Site-archief
Van de nacht
Dirk van Bastelaere
.
De Vlaamse dichter Dirk van Bastelaere (1960) is een postmodern dichter, essayist en vertaler. Van Bastelaere was samen met Erik Spinoy en Mark Eelen redactielid van R.I.P. Driemaandelijks tijdschrift voor literatuur en stijl, dat slechts één jaargang telde. Hij debuteerde met gedichten in ‘Vijf jaar’ (1984) waarmee hij de prijs voor het beste literaire debuut in Vlaanderen verwierf.
Van Bastelaere’s poëzie is ironisch-afstandelijk en kenmerkend voor de generatie jonge Vlaamse dichters met hun sceptische houding ten aanzien van een wereld waar zij geen zin of samenhang in kunnen ontdekken. Alle zekerheden ontbreken en de werkelijkheid is fragmentarisch en absurd. Schrijven over die werkelijkheid is een spel en het gedicht is dan ook een spel: een autonome tekst met meerdere betekenissen.
Uit: ‘Diep in Amerika’ uit 1994 het volgende gedicht.
.
Van de nacht
.
Van de nacht roept het
zich zo door het meisje heen
dat het haar nog
aan een lichaampje ontbreekt.
.
Er is een kans dat het werkelijke
zich niet weet terug te vinden,
zoals er een kans is
dat het roepen geen oorsprong heeft.
.
Zo in verdwijning
geroepen is het meisje
dat het zich niet van ons kan weten
want als haar gentiaanblauwe Mickeybeker
liepen wij
eerder in het gras, leeg in het leven.
.
Terugblik op 2016
De blije blogger
.
Zo nu en dan geef ik mijn lezers een klein inzicht in het reilen en zeilen van mijn blog in de vorm van statistiekjes. Op deze laatste dag van het jaar wil ik terugkijken naar wat 2016 bracht en, uiteraard, eindigen met een gedicht.
Als eerste mijn trouwe lezers en bezoekers van deze blog. Had ik in 2015 nog iets minder dan 80.000 bezoeken aan mijn blog, in 2016 is dit vrij explosief gestegen naar meer dan 110.000 bezoeken. 305 mensen zijn vaste volger van dit blog en daarvan zijn er ruim 72.000 uit Nederland, meer dan 25.000 uit België en verder uit nog eens 127 landen wereldwijd.
Het best bekeken bericht was ‘De mooiste van Yeats’ met meer dan 900 bezoeken.
Dit jaar gaf ik 1 poëziebundel uit (XX-XY met liefdesgedichten) die gratis als E-book is te downloaden vanaf deze site (en vanaf de site van MUG books) en 1 papieren bundel ‘Poeziebus 2016’.
Na een paar jaar niet te hebben meegedaan met poëziewedstrijden dit jaar toch maar weer eens een keer ingezonden voor de Poëziewedstrijd Leo Vercruyssen (met het gedicht ‘Ontsomberen’) en daar een eervolle vermelding gekregen. Drie gedichten van mijn hand verschenen in verzamelbundels en mijn kerstgedicht verscheen als ansichtkaart. Op 5 podia in den lande was ik dit jaar te zien en horen. Ik mocht in een paar jury’s plaatsnemen (o.a. van stadsdichters) en ik heb eenmaal een lezing over poëzie gegeven.
Ik heb niet stil gezeten. Maar wat voor mij misschien nog wel het belangrijkste en leukste was waren de vele leuke reacties die ik op mijn blog mocht ontvangen van mijn lezers. Soms met complimenten maar ook met persoonlijke ervaringen en herinneringen en ook met correcties (waarvoor mijn dank) op fouten en foutjes in mijn berichten.
Ik wil iedereen heel hartelijk bedanken voor de interesse, de bevlogenheid, de trouw (een aantal van jullie bezoeken mijn blog dagelijks en dat vind ik heel bijzonder) en de liefde voor poëzie. Want dat is mijn motivatie om dit te doen en hopelijk jullie motivatie om hier te komen en mijn berichten te lezen.
Ik wens iedereen een heel mooi, vreedzaam en poëtisch jaar toe. Ik blijf mijn best doen om jullie te verrassen met mooie, ontroerende en bijzondere poëzie en berichten over alles wat met poëzie te maken heeft.
Wouter
Menen – Rotterdam
Hervé Deleu
.
