Site-archief
Proletarische dichtkunst
Martien Beversluis
.
Afgelopen weekend bracht ik een bezoek aan de nieuwe Paagman vestiging in het centrum van Den Haag in het oude pand van De Slegte. In de boekwinkel zijn nog altijd op de eerste verdieping tweedehands boeken en antiquaren boeken te koop. Ik mag daar altijd graag in de sectie poëzie rondsnuffelen.
In de poëziekast kwam ik een bijzondere dichtbundel tegen. De bundel ‘Arbeiders-noodlot’, Proletarische dichtkunst. Een bloemlezing uit de moderne Duitsche arbeiderspoezie der laatste jaren. In Nederlandsche verzen omgezet door Martien Beversluis. uit 1930, uitgegeven door H. ten Brink in Arnhem.
Martien Beversluis (1894 – 1966) werd in 1922 lid van de SDAP (voorloper van de PvdA) en werd in 1928 literair medewerker voor de VARA. Voor deze omroep verzorgde hij het radioprogramma ‘Internationale socialistische poëzie’. In dit kader moet denk ik ook zijn bemoeienis te plaatsen zijn met de bundel ‘Arbeiders-noodlot’. Duitse Arbeiderspoëzie in Nederlandse verzen omgezet.
In de jaren dertig werd hij lid van de communistische partij en in de oorlog (1941) bij de NSB. In de jaren na de oorlog krijgt hij een publicatieverbod en uiteindelijk blijft hij tot zijn dood actief als dichter van voornamelijk religieus getinte verzen.
Uit deze bundel het gedicht’Aan de draaibank’.
.
Nieuwe dichtbundel
Antoinette Sisto
.
Op zaterdag 29 november draag ik in PERDU gedichten voor (van Antoinette en mezelf) bij de presentatie van ‘Iemand moet altijd gemist worden’, de nieuwe dichtbundel van Antoinette Sisto. Ik leerde Antoinette kennen bij het WAK festival in Den Haag waar we beide gedichten mochten voordragen. We wisselde bundels uit en ik schreef over haar bundel ‘Dichter bij de dagen’. Daarna volgde een uitnodiging om mee t3e doen met De Vallei en een interview voor Meander, want behalve begenadigd dichter schrijft ze ook erg goede interviews.
De presentatie van haar nieuwe bundel, uitgegeven door uitgeverij Oorsprong vindt plaats op 29 november bij Boekhandel Perdu.
Locatie: Kloveniersburgwal 86, aanvang: 14:30 u (zaal open om 14:00 u).
Ook Peter Brouwer, Jos van Danen, Wilma van den Akker en Herbert Mouwen dragen poëzie voor en uiteraard zal Antoinette zelf voordragen. Werner Bartels (uitgever) zal het eerste exemplaar aan Antoinette overhandigen en de presentatie van de middag is in handen van Herbert Mouwen.
Ik zal volgende week wat meer over deze presentatie schrijven en een gedicht uit haar nieuwe bundel plaatsen. Hier nu nog een ouder gedicht.
.
Achter glas
Het weerbarstige, onverzoenlijke
in je bewegingen moet ik
vastleggen
Hoe je neigt naar alles
wat distantie is
in mij –
Jouw geaardheid die
de jaren ongemerkt
zachtjes hebben ingeluid
met onzichtbare klokken
Hoe het zomaar kan – dat ik
de diepte van woorden
niet hervinden durf
Hoe ik verlangen kan – naar iets tastbaars
iets waarlangs handen
strelen, vorm kunnen raden
net als het najaarslicht
de rode kater
van de overburen vangt
in een kader
achter roerloos glas
.
Ben Ali Libi
Willem Wilmink
.
Bij De Wereld Draait Door van donderdagavond was één van de onderwerpen een documentaire van Dirk Jan Roeleven over de goochelaar Ben Ali Libi ( Michel Velleman 1895 – 1943) die in de oorlog in 1943 werd vermoord in concentratiekamp Sobibor.
