Categorie archief: Favoriete dichters
Omdat het kan
Nog maar een gedicht van Charles Bukowski
.
gewoon omdat het kan en omdat het één van mijn favoriete dichters is.
.
En nu?
.
De woorden zijn gekomen en gegaan,
ik zit hier ziek nu.
De telefoon rinkelt, de katten slapen.
Linda stofzuigt.
Ik wacht om te leven,
wacht om te sterven.
Ik wou dat ik wat heldendom kon inluiden.
Het is maar een trieste ingreep maar de boom buiten
weet het niet:
ik zie hem bewegen in de wind
in de late namiddagzon.
Er valt hier niets aan te geven,
alleen maar wachten.
Ieder staat er alleen voor.
O, ik was ooit jong,
O ik was ooit ongelooflijk
jong!
.
Chris van Geel
Dichter en beeldend kunstenaar (1917 – 1974)
.
In de Volkskrant van 8 december (boekenbijlage) staat een recensie van ‘Ik ben een onderling onverzoenlijke ratjetoe’, een brievenboek van Chris van Geel, dichter en beeldend kunstenaar. Nu kende ik de dichter Chris van Geel eerlijk gezegd niet maar de beschrijving door Aleid Truijens maakt mij nieuwsgierig.
Allereerst was er de opmerking dat je Chris van Geel moest ‘close readen’. Ik heb de definitie van close reading er maar eens bijgezocht en daaruit blijkt dat deze vorm van ‘duiden’ niet of nauwelijks meer wordt gebruikt. Uit Wikipedia:
.
Close reading is een vorm van literaire kritiek die zich toelegt op een minutieuze lezing van de tekst zelf, zonder gebruik te maken van biografische of andere extra-literaire informatie.
Close reading gaat ervan uit dat geen enkel element in een literaire tekst er ‘zomaar’ staat: alles heeft zijn functie en de tekst vertoont een hechte samenhang in al zijn lagen.
De zuivere close reading wordt tegenwoordig bijna niet meer beoefend. Onder invloed van de ‘cultural studies’ wordt literatuur weer bestudeerd als onderdeel van een historisch, maatschappelijk en cultureel netwerk.
.
Dat deze vorm van lezing en duiding niet meer in zwang is lijkt me terecht. Toch werd ik alsmaar nieuwsgieriger helemaal toen ik las dat ‘Van hen (Jan Emmens, Jan Hanlo, Judith Herzberg, Elisabeth Eybers en Tom van Deel…) moest hij weten wat ze goed vonden en wat niet, welke regels weg of anders moesten’ en ‘Toen in 1958 zijn eerste bundel Spinroc verscheen, was hij een ervaren dichter’. Voeg daarbij alle rampspoed die hem overkwam in zijn leven en het enige dat je nog wil is zijn poëzie lezen.
Wat opvalt is zijn voorkeur voor het dichten over de natuur. Op de blog van Elly de Waard http://www.ellydewaard.nl/blog/ (zij woonde in de jaren 60 van de vorige eeuw samen met Chris van Geel) staan bij de nagelaten gedichten louter gedichten over de natuur. Hier een voorbeeld.
.
Eenden
Ze zijn al weg uit water
en moeilijk van bewegen
verruilen zij hun zwijgen
voor angstaanjagend kwaken.
.
Op de begroeide oevers
klapwieken zij omdat ze niet
hun snavel ongestoord
in water kunnen steken.
.
Met tegenzin op vleugels
verlaten zij de grond,
hun zware lichaam trekt
uit zicht het donker in.
.
met dank aan gedichten.nl
.
Hoewel ik bij de gedichten die ik heb kunnen vinden niet aan close reading heb gedaan, vond ik ze heel toegankelijk en bijzonder. Hoewel poëzie over de natuur mij dan weer minder boeit, waren de gedichten die ik las zeer de moeite waard. Kortom een dichter om te ontdekken als je hem nog niet kende of te herlezen als je hem al wel kende.
Droomboekje
Vrijdag 14 december 2012
.
