Site-archief

Rupi Kaur

(Instagram) dichter 

.

In 2018 verscheen de Canadese (van Indiase komaf) dichter Rupi Kaur (1992), die 3,7 miljoen volgers heeft op Instagram en door het tijdschrift Rolling Stone werd uitgeroepen tot ‘Queen of the Instapoets’, op de cover van Cosmopolitan India. Kaur is zelf een beroemdheid maar heeft ook beroemde namen als volgers zoals Orlando Bloom en Cat Deeley. Toch valt het leven van een beroemde instadichter niet altijd mee, zo worden haar korte en soms onbeduidende gedichten ook onderwerp van spot op de social media. Er worden zelfs parodieën gemaakt die op zichzelf weer heel veel gedeeld worden.

Traditioneel geschoolde dichters zijn ook boos geworden op de stortvloed van schrijvers die felbegeerde publishing-deals via Instagram hebben gesloten. De in Oxford en Cambridge opgeleide schrijver Rebecca Watts, wiens eerste poëziecollectie in 2016 door meerdere publicaties werd geprezen als boek van het jaar, schuwt sociale media volledig. In 2018  schreef Rebecca een essay waarin ze de opkomst van Instapoetry afkeurend beschreef en het als kunstloos en amateuristisch bestempelde.

Toch is Rupi Kaur niet zomaar de eerste de beste. Van haar debuutbundel ‘Milk and Honey’ werden maar liefst 2,5 miljoen exemplaren verkocht en de bundel werd in 25 talen vertaald. De Nederlandse vertaling van ‘Milk and Honey’, vertaald naar ‘Melk en Honing’, verscheen bij Uitgeverij Orlando in februari 2018 en is vertaald door Anke ten Doesschate. In haar tweede dichtbundel ‘The Sun and Her Flowers’ uit 2017 staan vooral gedichten met feministische thema’s waarin misbruik, onderdrukking, onzekerheid en ongewenste intimiteit ter sprake komen.

Zoals in Gurmukhi script ( schrift dat hoofdzakelijk wordt gebruikt voor het schrijven van teksten in het Punjabi) is haar werk exclusief geschreven in kleine letters, waarbij alleen de punt gebruikt wordt als een vorm van interpunctie. Kaur schrijft zo om haar cultuur te eren. Hier een voorbeeld van haar poëzie uit ‘Melk en Honing’ en een instagramgedicht.

 

.
dit is een overlevingstocht
door poëzie
dit is het bloed zweet tranen
van 21 jaar
dit is mijn hart
in jouw handen
dit is
het lijden
het liefhebben
het breken
het helen

.

Ellen Lanckman

Ze houdt niet van taal, ze is taal

.

Op haar website https://ellenlanckman.wordpress.com/ schrijft dichter Ellen Lanckman (1975): “Ik hou van eenvoud. Rechttoe rechtaan. Geen gedoe. In het hoofd is het al turbulent genoeg. Ook in het schrijven hou ik van eenvoud. Met zo weinig mogelijk woorden zoveel mogelijk (proberen) zeggen of uitdrukken. Woorden weggommen om jezelf te laten bovendrijven in de witregels.” Woorden waar ik me helemaal in kan vinden. Tegenwoordig bedienen veel dichters zich van de prozaïsche vorm van poëzie. Veel woorden om iets te zeggen in een gedicht. Ik ben van mening dat een gedicht of poëzie  gediend is met verdichte zinnen, met weinig woorden zoveel mogelijk zeggen of uitdrukken, zoals Ellen stelt en zoals ik ook mijn eigen poëzie benader.

Ellen Lanckman volgde een opleiding Proza en Poëzie bij Wisper in Gent en later Literaire Creatie aan de Academie voor Podiumkunsten in Aalst, waar ze in het eerste jaar meteen een dichtbundel schreef én publiceerde. Daarna werden van haar in 5 jaar tijd 4 bundels gepubliceerd. Haar laatste bundel, ‘met niets is alles begonnen’, kwam uit in de zomer van 2018 bij Matador Uitgeverij.

Matthias Haeck schrijft over haar debuutbundel ‘Over deugd en andere mankementen’:  “Ellen Lanckman houdt niet van taal. De woorden in haar verzen kiest ze weliswaar met haar-scherpe precisie. Haar wendingen zijn verrassend, steeds met een hoekje af, verfrissend. Maar ook: solide. Alsof ze er altijd hebben gestaan, onwrikbaar als kolommen onder haar poëzie. Fundamenten van haar ziel. Dat komt doordat: Ellen Lanckman houdt niet van taal. Ze ís taal. Een debuut dat vraagt naar meer.

