Categorie archief: Favoriete dichters
Johnny van Doorn
KOMTOCHEENSKLAARKLOOTZAK
.
Omdat Johnny van Doorn (1944-1991) zulke bijzonder beeldende poëzie schreef en omdat een ieder die hem (nog) niet kent zeker kennis moet maken met deze ‘selfkicker’, een gedicht van zijn hand uit de bundel ‘Verzamelde gedichten uit 1994 getiteld ‘komtocheensklaarklootzak’.
.
KOMTOCHEENSKLAARKLOOTZAK
.
Mijn kamer verhuurd
Voor een uur of 2
Aan enkele verstok-
Te voyeurs:
Een gat in de
Vloer geeft een
Luxueus uitzicht
Op het onderliggend
Temijersbed &
Bij iedere seance
Kreunt mijn
Krolse kat
Luidruchtig mee &
Via een snelle
Knopindruk golf
De (van een bedrijfs-
Tape afkomstige)
Mededeling – Kom
Toch eens
Klaar Klootzak –
Door het met
Rococomeubelen
Ingeriochte
Naaivertrek &
Tot zieleheil
Van mijn somber
Herfstig wezen
Herstel ik het
Schiet- en avondgebed
In ere &
Iedere nacht
(Tussen haar billen
Ingevouwen)
Spreek ik tot de Goede God
.
Heb mij nodig
Herman de Coninck
.
Vandaag is zo’n dag dat ik een gedicht van Herman de Coninck met jullie wil delen. Poëzie en zeker poëzie van sommige dichters sluit soms heel goed aan bij mijn gemoedstoestand. Vandaag is mijn gemoedstoestand er een waarbij Herman de Coninck past. Ik heb gekozen voor het gedicht zonder titel uit de bundel ‘Enkelvoud’ uit 1991.
.
Heb mij nodig. Kun mij niet missen
Heb verdriet. Ik heb daar van alles tegen,
Levensbeschouwing, aforismen, groter verdriet:
Het is familie. Van geluk weet ik dat niet.
Er is geluk waarmee je alleen
moet zijn. Het te grote,
Zo heb ik, toen jij geboren was, een dag
door bossen gelopen. En toen pas besloten
dat jij er misschien mee te maken had,
en je moeder, die ik kende van vroeger.
Er is keihard geluk, waarvoor je moet
achterlaten en hebben en twintig zijn
zoals in het Frans: twintig jaar hebben.
Heb mij niet nodig. Kun mij missen.
Pas later ben je ooit weer twaalf geweest.
Dan kun je ook rustig veertig worden.
Dan is geluk verdriet. Een naald die Schubert leest
Kun mij dan missen maar doe het niet.
.
Een dichter in oorlog
Frederick William Harvey
.
Frederick William Harvey werd geboren in 1888 en volgde onder druk van zijn familie een opleiding tot advocaat. Omdat zijn hart bij de poëzie lag en niet bij het leven van een jurist zakte hij voor zijn examen. Hierop werd hij naar een intensieve rechtenopleiding in Londen gestuurd waar hij uiteindelijk slaagde in 1912. Bij thuiskomst begon hij met flinke tegenzin in zijn eigen advocatenpraktijk.
Op 8 augustus 1914, vier dagen nadat Engeland Duitsland de oorlog had verklaard, schreef Harvey zich in bij het leger. Waarschijnlijk schreef Harvey zich vooral in om aan zijn beroep als advocaat te ontsnappen. “Daarnaast was het normaal om als goed opgeleide man zich in te schrijven” vertelt hij. “Dit werd gezien als een zeer patriottisch iets om te doen.” De meeste mannen twijfelden dan ook geen moment en schreven zich zo snel mogelijk in. “Iedereen dacht ook dat de oorlog zo voorbij zou zijn. Dit wereldconflict zou uiteindelijk vier jaar duren.” Harvey, die zo hoog opgeleid was en daarom meteen officier had kunnen worden, weigerde deze functie en hij was niet de enige. “Naarmate de oorlog voortduurt werden veel mannen gepromoot tot officier maar sommigen weigerden deze functie. Zij bleven liever soldaat in de ‘gewone’ troepen.”
Harvey was niet zomaar een soldaat in de Eerste Wereldoorlog. Hij werd tijdens en na de oorlog geroemd om zijn poëzie. Daarnaast was Harvey’s streven naar gelijkheid tussen de soldaten zeer benoemenswaardig. Zo schreef hij zich in het leger in als een ‘gewone soldaat’, terwijl hij, vanwege zijn hoge afkomst, meteen officier had kunnen worden. Zijn werk had zowel tijdens en na de oorlog een grote impact op de samenleving.
Terwijl Harvey meevocht in de loopgraven tegen Duitsland, schreef de soldaat honderden gedichten. Zijn werk werd zelfs gepubliceerd, nog tijdens de oorlog. Harvey bracht twee collecties uit genaamd ‘A Gloucestershire Lad at Home and Abroad’ in september 1916 en ‘Poems from a German Prison Camp’ in september 1917. Vooral die laatste is heel erg bijzonder; het is de enige verzameling van gedichten van een soldaat die tijdens publicatie daadwerkelijk een krijgsgevangene was.
