door en haar hunkering naar een eenvoudig en vervuld leven. In 2000 gaf uitgeverij Bert Bakker een selectie, samengesteld en vertaald door Gerda Meijerink, uit onder de titel ‘Liefde, die moet vrij zijn’. De 21 gedichten zijn opgenomen in het Duits en het Nederlands. Ik koos voor het gedicht Áfscheid van Zandvoort’ of ‘Abschied von Zandvoort’. Keizerin Elisabeth bezocht tijdens haar leven een aantal maand deze Hollandse badplaats en verbleef daar in hotel Kaufmann en Villa Paula. Ze bezocht Zandvoort voor fysiotherapie door de beroemde dr. Mezger in Amsterdam. Als ze in Zandvoort was hield ze zich bezig met snelwandelen langs het Zandvoortse strand en paardrijden.
.
Afscheid van Zandvoort
.
Nog een laatste, lange blik
Op jou, geliefde zee!
En dan vaarwel, hoe moeilijk ook;
God geve mij rentree!
.
Voor ’n afscheidsgroet vond ik het gepast,
Deze stille maanlichtnacht;
Jij trekt je uit- een glanzend beeld-
In al je zilverpracht.
.
Wanneer achter de duinenrij
De prille ochtend kriekt,
Ben ik met snelle vleugelslag
Al ver van jou gewiekt.
.
Maar ze vliegen hier altijd
De meeuwen, een witte schaar;
Dat één ervan er niet meer is,
Word jij dat dan gewaar?
.
Abschied von Zandvoort
.
Noch einen letzten, langen Blick
Auf dich geliebtes Meer!
Dann lebe wohl, so schwer´s auch fällt,
Gott geb´, auf Wiederkehr!
.
Zum Abschiedsgrusse wählt´ ich mir
Die stille Mondesnacht
Du liegst vor mir ein schimmernd Bild
In deiner Silberpracht.
.
Wenn morgen übers Dünenland
Die Sonne Strahl dich streift,
Bin ich mit raschem Flügelschlag
Schon weit von hier geschweift.
.
Umkreisen wird dich, wie zuvor,
Der Möven weisse Schar;
Dass unter ihnen eine fehlt,
Wirst du es wohl gewahr?
.


















