Categorie archief: Gedichten op vreemde plekken
Na de zomer
Plint poëziekalender
.
Al jaren heb ik allerlei scheurkalenders in huis en het afgelopen jaar kreeg ik de Plint Poëziekalender cadeau. Elke dag een gedicht en tussendoor afbeeldingen van topstukken uit de collectie van het rijksmuseum. Ondanks dat ik de kalender elke dag zie hangen heb ik er, tegen mijn gewoonte in, niet dagelijks een blaadje afgescheurd. Op deze manier blijft die kalender een soort poëzieverzameling, een bundel in losse blaadjes die toch gewoon nog bij elkaar zitten.
In de kalender gedichten van vele bekende namen als Remko Ekkers, Vrouwkje Tuinman, Martin Bril, Jules Deelder en Ingmar Heytze maar ook van, voor mij, minder bekende namen als Margriet van Bebber, Gerard Berends en Mary Heylema. Uiteindelijk is het een zeer fraaie scheurkalender geworden waarin veel te genieten is. Als voorbeeld heb ik een gedicht van Marc Tritsmans gekozen met de toepasselijke titel ‘Na de zomer’ die op 6 oktober staat.
.
Na de zomer
.
na het al te droge, al te nadrukkelijke knerpen
van rotsen, de duizelende uitzichten over valleien
het broeierig geuren van in zomerzon stovende kruiden
.
sloop onaangekondigd binnen het verlangen naar
natte bladeren en humus, naar deze zware, donkere
aarde met zijn walm van schimmel en verrotting
.
die ik op mijn hurken nu dorstig in me opneem en
die me zelfzeker vertelt dat ik thuiskom, dat enkel hier
in modder, in gutsende regen heimwee kan worden gestild
.
Poëzie op de begraafplaats
Dichter bij de dood
.
Nu ik medeorganisator ben van het project Dichter bij de dood in Den Haag op de bijzondere oude begraafplaats Oud Eik en Duinen, lees ik ook weer meer over de geschiedenis van deze begraafplaats en van de rituelen rondom begrafenissen in Nederland. En daarbij hou ik altijd een open oog voor de poëzie op en rond de dood en begraafplaatsen.
Zo kwam ik op de website https://geschiedenisvanzuidholland.nl/ een bijzonder aardig artikel tegen van Rita Hulsman. In dit artikel over begraafplaatsen in Zuid Holland is ook een stukje opgenomen over kindersterfte.
Op vrijwel alle begraafplaatsen zijn vakken met kindergraven te vinden. In de 19de eeuw en het begin van de 20ste eeuw was de kindersterfte erg hoog. Op sommige stenen waren hartroerende teksten aangebracht. Op de oude begraafplaats van Waddinxveen ligt een zerk uit 1887 voor een jong meisje met dit vers:
Haar moeders weelde en lieveling
De vreugd en wellust van haar vader
Zij was de paarl in den ring
Die beider harte saam omving
Juweel in de echtelijke krone
En wat er onder ’t ouderdak
Van zegen en van weelde sprak,
Zij was er geur, en glans, en tone.
Ben je geïnteresseerd in begraafplaatsen of wil je een poëziepodium bezoeken op de begraafplaats Oud Eik en Duinen?
Op 19 september 2021, voorafgaand aan de poëziemanifestatie op Allerzielen (2 november) op begraafplaats Oud Eik en Duinen in Den Haag, organiseren Dichter bij de dood en de stichting Ongehoord! een dichterspodium in de oude aula op de begraafplaats. De deelnemende dichters aan Dichter bij de dood op Allerzielen geven op deze middag acte de présence en zullen (naast een gedicht over de dood) vrij eigen werk ten gehore geven. Toegang is gratis, aanvang 14.00 uur tot ca. 16.30 uur. Begraafplaats Oud Eik en Duinen is te vinden op de Laan van Eik en Duinen 40 in Den Haag. Hou de Facebookgroep van Dichter bij de dood in de gaten voor meer informatie https://www.facebook.com/dichterbijdedood/
.
Tattoo
Luuk Gruwez
.
Tatoeages zijn wonderlijke dingen. Ötzi, de ijsmummie uit de Alpen, die zo’n 5350 jaar geleden leefde, had zo’n 61 tatoeëringen. Er zijn tatoeages op Egyptische mummies gevonden, die van 2000 voor Christus dateren. Ook de Oekokprinses (mummie uit de 3e tot de 5e eeuw voor de jaartelling) gevonden in Rusland, droeg tatoeages. In de klassieken wordt er gerefereerd aan tatoeages bij de oude Grieken, de Germanen en nog meer volkeren.