De Vlaamse dichter Hervé Deleu is voor de lezers van dit blog geen vreemde. Als dichter en poëzievriend heb ik al een aantal publicaties van hem besproken, hij was de eerste winnaar de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2016 en het is een fijn mens. Naar aanleiding van het eerste lustrum van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd, schreef Hervé een gedicht opgedragen aan mij. Omdat ik het zo’n prachtig gedicht vind wil ik dit graag delen met jullie. De titel is ‘Menen – Rotterdam’ een verwijzing naar zijn woonplaats en de plaats waar het begon voor hem in Nederland.
.
Menen – Rotterdam
Mocht hij maar twee harten hebben
mocht hij maar twee minnaars zijn
zijn dubbel leven zwaar om dragen
een stad bekend, een stad geheim
een stad bekend, veilige haven
hoewel de storm is uitgedeind
rimpelloos genoegen biedend
minder passie, minder pijn
een stad geheim die met haar lichaam
de kunst beheerst die hem verleidt
tot willoos blussen van haar lusten
die hopeloos verslavend zijn
en toch wil hij in ziel en lichaam
de minnaar van één liefde zijn
waarmee de keuze hartverscheurend
een dolk wordt die zijn leven splijt.
.
Jurkje
Pat Donnez
.
De Vlaamse journalist en radiomaker Pat Donnez (1958) is vooral bekend van radioprogramma’s zoals Titaantjes (met de slogan Over wat het is, of had moeten zijn), Bromberen en Leef Lang! en van zijn reeks over Godfried Bomans. Donnez woont in Mechelen. In 2007 verscheen van Donnez de dichtbundel ‘Het is een mooi leven (zolang je niet bestaat)’.
Aan de gedichten in dit debuut is jarenlang door Donnez geschaafd. Ze getuigen van een ongewone helderheid en directheid. Maar ze zijn bedrieglijk eenvoudig. Albert Hagenaars schreef over deze bundel: “Donnez kan goed observeren en legt zijn bevindingen vast in een open, makkelijk leesbare stijl met humoristische, vaak licht ironische toets”. Uit deze bundel het gedicht ‘Jurkje’.
.
Jurkje
.
Nee, je hoeft geen jurkje
te dragen
als je dat niet wilt
ook niet dat heel bijzondere blauwe
met streepjes
glanzend blauwe streepjes
waar je sandalen zo
goed bij passen
en je slipje –
dàt jurkje dus
en als we gaan wandelen
en je jurkje –
je weet wel
dat heel bijzondere blauwe
met streepjes
glanzend blauwe streepjes –
waait op
zodat ik je slipje zie
dat er zo goed bij past
net als je sandalen
en als je je op mijn
vloerkleed legt
dat zo goed past
bij dat heel bijzondere
blauwe jurkje
met glanzende streepjes
en ik je slipje voel
dat je nu niet draagt
en je vraagt
eerlijk, ik hoor niet in een
jurkje, hè?
geloof me dan als ik zeg
nee, jij hoort niet in een jurkje
ook niet dat heel bijzondere
blauwe met streepjes –
glanzend blauwe streepjes
.
Meer gedichten van Pat Donnez staan op zijn website http://www.patdonnez.be/gedichten.php?
.
Foto: Joost Joossen
Co. 7
Liefdesgedicht van Eriek Verpale
.
Omdat het alweer even geleden is vandaag een liefdesgedicht. Uit de bundel ‘Op de trappen van Algiers’ uit 1980 van de Vlaamse dichter Eriek Verpale (1952 – 2015) het gedicht ‘Co. 7’.
.
Co. 7
.
Geen foto wil ik van je dragen, geen brieven –
zelfs geen zakdoek die ooit jouw lippen vond:
niets daarvan wil ik bewaren, laat staan
in een verouderd vers als dit verdoken
tot het mijne maken.
.
Maar het dunne stof, geschud
uit diepe mantelzakken, oud
speelgoed dat eens op je kamer stond,
of de beduimelde bril
– ik bewonder de dikke glazen –
.
alleen dàt wil ik van je sparen.
.
Wat een ander niet krijgen wil
zal ik van je hebben:
.
het hoogste bod zal de wereld
niet eens verbazen.
.
An
Herman de Coninck
.
In april 2016 ben ik gestopt met het, elke zondag, plaatsen van gedichten van één van mijn favoriete dichters aller tijden Herman de Coninck. Maar telkens als ik voor mijn boekenkast sta met dichtbundels trekken zijn bundels mijn aandacht. Dan neem ik ze één voor één ter hand, blader en lees er wat in en zet ze terug. En soms, zoals vandaag, denk ik; ik ga er gewoon weer een plaatsen.
