Categorie archief: jonge dichters

Arlo Parks

Vision of London

.

Af en toe komt er een bepaald soort dichter langs wiens werk inventief en toch toegankelijk is. Anaïs Oluwatoyin Estelle Marinho of Arlo Parks (2000) zoals de wereld haar beter kent is zo’n uitzonderlijk iemand. Iemand die jonger is dan je zou vermoeden, iemand die de vaardigheid en het inzicht die ze bezitten misschien niet beseft. De 19-jarige zangeres, songwriter en dichter Arlo Parks is zo’n artiest. Singer-songwriter en dichter Parks  groeide op in West-Londen wat haar misschien heeft gevormd als individu, maar het heeft zeker niet bepaald aan welke soorten kunst ze werd blootgesteld. Als kind groeide ze op met YouTube, en haar inspiratiebronnen waren artiesten als Erykah Badu en D’Angelo maar ook Miles Davis en Portishead, Odd Future en hedendaagse Britse acts als King Krule en Loyle Carner. Parks is openlijk bisexueel en heeft inmiddels een paar hits als singer-songwriter op haar naam als ‘Cola’ en ‘Black Dog’. In 2020 werd ze door een aantal muziek critici uitgroepen tot ‘The sound of 2020’ in een poll van de BBC.

Parks had echter een andere interesse die ze in haar eigen tijd buiten internet verkende: poëzie. Het medium wekte haar interesse op de lagere school, waar ze al snel begon met het schrijven van haar eigen korte verhalen, die veranderden in gedichten. Geïnspireerd door muzikale dichters als Bob Dylan, Leonard Cohen en Patti Smith, heeft Parks altijd gecommuniceerd hoe mensen zich voelen tijdens moeilijke en zware tijden. Parks wordt van nature aangetrokken door poëzie en lyriek als haar belangrijkste manier om dergelijke gevoelens en beelden te presenteren – waarbij kwetsbaarheid naadloos wordt samengevoegd met vloeiende, melodieuze zanglijnen.

In het audio gedicht, een vorm van spoken word poëzie verhaalt Parks over haar (nog jonge) geschiedenis met en in West Londen.

https://theface.com/society/arlo-parks-shares-her-vision-of-london

.

My name is Arlo Parks. I’m 18 years old and I’m an alternative singer songwriter and a poet from London.

Spending summer splitting our bellies with laughter over cheap fruit wine and Poundland biscuits. With King Krule growling over the trees. When I was 16, I’d take the Overground to Queens Road Peckham to see my boyfriend and there would always be bashment or dub glitching down the train with kids in Dr Martens and metallic mini skirts cackling, slathering on foundation, necking Cherry B like tap water. I wrote my first poem in Bishops Park, the end of my pencil bitten, pocket stuffed with 45p Tesco sweets, whining about some pretty skater boy next to a brown river that bubbled as it rolled up towards Hammersmith.

When I think of London I think of the park policeman telling me and my mates that we’re guests to this country. I think of being drenched in sweat after a messy night, with kebab grease round my lips. Eyes led heavy, tears shed and tobacco lost. I think of my friend’s mom being robbed at knifepoint five minutes from home. Violence, violets, vapes, too many bridges and my brother plays basketball in the sun with his laces undone. And yesterday a stranger told me I reminded her of her daughter and offered me a rollie from a little gold tin with a dragon on it. Ravenscourt Park is where I moped about, kicking pink blossoms and losing frisbees and barely revising physics. Two years later I brought the person I liked to sit in my favourite spot on this fallen tree. But I never mustered up the strength to kiss them.

Instead we argued about where in London MF Doom was born and where in London William Blake died. Burning to the afternoon until the February chill drove us back to the station where we ended up kissing. Leaning in across the barrier while the TFL maintenance man whooped and brandished his broomstick. Shepherd’s Bush Empire is where I saw a Loyle Carner make a roomful of people howl and dance so hard they stepped on each other’s feet. I had tears in my eyes when I walked out of there. London has taught me about passion and it’s taught me about the under-appreciated nature of most artists, from the man who plays the sax, slumped barefoot against the wall of the underpass, to the guy in the year above me at school who spends hours crafting a single sentence, his freestyle slip over the beat like liquid gold. Oh London, you made me see things so grim so glorious so unapologetically alive.

