Site-archief
Poëziepodium Ongehoord! 10 december
In Rotterdam
.
Op zondag 10 december is alweer het laatste poëziepodium van 2017 in de centrale bibliotheek van Rotterdam. Op de 4e etage in het auditorium komen de volgende dichters:
- Gijs ter Haar (met werk uit zijn nieuwe bundel)
- Marijke Hooghwinkel (ook met werk uit haar nieuwste bundel)
- Peter Goossens uit Vlaanderen (ook al met werk uit zijn nieuwste bundel
- Meliza de Vries (jong en aanstormend talent)
- Gideon Borman (actieheld en dichter)
Wil je deze dichters alvast een proeve van bekwaamheid zien doen kijk dan alle filmpjes hier: https://www.facebook.com/stichtingongehoord/
Natuurlijk is er een open podium. Meldt je hiervoor aan ter plekke bij de presentator Maiko. Toegang is als altijd gratis, koffie en thee staan klaar. Aanvang: 14.00 uur, je kan terecht vanaf 13.30 op de 4e etage van de centrale bibliotheek aan de Hoogstraat (naast de markthal en station Blaak).
Hier volgt alvast een voorproefje van een gedicht van Marijke Hooghwinkel uit ‘werkdagboek[aantekeningen]1996-2014’.
.
gedachten over
wind die de zee in kleine stukjes rond/
je heen uit elkaar barst tot een/
in de nacht helder uitgehouwen//
donzig veertje recht naar beneden valt op de/
grond langs een hek bij het water tegen/
het licht gestapeld ligt//
gerimpeld onkruid verschroeid/
als taartenaarde met slakkenslijm omringd/
door platgetrapt tussen //
wuivende rietstengels/
geur van mest/
brekend glas/
lijn van huizen//
gedachten over zand en//
…..etc.
.
Kaartlezers
Albertina Soepboer
.
Dichter, toneel- en prozaschrijfster Albertina Soepboer (1969) woont in Harlingen en heeft haar atelier in Groningen Ze studeerde Romaanse talen en culturen en Friese taal- en letterkunde aan de Rijksuniversiteit in Groningen.
Haar Friestalige debuutbundel ‘ Gearslach’ verscheen in 1995. Hierna volgden nog negen andere bundels. Naast het Fries heeft ze altijd in het Nederlands geschreven en ze ziet zichzelf dan ook als een tweetalig schrijver. In haar poëzie is die meertaligheid een belangrijk thema. Een ander belangrijk thema is landschap. Het wad komt vaak terug in haar poëzie, maar ook haar passie voor reizen speelt een grote rol.
Voor haar gedichten kreeg ze in 1996, 1997 en 1998 de Rely Jorritsma-prijs. Als dichter heeft ze op vele festivals opgetreden, o.a. op Poetry International in Rotterdam, De Wintertuin in Nijmegen, De Nachten in Antwerpen, Poesie International in het Oostenrijkse Dornbirn, Struga Poetry Evenings in Macedonië en The Ubud Writers&Readers Festival op Bali. Haar werk is vertaald naar het Engels, Duits, Frans en Slavisch-Macedonisch.
Uit de dichtbundel ‘ De hengstenvrouw’ uit 1997 koos ik voor het gedicht ‘ De kaartlezers’.
.
De kaartlezers
.
Dat het dichterbij kwam, daar
waren we wel zeker van. Als duin
zou het in ons huizen. En al
vielen meeuwen vaak uit wolken,
het was er, naderde en naderde.
Zoveel wisten wij.
Het pad, zeker, we tekenden het.
Zo zou het zijn. Alles was in kaart
gebracht en dan zouden we gaan.
Veters gestrikt. Fiets mee. Naar
zee, naar zee waar alles begint.
Zoveel wisten wij.
Maar hoeveel wisten wij niet.
Wij raakten het pad kwijt, konden
de kaart niet meer lezen en
verdronken in zee.
.
Derde prijs Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2017
Rian Visser
.
De derde prijswinnaar Rian Visser, was door omstandigheden niet in de gelegenheid om haar prijs op te halen of haar gedicht voor te dragen. In haar plaats heb ik bij de prijsuitreiking, nadat bekend was gemaakt dat ze de derde prijs had gewonnen, haar gedicht voorgedragen. Het juryrapport over dit gedicht luidt:
.
