Categorie archief: Dichtbundels
Johann Wolfgang von Goethe
Rusteloze liefde
.
In de bundel ‘A joy forever’ de mooiste liefdesgedichten uit de wereldlitaratuur, verzameld en ingeleid door Menno Wigman en Rob Schouten staat een schat aan de meest prachtige en bijzondere liefdesgedichten door de eeuwen heen. Zo ook van schrijver, dichter en all round genie Johann Wolfgang von Goethe (1749 – 1832). Het gedicht ‘Rusteloze liefde’ of Rastlose Liebe’ verscheen in vertaling van Geert van Istendael in ‘De mooiste van Goethe’ uit 1997.
.
Rusteloze liefde
.
Door sneeuw, door vlagen,
Door stormen jagen,
In mist van kloven,
In wolken boven,
Uur na uur! Uur na uur!
Zonder rust of duur!
.
Liever door lijden
Word ik verslagen
Dan zo’n groot verblijden
Van het leven te dragen.
Steeds weer de passie
Van hart tot hart,
Geen wonder dat ze
Ons slaat met smart!
.
Waarheen moet ik vluchten?
Vergeten gehuchten?
Altijd verdreven!
Kroon op het leven,
Geluk zonder rust,
Liefde, is uw lust.
.
Rastlose Liebe
.
Dem Schnee, dem Regen,
dem Wind entgegen,
im Dampf der Klüfte,
durch Nebeldüfte,
immer zu! Immer zu!
Ohne Rast und Ruh!
Lieber durch Leiden
möcht’ ich mich schlagen,
also so viel Freuden
des Lebens ertragen.
Alle das Neigen
von Herzen zu Herzen,
ach, wie so eigen
schaffet das Schmerzen!
Wie – soll ich fliehen?
Wälderwärts ziehen?
Alles vergebens!
Krone des Lebens,
Glück ohne Ruh,
Liebe, bist du!
.
Rastlose Liebe, door Ernst Barlach
Huilen is gezond
Willem Wilmink
.
Het kan aan mij liggen maar ik heb het idee dat ik tegenwoordig mensen makkelijker hoor spreken over hun huilgedrag. Op de televisie, in kranten en magazines en in mijn persoonlijke omgeving, huilen is geen taboe (voor vrouwen noch mannen). Op zichzelf een gezond gegeven, huilen is een heel gezonde manier van omgaan met pijn, stress, verdriet en verlies. Willem Wilmink schreef in de bundel ‘Het beloofde land’ uit 2002 een mooi positief gedicht over huilen en hoe gezond dat is.
.
Huilen is gezond
.
Leg nu die krant maar even neer,
echt lezen doe je toch niet meer,
huil nou maar even.
Ja, tegen iemands lichaam aan
zou dat natuurlijk beter gaan,
maar huil nou even.
Dat jij de enige niet bent,
dat is een troost die je al kent,
dus huil maar even.
Een ander troosten voor verdriet
dat kan ook niet, dat kan ook niet,
maar huil toch even.
Altijd maar flink zijn is niet goed:
als je niet weet hoe ’t verder moet,
huil dan toch even.
Straks, met nog tranen langs je kin
denk je ineens: ik heb weer zin,
om door te leven.
.
Mijn honden en ik
Hugo Claus
.
Heel eerlijk gezegd is Hugo Claus voor mij een redelijk onbekende dichter. Ik heb wel wat gedichten van hem gelezen maar dat zijn er eigenlijk niet zoveel. In de vuistdikke bundel ‘Het grote dieren gedichten boek’ uit 2007 las ik echter een gedicht van hem waar ik aan bleef hangen.
De taal van Claus is bijna realistisch en fysiek en toen ik dit gedicht las herkende ik de stijl die ik mij herinnerde van de romans die ik van hem las. Oorspronkelijk verscheen dit gedicht in de bundel ‘Gedichten 1948 – 1993’.
.
Met dank aan Bijke.punt.nl
Selected poems 1923 – 1958
e.e. cummings
.