I’ve seen men mash fists into each other’s heads outside Spoons. I’ve seen a little boy hold out a crushed handful of daffodils to the lady who sells strawberries and sweet potatoes on Northend Road. I’ve watched girls make out with tears streaming down their painted faces by Trafalgar Square at Pride. I’ve watched my ex fall into a pond blind drunk then scream her throat raw at the ghost who pushed her. I’ve traipsed through galleries on awkward dates and put my face against museum glass. London, my city of lights. This is where I grew up. This is where I learned to toughen up. This is where I grew up. This is where I learned love.

.

Wat je moet weten voor je beslist om een man te zijn

Mattijs Deraedt

.

Mattijs Deraedt (1993) woont in Brussel en is dichter en poëzieredacteur bij het literaire tijdschrift ‘Kluger Hans’. In 2020 bracht hij zijn debuutbundel ‘De schaduw van wat zo graag in de zon was blijven staan’ uit bij Poëziecentrum. Hij studeerde Schrijven aan het RITCS (Royal Institute for Theatre, Cinema and Sound) en publiceerde onder meer in ‘Het Liegend Konijn’, ‘De Revisor’, ‘Deus Ex Machina’, ‘Poëziekrant’ en ‘Tirade’ en ‘Extaze’. Naast zijn literaire activiteiten is Mattijs zanger en tekstschrijver bij de band WLAZLO. Uit zijn debuutbundel hier het gedicht ‘Wat je moet weten voor je beslist om een man te zijn’.

.

Wat je moet weten voor je beslist om een man te zijn

.

Een man zijn betekent niet huilen
wanneer je broers je Pokémonkaarten verscheurd hebben.
Anders landt je grootvader als een loodzware vogel op je schouders.

.

Een man zijn betekent je herinneringen samendrukken
tot ze als diamanten uit je voorhoofd barsten.

.

Een man zijn betekent je niet als vlinder
laten schminken, maar als schedel.

.

Een man zijn betekent je benen niet kruisen op de trein
maar tongzoenen met het hiphopmeisje
dat op je schoot komt zitten.
‘Of ben je een homo misschien?’

.

Een man is een jachtgeweer.
Hij draagt zijn spieren als een blinkend harnas,
laat zich kruisigen tot hij glimlachend
in een jacuzzi van bloed baadt,
een glas whisky in de hand.

.

Een man is kanonnenvlees.
Zijn mond heeft de vorm van een loop.

.

Een man is een acteur.
Niemand weet wat de rol inhoudt,
maar iedereen wil hem spelen.

.

Een man zou een dichter kunnen zijn,
maar daar heeft de wereld al jongens voor.

.

Rupi Kaur

(Instagram) dichter 

.

In 2018 verscheen de Canadese (van Indiase komaf) dichter Rupi Kaur (1992), die 3,7 miljoen volgers heeft op Instagram en door het tijdschrift Rolling Stone werd uitgeroepen tot ‘Queen of the Instapoets’, op de cover van Cosmopolitan India. Kaur is zelf een beroemdheid maar heeft ook beroemde namen als volgers zoals Orlando Bloom en Cat Deeley. Toch valt het leven van een beroemde instadichter niet altijd mee, zo worden haar korte en soms onbeduidende gedichten ook onderwerp van spot op de social media. Er worden zelfs parodieën gemaakt die op zichzelf weer heel veel gedeeld worden.

Traditioneel geschoolde dichters zijn ook boos geworden op de stortvloed van schrijvers die felbegeerde publishing-deals via Instagram hebben gesloten. De in Oxford en Cambridge opgeleide schrijver Rebecca Watts, wiens eerste poëziecollectie in 2016 door meerdere publicaties werd geprezen als boek van het jaar, schuwt sociale media volledig. In 2018  schreef Rebecca een essay waarin ze de opkomst van Instapoetry afkeurend beschreef en het als kunstloos en amateuristisch bestempelde.

Toch is Rupi Kaur niet zomaar de eerste de beste. Van haar debuutbundel ‘Milk and Honey’ werden maar liefst 2,5 miljoen exemplaren verkocht en de bundel werd in 25 talen vertaald. De Nederlandse vertaling van ‘Milk and Honey’, vertaald naar ‘Melk en Honing’, verscheen bij Uitgeverij Orlando in februari 2018 en is vertaald door Anke ten Doesschate. In haar tweede dichtbundel ‘The Sun and Her Flowers’ uit 2017 staan vooral gedichten met feministische thema’s waarin misbruik, onderdrukking, onzekerheid en ongewenste intimiteit ter sprake komen.