Op vrijdag 14 december om 17.00 uur presenteert Uitgeverij Nadorst, in Studio Bakkerij aan de Bergweg 283 te Rotterdam, het ‘Dromenboekje’, een intiem boekje over de liefde. Het boekje is het resultaat van de samenwerking tussen dichter Joris Lenstra ( één van de juryleden van de Ongehoord! Poëziewedstrijd 2012) en beeldend kunstenares Frances Alleblas.
Joris Lenstra schreef 26 dromerige gedichten. Frances Alleblas maakte, geïnspireerd op de deze teksten, evenzeer dromerige, suggestieve tekeningen.
.
De bijbehorende tentoonstelling in Studio Bakkerij loopt nog tot en met februari 2013.
Hieronder een voorbeeld uit het ‘Dromenboekje’.
.
Hervé Deleu
Winnaar Ongehoord! Poëzieprijs 2012
.
Op 11 november werd zijn gedicht door de jury verkozen tot het beste van de inzendingen van de Ongehoord! poëziewedstrijd 2012. Hervé Deleu is naast een goed dichter ook nog eens een bijzonder aimabel mens. Hij stuurde mij zijn, in eigen beheer, uitgegeven werk toe.
In 2013 wordt Hervé (en Erna Spoelstra en Sabine Kars) uitgenodigd om voor te dragen op het Ongehoord! podium. Hier alvast een gedicht van zijn hand.
Uit de bundel ‘Controverse’ het gedicht ‘Treingezel’.
.
Treingezel
.
Onderuitgezakt
oogt hij als een valstrik
die haar moeiteloos
in hem zal doen opgaan.
Maar ze is een vrouw van de liefde
die weet dat ze verloren is
als ze terugkijkt.
Ze opent een boek
en beschermt haar blik.
De wereld krimpt tot twee bladzijden.
.
Ieder ontwaken een feest
Adriaan Bontebal (1952 – 2012)
.
In het midden van de jaren tachtig las ik de verhalenbundel van Adriaan Bontebal ‘Vijf voor vierentachtig’ moet dat zijn geweest. Eerlijk gezegd weet ik de titel niet meer precies maar omdat dit de enige verhalenbundel is die hij uitgaf in die tijd moet dat hem wel geweest zijn. Ik was toen al onder de indruk van zijn talent om schijnbaar nietszeggende, lullige, dagelijkse dingen zo te beschrijven dat ik er in ieder geval erg om moest lachen en van kon genieten. De naam van Bontebal is me altijd bijgebleven. Toen begin 2012 het bericht verscheen dat hij was overleden moest ik meteen weer aan die tijd terugdenken. Bontebal of Aad van Rijn, zoals zijn echte naam was, was ook dichter. Hij publiceerde meerdere bundels in de loop van de tijd. Ook schreef hij tot aan zijn dood een blog op http://www.bloggen.be/adriaanbontebal/
Hieronder zo’n typisch Bontebal gedicht.
.
ONTWAKEN
.
Ieder ontwaken
een feest
.
Ik sta op
rek me uit en
krab me eens flink
aan het onderlijf
,
Als rijpe vruchten
vallen de eitjes
van mijn schaamluis
op het dauwvochtige
slaapkamerzeil
.
Iedere morgen
een feest
.
Zwarte koffie
zware shag en
scharreleieren
bij het ontbijt
.
Kees Buddingh
Sinterklaas
.
Omdat het alweer bijna Sinterklaas en ik vandaag als hulp-Sinterklaas weer eens mag komen opdraven, hier een gedicht van Kees Buddingh met een mooie verwijzing. Geen Sinterklaasgedicht want daar ben ik eigenlijk heel slecht in.
.
Zegt men
Je moet, zegt men, een keer volwassen worden.
En bedoelt dan waarschijnlijk: heel serieus
over God, Staat en Vaderland meemummelen,
en nooit eens roepen: ‘Krijg een dikke neus!’
.
Geen grapjes maken over het soort zaken
waarmee zelfs een magnaat te worstelen heeft.
Vooral, wanneer hij door een Hongkonggriepje
geveld is. En plots merkt dat hij nog leeft.
.
De kans bij mij is, volgens de bookmakers
van Londen: 13.000 tegen 1.
