Categorie archief: Dichtbundels
Hier
Herman de Coninck-zondag
.
Vandaag op ‘Herman de Coninck-zondag’ een gedicht in twee delen uit de bundel ‘Enkelvoud’ uit 1991, getiteld ‘Hier [1]’ en ‘Hier [2]’.
.
Hier [1]
.
Je hebt onder je ogen niets meer aan.
Het nu ligt op de grond.
Je bent eruit gestapt.
.
Een meter onder je ogen
kom ik in je, ver,
tot waar ik achter je ogen
meekijk naar mij.
.
Later word ik wakker.
Ik mis me.
Je slaapt allebei.
.
.
Hier [2]
.
Er is niet veel nodig om te wonen.
Iemand die ‘hier’ zegt tegen het onmetelijke
.
En een medaillon op de schouw,
een pasfotootje. Zo klein
is het onvergetelijke.
.
L’histoire se répete
Hugo Pos
.
Uit de fijne bundel erotische gedichten ‘Seks, de daad in 69 gedichten’ vandaag een gedicht van Hugo Pos in twee delen. ‘L’histoire’ en ‘se répête’ .
.
I. L’Histoire
.
Er was in mijn studententijd
een meisje dat toen heel bereid
zich van haar broek ontdeed en dan
niet wilde dat ik aan haar kwam.
.
II. Se répête
.
Een groet uit het Beloofde Land,
stond op haar ansichtkaart geschreven
de engel met het vlammend zwaard
is, wist ik, op zijn post gebleven.
.
Bij de dood van ome Cor
Jules Deelder
.
Er zijn dagen dat je gewoon even een gedicht van Jules Deelder wil lezen. vandaag is zo’n dag. Vandaar hier het gedicht ‘Bij de dood van ome Cor’ uit de bundel ‘Interbellum’ uit 1987.
.
Bij de dood van ome Cor
Ze zijn nu weer samen
de jongens van Deelder
Na Arie en Jaap
kwam Corrie het laatst
Ze hebben op elkaar gewacht
Arie en Jaap en die samen
weer op Corrie
die de jongste was
Nu lopen ze rond door
het Hiernamaals
en drinken een borreltje
op onze gezondheid
Ze lachen en praten en
hebben geen pijn en ze
laten ons weten: Het is
niet erg om dood te zijn
.
Hans Tentije
Verzamelbundel
.
Uit de verzamelbundel van Arie Boomsma “met dat hoofd gebeurt nog eens wat’ een gedicht van de dichter Hans Tentije. Voor mij was Tentije nog een onbekende dichter vandaar dat ik op zoek ging naar wat informatie over hem. En die heb ik gevonden.
Hans Tentije (1944, pseudoniem van Johann Krämer) werkte als docent Nederlands, maar wilde eigenlijk schrijver en dichter worden. De eerste gedichten die Tentije schreef hadden een politieke inslag. Eind jaren zestig heerste de gedachte onder jongeren dat alles zou veranderen. Toen dat niet gebeurde heerste er teleurstelling, een zeker cynisme. Dit cynisme kwam terug in Tentijes vroegere werk. Zijn latere gedichten benadrukken meer de avontuurlijke kant van het leven.
Oorspronkelijk uit de bundel ‘Uit zoveel duisternis’ uit 2006 een titelloos gedicht.
.
Jezelf het zwijgen opleggen, ernaar verlangend
niets meer te hoven zeggen, vanwege
het verwarrende, het onuitsprekelijke – opstaan en zonder echt
afscheid te nemen uit elkaar gaan, het ogenblik
waarop je het dorp verlaat, je wereld van herinneringen
met je meesleept, om je gezicht te begraven
in bont, in een wilde, onkambare vacht, op zoek
naar warmte, naar lijfgoed, naar liefde
en het schunnige daaronder, het leven valt niet te vermurwen-
je toekomst is al verleden, is pijn
die nooit overgaat maar toch is geweken
.
Foto: Marion Krämer
.
