Site-archief
Gedichten in films
Sophie’s Choice
.
Het is alweer enige tijd geleden dat ik regelmatig schreef over poëzie in films. Vanaf vandaag zal ik weer wat vaker aandacht besteden aan wat je een ‘gelukkig huwelijk’ zou kunnen noemen. Ik weet niet hoe het jullie vergaat maar altijd wanneer er poëzie of een gedicht in een film voorkomt luister ik ineens scherper, wil ik weten welk gedicht van welke dichter het hier betreft.
Een gedicht kan ook een heel duidelijke functie hebben in een film, om iets te verduidelijken, om iets van een context te voorzien of om bij te dragen aan de sfeer, het onderwerp of het gewicht van het onderwerp. In het volgende voorbeeld is dit aan de orde. In de film Sophie’s choice leest Kevin Kline in bed het gedicht ‘Ample make this bed’ van Emily Dickinson voor.
Als je kijkt naar de analyse van het gedicht van Dickinson dan begrijp je waarom de regisseur gekozen heeft voor juist dit gedicht.
“This poem is in two contexts, one is that the poet speaks about a sensual moment that she is going to spend with her companion, or is imagining about it, where she wants everything perfect and ready. The way she is paying attention to the small details shows her anticipation about the moment that is yet to come. She wants nothing to disturb her on that day, or ever.”
.
Hieronder de scene uit de film waarin Kevin Kline het gedicht voorleest aan Meryl Streep (met speciale Spaanse ondertiteling) en de geschreven tekst.
Ample make this bed.
Make this bed with awe;
In it wait till judgment break
Excellent and fair.
Be its mattress straight,
Be its pillow round;
Let no sunrise’ yellow noise
Interrupt this ground.
.
Met dank aan https://beamingnotes.com
Mont Ventoux
Jan Kal
.
De Mont Ventoux is vooral bekend onder wielerliefhebbers (als Col van de buitencategorie) en onder de lezers van het gelijknamige boek van Bert Wagendorp (dat inmiddels ook verfilmd is). Minder bekend is het gedicht met deze titel van Jan Kal.
Jan Pieter Kal (1946) is vooral bekend van zijn vele sonnetten. Hij groeide op in Haarlem, maar verhuisde naar Amsterdam voor een studie medicijnen. Aan studeren kwam hij niet toe door een alles overheersende liefde, maar die bracht hem wel tot het schrijven van sonnetten. Jan Kal kan van weinig poëzie maken. Hij heeft een eigen spontane, weemoedige toon, waarin ook zijn humor een plaats heeft.
Kal debuteerde in 1974 met de bundel ‘Fietsen op de Mont Ventoux’ waaruit ook dit gedicht is genomen. Hij heeft inmiddels 16 bundels het licht laten zien met ‘Een dichter in mijn voorgeslacht’ uit 2015 als laatste.
.
Mont Ventoux
.
Dichten is fietsen op de Mont Ventoux,
waar Tommy Simpson nog is overleden.
Onder zo tragische omstandigheden
werd hier de wereldkampioen doodmoe.
.
Op deze col zijn velen losgereden,
eerste categorie, sindsdien tabu.
Het ruikt naar dennegeur, Sunsilk Shampoo,
die je wel nodig hebt, eenmaal beneden.
.
Alles is onuitsprekelijk vermoeiend,
de Mont Ventoux opfietsen wel heel erg,
waarvoor ook geldt: bezint eer ge begint.
.
Toch haal ik, ook al is de hitte schroeiend,
de top van deze kaalgeslagen berg:
ijdelheid en het najagen van de wind.
.
foto: Annet Hogenesh
The Waste Land
T.S. Eliot
.
Vorige week bezocht ik het filmhuis voor de film ‘Problemski Hotel’ naar het boek van Dimitri Verhulst. Een bijzondere film, dramatisch en komisch tegelijk. In deze film citeert de hoofdpersoon Bipul enige keren een aantal zinnen uit het gedicht ‘The Waste land’ van T.S. Eliot (1888 – 1965) en dan met name de regels uit de eerste strofe ‘April is the cruelest month’. De eerste 7 regels van de eerste strofe bevatten deze regels. In deze regels noemt T.S. Eliot April een wrede maand terwijl wij hier in het Westen April zien als de maand dat de Lente begint.
In dit gedicht spreekt een getormenteerd mens. Een dichter die aan depressies lijdt. In plaats van het mooie nieuwe te zien voelt de dichter hier een pijnlijke opluchting en brengt dit pijnlijke herinneringen bij hem boven. In de rest van het gedicht werkt hij dit (zijn depressie) verder uit. In de film verwijzen deze regels naar de problemen en uitzichtloosheid van de vluchtelingen in de opvang (het Problemski Hotel).