Zoals in Gurmukhi script ( schrift dat hoofdzakelijk wordt gebruikt voor het schrijven van teksten in het Punjabi) is haar werk exclusief geschreven in kleine letters, waarbij alleen de punt gebruikt wordt als een vorm van interpunctie. Kaur schrijft zo om haar cultuur te eren. Hier een voorbeeld van haar poëzie uit ‘Melk en Honing’ en een instagramgedicht.

 

.
dit is een overlevingstocht
door poëzie
dit is het bloed zweet tranen
van 21 jaar
dit is mijn hart
in jouw handen
dit is
het lijden
het liefhebben
het breken
het helen

.

Voor een jonge dichter

Hans Warren 

 

In 1956, voorafgaand aan een bezoek van een jonge dichter die later een beroemde dichter zou worden, schreef Hans Warren (1921 – 2001) het gedicht ‘Voor een jonge dichter’. Wie deze dichter was bleek later uit ‘Geheim dagboek’, het bleek de dichter Hans Verhagen (1939 – 2020) te zijn. In ‘Voor een jonge dichter’ verheugt Hans Warren zich op bezoek. Hij kreeg aardige brieven van de jonge dichter, verzen met ‘iets’, maar het was vooral een telefoontje dat de fantasie prikkelde: ‘Je stem klonk warm, geraffineerd’.

Toen Hans Verhagen in 1963 debuteerde met ‘Rozen & motoren’ op 24 jarige leeftijd, werd hij meteen beroemd in Nederland. In 1956 had hij contact met Hans Warren gezocht en in de zomer van dat jaar was hij bij hem op bezoek in Borssele, waarna hij hem in het najaar van 1956 in Frankrijk bezocht. Hans Warren schrijft in ‘Geheim dagboek’ dat de zeventienjarige bezoeker tegenviel: ‘een bril met dikke glazen, vuile tanden, nog vuiler nagels, niet goed gebouwd.’ Weg dromen over een ruige vreemdeling!

In de dichtbundels die Hans Verhagen publiceerde, kom je de ruige vreemdeling Warren nergens tegen. Maar de oude Hans bewaarde de brieven en verzen die de jonge Hans hem stuurde. En jawel, in ‘Nobody weeps for me’, een van die vergeten gedichten, duikt hij toch nog op. ‘Daarom ben ik als een andere wereld,/ daarom als een ruige vreemdeling,’ dichtte Hans Verhagen. De rest heeft Hans Warren tussen de regels gelezen.

Ondanks dat er nooit iets moois of bijzonders is opgegroeid tussen de twee dichters is er in ieder geval het prachtige gedicht van Warren.

.

Voor een jonge dichter

.

Aardige brieven, verzen met ‘iets’, een telefoontje,
en nu je naar me toe komt fietsen
schenk ik je gespannen kuiten,
ogen vol zeelicht van de kust
en een lok die telkens voorover valt.

.

Je stem klonk warm, geraffineerd, en daarom
schik ik perzen in het avondlicht
waarop je boeiend zou kunnen manoeuvreren.
Want als je bent als die stem, ben je zo:
bruin, met donzige oren, en brede
sleutelbeenderen in een open hemd
– een ruige vreemdeling – schrijf je ergens,
maar ik kan niet blind blijven, straks
sta je voor me, neem ik je papieren op
en zit je veel te dicht bij.

.

Straks praten we als twee vreemden,
misschien zeg ik wel u, maar nu
gun ik mij nog even de luxe
van een illusie, en dus ben je
een aardige jongen in de zomerregen
met een lok die telkens voorover valt.

.

Röntgenfotomodel

Vicky Francken

.

Ik schreef al een aantal keren over Vicky Francken (1989) maar dan in de context van iets anders (de Meander poëzieprijs, de verzamelbundel ‘Nieuwe dichters uit de jaren nul’, haar collage gedichten en naar aanleiding van het feit dat zij één van de dichters was die de C. Buddingh’ prijs had gewonnen). Maar nog niet over een dichtbundel, of moet ik zeggen de dichtbundel waarmee ze in 2017 debuteerde en waarmee ze de C. Buddingh’ prijs won.

Op de achterflap van deze bundel staat te lezen: “Een lichaam wordt tegen het licht gehouden. Om te onderzoeken wat eraan schort, om te bepalen waar het licht doorlaat. het lijf blijkt sterker dan gedacht, de huid een dunne wand die in volharding niet onderdoet voor zelfbeeld beton”.  Op basis van deze zinnen verwacht je een bundel met fysieke poëzie te gaan lezen. En dat klopt. Alle vormen van lichaam en lichaamsdelen komen tevoorschijn in haar poëzie zonder dat dit overigens vervelend wordt of opgelegd lijkt. Soms heel duidelijk zoals in het gedicht zonder titel met de beginzin ‘ze heeft de dood onder haar rokken’ en soms heel subtiel zoals in het gedicht ‘Zonder panter’.