Juryrapport 3 – Niemand kan mij spreken
Vele dorpen en steden nemen asielzoekers op. Vele mensen in die dorpen en steden begrijpen niet wat deze mensen hier doen. Vele mensen willen het ook niet begrijpen. Vele mensen willen het wel begrijpen. Net als de dichter van dit gedicht.
Het gedicht Niemand kan mij spreken, was in al haar eenvoud voor de jury bijna geen discussie waard. In eenvoudige taal in een paar zinnen opschrijven dat we elkaar soms moeilijk verstaan of niet begrijpen is heel knap. Het is dan ook niet te sentimenteel. Het doet recht aan wat dagelijks aan de hand is.
Ik citeer:
Zij is een taal
die wij niet spreken.
Zij is een geschiedenis
die wij niet leren.
Een mens is meer dan een mens. Veel is bekend, vertrouwd. Maar, veel is -door verscheidene factoren- ook onbekend. Om dat onbekende van elkaar te gaan ontdekken is lef nodig. En de dichter van Niemand kan mij spreken heeft lef. Met dit gedicht laat de dichter niet alleen zijn/haar lef zien, het geeft de lezer ook hoop. Hoop op toekomst van poëzie en hoop op toekomst met ons allen.
.
Niemand kan mij spreken
.
Sinds een paar weken
zit in mijn klas
een meisje dat vluchtte.
Ze doet goed haar best
om ons te verstaan.
Maar vandaag heeft ze mij
verdrietig aangekeken.
Ze zuchtte en zweeg.
Ik denk dat ik het begrijp.
Zij is een taal
die wij niet spreken.
Zij is een geschiedenis
die wij niet leren.
Daarom ga ik het proberen.
Min ’ayna ’anti?
Waar kom jij vandaan?
.
June Bobbe
Tweede prijs Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2017
Marjolein Roozen
.
De tweede prijs van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2017 ging afgelopen zondag naar Marjolein Roozen en haar gedicht ‘3025 AA tot 3026 AN’. De jury schreef over dit gedicht en uitgesproken door Mark Boninsegna:
.
Juryrapport 2 – 3025 AA tot 3026 AN
Dit gedicht heeft de jury heel erg blij gemaakt. Als je van inhoud van postcodegebieden zoiets moois, simpels kan maken. De postcodes in dit gedicht zijn niet alleen Rotterdams, het gedicht is Rotterdams!
De overige juryleden waren zelfs even bang of ík het gedicht niet geschreven had. Het zou een mooie Bokito uit de mouw geweest zijn.
Maar zoals Jaap Montagne zei: Het telefoonboek oplezen is geen poëzie. Maar wat er in een postcode gebied allemaal te doen is en hoeveel verscheidenheid aan mensen en bedrijven, ik zou zeggen: “Lebara, Lebara”.
Of hoe Alexander Franken het zei: Een allegorie waar veel uit te halen valt. Er is niet enkel een opsomming gemaakt, er is mee gespeeld. Op een manier dat het klopt en lekker loopt.
“Lebara,Lebara,Lebara,
Lebara,Lebara,Lebara,Lebara”
Of zoals ik het zeg: No nonsens in al zijn glorie.
.
3025 AA tot 3026 AN
Tandir, Dubai, Diam,
Torino, Tai Wah,
Ri Htim, Kousar, Kasabi,
Warung Rilah, El Aviva,
Het Pijpenhuis, Shaami Huis, Eethuis Marrakech,
Huisarts Stam & Stronkhorst,
Lebara,Lebara,Lebara,
Lebara,Lebara,Lebara,Lebara
Polski, Portuguesa,
HAS, Salan, Driouch,
Marokko, Delfshaven,
Andalus,
Vinodol, Wibra, Wokki,
Lebriz, Etos, Caftar,
De grootste slok,
Zeezicht,
Sidonia, Aan Zet.
.
Winnaar Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2017
Gijs Smit
.
