Categorie archief: Vlaamse dichters

Ik heb u lief, gij zult gelukkig zijn!

Een bloemlezing gelukkige liefdesgedichten uit de Nederlanden

.

In 1984 verscheen bij Lannoo|tielt|weesp de bloemlezing ‘Ik heb u lief, gij zult gelukkig zijn!’ een bundel gelukkige liefdesgedichten uit de Nederlanden. Nu weet de regelmatige lezer van dit blog ongetwijfeld dat ik een grote voorliefde heb voor liefdesgedichten. Niet voor niets publiceerde ik in 2016 de poëziebundel ‘XX-XY’ dat nog steeds gratis gedownload kan worden en zal een groot deel van mijn nieuwe bundel (in voorbereiding) opnieuw een groot aantal liefdesgedichten bevatten.

In deze bundel uit 1984 zijn een groot aantal Nederlandse en Vlaamse dichters opgenomen. In 6 hoofdstukken en een opdracht van Lucas de Heere (1534-1584) getiteld ‘Den Autheur tot sijn Huusvrauwe’ zijn de gedichten verdeeld naar thema of onderwerp. De namen van deze hoofdstukken laten iets aan de verbeelding over: Het oeroude refrein, Liefde moet bloeien, Aan u, Aan u alleen, Rust, Leven van mijn leven, en Ver reeds is de tijd.

De nadruk ligt bij dichters geboren in de eerste helft van de vorige eeuw en er zijn opvallend veel Vlaamse dichters opgenomen. Zoals Willy Spillebeen (1932) die in 2014 nog voordroeg op het podium van poëziestichting Ongehoord!. In deze bloemlezing is een gedicht zonder titel opgenomen uit de bundel ‘Ontwerp van een landschap’ uit 1977.

.

Omdat ik jou liefheb omdat

je mij liefhebt vloeit water gewoon

naar de zee groeit ons dubbelbestaan

als een boom in de hemel en de aarde

in de tegenspraak van de tijd

in de klankenvelden van vogels

in de dag die vergaat naar de nacht

.

omdat je mij liefhebt omdat

ik jou liefheb verbranden we samen

tot de as van elkanders verhaal

van een kind en een kind een jongen

een meisje een man en een vrouw

en geen eeuwigheid heb ik vandoen

om volledig aanwezig te zijn

in de dag die vergaat naar de nacht

.

omdat ik jou liefheb omdat

je mij liefhebt kreeg leven een doel

onderweg tussen nergens en niets

en ik dank je ik dank je oprecht

om de dag die vergaat naar de nacht

en geen eeuwigheid heb ik vandoen.

.

Merckx en Coppi

Dubbelgedicht

.

Nu de tour de France en de tour des Femmes zijn afgelopen en de voorjaarsklassiekers gereden is het tijd voor een dubbelgedicht over twee grote namen uit het wielrennen; de Italiaanse Fausto Coppi (1919-1960) en Eddy Merckx (1945). Een tweede overeenkomst tussen de beide gedichten is dat ze allebei komen uit een bundel waarin de dood/sterven in de titel is opgenomen.

Het eerste gedicht is van een dichter uit Drenthe, Ton Peters (1952) is getiteld ‘Fausto Coppi’ en komt uit de bundel ‘De dood en het peloton’ uit 2012.

Het tweede gedicht is van de Vlaamse dichter Willie Verhegghe (1947) is getiteld ‘Eddy Merckx’, en komt uit de bundel ‘Renners sterven niet’ uit 2004.

.

Fausto Coppi

.

Flink trappen tot je weet wat je ooit wordt:

kasseienknecht of koning van de wegen.

Zo simpel is de wet van de wielersport.

.

En op zichzelf is daar niet veel op tegen

zolang je je maar niet te buiten gaat

aan doping of de pauselijke zegen.

.

’t Is mooi als je de rest finaal verslaat

door eerder op een bergtop aan te komen,

ontsnapt aan peloton en middelmaat

.

en dat je in het landschap opgenomen

zo hoog komt dat je nergens meer op let,

op weg naar de vervulling van je dromen.

.

Bedacht ik mij vanmorgen in mijn bed

als fietser met een minimaal verzet.

.

Eddy Merckx

.

Zeus Mercks

wielergod en millimetersleutelaar

die uiot de ijle hoogten van zijn flitsend rijk

met bovenaardse krachten uit dij en kuit

meer dan de helft van duizend palmen

op gouden vingers aan het ivoren kromstuur

telt en telt.

.

