Site-archief

Poëzie op pootjes

Poster in de centrale bibliotheek van Den Haag

.

Net als in 2011 heb ik ook in 2014 meegedaan aan een poëzieproject van de R.G. Ruijs stichting en het Prins Bernhard Cultuurfonds met als aanstekelijke titel Poëzie op pootjes. Poëzie op pootjes organiseert om de drie jaar (vanaf 2005) een gedichteninzamelingsproject. Of zoals ze het zelf zeggen:

Iedere Hagenaar heeft wel een eigen verhaal over zijn of haar leven in de stad, dan wel zijn of haar beleving van de stad. Den Haag staat dus centraal, maar niet zozeer de stad alswel dat wat de bewoners van Den Haag zelf voelen over hun leven in de stad. Het gaat bij Poëzie Op Pootjes nadrukkelijk niet om een wedstrijd. De bedoeling is simpelweg om op deze manier zoveel mogelijk gedichten over de persoonlijke Haagse beleving te vergaren. Wel zal er nadrukkelijk worden gezocht naar (potentiële) kwaliteit en nieuw talent.

Zoals gezegd ook in 2014 een gedicht van mijn hand. Na ‘Oud Eik en Duinen’ in 2011 (zie onder gedichten) nu dus een gedicht dat mij ‘overkwam’ het afgelopen jaar met als titel ‘Lijn 24’ met een prachtig voorbeeld van Haagse humor.  Vandaag ontving ik van de organisatie het bericht dat mijn gedicht te lezen zal zijn (vanaf 5 januari) op grote posters in de centrale bibliotheek van Den Haag.

.

Lijn 24

 

Voor de chauffeur is de mens, de

menigte, groepje, stroom of clubje

mensen, bron van zijn bestaan

 

Onderscheid maakt hij niet

zolang ze zich maar gedragen.

Sommigen ziet hij liever;

 

De rokjes, strakke truitjes,

goeiedag zeggers, vrolijke

vriendelijke vroegemorgenvrouwen.

 

Anderen maken zijn werk tot een last,

blijven hangen in het pad, gaan niet

zitten, houden op. Dan roept hij om:

 

Dames en heren,

het achterste deel van deze bus

gaat ook naar het Centraal Station

.

poezieoppootjes

Hopla!

Muzikaal gedicht

.

Uit de bundel ‘Wees niet wreed. Gedichten voor Elvis Presley’  uit 2008
van Abdelkader Benali een muzikaal gedicht met de titel ‘Hopla!’.

.

Hopla!

.

In de auto door het drukke verkeer van Beiroet gezeten

Naast de donkerharige vrouw zing ik voor haar,

onweerstaanbaar

Vals, mijn favoriete zinnen van Elvis –

van geen nummer ken

Ik de hele tekst maar dat kan me naast haar gezeten,

niet deren,

In the ghetto

She walks like an angel

Jailhouse rock

Yeahyeahyeahyeah

En Yesterday maar dat is van de Beatles

Maakt niets uit want Elvis slaat de klok!

De zware, zwoele stem contrasteert zo mooi

met het licht

Van Hezbollah. Wat is dat toch dat we Elvis

niet willen zijn (liever niet!)

En toch hem worden wanneer we op een dag als deze,

geluk

Willen maken?

Mijn zinnen dragen zo ver dat ze

Japanners veranderen in lyriek

En ik verras haar er oprecht mee

You have talent, fluistert ze en stuurt naar rechts

Nu kan niets me nog deren. Ze heeft me

in mijn huig geraakt

 

.

1001004005492153

Men mag er niet aan denken

Paul Bogaert

.

Paul Bogaert (1968) is een Vlaams dichter. Hij studeerde Germaanse filologie aan de universiteiten van Brussel en Leuven. Hij publiceerde tot nu toe vijf gedichtenbundels. In 1996 debuteerde hij met de bundel ‘Welkom Hygiëne’. In 2008 schreef hij het Gedichtendagessay (Verwondingen).  In oktober 2010 werd hij genomineerd voor de VSB Poëzieprijs, de belangrijkste poëzieprijs van de Nederlanden. In 2011 kreeg Paul Bogaert de driejaarlijkse Vlaamse Cultuurprijs Poëzie voor zijn bundel ‘de Slalom soft’; de bundel waarmee hij ook de Herman de Coninckprijs won in 2010.