In een zeer goed gevulde foyer van het Bibliotheektheater in Rotterdam organiseerde stichting Ongehoord! gistermiddag de prijsuitreiking van de 6e Ongehoord! Gedichtenwedstrijd met als thema Diversiteit. De dichters die op de shortlist van het bestuur stonden waren allemaal uitgenodigd om, niet alleen aanwezig te zijn, maar ook om hun gedicht voor te dragen. Hoewel er een aantal afzeggingen waren hadden de meeste toch gehoor gegeven aan deze uitnodiging. Afgewisseld met de prachtige zang van June Bobbe lieten de dichters horen waarom het terecht was dat zij op de shortlist stonden. Vanuit vele streken (zelfs een aantal Vlamingen was aanwezig) was men naar Rotterdam gereist.
Tussen de dichters door vertelde Edwin, nieuw bestuurslid van Ongehoord!, iets over de nieuwe koers die Ongehoord! wil gaan varen in 2018. Naast de bekende podia wil Ongehoord! meer aan ontwikkeling van dichters gaan doen door middel van bijvoorbeeld het aanbieden van een aantal workshops. Na zijn verhaal, de gedichten van de aanwezige dichters en de muziek van June was dan eindelijk het verlossende woord aan de jury bestaande uit Mark Boninsegna (voorzitter), Alexander Franken en Jaap Montagne.
Als eerste las de voorzitter een aantal algemene bevindingen op die je hieronder kunt lezen.
Juryrapport algemeen
De jury had de moeilijke taak om uit een shortlist van vijftig gedichten een top drie, bestaande uit een nummer drie, twee en één -de uiteindelijke winnaar van de dichtwedstrijd-, samen te stellen. Nu heeft de jury het geluk dat ze erg kunnen genieten van poëzie. Een straf om vijftig gedichten door te ploeteren was het dus zeker niet. Er zaten dan ook erg leuke gedichten tussen.
Alle juryleden hebben, afzonderlijk, alle vijftig gedichten uitvoerend gelezen en daar hun favorieten uitgehaald. Deze favorieten hebben we gezamenlijk besproken. Soms viel een gedicht door een ander inzicht van andere juryleden al snel af en vaak werd er ook twijfel gebracht. Er was dan ook geen één gedicht die alle drie de juryleden bij hun favorieten hadden staan. Dit bracht de nodige discussies met zich mee. Wat alleen maar goed is. Op deze manier ben je ervan gewaarborgd dat de winnaar ook de terechte winnaar is.
Het thema van de dichtwedstrijd, was diversiteit. En diversiteit was er ook! De jury heeft geen dichter kunnen betrappen die niet van diversiteit houdt. Gelukkig maar. Je zou er niet aan moeten denken dat iedere dichter hetzelfde zou opschrijven. De dichtkunst is voor velen al saai, maar dan zal het dodelijk saai zijn. En, saai was het zeker niet. Hoe sommige dichters vrijelijk gebruik maken van interpuncties, hoofdletters en witregels, het was soms echt een gepuzzel. Wat bedoelt de dichter hiermee? Is het bewust of juist onbewust gedaan?
Vele dichters hanteren het vrije vers. Het vrije vers is een mooi iets. Je kan er alle kanten mee op. Je kan het invullen hoe jij het invult. Maar, wees consequent! Gebruik je punten na iedere zin, gebruik ze dan ook na iedere zin. Gebruik je komma’s, gebruik ze dan consequent. Gebruik je witregels, hanteer deze dan zorgvuldig en niet lukraak. Gebruik je overigens geen punten of andere leestekens in je gedicht, gebruik ze dan ook niet. Witregels hebben echt een functie. Wat de jury zag was soms een warboel van van alles en nog wat. Als je iets wel, of juist niet gebruikt, wees daar dan consequent in. Zoals ik zei, het vrije vers is een mooi iets, maar het heeft wel regels. Dit gaat trouwens helemaal op voor sonnetten.
Tijdens het lezen en bespreken van de ingezonden gedichten kwam de jury ook tot de conclusie dat er weinig originaliteit gebezigd werd. Bijna alles hadden we al een keertje eerder gezien. Hoe mooi je ook een gedicht kan schrijven, als het uiteindelijk een kopie van Wigman, Komrij of Dee is, dan is het al een keer gedaan. Wees origineel. Durf! Jij bepaalt de combinatie van die 26 letters. Die 26 letters die we allemaal schrijven.
