Site-archief

Volmaakte aanwezigheid, volmaakt gemis

Dichteressen uit Vlaanderen en Nederland

.

Uit de bundel Volmaakte aanwezigheid, volmaakt gemis, de bundel met de beste poëzie van 40 dichteressen uit Nederland en Vlaanderen van uitgeverij Passage uit 2000, een gedicht van Vera Beerten. Vera Beerten (1957) publiceerde in diverse tijdschriften zoals ‘Diogenes’ en ‘Deus ex Machina‘. Beerten verleende haar medewerking aan verscheidene poëziemanifestaties waaronder ‘De Nachten van de Poëzie’ in Antwerpen, waar zij woont.

.

Finestrat

.

We lagen in een bed van middagzon

Uit elk verband

Uit elke geschiedenis verbannen.

.

Vogels vliegen op uit ons verstand

De huid die om ons heen zat, loste.

We vloeiden uit en over in elkaar

Werden zee, zwommen zonder handen.

.

En op het voor ons uitverkoren strand

Stonden engelen op wacht

Met toeters, wimpels en bellen.

.

Vera

volmaakt

2014: een nieuw jaar Ongehoord!

Stichting Ongehoord!

.

Zoals je ongetwijfeld weet maak ik deel uit van het bestuur van de Stichting Ongehoord!, een stichting met als motto: Voor aanstormend en aanslenterend talent. Vier keer jaar organiseert Ongehoord! in de bibliotheek van Rotterdam een poëziepodium, eenmaal per jaar een buitenpodium in de Jacobustuin en de afgelopen jaren verzorgde wij een podium tijdens Poëzie in het Park in Maassluis en een podium bij Route du Nord in Rotterdam. Daarnaast organiseert Ongehoord! vanaf 2012 een grote gedichtenwedstrijd met mooie prijzen.

Dit jaar heeft het bestuur al een aantal namen op het oog om voor de podia uit te nodigen (de winnaars van de gedichtenwedstrijd 2013 bijvoorbeeld). Maar we zijn nog op zoek naar ontluikend talent en mensen die ook een keer graag op een podium staan en hun poëzie willen voordragen. Dat kan namelijk op het open podium. Elk regulier podium bieden we mensen de mogelijkheid om 3 gedichten (of twee langere gedichten) voor te dragen op ons open podium. Wil je zelf een keer van deze gelegenheid gebruik maken kom dan naar een podium en geef je op bij onze presentator Menno Olde Riekerink. Velen zijn je voorgegaan waarvan een aantal door zijn gebroken en later nogmaals gevraagd zijn door Ongehoord! om op het podium een set te doen.

Elk podium bieden we musici te mogelijk op te treden. Wil je zelf een keer musiceren op een van onze podia neem dan contact op met Yvon op Ongehoord.yvon@gmail.com

Het eerst volgende podium is op zondag 2 februari, kijk voor de bijzonderheden op http://www.stichtingongehoord.com

.

oNGEHOORDOngehoord1

Simon Carmiggelt

Gedicht

.

Het kan aan mij liggen maar de ik hoor de laatste tijd steeds vaker mensen over Simon Carmiggelt. De in 1913 in Den Haag geboren Carmiggelt was een schrijver,  die vooral bekend was van zijn krantencolumns (Kronkels) in het Amsterdamse dagblad Het Parool en door zijn televisie-optredens. Een columniste als Sylvia Witteman is bijvoorbeeld een groot fan en navolger van zijn werk. Simon Carmiggelt was een scherp observant en werd geroemd om zijn situatiehumor.

Wikipedia schrijft hierover: Slenterend door de stad vond hij zijn thematiek: hij verwerkte een detail van een banaal voorval tot een compleet verhaal, luisterde naar mensen en gebruikte elementen uit hun conversaties, verplaatst, herschikt, versterkt, stileert en bouwt. Soms verwerkte hij de gegevens, verzameld over een tijdsspanne van weken, tot een samenhangend geheel, soms was het cursiefje zo uit het leven opgeschreven. En altijd heeft de lezer de indruk dat deze eigenste anekdote zich dagelijks ontelbare malen voordoet: elke situatie heeft een grote vorm van herkenbaarheid, van identificatie ook.