Zoals de regelmatige lezer van dit blog weet, ben ik een groot fan van de poëzie van E.E. Cummings. Ik weet nog hoe blij ik was toen ik de bundel ‘100 selected poems ‘ van hem kon kopen in Londen in een tweedehands boekenwinkeltje. Nu blijkt er ook al (blijkbaar) lange tijd een andere bundel van hem in mijn boekenkast te staan waarvan ik het bestaan vergeten was namelijk ‘Selected poems 1923 – 1958’ in een Penguin pocket reeks namelijk ‘The Penguin Poets’ uit 1960.
De selectie is door Cummings zelf gedaan uit elf gedichtenbundels (waarvan 10 uit een verzamelbundel ‘Poems 1923 – 1954′ en een elfde bundel getiteld ’95 Poems’ uit 1958.
Uit deze kleine maar o zo fijne bundel koos ik voor het gedicht zonder titel met als openingszin ‘love is more thicker than forget’.
.
love is more thicker than forget
more thinner than recall
more seldom than a wave is wet
more frequent than to fail
.
it is most mad and moonly
and less it shall unbe
than all the sea which only
is deeper than the sea
.
love is less always than to win
less never than alive
less bigger than the least begin
less littler than forgive
.
it is most sane and sunly
and more it cannot die
than all the sky which only
is higher than the sky
.
Dochter
Tomas Lieske
.
De tijd lijkt aangebroken dat nu ook mijn jongste dochter het huis gaat verlaten. Hoewel ze nog geen kamer heeft in de stad waar ze gaat studeren denk ik dat het een kwestie van tijd is voor ook zij het ouderlijk huis gaat verlaten. Rutger Kopland heeft een prachtig gedicht geschreven over zijn dochters en hun vertrek getiteld ‘Vertrek van dochters’ dat je op deze blog kunt lezen (19 maart 2011) en ook ik heb een gedicht geschreven over mijn dochter afzonderlijk, alleen waren ze toen nog een stuk jonger (een voorbeeld staat op 21 april 2008).
Maar waarom schrijf ik dit? Ik schrijf dit omdat ik een gedicht van Tomas Lieske las over, naar ik vermoed, zijn dochter met als titel ‘Dochter’. Ik herken ook in dit gedicht veel dingen. Uit de bundel ‘Hoe je geliefde te herkennen’ uit 2006 daarom dit gedicht.
.
Dochter
.
Je voeten hebben mijn druiven geplet, je handen
mijn deeg gekneed tot ik geen adem meer kon halen.
Je hebt brood van mij gebakken, dat ik in de ochtend rook
maar dat snel verdroogde. Jij hebt mij leeggeschonken.
Je hebt je sigaretten in mijn mond gedoofd, je gesprekken
op mijn huid geschreven, je glimlach mijn oogbol in geperst.
Je hebt mij uitgekleed en je hebt je in mij
neergelegd, je koude voeten hebben mijn ingewand
kapot getrappeld. je hebt mijn duim in je mond genomen,
je hebt mijn botten afgekloven. Wat rest:
de vrede waarin je sliep, die ik gestolen heb;
de filmrol van je kindertijd, die ik gestolen heb.
.
Poëzie zeker
Wat is poëzie?
.
Als je al jaren over poëzie schrijft, zelf poëzie schrijft en er dagelijks mee bezig bent dan wordt de vraag nog wel een gesteld wat poëzie nu eigenlijk is. Op die vraag is geen eenduidig antwoord mogelijk blijkt. Definities genoeg maar geen enkele definitie is hetzelfde. Daarom ben ik eens op onderzoek uitgegaan wat er zoal over wordt gedacht en gezegd. Ter lering ende vermaeck zeg maar.
De Amerikaanse dichter Emily Dickinson schreef ooit in een brief: “If I feel physically as if the top of my head were taken off, I know that is poetry.” De Engelse dichter A.E. Housman zei hierover: “I have to keep a close watch over my thoughts when I’m shaving in the morning, for if a line of poetry strayed into my memory, a shiver races down my spine and my skin would bristle so that my razor ceased to act.”