.

Zonder panter

.

je pak van kaken en snorharen afleggen

geen jongen meer krijgen niet begrijpen

waarom je zo moe bent

.

verdeeld zijn als kaarten over handen

wachten tot de troef wordt uitgespeeld

zien hoe je hart het tot ruit heeft geschopt

.

spelen op een zaag, verbaasd

nog altijd twee handen

.

er iemand een geven

zeggen: hou maar

.

Goedlachs

Dewi de Nijs Bik

.

Lezend in ‘Grenzenloos’ kom ik namen van dichters tegen die ik nog niet ken. Zoals Dewi de Nijs Bik (1990). de Nijs Bik is literair freelancer, schrijver en interviewer. Ze houdt sinds 2012 diepte-interviews voor Moesson, hét Indisch maandblad. Haar proza en poëzie verschenen in DW B, Kluger Hans, Extaze, op Hard//hoofd en in de bundel van de Turing Gedichtenwedstrijd 2017. Ze droeg onder meer voor op Oerol, tijdens Dichters in de Prinsentuin en op het Dichtersbal.

In de bundel ‘Grenzenloos’ is van haar het gedicht ‘Goedlachs’ opgenomen.

.

Goedlachs

.

Als de aardappels niet willen garen

spreekt zij ze toe

.

alsof het haar kinderen zijn, losgetrokken

lavendel wordt potpourri in schaaltjes

door het huis verspreid

.

ze redt wat er te redden valt, schraapt vlinders

van de vensterbank

.

heeft de bloemen leren nemen zoals gegeven

door de grond

.

                                                                                                                                                                      Foto: Marianne Hommersom

Keizerin van Oostenrijk

Liefde die moet vrij zijn

.

Keizerin Sissi, zo is ze vooral bekend, al is het maar door de films met Romy Schneider, die haar beroemd maakte; Keizerin Elisabeth van Oostenrijk. Elisabeth Amalie Eugenie in Beieren (1837 – 1898) zoals haar naam was trouwde op zeer jonge leeftijd (16 jaar, haar man Keizer Frans Jozef was 23) en werd daardoor Keizerin van Oostenrijk en (vanaf 1867) Hongarije.

Ze was totaal onvoorbereid op een leven als Keizerin. Ze was van geboorte al prinses van Beieren en Hertogin in Beieren maar Keizerin was toch een ander verhaal. Ze had enorm veel moeite om zich aan te passen aan de strenge etiquette aan het hof en deed er van alles aan om aan de regels te ontsnappen.

Wat minder bekend is was dat ze in het diepste geheim  honderden verzen schreef. Pas in 1952, ruim een halve eeuw na haar tragische dood, werd in het Zwitserse Bern een cassette gevonden waarin zij haar verzamelde gedichten had opgeborgen.

In haar poëzie klinkt veelal haar eenzaamheid door en haar hunkering naar een eenvoudig en vervuld leven. In 2000 gaf uitgeverij Bert Bakker een selectie, samengesteld en vertaald door Gerda Meijerink, uit onder de titel ‘Liefde, die moet vrij zijn’. De 21 gedichten zijn opgenomen in het Duits en het Nederlands. Ik koos voor het gedicht Áfscheid van Zandvoort’ of ‘Abschied von Zandvoort’. Keizerin Elisabeth bezocht tijdens haar leven een aantal maand deze Hollandse badplaats en verbleef daar in hotel Kaufmann en Villa Paula. Ze bezocht Zandvoort voor fysiotherapie door de beroemde dr. Mezger in Amsterdam. Als ze in Zandvoort was hield ze zich bezig met snelwandelen langs het Zandvoortse strand en paardrijden.

.

Afscheid van Zandvoort

.

Nog een laatste, lange blik

Op jou, geliefde zee!

En dan vaarwel, hoe moeilijk ook;

God geve mij rentree!

.

Voor ’n afscheidsgroet vond ik het gepast,

Deze stille maanlichtnacht;

Jij trekt je uit- een glanzend beeld-

In al je zilverpracht.

.

Wanneer achter de duinenrij

De prille ochtend kriekt,

Ben ik met snelle vleugelslag

Al ver van jou gewiekt.

.