Naast zijn Kronkels schreef Carmiggelt ook gedichten. In 1974 verscheen bij De Arbeiderspers de bundel ‘De gedichten’ en bevat de bundels ‘Al mijn gal’ (1954), ‘Fabriekswater’ (1956), Het jammerhout’ (1948) en enkele andere gedichten. De 3 bundels verschenen  onder het pseudoniem Karel Bralleput.

Uit ‘De gedichten’ het gedicht ‘Zwijgplicht’.

.

Zwijgplicht

.

Ik praat. Ik maak de hele dag geluid,

want eigenlijk ben ik zo’n zwijgzaam man,

dat ik onmoog’lijk zoveel zwijgen kan.

Daarom stel ik mijn zwijgen pratend uit.

.

Ik schrijf. Ik zie de hand maar gaan,

maar eigenlijk ben ik nog nooit begonnen

aan mijn verhaal. Het is nog niet verzonnen.

Ik schuif het schrijvend op de lange baan.

.

Ik leef. Ik vind mijn leven kort,

maar eigenlijk trek ik alleen gezichten,

die horen bij een handvol daagse plichten.

Zo wacht ik levend tot ik eens geboren word.

.

Ik praat. Geen ramp heeft me nog stil gekregen.

Ik schrijf. De snelle woorden gaan hun gang.

Ik leef – maar in de nacht denk ik soms bang:

Straks zwijg ik. Heb ik dan genoeg gezwegen?

.

simon

carmiggelt

Openbaar vervoer (RATP)

Poëzie in het Franse Openbaar vervoer

.

De RATP, het Franse openbaar vervoer bedrijf, heeft in 2012 een gedichtenwedstrijd georganiseerd. De winnende gedichten  werden getoond in de metrostellen van de RATP in juli 2012. Er deden ruim 4000 mensen aan deze wedstrijd mee waaronder 231 dichters onder de 12 jaar. Daarnaast bood de RATP onder het motto Lijnen en rijmen (des lines et de rimes) de reizigers momenten van ‘ontsnapping’ in het hart van het netwerk middels poëzie van o.a.  Andree Chedid, Paul Valery, Kamal Kheir Beik en Zeno Bian.

.

agnèsrosse

 

Winnend gedicht van Agnès Rosse aan de poëziewedstrijd van de RATP

ratp_poesie

 

Gedichten in de metro.

Gedichtendag 2014

Expositie rondom de Nationale Gedichtendag

.

Binnenkort is het weer Nationale Gedichtendag (en poëzieweek) van 30 januari tot en met 5 februari. Ik zal hier de komende weken een aantal initiatieven hier bespreken.

De Nationale Gedichtendag vormt voor 40 kunstenaars van Vereniging galerie De Ploegh (Landelijk Kunstenaars Genootschap) uit Soest aanleiding tot het maken en organiseren van bijzondere tentoonstellingen rondom poëzie. Van 26 januari tot en met 17 maart organiseert galerie Duine-Rhee uit Giethoorn een expositie van 40 kunstenaars van De Ploegh  met werk gebaseerd op een gedicht . Poëzie in handen van schilders, grafici, beeldhouwers en keramisten krijgt een extra dimensie: POËZIE VISUEEL GELEZEN is een tentoonstelling waarin beeldende kunst en dichtkunst op verrassende wijze samengaan.

.

Een voorbeeld van een gedicht van Cécile van Spronsen bij een schilderij van Wassily Kandinsky.

.

Giethoorn2

Het blauw, blauw verheft zich, stijgt
En dwarrelt naar beneden
In ijle fluittonen dringt het binnen
Strijkt zonder scherpte neer
.
giethoorn
Galerie Duine-Rhee bevindt zich aan de Molenweg 36 / hoek Kloostersteeg 

Poëzie marketing

Gedicht op een servetring

.

Rond 2000/2001 gaf Calvé servetringen weg die zaten om de hals van sausflesjes. Op die ringen (die je dus als servetring kon gebruiken) stonden gedichtjes van bekende Nederlandse dichters. Hieronder staat een voorbeeld van een servetring met een dierengedicht van Kees Stip.