Als je haar naam googled kom je vanzelf veel gedichten tegen. Ze zijn te lezen op haar andere website https://www.goednieuws.be/ . Een mooi voorbeeld van een gedicht waarin met weinig woorden heel veel wordt gezegd is het onderstaande titelloze gedicht.

.

Gisteren wilde ik je bellen

om te kijken of er nog restjes zijn

van die keer

dat je mijn huid tegen de jouwe ritste.

.

Misschien lig ik ergens

onder je bed, opgekruld

tussen het stof

en andere vergane dromen.

.

Of verdwaald

in het kuiltje van de matras, daar

waar mijn lichaam het jouwe vond.

Als twee komma’s in een zin die eindeloos leek.

.

Maar al zou je me zoeken,

en zelfs vinden,

dan weet ik: Van jou

ben ik nooit helemaal

.

teruggekeerd.

.

 

De vereffening

Bart Chabot

.

Hoewel zijn zoons tegenwoordig steeds vaker met boeken in het nieuws zijn dan hun vader, blijft Bart Chabot toch een bijzonder plekje in mijn hart houden. Zeker door zijn boeken over Herman Brood maar ook door zijn poëzie. Sinds kort ben ik in het bezit van ‘Hosanna dagen’ uit 2018, een bundel met gedichten, vaak in lange monologen, over andermans maar ook zeker zijn eigen leven.

Zoals in het gedicht ‘De vereffening’ dat gaat over zijn vader van wie we inmiddels meer weten sinds Bart Chabot het boek ‘Mijn vaders hand’ publiceerde. De omslag van de bundel is gemaakt door Anton Corbijn, een goede vriend van Bart Chabot en mag er ook zeker wezen.

.

De vereffening

.

Ik had mijn vader een kwarteeuw niet gezien
laat staan gesproken
nu zocht ik hem op in het verpleeghuis
weldra zou hij sterven
.
via via had ik gehoord dat het niet goed ging
met degene die zich mijn vader noemde
en na ampel beraad
(zou ik wel, zou ik niet
wie schoot er wat mee op?)
zette ik de eerste stap
tenslotte woonde hij in een tehuis
bij mij om de hoek, geen ten minuten lopen
dat maakte die eerste stap wel zo makkelijk
zo’n opgave was het niet, een bezoekje,
qua afstand – de berken
beefden als skeletten langs de oprijlaan

.

Hij was dement, was me gezegd
sprak wartaal
en herkende niets en niemand,
was me verteld
ik moest vooral nergens op rekenen
dan viel het alleen maar mee
maar toen ik op de begane grond de zaal in liep
herkende hij me meteen
.
het was een week na kerst
het nieuwe jaar stond in vol ornaat op de drempel
ik kampte met goeie voornemens
dat kun je hebben, soms
misschien speelde dat onbewust mee bij mijn komst –
hij zat in een rolstoel
.
– dag pap – zei ik
en legde een hand op zijn schouder
ik voelde zijn sleutelbeen
een dun, teer, broos stukje bot
dat zich eenvoudig verpulveren liet
hij was geen partij voor mij –
de rollen waren omgedraaid
hij keek naar me op
en begon te huilen
.
– dag pap – herhaalde ik
hij keek naar zijn loze schoot
en begon harder te huilen, mijn vader
er was iets misgegaan, leek hij
te beseffen
ergens onderweg,
iets wat niet meer te repareren viel
.
door zijn tranen heen
staarde hij me hopeloos aan
met hopeloze ogen
er was iets onherstelbaar misgegaan,
besefte hij, maar wat en hoe en waar?
– dag pap –
meer viel er niet te zeggen
.
buiten werd het donker, zag ik
de bomen liepen dicht
ik moest maar eens op huis aan
en dat vertelde ik hem ook
maar ik geloof niet dat hij me hoorde
of dat de boodschap tot hem doordrong
voor het raam zwaaide een twijg
me namens hem alvast uit
– dag pap-
.
alles bij elkaar duurde mijn bezoek
nog geen halfuur
langer was ook niet nodig
we wisten dat we elkaar niet meer zouden zien
en dat hoefde ook niet:
het onzegbare was gezegd,
het verzwegene verzwegen
.
toen ik wegging liet ik hem achter in de zaal
bij de andere stakkerds
met een slabber voor, ze gingen eten
maar zonder helpende hand lukte dat niet
dan liep, gleed en druppelde het meeste ernaast
hoogste tijd om te gaan, ik hoefde
niet alles te zien en niet alles te weten
sommige zake liet je beter rusten
.
bij de drempel keek ik nog één keer om
voor het laatst
– dag pap –
in de rolstoel zat een wrak

.