Maar ze vliegen hier altijd

De meeuwen, een witte schaar;

Dat één ervan er niet meer is,

Word jij dat dan gewaar?

.

Abschied von Zandvoort

.

Noch einen letzten, langen Blick
Auf dich geliebtes Meer!
Dann lebe wohl, so schwer´s auch fällt,
Gott geb´, auf Wiederkehr!

.

Zum Abschiedsgrusse wählt´ ich mir
Die stille Mondesnacht
Du liegst vor mir ein schimmernd Bild
In deiner Silberpracht.

.

Wenn morgen übers Dünenland
Die Sonne Strahl dich streift,
Bin ich mit raschem Flügelschlag
Schon weit von hier geschweift.

.

Umkreisen wird dich, wie zuvor,
Der Möven weisse Schar;
Dass unter ihnen eine fehlt,
Wirst du es wohl gewahr?

.

Zij kijkt licht en lucht

Max Greyson

.

Max Greyson (1988) is een dichter, theaterschrijver en spoken word performer uit Antwerpen. Sinds 2011 gaat hij heel Europa rond als spoken word performer in internationale, interdisciplinaire muziektheatervoorstellingen van  Roots & Routes en Un-Label.

In 2015 werd hij vice-kampioen Poetry Slam van Nederland, waar hij werd omschreven als de lyricus, de muzikale dichter en de vernieuwer van zinnen. In 2016 verscheen zijn debuutbundel ‘Waanzin went niet’. De bundel werd in 2018 genomineerd voor de Jo Peters Poëzieprijs. Het gedicht ‘Onscherp’ werd in 2018 bekroond met de Melopee Poëzieprijs.

In juni 2019 verscheen de tweede bundel ‘Et alors’. Voor deze bundel ontving Max Greyson een beurs van het Vlaams Fonds voor de Letteren.

Op de achterflap van ‘Waanzin went niet’ staat te lezen; “Hij schuwt het engagement niet, de wereld niet en de liefde nog minder. Maar voor Max Greyson telt in de allereerste plaats dat zijn gedichten gemaakt zijn van taal. Zijn poëzie is een hartstochtelijk onderzoek naar klank en ritme met als doel een ongenadige stem te vinden die alles en iedereen (ook zichzelf) op de proef stelt.”

Het engagement blijkt onder andere uit het hoofdstuk ‘Beelden’ met gedichten als ‘Beelden uit Hebron’ en ‘Beelden uit Jerusalem’. De liefde is de leidraad  in het hoofdstuk ‘Waar het warm en veilig is’ zoals in het onderstaande gedicht ‘Zij kijkt licht en lucht’ uit dat hoofdstuk.

.

Zij kijkt licht en lucht

.

Ik roofde haar. mijn Persephone, mijn weke avondvrouw

mijn door bloesemgeur bedorven deerne

razend kwam ik door de matras gescheurd

en bedreef haar lichaam als een tong zo rood maar lang niet zo soepel

.

Ze brulde niet, taterde niet, ze hield niet van legendes

ik blijf niet lang. zei ze, en spleet een walnoot in haar handpalm

ze zei: kijk, het is net een helmpje, en zette het op mijn hoofd

.

Belgium Bordelio

Vreemdeling

.

Sinds 2014 is er in België een Dichter des Vaderlands. Om de twee jaar wordt een dichter uit een andere taalgemeenschap aangesteld. Deze eretitel werd in 2016 toegekend aan de Franstalige dichteres Laurence Vielle (1968), zij is een Franstalige Belgische dichteres en actrice.
Voor haar werk als schrijfster en voordrachtskunstenaar ontving ze verschillende prijzen. In 2015 kreeg ze een van de ‘Grands Prix Internationaux du Disque et du DVD’, in de categorie ‘Parole enregistrée’, van de Académie Charles Cros voor haar boek met bijhorende cd ‘Ouf’, die bij uitgeverij maelstrÖm verscheen.

De Dichter des Vaderlands is een “project” dat de taalgemeenschappen de kans biedt, in een verbrokkelend Belgisch landschap, om steeds weer spelenderwijs bruggen te slaan, om uitwisseling te stimuleren, gemeenschappelijke acties te bedenken en grenzen te doen vervagen.

Laurence Vielle droomde ervan dat er op school opnieuw ruimte komt om gedichten uit het hoofd te leren, dankzij een bloemlezing voor kinderen en jongeren vanaf 11 tot 18 jaar.