T.S. Eliot droeg dit gedicht op de dichter Ezra Pound. Het gedicht bestaat uit 5 delen. Als je het gehele gedicht wil lezen kan dat op http://www.poetryfoundation.org/poem/176735 Ik plaats hier het eerste gedeelte.
.
The waste Land
Skyfall
Lord Alfred Tennyson
.
Soms komen werelden bijeen waarvan je misschien niet zo snel verwacht dat ze bij elkaar komen. Dat gevoel kreeg ik toen ik afgelopen week naar de James Bond film Skyfall zat te kijken. M. het grote opperhoofd van de 00 agenten, citeert tijdens een ‘hearing’ door de, voor haar verantwoordelijke, minister een strofe uit het gedicht ‘Ulysses’ van Lord Alfred Tennyson.
Het is overigens niet de eerste keer dat dit gedicht redelijk prominent in een film voorkomt. Al eerder was het te horen in Dead poets society, maar dat is een film (qua titel en inhoud) waar je een dergelijk gedicht eerder verwacht dan in een actiefilm.
Het gebruik van deze strofe sluit echter heel mooi aan bij waar het in deze scene van de film omgaat. Hoewel Ulysses en zijn zeemannen niet meer zo sterk zijn als in hun jeugd, zijn ze “sterk in wil” en worden ondersteund door hun vastberadenheid om verder “meedogenloos te streven, te zoeken, te vinden, en niet toe te geven”.
.
Ulysses
It little profits that an idle king,
By this still hearth, among these barren crags,
Matched with an aged wife, I mete and dole
Unequal laws unto a savage race,
That hoard, and sleep, and feed, and know not me.
I cannot rest from travel;
I will drink Life to the lees.
All times I have enjoyed
Greatly, have suffered greatly, both with those
That loved me, and alone; on shore, and when
Through scudding drifts the rainy Hyades
Vext the dim sea. I am become a name;
For always roaming with a hungry heart
Much have I seen and known–cities of men
And manners, climates, councils, governments,
Myself not least, but honored of them all,–
And drunk delight of battle with my peers,
Far on the ringing plains of windy Troy.
I am a part of all that I have met;
Yet all experience is an arch wherethrough
Gleams that untraveled world whose margin fades
For ever and for ever when I move.
How dull it is to pause, to make an end,
To rust unburnished, not to shine in use!
As though to breathe were life! Life piled on life
Were all too little, and of one to me
Little remains; but every hour is saved
From that eternal silence, something more,
A bringer of new things; and vile it were
For some three suns to store and hoard myself,
And this gray spirit yearning in desire
To follow knowledge like a sinking star,
Beyond the utmost bound of human thought.
This is my son, mine own Telemachus,
To whom I leave the scepter and the isle,
Well-loved of me, discerning to fulfill
This labor, by slow prudence to make mild
A rugged people, and through soft degrees
Subdue them to the useful and the good.
Most blameless is he, centered in the sphere
Of common duties, decent not to fail
In offices of tenderness, and pay
Meet adoration to my household gods,
When I am gone. He works his work, I mine.
There lies the port; the vessel puffs her sail;
There gloom the dark, broad seas.
My mariners, Souls that have toiled, and wrought, and thought with me,
That ever with a frolic welcome took
The thunder and the sunshine, and opposed
Free hearts, free foreheads–you and I are old;
Old age hath yet his honor and his toil.
Death closes all; but something ere the end,
Some work of noble note, may yet be done,
Not unbecoming men that strove with gods.
The lights begin to twinkle from the rocks;
The long day wanes; the slow moon climbs; the deep
Moans round with many voices. Come, my friends,
‘Tis not too late to seek a newer world.
Push off, and sitting well in order smite
The sounding furrows; for my purpose holds
To sail beyond the sunset, and the baths
Of all the western stars, until I die.
It may be that the gulfs will wash us down;
It may be we shall touch the Happy Isles,
And see the great Achilles, whom we knew.
Though much is taken, much abides; and though
We are not now that strength which in old days
Moved earth and heaven, that which we are, we are,
One equal temper of heroic hearts,
Made weak by time and fate, but strong in will
To strive, to seek, to find, and not to yield.
.
Met dank aan http://www.poets.org, sparknotes.com en Youtube.
De cirkelgang van de tijd in een lichaam
Jelena Sjvarts
.