Op zijn website http://www.paulbogaert.be/ zijn de gedichten van drie bundels integraal te lezen. Uit de bundel ‘Circulaire systemen’ uit 2002 het gedicht ‘Men mag er niet aan denken’.

.

Men mag er niet aan denken
dat het herbegint.
Men is op versnelling uit.
Men oefent in afwachting een uitspraak
of men staart zo een detail aan
dat het irritant wordt.
Niemand ontsnapt
aan gewenning.
Zelfs voor wie er niet aan went,
is hetzelfde nooit genoeg.

.

PB circulaire

 

paul bogaert

Te leen

Muziek in poëzie

.

Ik zal de komende tijd wat vaker gedichten met jullie delen die over muziek gaan. Ik schreef al vaker over tekstdichters, liedjesmakers en muzikanten die poëtische teksten schrijven maar nu dus liedjes en muziek in de tekst zelf. Door de tijden heen hebben dichters muziek en het lied als onderwerp gekozen voor hun poëzie. Van Guido Gezelle tot Stefan Nieuwenhuis. In deze nieuwe categorie gedichten uit alle tijden van verschillende dichters, te beginnen met de dichter Bart Moeyaert.

Bart Moeyaert (Brugge, 1964) is schrijver van met name jeugdboeken, dichter en docent Creatief Schrijven aan de afdeling Woordkunst van het Koninklijk Conservatorium in Antwerpen. Van 2006 tot 2008 was hij Stadsdichter van Antwerpen. Hij ontving verschillende literaire prijzen voor zijn jeugdboeken ( Deutsche Jugendliteraturpreis, de Boekenleeuw en de Zilveren griffel) en werd in 2009 genomineerd voor de J.C.Bloem-poëzieprijs 2009.

Uit: ‘Als een geheim zat in ons huis een ander huis verborgen’, De Maan, Mechelen 2011 het gedicht ‘Van mij’.

.

Van mij

.

Je zong een liedje

en je zei: dit liedje

is alleen van mij.

Ik vroeg: moet je

niet zeggen: was?

Je keek verveeld.

Je zei: Waarom?

Ik zei: dat je dat zegt.

Wat je net zong heb je

gedeeld, want noten

zijn van iedereen.

Je krijgt ze maar

een liedje lang.

Zolang het duurt,

zei ik. Te leen.

.

bart moeyaert

Basiswoordenschat

Linda Maria Baros

.

Nu ik een categorie ben begonnen over Franse dichters valt het me op dat de dichters uit Frankrijk die her en der beschreven worden vrijwel allemaal mannen zijn. Het aantal vrouwelijke dichters is op de vingers van 1 hand te tellen. Nu geloof ik niet dat er in Frankrijk geen of weinig vrouwelijke dichters zijn maar waarschijnlijk is Frankrijk wat dat betreft nog altijd een mannetjes maatschappij.

Linda Maria Baros (1981) is één van de weinig vrouwelijke dichters die ik heb kunnen vinden en zij is dan ook nog eens van Roemeense afkomst. Linda Maria Baros is dichter, essayist en vertaalster in het Frans en het Roemeens. Ze publiceerde haar eerste gedicht in 1988 in een literair tijdschrift te Boekarest. Ze heeft in een serie tijdschriften gedichten, recensies en vertalingen gepubliceerd. Zij leeft tegenwoordig in Parijs. Naast haar schrijfwerk is ze hoofdredacteur van het Roemeense literaire tijdschrift VERSUs/m. In 2008 creëerde ze de virtuele bibliotheek ZOOM (125 auteurs), die een deel van haar vertalingen samenbrengt. Tevens is ze als onderzoeker verbonden aan de Sorbonne, waar ze een proefschrift voorbereid over mythokritiek.

Linda Maria Baros en Jan H. Mysjkin (die ook onderstaand gedicht heeft vertaald) hebben in 2010 de bloemlezing COBRAMSTERDAM, Cobra, uit het Nederlands in het Roemeens vertaald. Daarin gedichten van onder andere Hans Lodeizen, Remco Campert, Jan Hanlo, Lucebert, Gerrit Kouwenaar en Hugo Claus.