Rode draad in dit item was het gedicht van Willem Wilmink over Ben Ali Libi. Het gedicht uit de bundel ‘Je moet je op het ergste voorbereiden’ uit 2003 is een aangrijpend gedicht over het leven van deze joodse goochelaar.
Joost Prinsen heeft het gedicht voorgedragen en dat YouTube filmpje kun je hieronder bekijken.
.
Ben Ali Libi
Op een lijst van artiesten, in de oorlog vermoord,
staat een naam waarvan ik nog nooit had gehoord,
dus keek ik er met verwondering naar:
Ben Ali Libi. Goochelaar.
Met een lach en een smoes en een goocheldoos
en een alibi dat-ie zorgvuldig koos,
scharrelde hij de kost bij elkaar:
Ben Ali Libi, de goochelaar.
Toen vonden de vrienden van de Weduwe Rost
dat Nederland nodig moest worden verlost
van het wereldwijd joods-bosjewistisch gevaar.
Ze bedoelden natuurlijk die goochelaar.
Wie zo dikwijls een duif of een bloem had verstopt,
kon zichzelf niet verstoppen, toen er hard werd geklopt.
Er stond al een overvalwagen klaar
voor Ben Ali Libi, de goochelaar.
In ’t concentratiekamp heeft hij misschien
zijn aardigste trucs nog wel eens laten zien
met een lach en een smoes, een misleidend gebaar,
Ben Ali Libi, de goochelaar.
En altijd als ik een schreeuwer zie
met een alternatief voor de democratie,
denk ik: jouw paradijs, hoeveel ruimte is daar
voor Ben Ali Libi, de goochelaar.
Voor Ben Ali Libi, de kleine schlemiel,
hij ruste in vrede, God hebbe zijn ziel.
.
Dichter bij Vroeger
Dichters verhalen over het Halle van toen
.
Geert Vanhassel is stadsdichter van de Vlaams Brabantse stad Halle (2010-2014). Halle heeft tientallen verdwenen of vergeten plekken en personages wier verhaal in de nevelen der tijden verzwond. Bij een dertigtal ervan bracht Geert Vanhassel, de eerste stadsdichter van Halle, gedichten bijeen van twaalf andere Halse dichters en één Nederlander. Johan Vencken levert de historische toelichting en duikelde in musea en archieven uniek beeldmateriaal op.
Dit resulteerde in een bundel ‘Dichter bij Vroeger’, een mobiele applicatie en een unieke wandel- en fietsroute. De wandel- en fietsroute brengt oude zichten en gedichten van Lembeek, Halle en Buizingen opnieuw tot leven via een parcours met infoborden langs 35 historische sites. Oude prentkaarten, foto\’s en afbeeldingen worden samengebracht met poëzie en uitleg over de locaties. Een folder begeleidt de wandeling.
Informatie, de wandelroute en de dichtbundel zijn verkrijgbaar bij het toerismekantoor. Meer informatie op: http://www.toerisme-halle.be/dichterbijvroeger
Hieronder het gedicht ‘Monument’ van Geert Vanhassel, geschreven naar aanleiding van een poll onder de inwoners van Halle over wat het populairste monument van de afgelopen 25 jaar was. De Villa Servais in Hall.
.
Monument
ooit was dit het Nu.
het Moment van komen.
anderhalve eeuw later heeft Nu
het Moment van toen overleefd.
Nu blijft overeind tussen het Moment.
MoNument
maar dit MoNument
is bijna verstreken in eeuwigheid.
Cluysenaer in heden
zoekend naar de
onvoltooid verleden virtuositeit.
Overwoekerde stilte
bewaakt door leeuwen die geeuwen.
hunkerend naar de
romantiek die ooit strijkte
achter de getuigenis van Godebski
le Paganinien ontheemd
zijn stenen opus niet langer dionysisch
een ‘Concerto en si mineur’
een ‘Souvenir de Hal’
resonerend in verval
ooit was dit het Nu.
en bijna ook het Moment van gaan.
maar dit MoNument werd vandaag gestemd
in de hoop dat transcriptie
het Nu overeind zal houden tussen het Moment
.