Op de onvolprezen website http://www.dbnl.org/ staat te lezen over de bundel ‘Schoolslag’ uit 1994:
“De Coninck is een dichter die zichzelf van nature tegenspreekt, in de rede valt, corrigeert. Hij moet wel iemand zijn die waarheden in het algemeen en ook zijn eigen waarheden wantrouwt. Dat heeft zo zijn consequenties voor zijn poëzie. Van grote onderwerpen ziet hij de ontnuchterende details, triviale kleinigheden brengen hem tot visioenen. Die wisselwerking levert karakteristieke gedichten op.”
In het gedicht over An ‘1971’ (dat gaat over zijn bij een ongeluk overleden vrouw An en hun zoon Tom) is de Coninck heel persoonlijk en zelfs wat afstandelijk in één gedicht. Hij ondergaat en hij observeert. Mede daarom bleef mijn oog hangen op dit gedicht.
.
1971
Verliezen lukte beter: daar heb ik ternauwernood
één dichtbundel over gedaan. Ik won
de Prijs van de Vlaamse Provinciën met jouw dood.
Ik herinner me vooral dat ik mijn bril niet vinden kon.
Die lag naast de auto op de grond. Eerst vond
ik hem, het was een nieuwe, dan jou.
Dank zij die bril kan ik je nog steeds zien.
Na een eeuwigheid, misschien.
een minuut of twee, wees een vrouw naar het gras:
kijk, een kindje. Oja, dat hadden we ook. Snel mond
op mond. Tom gillen als vermoord. Dat leek me gezond.
Pas toen besefte ik hoe stil het voordien was.
Ik dacht: zal ik eens proberen te huilen?
Het lukte. Dat kwam de volgende dagen goed van pas.
.
Maiandros, een recensie
Herve Deleu
.
Sinds het winnen van de eerste Ongehoord! gedichtenwedstrijd in 2012 ken ik Herve Deleu en mag ik zijn poëzie graag lezen. Dichter en schrijver van korte verhalen Herve Deleu heeft zich de laatste jaren ontwikkeld als een allround schrijver met een enorme dadendrang. Zo heeft hij nu een nieuwe dichtbundel met als titel ‘Maiandros’ wat Grieks is voor Meanderen. Waarom hij voor deze titel heeft gekozen wordt me niet helemaal duidelijk uit de gedichten in de bundel. Maar daarover zo meer.
Eerst de bundel zelf. Mooi uitgegeven in eigen beheer met een stevige kaft en goede kwaliteit papier. Op de eerste pagina een colofon waarop alleen summier wat informatie. Titel, eerste druk en dichtbundel 2016. Op de titelpagina een bevestiging van wat er op het omslag staat, dat het hier poëzie betreft. Daarna meteen het eerste gedicht. Op de laatste pagina een inhoud met de titels van alle gedichten en op welke pagina ze zich bevinden.
Ik zal heel eerlijk zijn, ik zie vaker bij in eigen beheer uitgegeven bundels een zekere eenvoud, een zeer summiere duiding van wie, wat, waar en waarom. Ook hier mis ik dat. Ook de bladspiegel met naar links en rechts naar de bladzijde rand uitgevulde tekst vind ik niet fraai en leidt af van de inhoud. Noem me ouderwets maar de klassieke indeling van het boek, met titelpagina, Franse titelpagina, inhoudsopgave en wat meer duiding van de inhoud stel ik als lezer zeer op prijs. In dit geval had dat ook best gekund. Enige informatie over Herve, titels van zijn andere uitgaven en wellicht een reden waarom deze bundel is gevuld met liefdes- en erotische gedichten.
Want dat zijn het. Stuk voor stuk hebben ze als onderwerp, verlangen, liefde, genot en een onderhuids borrelen van het ondermaanse. Ik zie de dichter bij de gedichten en begrijp hem, ken hem (een beetje) en weet dat hij een liefhebber is. Waarom niet een beetje info over de inhoud? Het maakte mij in ieder geval nieuwsgierig.
Herve kan dichten, en als het onderwerp de liefde in al haar verschijningsvormen is, is hij op zijn best. Niet voor niets was zijn winnende gedicht bij de Ongehoord! gedichtenwedstrijd er een die zo in deze bundel had kunnen staan, broeierig, opwindend en erotisch geladen.