Poëzie ben jij en jij bent poëzie.
.
Juryrapport winnende gedicht
En toen was het tijd om de prijswinnaars bekend te maken. De eerste prijs, de winnaar van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2017 is geworden Gijs Smit. Uit het juryrapport:
In tegenstelling tot de realiteit van Niemand kan mij spreken (derde prijs) of het nuchtere, Rotterdamse 3025 AA tot 3026 AN (tweede prijs), is het gedicht Het land, juist sprookjesachtig. Het hele gedicht is als geheel een metafoor. Dàt is ook wat de jury er zo mooi aan vindt.
Een land waar meningen samen leven met vrouwen en mannen en draken. Dit alles, zoals u zich kunt voorstellen, niet zonder problemen. Het is, ondanks de draken, de realiteit van de dag. Het is dan ook het einde, wat het gedicht tot een sprookje maakt. Het einde waarin de avondschemering als muze haar werk doet voor de dichter en waar de poëzie het levenselixer voor de inwoners van het land is. En dat, lieve dichters, is -hoe graag we het ook willen-, niet de realiteit. Zelfs niet als jurylid Alexander Franken denkt dat, dat misschien wel de reden is om kunstenaar te willen zijn is.
De realiteit is dat Het land het winnende gedicht is van de Ongehoord! poëziewedstrijd!
.
Het land
.
Ik heb het land zelf verzonnen.
Draken wonen er.
En vrouwen met schorten en verlangende armen.
Mannen die verlegen door regenpijpen klimmen.
En meningen.
Na elke stap een mening.
Overal zijn woorden.
De meningen discussiëren met de vrouwen,
praten met de mannen,
vertellen de draken wat ze moeten doen.
En nooit zijn ze het met elkaar eens.
Maar na de zon en voor de sterren bereid ik het maal,
serveer muziek, zacht en wonderlijk,
kleuren, dichtbij en onbegrijpelijk mooi.
Zinnen, warm en voelbaar.
En de draken, de vrouwen, de mannen, de meningen
eten de muziek,
drinken de kleuren,
proeven de zinnen.
En het is stil.
.
De tweede prijs (Marjolein Roozen) en de derde prijs (Rian Visser) komen morgen aan bod. Hieronder Gijs Smit met het felbegeerde beeldje van Lillian Mensing en een foto van de winnaars (Rian Visser kon helaas niet aanwezig zijn) en de jury.
Uitreiking Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2017
Zondag 19 november 2017
.
Voor de 6e keer alweer wordt aanstaande zondag de winnaar bekend gemaakt van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd. Dit keer gebeurt dat in de foyer van het Bibliotheektheater aan de Hoogstraat naast de centrale bibliotheek van Rotterdam (naast station Blaak). Aan deze editie hebben ruim 100 dichters meegedaan en de shortlistdichters wordt op deze middag de kans geboden hun inzending voor te dragen, waarna de jury bekend zal maken wie de drie prijswinnaars zijn.
In voorgaande jaren werden de volgende dichters winnaar:
2012: Hervé Deleu
2013: Anneke Wasscher
2014: Alja Spaan
2015: Gerard Scharn
2016: Hein van der Schoot
.
De winnaar krijgt het prachtige beeldje van kunstenares Lillian Mensing, een plek op een podium van Ongehoord! en publicatie van het winnende gedicht op dit blog en de website van Ongehoord! De nummers twee en drie krijgen een plek op een podium van Ongehoord! en publicatie van het gedicht.
De jury bestaat dit jaar uit dichter Mark Boninsegna (voorzitter), dichter Jaap Montagne en dichter/muzikant Alexander Franken.
De middag begint om 14.00 uur (inloop vanaf 13.00 uur), er zal een optreden zijn van zangeres June Bobbe en de toegang is uiteraard gratis.
.
Afsluitend hier een gedicht van de winnares van 2014 Alja Spaan getiteld ‘pardon’.
.
pardon
Terwijl het dorp me probeert te omarmen, met
dunne grijze takken en zwarte vogels
en veel zangerige gesprekken bij de vrijdagse
viskar, kotst de stad me uit.