.
If we return
just England still to you and me?
The place where we must earn our bread?
We who have walked among the dead,
and watched the smile of agony,
and seen te price of Liberty.
Which we had taken carelessly
from other hands. Nay we shall dread,
if we return.
Dread lest we hold blood-guiltily
the things that men have died to free.
Oh, English fields shall blossom red,
for all the blood that has been shed,
by men whose quardians are we,
if we return.
Haags fris
Anne Borsboom
.
Op 26 maart 2015 bestond Poëziecafé in bodega De Posthoorn in Den Haag 2 jaar. Ik mocht daar samen met o.a. Frans Reijman, Eelco van der Waals en Cor van Welbergen voordragen, zoals ik twee jaar daarvoor ook bij de allereerste editie mocht voordragen. Op deze avond kregen alle aanwezigen van Will van Sebille de bundel ‘Haags fris’ met als ondertitel ‘Huilend in Den Haag’. De bundel werd in 2010 uitgegeven door De Witte Uitgeverij en samengesteld door Diann van Faassen, Harry Zevenbergen en Will van Sebille.
Uit deze bundel heb ik het gedicht ‘Na vandaag: Den Haag’ van Anne Borsboom gekozen. Anne Borsboom is een collega auteur van mij die (net als ik) bij uitgeverij De Brouwerij poëzie heeft gepubliceerd (Brussels kant).
.
Na vandaag: Den Haag
.
De contactsleutel draait stroef
mijn roestige Italiaan zwelt
achterin de kinderen
‘vandaag verhuizen we’, zeg ik
‘wees flink,
nieuwe vrienden maak je zo
en herinneringen zijn voor later’
ze sputteren
de katten mauwen
de kanarie wil niet
ze verstaan geen Haags
.
ik zal het ze leren
.
Smaak
Anton Korteweg
.
Anton Korteweg (1944) is dichter en neerlandicus en was directeur van het Letterkundig museum en Documentatiecentrum in Den Haag. Toen in 2009 het Nationaal Documentatiecentrum Maarten ’t Hart werd opgezet in de bibliotheek van Maassluis was hij één van de leden van het comité van aanbeveling.
Sinds zijn debuut in Tirade in 1968 heeft Anton Korteweg met regelmaat dichtbundels gepubliceerd. Zijn poëzie kenmerkt zich door de ironische beschrijving van kleine gebeurtenissen, die gevoelens van melancholie oproepen. In zijn enigszins afstandelijke stijl bedient hij zich van woordspelingen en archaïsmen en maakt hij gebruik van alledaagse woorden voor verheven onderwerpen. In 1986 ontving hij de A. Roland Holst-Penning.
.
Uit de bundel ‘Voortgangsverslag’ uit 2005 het gedicht ‘Smaak’.
.
Smaak
.
De liefste muziek blijft toch die
waarbij je afwassen kan,
ouderwets, zonder machine,
met teiltje en afwaskwast.
.
Lepels tegen een kopje,
geplop, gerinkel van glaswerk,
een botsend bord, vallende vorken
doen er geen afbreuk aan.
.
Ik kom dan al snel terecht
bij Carmen, Bolero, Liszt,
Traviata, Eroica,
maar Mahler gaat me te ver.
.
Dik bovenop, vettig, tering,
let niet op een haaltje extra,
luid, schmierend, duidelijk.
.
Lekkere, hoerige ordi’s
niet om aan te horen zo plat,
die doen het bij mij altijd wel.
.
Bezing mij de zuivere meisjes
Velimir Chlebnikov
.
Van Geraldina Metselaar kreeg ik het bijzonder fraai uitgegeven bundeltje Verzameld werk, Poëzie 1 van Velimir Chlebnikov. In deze bundel, uitgegeven door Filonov in 2012 staan gedichten van Chlebnikov uit 1904-1908 in een vertaling van Willem G. Weststeijn.
Velimir Chlebnikov (1885-1922) werd geboren in wat nu Kalmukkië heet en was Russisch dichter en theoreticus. Als dichter maakt hij deel uit van de Futuristen. De Futuristen zetten zich af tegen de toen dominante stroming in de Russische literatuur, het Symbolisme, waarin verbeeldingskracht, fantasie en intuïtie centraal werden gesteld. De Futuristen verworpen deze volledige “oude” literatuur. Het poëtische woord moest weer centraal komen te staan.
Chlebnikov experimenteert vooral met klankpoëzie en hij ontwikkelt een geheel eigen (bijna mathematisch) systeem waarin diverse talen (de vogeltaal, de godentaal, de sterrentaal) evenzoveel semantische ontwikkelingen doormaken die de dichter bijstaan in het kanaliseren van zijn niet te stuiten creatieve energie. Veel literatoren zien Chlebnikov tegenwoordig als één van de belangrijkste vernieuwers van het Modernisme en zijn invloed op de Russische literatuur is groot.
Uit de bundel een aantal korte gedichten uit de jaren 1907 en 1908.