.

servetring

Info en foto Mats Beek.

En het gedicht.

Een egel die, gestart te Smilde
naar Hindelopen lopen wilde
zeeg halverwege in elkaar
met een aanmerkelijke blaar.
Ach had ik, hoorde ik hem snikken,
maar iets om die mee door te prikken. 

Kwakoe

Poëzie bij een standbeeld

.

Paramaribo telt veel beelden, maar geen ervan is zo populair als dat van Kwakoe. Het stelt geen historische figuur voor – al willen velen dat graag geloven dat Kwakoe de eerste zwarte grondbezitter van Suriname zou zijn geweest.  Geregeld is het voorzien van hoofddeksels en kledingstukken, en dan vooral van de pangi. Dit zijn de kleurige omslagdoeken die nog altijd door de marrons gedragen worden. Marrons zijn nakomelingen van slaven die van de plantages waren weggevlucht en die vanuit het binnenland de koloniale overheid belaagden.

.

Dit standbeeld is van beeldhouwer Jozef Ludwig Klas (1923-1996). Het beeld staat in Paramaribo. Het beeld stelt een bevrijde negerslaaf voor die zijn ketenen heeft verbroken. ‘Kwakoe’ is de naam voor een man geboren op woensdag. De afschaffing van de slavernij was op woensdag 1 juli 1863. Het beeld werd 100 jaar na de afschaffing van de slavernij onthuld door de toenmalige premier van Suriname Johan Adolf Pengel.

Eelco van  der Waals schreef een gedicht over Kwakoe.

.

Kwakoe (1)

Geen woensdag
zoals die ene

juli 1863
waarop de

nazaten van overzee
burgers werden

van hun
nieuwe land

Bij Ondrobon
Coronie
Commewijne

Kwakoe
ging ons voor

.

Met dank aan Meland Langeveld

Kwakoe

Niets cadeau

Wislawa Szymborska

.

Uit de bundel ‘Einde en begin, gedichten 1957-1997’ van uitgeverij Meulenhoff uit 1999 het prachtige gedicht ‘Niets cadeau’ van Wislawa Szymborska.

.

Niets cadeau

.

Niets cadeau gekregen, alles te leen.

Tot over mijn oren in de schulden

zal ik met mezelf

voor mezelf moeten betalen,

mijn leven voor mijn leven geven.

.

Het is nu eenmaal zo geregeld

dat het hart terug moet

en de lever terug moet

en elke vinger afzonderlijk.

.

Te laat om het contract te verbreken.

De schulden moeten worden geïnd,

het vel over de oren gehaald.

.

Op de wereld loop ik rond

in de menigte van andere schuldenaren.

Sommigen zijn verplicht

hun vleugels af te betalen.

Anderen moeten of ze willen of niet

hun blaadjes afrekenen.

.

Aan de debetzijde

staat elk weefsel in ons.

Geen wimpertje, geen steeltje

mogen we voorgoed behouden.

.

De lijst is uitputtend

en het ziet ernaar uit

dat we niets zullen overhouden.

.

Ik kan me niet herinneren

waar, wanneer en waarom

ik zo’n rekening heb laten openen.

.

Het protest daartegen

noemen we de ziel.

En dat is het enige

wat niet op de lijst staat.

.

leeg

Pol de Mont

Vlaams dichter Pol de Mont (1857-1931)

.

Via de website van Gaston D. Haese kwam ik terecht op de site met gedichten van de Vlaamse dichter Pol de Mont. Ik had nog niet eerder van deze dichter gehoord maar ik las een gedicht op de website die ik graag met jullie deel.

Pol de Mont werd geboren in Wambeek. Na zijn middelbare studies in het Frans te Ninove gevolgd te hebben, ging hij naar het Klein Seminarie in Mechelen. Hier was het dat hij zijn eerste gedichten schreef en in 1875 zijn eerste bundel ‘Klimoprankske’ liet drukken. Twee jaar later ging hij rechten studeren aan de universiteit van Leeuven. Samen met Albrecht Rodenbach stichtte hij hier ‘Het Pennoen’. In 1880 werd zijn, met de Vijfjaarlijkse Staatsprijs voor Vlaamse Letterkunde bekroonde, bundel ‘Gedichten’ gepubliceerd.