Tussen Milano en San Remo zeven keer

de roes van Poggio en feestfontein,

ongekroonde keizer van Tre Cime di Lavaredo,

Ballon d’Alsace, Ventoux en Izoard,

één uur Montezuma – Merckx in Mexico.

.

Heerser over allen die hun lamme lijf

in de schaterende schaduw van zijn wurgend wiel

te pletter en aan splinters fietsen.

Alom geweeklaag, geknars van tand en wielen.

.

Meer omnivoor van alle wielervoer

dan kannibaal van Meensel-Kiezegem.

Nu haute-couture-fietsenbaas in Meise.

.

 

Vruchtpluis

Elise Vos

.

Elise Vos (1984) studeerde Oost-Europese Talen en Culturen aan de Universiteit van Gent. Daarnaast is ze dichter en maakt ze deel uit van Vos & Wolf, een kunstenaarsduo dat poëzie en fotografie combineert. Met haar partner Kris Lauwereys en nog twaalf dichters maakt ze deel uit van Obsidiaan “een schrijfcollectief met vlijmscherpe pen die zintuigen prikkelt en woorden wil slijpen tot kunst, een open laboratorium met teksten die beperkingen en grenzen daadwerkelijk opheffen, met inkt die licht absorbeert en weer vrijgeeft.”

Haar beeldrijke poëzie wordt gekenmerkt door vrouwelijkheid, folkloristische elementen (soms met een zwart randje) en een patstelling tussen de rauwe realiteit en sprookjes.  In haar schrijven kent ze geen taboes. Haar werk werd gepubliceerd in Meander, Het Gezeefde Gedicht, De schaal van Digther, Tirade, Deus ex Machina, Het Liegend Konijn en Hollands Maandblad. Eind 2024 verschijnt haar debuutbundel bij uitgeverij De Zeef. Van de site van Meandermagazine nam ik het gedicht ‘Vruchtpluis’ omdat ik erg hou van samengestelde woorden die feitelijk (nog) niet bestaan.

.

Vruchtpluis
.
het onkruid woelt
van de pogingen in haar buik
daar krioelen duizend poten
.
moeder verlaat de doorploegde akkers
om ze te verruilen voor een open zee
ze draagt een zoute massa, de vorm verloren
.
in een vermomd huis zonder stem
slapen Noordzeegrijze kiezels
ze vermoedt ogen in lege schelpen
.
van akkerdistel en hondsdraf
tot wilgenroosje of zilverschoon
ze beslist: elke bloem verdient een naam

.

Ins Blaue hinein

Zomereditie van MUGzine is er!

.

“De nacht is lang en vol gevaren, zelfs voor wie langer in het donker blijft. De jongen ligt naast me in een zacht moment, in goudomrande uren. Het licht verandert ons, we spinnen draad van stro. Hij vertrekt op sokken, laat een spoor van zand dat ik in de verste verte niet kan volgen.”

Dit is het voorwoord van het nieuwste nummer van MUGzine, editie 23 waarbij we als richting ‘Ins Blaue hinein’ gekozen hebben. Een extra dik zomernummer (van 20 pagina’s in plaats van de gebruikelijke 16 pagina’s)met prachtige poëtische pareltjes van Astrid Arns, Germain Droogenbroodt, Daniël Vis en Floor Tinga. Bijzonder artwork van Willem Hansum , een nieuwe Luule en ja, zelfs de makers hebben een gedicht geschreven.

Ben je nou zo enthousiast geworden van al die heerlijke, kleine, eigenwijze mini-poëziemagazines? Word dan donateur en ontvang een jaar lang 5 keer zo’n fijn cadeautje in je brievenbus. Als welkomcadeau krijg je twee extraatjes van ons. Stuur een mail naar mugazines@yahoo.com en krijg de informatie die je nodig hebt.

Als voorproefje hier een gedicht van Astrid Arns getiteld ‘Doorzichtig’.

.

Doorzichtig

.

Wij liepen die avond het dorp in, mijn dochter en ik.

Haar jurk zo dun dat het licht er door heen scheen.

Zij nam een woord in haar mond.

Keek naar iemand die achter mij stond alsof ik doorzichtig was.

Om ons heen rook de lucht naar zwavel en as.

Nog even, dacht ik, en dan word ik uitgewist.

Ik keek naar haar rug toen zij wegging, het zwart in zich sloot.

De lucht scheurde toen ik haar riep.

Zij hoorde een uil in de verte.

.

Brug

Dag 18: Steven Van de Putte

.

Van de schrijver van het boek Iedereen stadsdichter Steven Van de Putte (1976), een stadsgedicht ‘Brug’ dat hij schreef als stadsdichter van Deinze.

.