Meer informatie over Hans Tentije op: http://www.deharmonie.nl/auteur/auteurdetail.asp?id=63
Herman de Coninckzondag
Zonder titel
.
Zondag, dus een gedicht van Herman de Coninck. Vandaag heb ik gekozen voor een gedicht zonder titel uit de bundel ‘Nu dus’. Dit kleine bundeltje (11 pagina’s) is gedrukt in een oplage van 25 stuks en werd gemaakt in 1995 door uitgeverij AMO.
.
Ik herinner me een gedicht dat ik nooit
schreef, waarin het woord bunker
veel wind door zich heen laat gaan
en rijmen moet op hunker.
.
Het tocht er van hartstocht.
Alles moet zich vasthouden.
Als het over is blijken wij
.
elkaar vast te houden.
Wat nu.
.
Nu, dus.
.
Foto’s http://veiling.catawiki.nl/
Binnenstadboogie
Recensie
.
Alexander Franken, de sympathieke dichter/singer-songwriter uit Den Haag, heeft bij U2pi zijn nieuwe bundel Binnenstadboogie gepubliceerd met gedichten en liedteksten. Op de achterkant van de bundel staat te lezen: ‘Alexander schrijft wat in hem opkomt. Soms is dat kort, lang, grappig, serieus, muzikaal, werelds.’
Na lezing van de bundel kan ik dit beamen. Binnenstadboogie is gevuld met bekend werk van Alexander (gedichten en liedjes die hij regelmatig op allerlei podia ten gehore brengt) maar ook (voor mij) onbekend werk. Van kort (drie korte zinnetjes) tot lang (meerdere pagina’s), Haags (daarover straks meer), grappig en serieus (zeker) en werelds.
Bundels als deze hebben vaak een thema of een rode lijn maar in Binnenstadboogie is dat vooral de mens Alexander Franken. Dat hij niet alleen dichter is maar (misschien wel vooral) singer-songwriter blijkt voor mij uit het feit dat bij veel teksten je bijna automatisch een muzikale lijn, een melodie in je hoofd krijgt waarop de tekst gelezen kan worden. Dat veel van zijn teksten rijmen draagt hier zeker aan bij. In zekere zin is een deel van zijn teksten als light verse te betitelen.
Als mede Hagenees kan ik ook veel van de teksten plaatsen. gedichten/liedteksten met titels als Scheveningen, Paleis Noordeinde, Zeebenen in de tram, Haags hart, De Oude Mol en Nu de duinen rusten zijn voor de inwoner van Den Haag pareltjes van herkenning en voor de niet Hagenaar/Hagenees een mooie reden om de Hofstad te bezoeken of te (leren) ontdekken.
Met veel liefde en warmte schrijft hij over zijn stad en haar inwoners. Vaak op een persoonlijke toon (Kees, Klaas, Maarten, Saskia en Bram, we leren ze allemaal via Alexander kennen) of in een beschrijving van situaties die Alexander meemaakt.
Ook de liefde komt regelmatig aan bod, het verlangen, de hoop, de hunkering. De liefde voor mensen en voor dingen, plaatsen. Zelfs uit het genadeloze gedicht Zoetermeer (waar ik ben opgegroeid en ook nog eens in de wijk Palestijn) blijkt een “Haagse liefde”.
Binnenstadboogie heb ik in één ruk uitgelezen maar met de wetenschap dat ik de bundel nog vaak even zal oppakken om een tekst terug te lezen of uit te citeren. Alexander Franken is geen dichter van de grote poëzie, zijn teksten neigen vaker naar liedteksten of anekdotes dan naar gedichten maar ik heb er van genoten. De poëtische teksten die ook in de bundel staan krijgen misschien daardoor juist wel een extra lading.
Omdat ik zelfspot een prachtige eigenschap vind, hier het gedicht ‘Zoetermeer’.
.
Zoetermeer *
.
Buien lusteloosheid
dalen op mij neer
als iemand mij verteld
“U nadert Zoetermeer”
.