Jelena Sjvarts (1948 – 2010) was een dichteres uit Sint Petersburg die op jonge leeftijd begon met dichten. Haar eerste officiële bundel kon echter pas in 1989 verschijnen. Jelena Sjvarts werd tijdens de periode van de ‘stagnatie’ niet gepubliceerd. Wel was ze bekend in undergroundkringen. Haar gepassioneerde voordrachten waren populair. Ze interesseerde zich voor drama. Ze studeerde theater, muziek en film, en voor haar levensonderhoud vertaalde ze toneelstukken. Sjvarts was een excentrieke, talentvolle dichteres met een flink oeuvre. Haar werken zijn geschreven in dezelfde sfeer als het werk van o.a. Chlebnikov en Koezmin.
.
De cirkelgang van de tijd in een lichaam
.
Dit meisje is door iemand grootgebracht,
in haar ogen kabbelt lichtblauw water,
in haar liezen is het donker, splijt de nacht,
en ook een roze sterre staat er.
.
En in haar hart, hoe laat zou het daar zijn?
Ergens tussen wolf en hond.
Kobalt en schemerig golft het satijn
daar waar een naald het centrum wondt.
.
In haar hoofd begroet een tuin het wonder
van weer een nieuwe dageraad,
maar in haar nek gaat rood de zon al onder
en nacht kruipt in haar ruggengraat.
.
Uit: Optima, 1997 (vertaling Peter Zeeman)
.
Met jou, na een film
Oud gedicht
.
Ik heb in mijn kast een paar notitieboekjes waarin ik vroeger mijn gedichten schreef. Netjes in blokletters, zodat ik ze nu kan kan teruglezen ( mijn handschrift was destijds niet altijd even leesbaar).
Uit het laatste notitieboekje vandaag het een na laatste gedicht dat uit ca. 1988 / 1989 moet zijn met de titel ‘ Met jou, na een film’ . Heerlijk onduidelijk met zinnen waarvan ik me nu afvraag; Waarom? Maar ach, ook wel weer leuk om te delen.
.
Met jou, na een film
.
Natuurlijk
ik weet mij te redden
met pauzes
.
en een pauze
.
maar mijn verlangen
laat zich niet betalen,
niet onderbreken voor
koffie en ijs,
pinda’s en popcorn
toch is jouw intensiteit,
voor mij,
die van na de pauze
.
Filosofie van de liefde
Percy Bysshe Shelley
Om Percy Bysshe Shelley (1792 – 1822) zou ik bijna een nieuwe categorie starten; dichters met intrigerende namen. Toch maar niet doen misschien. Wat ik wel ga doen in ieder geval is een prachtig gedicht plaatsen van Shelley namelijk ‘Love’s philosophy’. Dit gedicht wordt gebruikt in de film ‘In & Out’ uit 1997 van Frank Oz met Kevin Kline, Joan Cusack, Matt Dillon en Tom Selleck. In & Out werd bekend als een van de mainstream pogingen om een gay film van zijn tijd te zijn.
.
Love’s philosophy
Rotklank
Rotterdam Klankbord
.
Op zoek naar poëzie op het web kwam ik op de website http://www.rotklank.nl/. Een bijzonder website waar veel op valt te genieten die, zoals ik, oog heeft voor de rafelranden van de poëzie. Of zoals ze zichzelf etaleren: Plat Rotterdams Klankbord en online magazine. Op een zwarte achtergrond (waarom?) staan in een aantal rubrieken allerlei kunstzinnige uitingen over Rotterdam en van Rotterdammers. Wie de website precies runt is me niet helemaal duidelijk geworden, veel verder dan Rotterdam Klankbord ben ik niet gekomen.
De website oogt wat rommelig, waarschijnlijk door de hoeveelheid informatie die overal op de pagina’s te zien is maar biedt zeker een aantal interessante rubrieken. Ik vind de rubriek ‘Klinkerdichter’ en dan de subrubriek ‘Dichten’ erg aardig. Beeldpoëzie op zijn Rotterdams.
Hieronder een voorbeeld.
Daarnaast staat er een heel fout filmpje op de site onder het motto Poëzie in de nacht, wij zijn de nacht. Op elke pagina is de Quote ROTator zichtbaar met quotes als: ‘Stem op de schouderpartij! Voor draagvlak en kracht’ (rond de verkiezingen) en “Er zijn vele wegen, maar de juiste weg, is de weg ertegen; niet de weg eronder, dat is onderkruiperij; niet de weg erover, dat is pluimstrijkerij, maar de weg ertegen, tegen alle wegen in en dat is van de wijsheid nog maar het begin”. (Bertus Aafjes).
Een aardige website om eens te bezoeken kortom.



