Tot enkele decennia geleden werden tatoeages in Nederland vooral gedragen door zeelieden en soldaten en vrijwel niet door vrouwen. Tegenwoordig hebben meer mensen tatoeages, zowel mannen als vrouwen. Soms lijkt het er weleens op dat er meer mensen met tatoeages zijn dan zonder. Ook bij de bekende Nederlanders en vooral ook de professionele voetballers zijn tatoeages niet meer weg te denken.
Over de literaire of poëzie tatoeage schreef ik al in 2013 https://woutervanheiningen.wordpress.com/2013/04/05/tattoo-you/ . In de jaren nadien werden deze tatoeages met literaire of poëtische verwijzingen alleen maar populairder. Het was dan ook onvermijdelijk dat dichters zich met deze vorm van lichaamsversiering gingen sieren en erover begonnen te dichten.
Zoals Luuk Gruwez, de Vlaamse dichter, prozaïst en essayist, in de bundel ‘Bakermat’ uit 2008. Zijn gedicht ‘Tattoo’ zoals tatoeages in toenemende mate genoemd worden geeft een kritisch beeld van de getatoeëerde mens.
.
Tattoo
.
Een na een trokken ze hun kleren uit,
vol schaamte voor wat, amper vod of lomp,
misschien maar beter kon verstookt. Of ook omdat
zij zelf in naakte ikken dreigde te verstikken:
.
snikheet was het die dag. Maar eens
ontbloot ontstonden stilaan grote grijze kiltes,
zoals die een septemberavond soms ontstaan:
eerste dressuur voor najaar en winter
wanneer de kwade hond kan komen.
.
En zij begonnen elkaar liefdevol te verven,
zo vlijtig als maar kon, op borst, op bil en overal,
alsof zij moesten uitgewist. Tattoo na tattoo
brachten zij aan. Tot zij, compleet uit zicht
verdwenen, opgelucht weer adem kregen.
.
First Poem Piece
Bruce Nauman
.
In het Stedelijk Museum in Amsterdam is momenteel een tentoonstelling te zien van het werk van Bruce Nauman (1941). Deze tentoonstelling bestaat uit een dwarsdoorsnede van deze Amerikaanse kunstenaar. Nauman hoeft geen onbekende kunstenaar te zijn want werk van zijn hand is in verschillende Nederlandse musea (Kröller-Müller museum, Bonnefanten museum, van Abbe museum, Stedelijk museum) te zien. Hoewel er veel videokunst is te zien (aardig maar ik vond het niet bijzonder) is er ook voldoende beeldend werk te bewonderen, waaronder het werk ‘First Poem Piece’.
Bij ‘First Poem Piece’ staat als verklaring: “Dit werk bestaat uit een vierkante stalen plaat waarop Nauman in rasters en regels zinnen heeft geëtst, een eerste gedicht zeg maar. In elke nieuwe regel is een woord weggelaten, waardoor de betekenis van de zin verandert. De lichtheid van de tekst die steeds verdwijnt staat in contrast met de fysieke aanwezigheid van de meer dan 250 kilo zware plaat.”
De regel luidt: You may not want to be here, maar in de twee laatste regels verandert Nauman het woord here, voor hear (hier voor horen) waardoor het gedicht extra lading krijgt.
Het werk komt uit de collectie van Martin en Mia Visser. Zij hebben op basis van een tekening (zie hieronder) dit sculptuur door Nauman laten uitvoeren.
.
alles is
App van Spinvis en International Silence
.
Regelmatig verschijnen er apps die over poëzie gaan of zijdelings met poëzie te maken hebben. Daarnaast komen er ook nog steeds apps bij die voor de poëzieliefhebber een meerwaarde kunnen hebben door hun vorm en inhoud. De app ‘alles is’ is daar een voorbeeld van. Spinvis en International Silence (die ik ken van hun project ‘Wolk’, een app met augmented reality poëzie die voor bibliotheken is ontwikkeld waaronder mijn bibliotheek https://digitalliterature.uvt.nl/wolk-poezie-in-augmented-reality/) is er nu een nieuwe app ‘alles is’.
Deze app bevat een augmented reality mini concert met vijf songs in exclusieve uitvoeringen, om te bekijken en te beluisteren waar en wanneer je dat zelf wilt. Of zoals de makers Erik de jong, Saartje van Camp, Twan Janssen en Johannes Verwoerd zelf zeggen: Een concert op afstand, maar ook heel dichtbij. Omdat alles wat ons nu gescheiden houdt ons eigenlijk nog meer verbindt met elkaar en met alles wat er is.
Terwijl Spinvis (Erik de Jong) en cellist/zangeres Saartje Van Camp vijf nummers spelen, zeilen alledaagse voorwerpen (bestek, citroenen, tandenborstels, poëzieplaatjes, koortsthermometers, doosjes valium) door de ruimte van je eigen kamer (of in mijn geval door mijn tuin).