Meer gedichten zijn te lezen op http://www.dedraak.org/tags/gedichten
Afvaart
Gerrit Achterberg
.
Vanaf 1925 publiceerde Gerrit Achterberg gedichten in onder andere De Gids, Opwaartsche wegen en De vrije bladen. Zijn debuutbundel ‘De afvaart’ verschijnt echter pas in 1931. In ‘De Afvaart’ zijn alle elementen die het oeuvre van de dichter kenmerken al aanwezig. Bijvoorbeeld de twee centrale figuren, de ‘ik’ en de overleden ‘u’. De critici vonden het werk destijds vaag, eigenaardig maar ook zeer dichterlijk. Het werd vergeleken met het werk van Leopold en A. Roland Holst.
Uit deze bundel het titelgedicht.
.
Afvaart
Toen ik het einde had bereikt
van mijn verdorven heden,
stond God op uit het slijk,
en weende;
en ik stond naast hem, ziende neder
op een verloren eeuwigheid.
En hij zei: je had geen gelijk;
maar dat is nu voorbij, van heden
tot aan die andere eeuwigheid,
is maar één schrede.
Surplus van liefde, waar moet gij nu heen?
hul u in eigen hoede
en slaap ten overvloede,
en in de morgenstonden… ineen.
Maar neen, laat nog de ziel vermoeden,
achter den horizon van steen,
het landschap dat niet kan verbloeden
omdat het ligt te spiegelen.
Van poëzie bezeten,
door demonen besprongen,
rotten de woorden
bij hun geboorte,
en liederen worden aas voor honden.
.
Met dank aan http://www.kb.nl/ en http://www.waterwereld.nu
Foto: http://www.geheugenvannederland.nl/
Afgunst
Zichtbaar alleen
.
Uit mijn bundel ‘Zichtbaar alleen’ het gedicht ‘Afgunst’ met de foto van Ruben Philipsen.
.
Afgunst
Eerst is er
een klein gloeiend kooltje,
het brandt de jaloezie in
en laat haar
littekens, blijvend
in het vlees
En dan is daar
de wind
Gloeien wordt branden,
hitte verstikt de gedachte
aan afstand, of
het wegsnijden
van de bron
En de wind
doet zijn werk
De behoefte tot blussen en rust
wordt altijd overschaduwd
door wat niet is, niet heeft,
niet mag, niet kan
Dus waait de wind
en gloeit en schroeit
het door
.
Weer twee en niet alleen
Erotisch gedicht van Jo Govaerts
.
In de categorie erotische gedichten vandaag een gedicht van Jo Govaerts. Jo Govaerts (1972) debuteerde in 1987 met de bundel ‘Hanne Ton’, die genomineerd werd voor de Cees Buddingh-prijs. Na haar studies Oost-Europese Talen en Culturen in België en Polen publiceerde zij in 1997 ‘De vreugde van het schrijven, een bloemlezing’ vertaalde gedichten van Wislawa Szymborska. Poëzie schrijven is voor haar een omgangsvorm met de werkelijkheid, een uitdrukkingsvorm waartoe ze gedreven wordt dank zij de fysische mogelijkheid om met de pen om te gaan. Denken en beelden worden gekanaliseerd in woorden, die in gedachten tot een gedicht worden gekneed voordat het aan het papier wordt toevertrouwd. Jo Govaerts schrijft ook een blog op http://www.jogovaerts.be/
Hier nu een gedicht van haar hand uit de bundel ‘Apenjaren’ uit 1998 dit titelloze gedicht.
.
Alsof dit niet te voorspellen is
maar het is niet te
voorspellen, want oog om oog,
hand om hand, omhoog omlaag,
komt hier opnieuw uit alles of niets
wat iedereen herkennen gaat
als iets unieks
.
Zo wil ik altijd
overhoop met je liggen,
in die stilte
na de storm, in dat zachte
slagveld van vervlochten uitgevochten
weer twee en niet alleen
.