Brug (Opening Buurtpunt ‘Onder ’t perron’, Landegem)

(voor Mieke De Visscher, schilderes, fervente reiziger)

Eerst zwijgt zij nog, haar rugzak vol reizen, legt
zij haar oor aan het raam. Dendert Oostende al?

.
Zo wacht zij mij in, zoekt een vrij spoor
in mijn ogen, schuift letters tot het witte
gewicht van haar woorden, legt vingers
als wissels op de wonden van het dorp:

.
bloed als geroot vlaswater naar te vroege zee.
Een sabel voor altijd in oevers gebeiteld.

.
Tussen kust en kanaal rijdt de rollercoaster
het landschap open. De ontsporing nabij
oververft zij de vallei in felle kleuren. Met
populieren als penselen plukt zij het geluk

.
uit wolkenvelden. Zal zij straks met de oogst
van haar ogen nieuwe bruggen bouwen?

.

tijd

Dag 15: Tine Hertmans

.

Uit de bundel ‘De geur van akkerwinde’ uit 2010 van dichter Tine Hertmans (1947) komt het gedicht ‘tijd’.

.

tijd

.

in het timbre van de dagen

die vervlakken die vervagen

.

op het ritme van de tijd

dans de salsa, heb geen spijt

.

van het niet geleefde leven

we zijn hier allen maar voor even

.

op dit kosmisch punt aanbeland

op de blauwe planeet gestrand

.

met een universeel gegeven

gewond of niet, verder leven

.

met een ticket zonder retour

ligt ons sterven op de loer

.

bij het vallen worden we opgeraapt

als dode bladeren bijeen geschraapt

.

onze laatste adem verspild

ons zwijgen voor eeuwig verstild

.

Stilleven

Dag 13: Bart Vonck

.

Van de Vlaamse schrijver, dichter, vertaler en criticus Bart Vonck (1957) is het gedicht ‘Stilleven’. Het is genomen uit de bundel ‘Teloor, zalig’ uit 2014.

.

Stilleven

.

Vruchten, aan tanden ontsnapt,

tot uiterste rijpheid beleden,

liggen op tafel te verdrogen.

.

Over zoveel uitbloei ontfermt

zich het licht, en toont deernis

met appel en peer en citroen.

.

Schilder zet niets naar zijn hand.

Voor opgebaarde vruchten zoekt hij

plaatsing en kleur: natuurlijke

.

abstractie, verdrogen verlicht.

Onnutte vruchten, een tafel voor

ogen, in uiterste ruimte beschikt.

.

Kindertekening

Dag 11: Roger de Neef

.

Uit de bundel ‘Som van tijd’ uit 2014 van de Vlaamse dichter Roger de Neef (1941) komt het gedicht ‘Kindertekening’.

.

Kindertekening

Voor Inez

Mijn ogen zijn gemaakt

Van zon en van maan

Mijn wimpers

Van vleugels van dons

Mijn oren van afstand

Mijn mond van valleien

Mijn ledematen zijn

Van donder en donker

Van akkers hout en rivieren

Zijn alle andere delen

Die ik amper ken

Maar op gelijke voet leven met elkaar.

.

Perron

Dag 9: Pat Donnez

.

Uit de bundel ‘Het is een mooi leven (zolang je niet bestaat)’ uit 2007 van de Vlaamse dichter Pat Donnez (1958) het gedicht ‘Perron’.

.

Perron

.

Het geeuwen van het meisje

Het zoeken naar het geld

Het lopen naar de automaat

Het zitten op de bank

Het morsen met de cola

Het trekken aan de sigaret

Het krabben aan de knie

Het blazen van de rook

Het horen van de trein

Het doven van de peuk

Het weten van tevoren

Het zich gooien op de sporen

.

Insektenbestrijding

Dag 6: Gust Gils

.

Elke zomer zijn ze terug, en vaak al veel eerder; muggen! Gust Gils (1924-2002) schreef  in de bundel ‘Zanger met zuurstofmasker’ uit 1988 een fijn ‘liefdesgedicht’ over hoe het zou zijn als mug, met een boosaardige twist getiteld ‘Insektenbestrijding’.

.

Insektenbestrijding

.

de schuwe minnaar had verklaard

niet méér te willen betekenen

dan het onmerkbaar zoemen van

een mug om haar aanbeden hoofd.

.

wat je maar onmerkbaar noemt!

en hij bestond het zichzelf bovendien

een toonbeeld van diskresie te wanen,

de wraakroepende proleet!

.

hij werd dan ook met recht en reden

én muggenverdelger

bestreden en verjaagd

door zijn nietvoordepoezig idool.

.