Straten breken zich op, gebouwen verdwijnen
van hun vaste hoek, bewoners
geven niet thuis. Mijn hakken scherpen zich
aan haar straten, mijn fiets valt
voorbij het rek. Oliebollen lokken reizigers
uit hun treinen, de wind waait
voorbij de kerk, glas ligt gebroken naast een
auto, een stuurse man noteert.
De vrouw met de hondjes loopt dezelfde route
alleen dit keer ziet ze me niet.
.
Doktersverklaring
Menno van der Beek
.
De, in 1967 in Rotterdam geboren, dichter Menno van der Beek was voor mij een onbekende naam. Toen ik wat meer informatie over hem opzocht kwam ik de volgende zaken tegen. Hij werd opgeleid tot organisch chemicus en is werkzaam als computerprogrammeur. Vanaf 2002 is hij medewerker aan een langlopend her-vertaalproject van alle Hebreeuwse psalmen.
Van der Beek is sinds 2004 poëzieredacteur van het literaire tijdschrift ‘Liter’. Hij was ook medewerker aan o.a. ‘Woordwerk’, ‘Zulma’, ‘Meander’ en ‘Rottend Staal’. Menno van der Beek publiceerde 4 dichtbundels en een bundel waarin Lambert Wierenga 12 gedichten van van der Beek analyseert.
Uit de bundel ‘Waterdicht’ uit 2002 het gedicht ‘Doktersverklaring’.
.
Doktersverklaring
.
Ik vraag de dokter zelf even te spreken.
Hij blijkt een heel gewone man te zijn;
zo sterk zelfs, dat ik durf te vragen of hij
misschien zijn witte jas weer aan wil trekken
voor het effect. Hij knikt en hij verstrekt
in uniform zijn informatie. Wij
zijn vrienden want hij weet dingen van mij
en ik heb altijd naar hem opgekeken.
Ik zeg: ‘Ik weet dat u betrouwbaar bent:
u kent precies mijn houdbaarheid. Alleen
een ingreep van uw hand kan mij bewaren.’
Hij zegt: ‘Ik heb uw vader nog gekend.’
Dat zal zo zijn, want ik herken meteen
de strakgetrokken scheiding in zijn haar.
De dokter test mijn ogen. Wijst mij op een kaart
een aantal letters aan. Ik weet niet wat er staat.
.
Licht
De 100 beste gedichten
.
Het VSBfonds heeft aangegeven te gaan stoppen met de VSB poëzieprijs. Dat is om verschillende redenen heel spijtig. Hier is al veel over geschreven en het is echt te hopen dat een grote partij deze prijs (onder een andere naam) kan en wil voortzetten. Behalve het uitreiken van deze prijs voor de beste poëziebundel van een jaar was een bijeffect of bijproduct de publicatie van ‘De 100 beste gedichten van dat jaar’. In deze bundel vaak heel interessante, meer en minder bekende dichters die met een of meerdere gedichten werden opgenomen.
Voor mij ligt de editie van 2002. Al bladerend kom ik dan namen tegen van mij onbekende dichters die vaak heel fraaie poëzie schrijven. Zo ook de dichter J.W. Oerlemans.
Jacobus Willem Huibert Oerlemans (1926 – 2011), beter bekend als J.W. Oerlemans, was een Nederlands dichter en historicus. Van 1986 tot 2002 was hij hoogleraar cultuurgeschiedenis aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam. Tussen 1962 en 2011 zijn er negen bundels van zijn hand verschenen. Oerlemans wordt meestal gezien als de dichter van bundels met veelal korte, romantische, vrije gedichten in sobere taal, waarin melancholie en het besef van vergeefsheid en vergankelijkheid domineren. In 1992 kreeg hij de Anna Blaman Prijs voor zijn gehele oeuvre.
In ‘De 100 beste gedichten van 2002’ staat het gedicht ‘Licht’. Dit gedicht verscheen oorspronkelijk in de bundel ‘De tuinen van dodenman’ een bundel die, vreemd genoeg, ontbreekt in het bibliografisch overzicht op zijn Wikipediapagina.
.
Licht
.