Bij uitgeverij Maelström verscheen in samenwerking met Poëziecentrum reeds eerder Belgium Bordelio, volume I en II, een tweetalige bloemlezing van levende Belgische dichters. In de mini versie zijn de volgende Vlaamse en Franstalige (jeugd) dichters opgenomen:

Joke van Leeuwen . Luc Baba
Lotte Dodion . Youness Mernissi
Stijn Vranken . Lisette Lombé
Geert De Kockere . Gioia Kayaga
Seckou Ouologuem . L’Ami Terrien

De bloemlezing werd voor de bescheiden prijs van 3 euro verkocht en bij elke nieuwe start van het schooljaar aan de leerlingen aangeboden. Maar dit mini tijdschrift is ook digitaal te lezen via https://poeziecentrum.be/sites/default/files/01_book_139_bookleg_mini_bordelio_entier_web_def.pdf

In dit mini magazine (A5 formaat, dus net iets groter dan de MUG zine) verrassende nieuwe namen maar ook een naam die ik niet verwacht had namelijk die van Joke van Leeuwen. Ik weet dat zij stadsdichter van Antwerpen was maar voor zover ik weet is ze toch een Nederlandse dichter. Dat doet overigens niets af aan de aantrekkelijkheid van dit magazine.

Ik koos voor een gedicht van Geert de Kockere getiteld ‘Vreemdeling’ en in het Frans ‘Étranger’.

.

Vreemdeling

.

Weet je

wat zo vreemd is

aan een vreemdeling?

.

Een vreemdeling

wordt maar een vreemdeling

als hij uit zijn decor stapt.

.

En een niet-vreemdeling

wordt een vreemdeling

als hij in dat decor stapt.

.

Het is dus vaak

maar een kwestie

van decor en attributen.

.

Étranger

.

Tu sais

ce qui devient si étrange

chez un étranger?

.

Un étranger

ne devient un étranger

qui lorsqu’il sort de son décor.

.

Et un non-étranger

devient un étranger

dès qu’il entre dans ce décor.

.

Ce n’est donc souvent

qu’un question

de décor et d’accessoires.

.

Woekeren

Lies Jo Vandenhende en Ard Zacht

.

Tijdens de Corona crisis zie je overal nieuwe initiatieven ontstaan, ook op poëziegebied. Een van die nieuwe en frisse initiatieven is het project ‘Woekeren’ van Lies Jo Vandenhende en Ard Zacht. Lies Jo ken ik van haar deelname aan de Poëziebus en van een optreden bij Ongehoord! maar Ard Zacht kende ik nog niet.

Tijdens de Lockdown hebben Lies Jo en Ard (de een in Antwerpen en de ander in Amsterdam) een dromerig landschap over nabijheid en groeipijn gemaakt in 5 audiogedichten. Teksten zijn verzorgd door Lies Jo (LJMV) en de muzikale begeleiding is verzorgd door Ard. De cover werd ontworpen door Sadrie Alves.

Ard Zacht is een multi-instrumentalist en sound designer en hij geeft in de 5 audiogedichten een eigen draai aan het gesproken woord door een gedetailleerde compositie en een experimenteel sound design. Arda werkt verder onder andere samen met artiesten als Wordbites, Charlotte Beerda en Emily Vierthaler.. Hij is ook de oprichter van Either ID waarin hij kunstenaars uit verschillende disciplines verbindt.

Lies Jo is dichter en performer en in haar werk onderzoekt ze de kruisbestuiving tussen papier en podium (een van de redenen dat ze mee werd gevraagd in de Poëziebustier van 2016). In 2019 werd Lies Jo opgenomen in de officiële auteurslijst van Literatuur Vlaanderen, die daar blijkbaar bestaat. Lies Jo verzorgd poëzielessen en workshops en haar werk werd al opgenomen in Deus Ex Machina, Kluger Hans en DW B. Ze werkt aan een debuutbundel.

Vanaf afgelopen vrijdag 8 mei is hun eerste ‘single’ uit en op 15 mei is de releasedatum van de EP met deze audiogedichten en te beluisteren via alle streamingdiensten zoals Spotify. Maar een audiogedicht is nu al te beluisteren via Spotify https://open.spotify.com/track/2SHtdz7S3fFcSlb4pgOn9v?si=Copbe4noT5qSjg40x77t7Q

Als je naar de prachtige (Vlaamse) taal van Lies Jo luistert in combinatie met de sferische, soms melancholieke muziek van Ard, weet je dat dit een aanvulling is op het poëtisch landschap en is hete hopen dat het niet bij deze ene samenwerking blijft.

.

Foto’s: Sadrie Alves en Latifa Saber