Ik vergelijk dit met een eigen ervaring. Wanneer je gaat slapen en je bent bijna in slaap maar nog niet helemaal en je gedachten vormen zich in zinnen waarvan je weet dat dit een gedicht op gaat leveren. Dan moet je jezelf dwingen op te staan, of een pen en papier pakken en deze zinnen op schrijven. Hieruit komen vaak de mooiste gedichten.
Dichters kunnen soms ook heel dichterlijk zijn in het omschrijven wat nu precies poëzie is. Voorbeelden hiervan zijn: ‘A thought, caught in the act of dawning’, ‘Means of bringing the wind in the grasses into the house’, of ‘Poetry is a pheasant disappearing in the brush’.
Net als andere vormen van literatuur kan poëzie proberen een verhaal te vertellen, een drama uit te voeren, ideeën over te brengen, levendige, unieke beschrijvingen te geven of onze innerlijke spirituele, emotionele of psychologische staat van zijn uit te drukken. Toch vestigt poëzie bijzondere aandacht op de woorden zelf: hun geluiden, texturen, patronen en betekenissen. Het is vooral ook interessant om je te concentreren op de verbale muziek die inherent is aan de taal.
Een ander opmerkelijk feit is dat meer dan negentig procent van de gedichten in een standaard poëziebloemlezing ( of dat nu Nederlandstalig, Engels, Duits, Spaans of wat voor taal dan ook is) in formele gestructureerde, hoogpatroonvormige metrische versen geschreven zijn. Terwijl de productie van actuele poëzie in meer dan negentig procent bestaat uit vrije vormen. Hieruit blijkt dat wat er onder poëzie verstaan wordt in de loop van de jaren, deccenia, eeuwen, verandert.
Een Amerikaans dichter zei ooit dat een gedicht een “tijdsmachine” is die uit woorden is gemaakt, waarmee mensen in het verleden met ons kunnen praten en wij kunnen spreken met mensen in het verleden, het heden en de toekomst.
Voorzichtige conclusie na een kort onderzoekje dat in geen enkel opzicht enige wetenschappelijke waarde heeft: Poëzie is een god met vele gezichten of zoals Allen Ginsberg het zei: “Poetry is the one place where people can speak their original human mind, it is the outlet for people to say in public what is known in private”.
En omdat elke aanleiding genoeg is om een gedicht te plaatsen of te lezen deze keer een gedicht van Toon Tellegen over poëzie uit ‘Gewone gedichten’ uit 1998.
.
Voorwaarden waaraan een..
Voorwaarden waaraan een
gedicht moet voldoen
Het moet pijnlijk zijn:
altijd, hoe dan ook.
Ik moet het er nooit mee eens
zijn.
Met een lantaarn en een vergrootglas moet ik –
op mijn knieen en vervolgens op mijn buik –
de logica zoeken,
die het telkens laat vallen.
Het moet zich verheffen – daar mag geen twijfel over zijn –
het moet zich altijd verheffen uit zijn nederige stoel,
de ramen opendoen
en zingen – luidkeels, schor en onzinnig –
over de liefde en over mij,
de geur van rozen en onsterfelijkheid, bijna geloofwaardig,
om zich heen,
en nog pijnlijker moet het zijn, nog veel pijnlijker.
.
Afbeelding Poëziecafé Bibliotheek Amstelland
Sprookje
De Vogel Phoenix
.
Uit mijn boekenkast heb ik vandaag de bundel ‘De vogel phoenix’ van M. Vasalis uit 1948 gepakt. Omdat het zo’n prachtige bundel (zowel inhoudelijk als fysiek, na 69 jaar ziet mijn exemplaar er nog als nieuw uit) maar ook omdat ik in het gedicht ‘Sprookje’ iets herkende.
.
Sprookje
Voor mijn Moeder en Dochtertje
.