Het lezen van de gedichten was opnieuw een plezier. Het Nederlands van Herve is die van een Vlaming en dat geeft zijn poëzie voor mij net dat beetje extra. Hoewel verenigd door het onderwerp zijn de gedichten toch steeds anders en soms verrassend zoals ‘Isabelle’ en ‘Genesis 2′(waar is Genesis 1?). Ondanks wat bezwaren is het een mooie bundel met 34 zeer lezenswaardige gedichten geworden zoals te verwachten viel van Herve. Hoe je aan de bundel moet komen? Eerlijk gezegd heb ik geen idee maar probeer het eens via zijn Facebook of Linkedin account.
Uit al deze opwinding en verlangen heb ik gekozen voor wat ik het mooiste gedicht vind; ‘Tango’. Voor mijn gevoel zit in dit gedicht alles wat in deze bundel aanwezig is. Hier is de dichter toeschouwer, scribent, analyticus en bewonderaar. Precies zoals ik het graag zie.
.
Tango
.
Ze strijkt gracieus haar haren strak
glimmen veld in ravenzwart
siddert als een wespenblad
wanneer haar kleed haar lijf omvat
.
ijdel glijdt z’haar schoenen in
de hak als fallus opgericht
staccato stampt ze putten in
’t parket dat kraakt als een gedicht
.
hij leidt haar dwingend in het rond
zij is het vuur, hij is de lont
hun lijven smelten tot één romp
die wentelt tot de passie komt
.
hun blikken haken elkaar vast
’t begeren in haar schoot gevat
door ’t overrijpe breekt de bast
zij wordt een vrucht in eigen nat
.
synchroon bewegen ze hun lijf
dat van haar rondom het zijn
de tango geeft hen lust en pijn
tot ’t eind hen rukt uit hun verzadigd zijn.
.
Eddy van Vliet
Vlaams dichter
Eduard Léon Juliaan (1942 – 2002) gebruikte als pseudoniem de naam Eddy van Vliet.
Hij studeerde rechten aan de Vrije Universiteit in Brussel en vestigde zich als advocaat in Antwerpen. Hij werkte mee als redacteur aan Yang, Kentering en Nieuw Vlaams Tijdschrift. Van Vliet hield zich afzijdig van elke groep of stroming in de literatuur. Hij debuteerde met de bundel ‘Het lied van ik’ (1964), gedichten die abstraheren van de werkelijkheid en daarvoor in de plaats sprookjesachtige of mythische elementen plaatsen. Dat geldt ook voor de bundels ‘Duel’ (1967), bekroond met de Reina PrinsenGeerligsprijs, en ‘Columbus tevergeefs’ (1969), waarvoor hij de Arkprijs van het Vrije Woord kreeg.
De thematiek van zijn poëzie is gericht op de tegenstellingen goed en kwaad, liefde en geweld, waarbij hij het eigen ik als uitgangspunt kiest voor wat men als belijdenispoëzie zou kunnen kenschetsen. Uit ‘Na de wetten van Afscheid & Herfst’ het volgende gedicht.
.
Op de iden van maart
de dag dat Julius Ceasar werd geveld
zoals ik geleerd had
en toen nog dacht dat alles te leren viel
stierf zij
.
Zo ze dan toch moet verdwijnen
bad ik stiekem in de gang van het ziekenhuis
dan op de dag dat een keizer werd vermoord
zoals voorspeld in de vlucht der eenden
zoals gelezen op de tweede bank. derde rij links
afrukkend en geil van verdriet
.
En na de koffie met ooms en tantes
nooit gezien en stervensgereed
de hoon van de vrienden
om mijn tekens van rouw.
.
De Coninck
Nog maar eens
.
Omdat de ‘Herman de Coninckzondag’ alweer een paar maanden achter ons ligt en ik sindsdien eigenlijk geen gedicht meer van hem heb geplaatst, vind ik het tijd weer eens aandacht aan deze geweldige dichter te besteden. Nog altijd één van mijn favoriete dichters en daarom een gedicht uit de bundel ‘De lenige liefde’ zonder titel.
.
Je truitjes en je witte en rode
sjerpen en je kousen en je directoirtjes
(met liefde gemaakt, zei de reklame)
en je brassières ( er steelt poëzie in
die dingen, vooral als jij ze draagt) –
ze slingeren rond in dit gedicht
als op je kamer.
.
kom er maar in, lezer maak het je
gemakkelijk, struikel niet over de
zinsbouw en over de uitgeschopte schoenen,
gaat u zitten
.
(intussen zoenen wij even in deze
zin tussen haakjes, zo ziet de lezer
ons niet) hoe vindt u het,
dit is een raam om naar de werkelijkheid
te kijken, alles wat u daar ziet
bestaat, is het niet helemaal
als in een gedicht?
.

