Redenaar

Wakker vallen

.

In december 2016 stond Els de Groen op het podium van Ongehoord! en toen liet ze al doorschemeren dat er een nieuwe bundel aan zat te komen. Die kwam er en in oktober 2018 schreef ik een recensie over de dichtbundel ‘Wakker vallen’ toen met een gedicht over Trump, de recensie lees je hier https://woutervanheiningen.wordpress.com/2018/10/25/wakker-vallen/

Uit die bundel wilde ik graag nog een gedicht plaatsen in het kader van redelijk recente dichtbundels waar ik nogmaals de aandacht op wil vestigen. Het betreft in dit geval het gedicht ‘Redenaar’.

.

Redenaar

.

Ogen die aandacht vragen.

Stem die thuis geoefend heeft

tot woorden vleugels kregen.

Handen die ze lossen en

armen die zich haasten

om ze uit te wuiven.

.

Woorden zo beladen

dat ze wolken vormen

om met de eerste regens

al geruisloos weer te vallen.

Soms hamert niet de voorzitter

maar god zelf om stilte.

.

Van kop tot teen

Van kop tot teen met Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera

.

In 2018 schreef ik een enthousiaste en positieve recensie van het boek ‘Woorden temmen’ van Kila van der Starre en Babette Zijlstra https://woutervanheiningen.wordpress.com/2018/05/09/woorden-temmen/  . Omdat het zo’n geweldig lees- en doe-boek is. Ik schreef toen onder andere: “Dit is het boek dat elke docent Nederlands in zijn of haar kast zou moeten hebben staan. Als je de jeugd bekend wil maken met poëzie op een speelse, verrassende, intelligente en moderne manier dan hoef je alleen maar de voorbeelden uit dit boek te volgen.” Woorden waar ik nog steeds achter sta. En nu is er dan een tweede deel van Woorden temmen van dichter Charlotte Van den Broeck (1991) en literatuurwetenschapper Jeroen Dera (1986).

Het menselijk lichaam
Van den Broeck en Dera zijn ervan overtuigd dat je poëzie niet alleen met je hoofd, maar met je hele lichaam leest, met al je zintuigen en sensaties. Dat lichamelijke hebben ze heel letterlijk genomen: ieder gedicht in hun poëzie-doe-boek is gekoppeld aan een lichaamsdeel. Zo hoort ‘Graag verlossing’ van Gerda Blees bij de ogen, ‘de rivier’ van Lucebert bij de tong, ‘rib’ van Radna Fabias bij de rib en ‘Als het je overkomt’ van Marieke Lucas Rijneveld bij de knie. Aan de hand van inspirerende lees-, denk-, doe- en schrijfinvalshoeken ga je op poëtische avontuur.
‘Als ik fysiek voel alsof het
bovenste deel van mijn hoofd
wordt weggenomen, weet ik
dat het poëzie is’

Emily Dickinson

Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera presenteren hun nieuwe bundel
Op vrijdag 11 september a.s. vindt om 16.00 uur bij boekhandel Donner in Rotterdam de boekpresentatie plaats van de nieuwe bundel van Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera.

Boekpresentatie met interview met de schrijvers
Miriam Piters, neerlandicus en voormalig bestuurslid van Stichting Poetry International, zal dichter-performer Charlotte Van den Broek en literatuurwetenschapper Jeroen Dera interviewen ter gelegenheid van hun nieuwe boek. Tevens aanwezig is literatuurwetenschapper Kila van der Starre, een van de schrijvers van de eerste bundel in de reeks woorden temmen: 24 uur in het licht van Kila&Babsie.
 
Ontvangst: 16.00-16.15 uur
Interview: 16.15-16.45 uur
Gelegenheid tot stellen van vragen-signeren boeken: 16.45-17.00 uur
Borrel: 17.00-18.00 uur (o.v.)