En die, zegt men, verstaan hun vak. Helaas:
.
ik zal dus altijd onvolwassen blijven.
En ik moet toegeven: bij elke schimmel,
denk ik nog steeds: ‘Ha ’t paard van Sinterklaas!’
..
Uit de bundel ‘De eerste zestig’ uit 1978.
Met dank aan gedichten.nl
Made in Hotel New York (gedichten op vreemde plekken)
Deel 70: Op de muur in het restaurant van hotel New York
.
Van Wilco kreeg ik een tip over een gedicht op een bijzondere plek. Eigenlijk zou ik de naam van deze categorie moeten veranderen van vreemde plekken naar bijzondere plekken. Want als één ding duidelijk is geworden de afgelopen twee en een half jaar, sinds ik met deze categorie ben begonnen, is het dat gedichten echt op elk denkbare plek kunnen voorkomen. Ze lenen zich blijkbaar voor het doel om objecten in de meest brede zin van het woord, te verluchtigen. Toch houd ik het toch maar op vreemde plekken, administratief wel zo makkelijk.
Dan nu de nieuwe bijzondere plek. Op een muur in het restaurant van Hotel New York staat van kunstenaar Klaas Gubbels en dichter C.B. Vaandrager een fraai voorbeeld van een kunstwerk en een gedicht op een bijzondere plek. De tekst van het gedicht van Vaandrager ‘Made in Madurodam’ tezamen met een koffiepot van Gubbels waar hij zo bekend mee is geworden.
.
Een vrouw
Gedicht van Maarten ’t Hart
.
Naast mijn werk in de bibliotheek en het bestuurslidmaatschap van de stichting Ongehoord! ben ik ook secretaris/penningmeester van het Nationaal Documentatiecentrum Maarten ’t Hart. Het fysieke documentatiecentrum bevindt zich niet toevallig in de bibliotheek van Maassluis en het digitale documentatiecentrum is te vinden op http://www.maartenthart.nl/introduction/.
Behalve romanschrijver, wetenschapper, columnist en verhalenschrijver is Maarten ’t Hart ook dichter al is zijn oeuvre beperkt.
Een wat bekender gedicht van hem staat onder andere op een muur in Leiden, de stad waar hij studeerde en woonde en refereert aan het feit dat ook Maarten graag in dameskleding mocht lopen.
.
Een vrouw
.
Een vouw mag alles dragen
blazer, broek of rok.
Dat kan een man niet wagen
voor hem slechts pak of sok.
.
Een vrouw kan over straten gaan
gehuld in bont of leer
Ook ik wil soms een ‘robe’ aan
al ben ik dan een heer.
.
Slauerhoff leeft!
Festival Literaire Meesters
.
In Utrecht wordt van 10 tot en met 25 november het Festival Literaire Meesters georganiseerd, waarin de dichter J.J. Slauerhoff (1898 – 1936) centraal staat. Daarnaast zal de dichter in de week van 12 tot en met 16 november volop aandacht krijgen op Cultura24 (het digitale themakanaal van de Publieke Omroep voor verdieping in kunst en cultuur). Alle informatie over dit festival vind je op http://www.literairemeesters.nl/
Misschien wel de bekendste zin uit het gedicht ‘Woninglooze’ van Slauerhoff is: Alleen in mijn gedichten kan ik wonen. Nooit vond ik ergens anders onderdak.
Nu, hier een ander gedicht wat mij erg aanspreekt van deze dichter/scheepsarts die nog altijd veel lezers en bewonderaars kent.
.
De moede soldaat
Achter de hagen langs de straat
Staan zij in feestgewaad;
Geen schone kan mij nog wat schelen,
Zij mogen mijn soldij verdelen!
.
En ik vereer niet meer de heilige meren,
Noch luidt voor mij de avondgong,
Die etter draag van kwade zweren
En nauw de dood ontsprong.
.
Maar kindren komen aan mijn knie, zij houden
In kleine handjes grote schalen wijn.
Ach, laat ik drinken, dromend van hen houden,
En nooit soldaat meer zijn!
.
Met dank aan gedichten.nl