Pol de Mont begon zijn carrière als leerkracht aan het atheneum in Antwerpen. In 1904 werd hij benoemd tot conservator van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten te Antwerpen. Een jaar later was hij één van de stichters van het tijdschrift De Vlaamse Gids. In 1919 nam hij ontslag als conservator nadat hij in de pers beschuldigd was van activisme. Hij werd hoofdredacteur van de Vlaamsgezinde krant De Schelde. Enkele van zijn medewerkers daar waren Paul van Ostaijen en Alice Nahon.

Een lied van zijn hand (getoonzet door Jos. de Klerk) werd opgenomen in de liedbundel Kun je nog zingen, zing dan mee (eerste druk in 1906). Dit liedboek was zeer populair en werd de hele twintigste eeuw herdrukt. De eerste regels luiden: ‘Gaan wandelen dat staat ons aan’.

Hieronder het gedicht ‘Nog op mijn lippen’ uit de bundel ‘Zomervlammen’ uit 1922.

.

Nog op mijn lippen

.

Nog op mijn lippen gloeit,
door al mijn aadren schroeit
de kus, van uw lippen ontvangen…
Van zwoele moeheid hijgen nog
mijn longen, en reeds blaak ik toch
van nieuw en aldoor-nieuw verlangen.
.
Uw ogen zien mij aan…,
mijn ogen zien u aan…,
uw handen zoeken naar mijn handen…
Weer vlijt uw blonde hoofd zo teer
zich op mijn borst, en weer, wéér, wéér
mijn lippen op uw lippen branden.
.
Kan men dan dronken zijn
van zoenen als van wijn,
van zoenen, rood als rode bessen ?
0 wonneroes, zo godlik zoet !
0 vlammen in ’t verjongde bloed !
0 dorst, die ‘k, nooit gelest, wil lessen !

.

lippenj

Met dank aan Wikipedia.

E.E. Cummings

The boys I mean are not refined

.

Voor de laatste keer dit jaar een gedicht van E.E. Cummings met de Nederlandse vertaling van Lepus, het prachtige ‘The boys I mean are not refined’.

.

the boys i mean are not refined

 .

the boys i mean are not refined

they go with girls who buck and bite

they do not give a fuck for luck

they hump them thirteen times a night

 .

one hangs a hat upon her tit

one carves a cross on her behind

they do not give a shit for wit

the boys i mean are not refined

 .

they come with girls who bite and buck

who cannot read and cannot write

who laugh like they would fall apart

and masturbate with dynamite

 .

the boys i mean are not refined

they cannot chat of that and this

they do not give a fart for art

they kill like you would take a piss

 .

they speak whatever’s on their mind

they do whatever’s in their pants

the boys i mean are not refined

they shake the mountains when they dance

 .

.

de jongens die ik bedoel zijn onbehouwen

 .

de jongens die ik bedoel zijn onbehouwen 

zij gaan met meisjes die krabben en bijten  

zij weten dat geluk niet op hen wacht      

zij bekruipen ze dertien keer per nacht      

 .

een hangt een hoed aan haar tiet          

een krast een kruis op haar kont          

want rede of respect dat hebben zij niet    

de jongens die ik bedoel zijn onbehouwen   

 .

zij komen met meisjes die krabben en bijten  

die ongeletterd zijn en zich vergooien      

die lachen tot ze dubbel plooien   

en masturberen met dynamiet

    .       

de jongens die ik bedoel zijn onbehouwen       

zij kunnen niet praten over cultuur          

zij geven geen reet om literatuur            

zij moorden zoals je een scheet zou laten       

 .

zij hebben het hart op de tong

zij volgen slaafs hun stijve pik        

de jongens die ik bedoel zijn onbehouwen      

zij doen de bergen beven als zij dansen

.

cummings