Entree: toegang gratis (vooraf aanmelden verplicht)
Locatie: Boekhandel Donner, Coolsingel 129, Rotterdam
Podcast
Het gesprek dat Miriam Piters zal voeren met Charlotte Van de Broeck, Jeroen Dera en Kila van der Starre zal worden opgenomen. Na afloop zal deze podcast gratis beschikbaar worden gesteld online.
.

Dóór

Derek Otte

.

Alweer een dichter uit Rotterdam (er zijn er daar veel hoor) en in dit geval de stadsdichter van Rotterdam 2017-2018 Derek Otte. In 2018 kwam zijn robuuste bundel ‘Woorden zijn daden’ uit naar aanleiding van zijn stadsdichterschap bij uitgeverij Rorschach. Behalve gedichten staan er in deze bundel ook proza stukken en korte overpeinzingen waarin Derek Otte zo goed is. Voorbeelden als ‘Meerdere wegen leiden naar dromen’ en Lezende dame: ‘Is het brein een tuin met bloemen / geven we die met lezen water’. Maar uit de vele stukken en gedichten koos ik het gedicht ‘Dóór’ Herdenkingsgedicht, 14 mei 2017.

.

Dóór

Herdenkingsgedicht, 14 mei 2017

.

soms moeten we wel heldhaftig

daar is niet heel veel moedig aan

wat anders waar leegte

niets behalve morgen

.

zei opa

.

vechtlust kan ook zonder bloeddorst

dat wordt vaak vergeten

zwijgen daden klinken ze als

heien tot hemelhoog

.

leven wij hier in zo’n stilte

van toekomst te schrijven

het geruisloze van nooit af

de echo van later

.

iets om bij stil te staan

om stil van te worden

zolang dat in diezelfde taal:

ondanks alles altijd voorwaarts

.

Confrontatie

Jelmer Esmyn van Lenteren

.

Dichter Jelmer Esmyn van Lenteren bracht in 2018 bij uitgeverij Proces Verbaal de dichtbundel ‘Het is koud waar ik niet ben’ uit. Ik schreef er destijds deze recensie over https://woutervanheiningen.wordpress.com/2018/11/27/het-is-koud-waar-ik-niet-ben/

Alweer een dichtbundel bij een kleinere uitgeverij die beklijft. Zo zie je maar dat dichtbundels echt niet altijd van een grote bekende uitgeverij hoeven te komen om toch te verrassen en van kwaliteit te zijn (zie de bundels van Mark Boninsegna, Evy Van Eynde, Sabine Kars en Derek Otte).

Uit deze bundel heb ik het gedicht ‘Confrontatie’ gekozen, het eerste gedicht uit de bundel.

.

Confrontatie

.

Je komt jezèlf geregeld op de gekste plekken tegen.

Je schudt dan steeds je hand en zoekt een reden

om je niet te hoeven spreken want het is geen pretje

om te horen dat je almaar niets verandert

.

dat je toch dezelfde bent gebleven.

En dat terwijl jij jezelf bij de vorige gelegenheid

nog zo de les gelezen had. Goed, daar sta je dan –

.

oog in oog met niet eens je evenbeeld, maar met je hele

leven. Nu moet het ergens over gaan.

.

Je overtuigt jezelf dus voor geen meter

maar je blijft wel staan en zegt dat het allicht goed zou zijn

elkaar een paar weken niet te zien.

.

Je kijkt verbeten, vraagt of het aan jou heeft gelegen

maar nee dat heeft het niet.

.

Dan loop je boos bij jou vandaan.

.

SOS

Rieneke Minderman-Grobben

.

Als er één dichter is die ik mis dan is het wel Rieneke Minderman-Grobben (1944 – 2018), de immer in het roze geklede Rotterdamse die jarenlang een vaste bezoeker en dichter was van de Ongehoord! podia die ik mede mocht organiseren. Haar vrolijkheid, haar nuchterheid en haar lach was genoeg om je dag glans te geven. Steevast noemde ze me Woutertje en zij mocht dat want ze bedoelde het altijd op een positieve en lieve manier.

Haar voordrachten waren legendarisch, haar gedichten altijd met een stevige knipoog. Zo ook het gedicht ‘SOS’ uit de bundel ‘De wereld volgens Grobben; Rotterdamse gedichten en verhalen’ die Joop van der Hor samenstelde in 2018.