.
Bezing mij de zuivere meisjes,
Kibbelaarsters met hun vogelkers,
De breedgeschouderde jongens:
Ze zijn er – ik weet en geloof het.
.
Maanlicht, een witte omheining,
Populieren als zeilen veraf.
Hier komt de nachtelijke minnaar,
Schuift van het hekje de grendel af.
.
Wie als beroemde tovenaar
Roemvolle kunst waardeert:
Hij noemt de Slaaf
Een nachtegaal.
.
Met dank aan Wikipedia.
Leo Vroman
Vrede
.
Na een week van liefdesgedichten zou ik bijna vergeten om een prachtig gedicht over de vrede te plaatsen. Na 4 en 5 mei is dat wel gepast. Met dank aan hetmooistegedicht.blogspot.nl een van de, volgens mij, mooiste gedichten over de oorlog en de vrede van Leo Vromans. Dit gedicht bevat een aantal van de mooiste zinnen uit de Nederlandse poëzie.
.
Vrede
Komt een duif van honderd pond,
een olijfboom in zijn klauwen,
bij mijn oren met zijn mond
vol van koren zoete vrouwen,
vol van kirrende verhalen
hoe de oorlog is verdwenen
en herhaalt ze honderd malen:
alle malen zal ik wenen.
.
Sinds ik mij zo onverwacht
in een taxi had gestort
dat ik in de nacht een gat
naliet dat steeds groter wordt,
sinds mijn zacht betraande schat,
droogte blozend van ellende
staan bleef, zo bleef stilstaan dat
keisteen ketste in haar lenden,
ben ik te dicht en droog van vel
om uit te zweten in gebeden,
kreukels knijpend evenwel,
en ‘vrede’ knarsend, ‘vrede, vrede’.
.
Liefde is een stinkend wonder
van onthoofde wulpsigheden
als ik voort moet leven zonder
vrede, godverdomme, vrede;
want het scheurende geluid
waar ik van mijn lief mee scheidde
schrikt mij nu het bed nog uit
waar wij soms in dromen beiden
dat de oorlog van weleer
wederkeert op vilte voeten,
dat we, eigenlijk al niet meer
kunnend alles, toch weer moeten
liggen rennen en daarnaast
gillen in elkanders oren,
zo wanhopig dat wij haast
dromen ons te kunnen horen.
.
Mag ik niet vloeken als het vuur
van een stad, sinds lang herbouwd,
voortrolt uit een kamermuur,
rondlaait en mij wakker houdt?
Doch het versgebraden kind,
vuurwerk wordend, is het niet
wat ik vreselijk, vreselijk vind:
het is de eeuw dat niets geschiedt,
nadat eensklaps, midden door een huis,
een toren is komen te staan van vuil,
lang vergeten keldermodder,
snel onbruikbaar wordend huisraad,
bloedrode vlammen en vlammend
rood bloed, de lucht eromheen behangen
met levende delen van dode doch
aardige mensen, de eeuwlange stilte voor-
dat het verbaasde kind in deze zuil
gewurgd wordt en reeds de armpjes opheft.
,
Kom vanavond met verhalen
hoe de oorlog is verdwenen,
en herhaal ze honderd malen:
alle malen zal ik wenen.
.
Ik denk…
Bert Schierbeek
.
Bert Schierbeek (1918 – 1996) was één van de dichters die aan de wieg stond van de beweging die wij kennen als de Vijftigers. Schierbeek was een alleskunner, hij schreef romans, verhalen, toneelstukken, essays en gedichten, al was het onderscheid tussen de verscheidene vormen niet altijd even duidelijk. In 1986 publiceerde hij de bundel ‘De deur’ en uit die bundel komt onderstaand gedicht.
.
Ik denk…
.
ik denk
als het regent
laat ze niet nat worden
.
en als het stormt
vat ze geen kou
.
en ik denk ook
dat dat denken
niet helpt
.
want je wordt nooit meer
nat noch vat je kou
.
want het regent
noch waait ooit
meer voor jou
.
Voor jou
Hans Warren
.
In 1982 verscheen van Hans Warren de poëziebundel ‘Dit is werkelijk voor jou geschreven’. In die bundel staat het (bijna) titelgedicht ‘Voor jou’. In de week van de liefdesgedichten mag dit gedicht natuurlijk niet ontbreken.
.
Voor jou
.
Ben jij het die dit leest? Heb je net
je astrakan muts afgezet, en vallen nu
je zwarte krullen warm naar het papier?
Slaat het licht van deze bladzij
op in de goudspikkels van je ogen,
glimlach je gelukkig, nu je merkt
dat ik dit weet, en breng je ook
je donkere lippen zo dicht bij de woorden
dat het lijkt of je ze gaat kussen?
Leg je, toch even onzeker, je vinger
tussen de bladzijs, druk je het boek
tegen je borst, waar het ritselt
door het bonzen van je hart?
Ben je nòg mooier nu, kijk je door het raam?
Wees gerust: dit is werkelijk voor jou geschreven.
.



