Ze stond op vele poëziefestivals en ze mocht verschillende beurzen en literaire prijzen ontvangen zoals de Vertaalprijs voor Les Plumes de l’Axe (2001), de Prijs Guillaume Apollinaire (2007) en de Prix de la Vocation (2004).

Kijk voor meer informatie ook eens op haar website: http://www.lindamariabaros.fr/nl_literatuur_linda_maria_baros.html

Uit de bundel Revolver uit 2008 het gedicht ‘De basiswoordenschat’.

.

De basiswoordenschat

Als je niet elke dag mijn naam schrijft,
o, moge je hand geplet worden in de schroef van de zinnen !
Verstijfd, de mond
waarmee je de woorden krabbelt !
Gegeseld het woord
die de klemmen opent voor de wolven
tussen jou en ons !

En mogen ze voor altijd ongeneeslijk zijn, je wonden,
die je wast met mijn tranen,
in een vat vervoerd naar de stad !
En moge je gezicht
voor eeuwig bezoedeld zijn in de ramen,
als je niet alle dagen mijn naam kerft
in de kan van de liefde !

O, maar als je in je slaap niet mijn naam schrijft
met zachte en verfijnde letters,
zoals in het begin,
dan zal ik ze op je lippen naaien,
diep, met catgut.

.

Linda_Maria_Baros

 

revolver

 

Afgunst

Zichtbaar alleen

.

Uit mijn bundel ‘Zichtbaar alleen’ het gedicht ‘Afgunst’ met de foto van Ruben Philipsen.

.

Afgunst

 

Eerst is er

een klein gloeiend kooltje,

het brandt de jaloezie in

en laat haar

littekens, blijvend

in het vlees

 

En dan is daar

de wind

 

Gloeien wordt branden,

hitte verstikt de gedachte

aan afstand, of

het wegsnijden

van de bron

 

En de wind

doet zijn werk

 

De behoefte tot blussen en rust

wordt altijd overschaduwd

door wat niet is, niet heeft,

niet mag, niet kan

 

Dus waait de wind

en gloeit en schroeit

het door

.

02_AFGUNST

Fuckende konijnen

Els Moors

.

De Vlaamse dichter Els Moors (1976) studeerde Germaanse filologie aan de Universiteit van Gent en aan de Gerrit Rietveld Academie. In 2006 debuteert ze met de bundel ‘er hangt een hoge lucht boven ons’ waarmee ze dat jaar genomineerd wordt voor de C. Buddingh’ prijs en in 2007 de Herman de Coninckprijs voor het beste poëziedebuut wint.

In de jaren hierna publiceert ze nog de bundels ‘Het verlangen naar een eiland’ (roman, 2008), ‘Vliegtijd’ (verhalen, 2010) en ‘Liederen van een kapseizend paard’ (poëzie, 2013).

Van haar hand het volgende titelloze gedicht uit ‘er hangt een hoge lucht boven ons’.

.

de witte fuckende konijnen fucken en zij fucken samen
het dak plat
zonder afstandsbediening
galm galm het is ochtend
het is ochtend in dit natte land
dit tandpasta nutella land
dit natte afgematte veld
er staan drie camping caravans met oranje gordijnen
een uit zichzelf verschenen flard mist trekt zijdelings het oog
voorbij

.

ElsM

elsM2

 

Met dank aan Meander en Wikipedia.

Het leven zelf

Bart Chabot

.

Ik vind het weer eens tijd voor Bart Chabot, Haags dichter en schrijver en bekend en erkend biograaf van Herman Brood. Laat ik nu net de bundel ‘De Bril van Chabot’ aan het lezen zijn (toeval bestaat niet) uit 2008 met daarin “De mooiste gedichten van Bart Chabot gekozen door Martin Bril”.

In de inleiding schrijft Martin Bril dat dit boek uit vriendschap is geboren en dat merk je tijdens het lezen. Uit deze bundel een paar gedichten.

.

Het leven zelf

.

levering van stro.

afvoer van mest.

.

.