.

SOS

.

Ik leed schipbreuk en spoelde aan

Het was geen prettige ervaring

Bijna was het met me gedaan

Ik stak nog een vuurpijl af

maar dat had géén effect

Doodmoe zeiknat

Maar God zij dank

Ik leefde nog

Dat had ik zojuist gecheckt!

Ik spoelde op een eiland aan

Viel in slaap

Werd wakker bij het rijzen van de zon

Maakte een plan

Hoe ik overleven kon!

Ik wilde dolgraag een vuurtje stoken

Maar mijn lucifers waren nat

M’n aansteker verloren

In mijn broekzak zat een gat!

Ik ging op verkenning uit

En keek op mijn kompas

Wilde water drinken uit m’n fles

Maar merkte dat het een wijntje was

SOS

Ik zit op 51 graden noorderbreedte

Het eiland onbewoond

De naam is Tiengemeten!

En als je me komt redden

Neem dan broodjes mee

Graag iets te roken en

Een warm koppie thee

Want…

Ik heb al 40 dagen niet gegeten

Op het eiland Tiengemeten

.

705

Mark Boninsegna

.

Alweer een bundel uit 2018 van een dichter die ik al langer ken. De, in hart en nieren, Rotterdamse dichter Mark Boninsegna debuteerde in 2018 met de bundel ‘Levensinkt’ bij uitgeverij Douane. In MUGzine nummer 4 komt onder andere werk van hem.

Ik schreef er hier https://woutervanheiningen.wordpress.com/2018/11/13/levensinkt-2/ een recensie over. Uit diezelfde bundel vandaag het gedicht ‘705’, een gedicht over Rotterdam (hoe kan het ook anders). Of het hier Vaanweg 705 betreft (waarschijnlijk) of lijn 705 van de metro is me niet helemaal duidelijk (toch eens vragen aan Mark) maar het geeft een mooi inkijkje in zijn blik op Rotterdam.

.

705

.

hier geen poëzie

geen reclamefolders

.

wordt niet om 18:00 uur aardappelen op het vuur gezet

worden geen stortbakken uit elkaar gehaald

.

hier geen Vogel

ook geen Iggy

of pop

.

geen vol bad

geen keel met gat

geen Delta

.

hier wordt niet meer geveinsd

niet meer gelogen

.

geen columns

meziek

kroketten

of Gard Sivik

.

geen Joop

geen dope

geen plastic tasjes

of winkelruiten met stickers

hier is niks nieuws

is niks gemaakt

.

hier is Vaanweg

hier ben ik

.

Vermits

Alja Spaan

.

Deze week wil ik gedichten delen uit bundels die ik de afgelopen jaren heb gekocht of gekregen, van dichters die debuteren of juist al vaker publiceerden. Bundels die ik op dit blog al eens besprak maar die toch zeker de moeite waard zijn om nogmaals aandacht aan te besteden.

Een van die bundels is ‘Tegen het vergeten en voor de behoedzaamheid’ uit 2018, van Alja Spaan (1957). Degene die mij kennen weet dat ik Alja al lang ken, dat we samen een bundel hebben gemaakt: Je hebt me gemaakt met je kus’ uit 2010, uitgegeven bij haar uitgeverij Atelier 9en40, dat ik voordroeg bij haar huiskamerateliers tijdens Alkmaar Anders en dat we tegenwoordig samen in het bestuur van Meander zitten (met Peer van den Hoven).

Uit haar mooie bundel met haar zo typerende disticha vorm ( strofes van een gedicht in twee regels) koos ik voor het gedicht ‘Vermits’.

.

Vermits

.

Onbezochte plaatsen als die, linksom onder de

oksels door, het is geen vakantie, zeg

.

je, geen hoogseizoen, er valt eigenlijk niets te

zien. Opeens ben je van

.

de kaartverkoop, scheurend langs de stippellijn,

verboden strookjes op de grond te

.

werpen. Opeens ben ik van de attracties, hangend

in de wachtrij. Hoe anderen dat doen is

.

niet interessant. Ik heb eigenlijk alle dagen vrij,

zeggen we, of hoe werk een

.

substituut is voor eenzaamheid. Een volgende

keer beloven wij. Handen klem onder

.

de armen, nagels langs een halve maan, zon zakkend

in een eiland.

.