De architect die dat bedacht heeft
was aan de drugs of straalbezopen
waarom heeft hij geen galg bedacht
om hem aan op te kunnen knopen
.
Een wijk heet er Palestijn
daar durft geen jood te komen
maar ook de vrome moslims
willen er niet wonen
.
Het Stadshart klopt er niet
.
De mensen zijn er chagrijnig
gelijk moet je ze geven
er valt toch niets te lachen
als je in Zoetermeer moet leven
.
Ik wou dat er een eind aan kwam
dus bad ik : “Lieve heer,”
“Als u ooit nog iets gaat scheppen”
“schep dan geen Zoetermeer”
.
* Met dank aan René Geerlings
Meer informatie over Alexander Franken en de bundel staat op zijn website http://www.alexanderen.nl
Voor de spiegel
Vlaardings eigen
.
Uit mijn boekenkast vandaag een alleraardigst bundeltje op oblong formaat getiteld ‘Vlaardings eigen’ een literair en historisch geschenk van de Stadsbibliotheek Vlaardingen. Met gedichten van Look J. Boden, Benne van der Velden, Sander Groen, Elma Oosthoek, Mirjam Poolster en Aat Rolaff. Daarnaast zijn gedichtjes en tekeningen uit de unieke poëziealbums van een aantal Vlaardingse families uit de collectie van het Stadsarchief in de bundel opgenomen.
Van Look J. Boden (1974) tekstschrijver, fotograaf en grafisch vormgever heb ik het gedicht gekozen ‘Voor de spiegel’.
.
Voor de spiegel
.
Ze maakt zich op
voor het avondmaal.
.
Nog één keer
zorgt de poederkwast
voor schaamrood op de kaken.
.
Nog één keer
haalt ze de merkstift
van liefde over haar mond.
.
Nog één keer
paradeert ze
langs het uitzinnig publiek.
.
Na haar verjaardag
blijft het stil
en vraagt de nieuwe alfahulp
of die mensen op de foto
soms haar kinderen zijn.
.
Soms wel, ja.
.
120% Rotterdammer
Jeroen Naaktgeboren
.
Uit mijn boekenkast vandaag een heel aardig bundeltje met de titel ‘120% Rotterdammer’ gedichten en gedachten uitgegeven de SP in Rotterdam in 2005. De SP vroeg dichters, columnisten en andere creatievelingen stelling te nemen tegen de zogenaamde 120% regeling die alle Rotterdammers die minder dan 120% van het minimumloon verdienen tot ongewenste vreemdeling zou verklaren. Bekende en minder bekende Rotterdamse dichters gaven hieraan gehoor zoals onder andere Jana Beranová, Joz Knoop, Edwin de Voigt, Juan heinsohn Huala, Amir Afrassiabi en Menno Smit.
En Jeroen Naaktgeboren van de Woorddansers, de eerste stadsdichters van Rotterdam. Het gedicht ‘Percentagegewijs’ is het eerste uit deze bundel.
.
Percentagegewijs
.
De auto van mijn buurvrouw is voor 70% van haar
De tramconducteur heet voor 25% arbeidsongeschikt
In mijn buurt is 50,2% van de woonachtige mensen man
5% van de kinderen zijn meer op MSN dan op het plein
Het percentage werkzoekenden in mijn wijk is 15
5,3% van de Overschiese bevolking valt onder ‘overig rijk’
Met 2% van mijn huidige salaris kan ik op vakantie
Van Kralingen-Oost behoort 7,1% tot etnische minderheden
Voor mijn theorie-examen mocht ik 10% fout beantwoorden
In 2002 koos 6,5% van het Noordereiland voor de SP
.
Met vier bakken koffie en een bic pen
kon ik op papier niet duidelijk maken
hoe mijn buurman 120% moest zijn,
in de statistieken vond ik niets terug
.
we telden elkaar
één bij één op
kwamen tot twee,
te delen naar samen
.
100% tevreden
120% verbaasd
.



