Fuckende konijnen
Els Moors
.
De Vlaamse dichter Els Moors (1976) studeerde Germaanse filologie aan de Universiteit van Gent en aan de Gerrit Rietveld Academie. In 2006 debuteert ze met de bundel ‘er hangt een hoge lucht boven ons’ waarmee ze dat jaar genomineerd wordt voor de C. Buddingh’ prijs en in 2007 de Herman de Coninckprijs voor het beste poëziedebuut wint.
In de jaren hierna publiceert ze nog de bundels ‘Het verlangen naar een eiland’ (roman, 2008), ‘Vliegtijd’ (verhalen, 2010) en ‘Liederen van een kapseizend paard’ (poëzie, 2013).
Van haar hand het volgende titelloze gedicht uit ‘er hangt een hoge lucht boven ons’.
.
de witte fuckende konijnen fucken en zij fucken samen
het dak plat
zonder afstandsbediening
galm galm het is ochtend
het is ochtend in dit natte land
dit tandpasta nutella land
dit natte afgematte veld
er staan drie camping caravans met oranje gordijnen
een uit zichzelf verschenen flard mist trekt zijdelings het oog
voorbij
.
Met dank aan Meander en Wikipedia.
Denk ik aan jou
Liefdesgedicht
.
Nu de herfst zich heeft aangediend en de blaadjes weer gaan vallen, is het goed wat extra aandacht te besteden aan de liefdespoëzie. Vandaag van Clem Schouwenaars een liefdesgedicht zonder titel uit de bundel ‘Liefdeshalve’ uit 1985.
.
Als ik denk aan maart
denk ik aan jou,
als ik denk aan hagel,
denk ik aan jou,
ik verberg mij voor het gloren,
en denk aan jou,
ik hoor de eerste merel,
en denk aan jou,
als ik denk aan de koelte,
als ik denk aan jonger,
als ik denk aan durven,
denk ik aan jou,
als ik denk aan meineed,
als ik denk aan vreemden,
als ik denk aan mijzelf,
als ik niet aan jou denk,
denk ik aan jou.
.
De mooiste van Yeats
William Butler Yeats
.
Lannoo | Atlas gaf in 2010 de bundel ‘De mooiste van William Butler Yeats’ uit. Een bundel samengesteld door Koen Stassijns en Ivo van Strijtem. In deze bundel de mooiste gedichten van Yeats met vertalingen van Ben Cami, Paul Claes, Jan Eijkelboom, Adriaan Roland Holst, Hedwig Schwall, Koen Stassijns, Geert van Istendael en Ivo van Strijtem. Met een gedegen uitgebreide inleiding van professor doctor Hedwig Schwall is dit een bijzondere bundel. In de bundel een kleine vijftig gedichten met hun vertalingen.
Uit deze bijzondere bundel het gedicht ‘All things can tempt me’ met de vertaling van Geert van Istendael en Koen Stassijns met de titel ‘Haast alles lokt mij’.
.
All things can tempt me
All things can tempt me from this craft of verse:
One time it was a woman’s face, or worse —
The seeming needs of my fool-driven land;
Now nothing but comes readier to the hand
Than this accustomed toil. When I was young,
I had not given a penny for a song
Did not the poet Sing it with such airs
That one believed he had a sword upstairs;
Yet would be now, could I but have my wish,
Colder and dumber and deafer than a fish.
.
Uit: The green Helmet and other poems, 1910
.
Haast alles lokt mij
.
Haast alles lokt mij van dit dichtwerk weg:
Ooit was ’t een meisjeslach of, brute pech –
De valse noden van mijn dwaze land;
Nu neem ik niets zo makkelijk ter hand
Als dit gewoon karwei. Als jonge vent
Gaf ik voor liederen geen rooie cent,
Tenzij de dichter zong met een aplomb
Of hij een zwaard had liggen in ’t salon;
Kreeg ik mijn zin, dan was ik nu gewis
Kouder en stommer en dover dan een vis.
.





