Het gebeurde in Coevorden

.

op doorreis naar emmen,

we beleefden een van de eerste lente-

dagen van maart,

liep ik in de pothofstraat

kort na sluitingstijd,

de winkels waren gesloten

en de meeste rolluiken al neer,

elvis tegen het lijf

.

hij sprak vloeiend

nederlands

.

.

Dagsluiting

.

aanstonds,

voor u het weet,

zal het alweer pasen zijn

en zal ik chocolade-eithes

voor u verstoppen

voor u allemaal

in een groot en ver bos

waar de kabouters dwalen

en de elfen

.

chabot

Foto: Anton Corbijn

.

Het leven zelf werd gepubliceerd in ‘Genadebrood’ 1993

Het gebeurde in Coevorden werd gepubliceerd in ‘Zand erover’ 2003

Dagsluiting werd gepubliceerd in ‘De kootjesblues’ 2000

Claus

Hugo Claus (1929 – 2008)

.

Hugo Claus was was een Vlaams dichter, kunstschilder, filmmaker en roman- en toneelschrijver. Hij was de meest bekroonde auteur uit het Nederlands taalgebied. In  50 jaar werd hij 46 keer gekroond. In de loop van zijn lange carrière schreef Claus duizenden gedichten, meer dan 20 romans en vele toneelstukken. Zijn meest bekende meesterwerk is Het verdriet van België uit 1983.

In totaal publiceerde hij tussen 1947 en 2004 in totaal 75 dichtbundels. In de vuistdikke bundel Hugo Claus ; Gedichten 1948 – 1993 staat een overzicht van gedichten uit 27 bundels. ruim 1100 pagina’s uitgegeven door de Bezige Bij in 1994.

Uit deze bundel een gedicht ‘Een kwade man’.

.

Een kwade man

.

Zo zwart is geen huis

Dat ik er niet in kan wonen

.

Zo wit is geen morgen

Dat ik er niet in ontwaak

Als in een bed

.

Zo waak en woon ik in dit huis

Dat tussen nacht en morgen staat

.

En wandel op zenuwvelden

En tast met mijn nagels

In elk gelaten lijf dat nadert

.

Terwijl ik kuise woorden zeg als:

Regen en wind appel en brood

Dik en donker bloed der vrouwen

.

claus

 

Uit: Een huis dat tussen nacht en morgen staat, 1953

De kolos

Zichtbaar alleen

.

Pas geleden werd ik door Leo Willemse geïnterviewd in zijn ‘boekenhoekje’ in het cultuurprogramma op vrijdag bij Amsterdam FM. In de trein naar Amsterdam heb ik mijn bundel ‘Je hebt me gemaakt met je kus’ nog eens doorgelezen. Het bijzondere van ouder werk doorlezen (en zo oud is het nog niet) is dat je soms verrast wordt door jezelf. Bij andere gedichten is het juist leuk om vondsten die je had weer terug te lezen en soms gebeurd het ook dat je denkt, mwahh.

Waarom schrijf ik dit? Eergisteren heb ik naar aanleiding van bovenstaande gebeurtenis mijn eerste bundel nog eens herlezen. ‘zichtbaar alleen’, waar dit blog naar vernoemd is, kwam uit in 2008 en was een samenwerking tussen mij en de beeldend kunstenaar/fotograaf Ruben Philipsen. Toen ik dit boek herlas, en het was alweer even geleden dat ik de gedichten las, werd ik soms blij verrast door mijn eigen gedichten. Ik heb op dit blog al een paar gedichten gepubliceerd uit deze bundel maar vooral in de eerste jaren van dit blog (2008 en 2009).

daarom vandaag nog maar een gedicht waar ik nog altijd heel tevreden over ben. Het betreft het gedicht bij de foto die ook op de cover is geplaatst.

.

De kolos

.

Tussen olifantenpoten

houdt zich de warmte schuil

van de aaseter

.

In die beschutting

openbaart zich

de stilte

.

Één moment, een seconde maar

licht de kolos zich

uit zijn eeuwenoude rust

.

Tot de versmelting

van een leven

met zijn omgeving

.

kolos

 

De bundel Zichtbaar alleen is nog steeds te koop voor een zacht prijsje. Mail naar heiningenvanwouter@yahoo.com voor informatie.