Ga die app vooral bekijken, zeer de moeite waard. En als opwarmertje hier een songtekst van Spinvis ‘Hallo, maandag’.
.
Hallo, Maandag
.
Hallo halte, hallo flat
Hallo namen bij de bel
Hallo kamer, hallo bed
Hallo daar, kom maar met de rest
Beelden van een kampioen
En dan een pretpark en een vrouw die iets verkoopt
Ik weet niet wat
En dan een kind dat niemand wou
Oud en dom, maar alles went
En boven maandag is het grijs
Denk ook voor jou, waar je ook bent
Mensen komen, mensen gaan
Wat is gezegd, wordt altijd waar
Wat is geweest, heeft nooit bestaan
Hallo maandag, hallo mij
Hallo uitzicht, hallo tijd
Draag mijn kleren, neem mijn hart
Welkom weemoed, welkom storm
Hallo schaduw op de grond
Van wat wat nog moet, en zal
En alles wat nog komt
Er wordt een huisraad op gehaald
Tienduizend folders op de mat
Van de dunne man, die met zijn hond
Vaak op het winkelcentrum zat
Je wordt hier dagelijks gemist
Je wordt hier dagelijks verwacht
Je brieven worden goed bewaard
Gelezen wat er niet in staat
Er schuiven geesten door de gang
En wat ik verder ook probeer
Het wordt niet minder, alleen maar meer
Steeds meer sterren op mijn huid
Steeds meer beelden in een uur
En steeds meer stappen naar de muur
Hallo maandag, hallo mij
Hallo uitzicht, hallo tijd
Draag mijn kleren, neem mijn hart
Welkom weemoed, welkom storm
Hallo schaduw op de grond
Van wat wat nog moet, en zal, en nog komt
Hallo maandag, hallo mij
Hallo uitzicht, hallo tijd
Draag mijn kleren, neem mijn hart
Welkom weemoed, welkom storm
Hallo schaduw op de grond
Van wat wat nog moet, en zal, en alles wat nog komt
Vooruitzicht op het najaar
Poëziewandeling en Dichter bij de dood
.
Nu het erop lijkt dat we het ergste hebben gehad met de Corona (vooralsnog en nadat iedereen gevaccineerd is) kunnen we weer verder kijken dan het hier en nu. Met een beetje geluk gaat het lukken om het gros van Nederland gevaccineerd te hebben rond de vakantie dus daarna kunnen we weer gaan denken over bijeenkomsten, poëziepodia, voordrachten en wat dies meer zij, ik kan er niet op wachten.
Zelf ga ik in augustus een poëziewandeling doen rond het pittoreske dorpje ’t Woudt in het kader van ‘Een ode aan Midden-Delfland’ en ben ik gevraagd door Marjon van der Vegt om samen met haar dit jaar Dichter bij de dood te organiseren, het meest bijzondere podium dat je je als dichter kan wensen, bij het vallen van de avond op Allerzielen (2 november) voordragen op de mooiste begraafplaats van Den Haag en omstreken Oud Eik & Duinen, wanneer de overledenen worden herdacht.
Ik heb daar twee keer mogen staan als dichter en vond het elke keer weer een bijzondere plek en gelegenheid. https://woutervanheiningen.wordpress.com/2020/10/19/allerzielen-2020/
Afgelopen jaar was de eerste jubileumeditie die helaas niet doorging maar dit jaar zijn we ervan overtuigd dat het gewoon weer kan. Dichters zijn inmiddels benaderd en uitgenodigd en de voorbereidingen zijn begonnen. Omdat Allerzielen over het herdenken van de overledenen gaat wilde ik dit bericht omlijsten met een mooi gedicht over de dood.
Ik koos voor het gedicht ‘Mijn laatste dood’ van de Vlaamse dichter, schrijver, essayist en neurowetenschapper Jan Lauwereyns (1969) uit de bundel ‘De willekeur’ uit 2012.
.
Mijn laatste dood
.
Uiteindelijk stierf ik de enige echte keer het was
een dag zoals er vele waren vele
.
dagen vele doden ergens regende regen
.
elders scheen de zon in de ogen van iemand
die treurde om iets dat voorbij was finaal te vroeg gedaan
.
gewis noodzakelijk vroeger dan later en ik en
.
water vloeiden onder de brug en sommigen zagen
wel dat werkelijk niets maal eeuwig niets was
.
want stille kersenbloesembron bestond
.
en wat bestond kon nooit meer niet bestaan
zo stierf ik de enige keer in het diepste wezen getroffen.
.

