Vaak slaat het licht dwars door de huizen
maar niemand lijkt iets te zien
.
mensen blijven gewoon zitten, lopen rond
met een poes of een handdoek of staan
voor de spiegel iets te doen, eten iets
uit een kast of gaan gewoon met de lift mee
.
intussen slaat het licht door hun oren heen
en door hun boezeroenen en hun botten.
.
Bibliothecarissen, Poëzie en muziek
Op de radio en in de schouwburg
.
Het leven van een dichter/poëzieblogger is bij tijd en wijle heel leuk (leuker dan gemiddeld). Zeker als je twee zondagen achter elkaar je licht mag laten schijnen over wat je doet als dichter. Zo ben ik aanstaande zondag 22 oktober te beluisteren bij het radioprogramma Over Poëzie en Muziek van dichters/presentatoren Sabine Kars en Mas Papo. Op https://www.overpoezieenmuziek.nl lees je er alles over. Over Poëzie en Muziek wordt zondag uitgezonden van 21.00 tot 23.00 uur te beluisteren via http://www.b-fm.nl/webplayer/ We zullen over het dichterschap praten, over inspiratie, over schrijven, ik zal 4 gedichten voordragen en nog veel meer, luisteren dus!
Op zondag 29 oktober zal ik tijdens De middag van de bibliothecaris, worden geïnterviewd door Alek Dabrowski in de foyer van de Schouwburg Rotterdam tussen 16.30 en 18.30 uur. Onder het motto ‘Laat schrijvers schrijven, bibliothecarissen vertellen het verhaal’ zal ik vertellen over wat de bibliotheek aan poëzie doet, een favoriet gedicht voorlezen en daar iets over vertellen en een eigen gedicht voordragen. Wat deze twee gedichten zullen zijn, daar denk ik nog over na. Een favoriet gedicht klinkt zo eenvoudig maar ik heb zoveel favoriete gedichten. Op deze middag verder Meliza de Vries (ook dichter), John Valk (ook muzikant), Leo Willemse (ook blogger) en Jeanine Deckers (ook columniste en activiste).
Kaarten zijn te krijgen á € 5,- bij de Schouwburg en op zondag aan de deur.
Als opwarmer alvast een gedicht van Meliza de Vries.
.
opa
je wees vaak naar die zee,
nadat het water de olifanten
naar het binnenland had verdreven.
je geloofde steeds minder in God,
meer in kwallen en zeewier.
geen vleugels maar vinnen, zei je,
om daarmee de eeuwigheid in te duiken.
.
Repeteergedicht
Ruisch
.
Vandaag stond ik voor mijn boekenkaast en viel me op dat ik toch eigenlijk best veel dichtbundels van Jules Deelder heb. In de jaren tachtig las en kocht ik veel werk van deze Rotterdamse grootheid. Vooral zijn humor, zijn archaïsch taalgebruik, de onderwerpen waarover hij schreef maar bovenal zijn performances spraken me zeer aan. Het was nieuw voor mij dat poëzie, waar ik eigenlijk nog maar net mee bezig was, ook zo gebracht kon worden. De bundel ‘Ruisch’ is een weerslag van wat zijn werk zo kenmerkt; aan de ene kant de bekende thema’s zoals de dood, de oorlog en de taal en aan de andere kant zijn (soms wel heel melige) humor. Toch zijn het de zaken die de rafelranden van de poëzie raken die ik interessant vind. In een recensie van deze bundel lees ik “.. een heerlijk boek voor wie van de rafelrandjes van het leven houdt, en van de poëzie van Deelder in het bijzonder”. Ik ben zo iemand en vandaar hier een gedicht uit deze bundel getiteld ‘Repeteergedicht’ over de poëzie.
.
Repeteergedicht
.
Sommige gedichten dienen
elke dag herschreven.
Gewoon hetzelfde gedicht
elke dag opnieuw.
Andere gedichten niet.
Wéér andere bleven beter
ongeschreven.
Dat zijn verreweg de meeste.
Maar sommige gedichten
dienen elke dag herschreven.
Gewoon hetzelfde gedicht
elke dag opnieuw.
Tot het onlosmakelijk
met ons is verweven
en met de werkelijkheid
tot waarheid is verdicht.
.



