Zij luistren beiden naar haar oud verhaal,
wondere dingen komen aangevlogen,
zichtbaar in hun verwijde oogen,
als bloemen, drijvend in een schaal.
.
Er is een zachte spanning in hun wezen,
zij zijn verloren en verzonken in elkaar,
-het witte en het blonde haar –
geloof het maar, geloof het maar,
alles wat zij vertelt is waar
en nooit zal je iets mooiers lezen.
.
Sonnet 30
Edna St. Vincent Millay
.
Op zondag 30 augustus 2015 schreef ik op ‘Herman de Coninckzondag’ over zijn bundel ‘Ter ere van de goedertieren maan’ uit 1978. Deze bundel bestaat uit vertalingen van gedichten van Edna St. Vincent. Voor deze vertaling kreeg hij de Koopalprijs in 1981. Edna St. Vincent Millay (1892 – 1950) was een Amerikaans dichteres, toneelschrijfster en activiste. Voor haar prozawerk gebruikte ze het pseudoniem Nancy Boyd. Zij ontving in 1923 de Pulitzerprijs voor poëzie, voor de bundel ‘The Harp-Weaver and Other Poems‘ waarmee ze de eerste vrouw was aan wie deze prijs werd toegekend (de Pulitzerprijs voor poëzie wordt uitgereikt sinds 1922).
Haar eerste poëziebundel ‘Renascence and Other Poems’ (1912) verscheen toen ze pas zeventien jaar oud was, en bevat een aantal opvallend volwassen gedichten, geschreven in een sterk lyrische en romantisch-beschouwende toon. Met name het titelgedicht trok sterk de aandacht, vooral ook door de publicatie in hetzelfde jaar in de bekende bloemlezing ‘The Lyric Year’. Al snel kreeg ze de naam een soort wonderkind te zijn. Haar gedichten zijn doordrongen van beelden uit de natuur en met name van het kustlandschap van haar geboortestreek Maine. Over het algemeen kennen ze een traditionele structuur: Millay maakte veel gebruik van het sonnet, een vorm die ze perfect beheerste, maar waagde zich zelden aan experimenten.
Hoewel biseksueel en bekend door haar schoonheid en onconventionele leefstijl trouwde ze in 1923 met de veel oudere en rijke Nederlander Eugene Jan Boissevain. In 1950 overleed ze na een val van een trap waarbij ze haar nek brak.
Het gedicht ‘Sonnet 30′ werd door Herman de Coninck vertaald en gepubliceerd in ‘Ter ere van de goedertieren maan’.
.
Sonnet 30
.
Love is not all: it is not meat nor drink
Nor slumber nor a roof against the rain;
Nor yet a floating spar to men that sink
And rise and sink and rise and sink again;
Love can not fill the thickened lung with breath,
Nor clean the blood, nor set the fractured bone;
Yet many a man is making friends with death
Even as I speak, for lack of love alone.
It well may be that in a difficult hour,
Pinned down by pain and moaning for release,
Or nagged by want past resolution’s power,
I might be driven to sell your love for peace,
Or trade the memory of this night for food.
It well may be. I do not think I would.
.
Sonnet 30
.
Liefde is niet het einde. Is geen eten en drinken.
Is geen dak boven het hoofd tegen de regen,
geen reddingsboei voor wie verdrinken.
Liefde is nergens voor en nergens tegen.
Liefde biedt geen uitkomst tegen de dood.
Vult geen lege longen met lucht. Verricht geen wonder,
tenzij dat je elke dag al een beetje sterft in mijn schoot.
Je hebt er niets aan maar je kunt niet zonder.
Het kan best zijn dat ik in toekomende tijd,
verslagen van pijn en kreunend om respijt,
gesard door armoe en moe van het huilen
jouw liefde voor rust zou verruilen,
of de herinnering aan vannacht voor een kleiner verdriet.
Het kan best zijn. Maar ik geloof het niet.
.
Foto: Calr van Vechten, 1933
















