Site-archief
Geheim agent
Tonnus Oosterhoff
.
De dichter, schrijver Tonnus Oosterhoff (1953) debuteerde in 1990 met de bundel ‘Boerentijger’. Inmiddels is hij vele bundels en verschillende belangrijke literaire prijzen verder. Zo ontving hij o.a. de Multatuliprijs, de Jan Campertprijs, de VSB Poëzieprijs en de P.C. Hooft prijs voor zijn hele oeuvre. In zijn debuutbundel las ik het gedicht ‘Geheim agent’ en daaruit blijkt de onderkoelde humor die hem zo kenmerkt.
.
Geheim agent
.
Alles heb ik geregeld: de valse naam
en het hotel waar niemand ons zou zoeken.
Zijn spierkracht, dat hij klein was, niet veel sprak,
zijn gladde bruine zolen heb ik zelf bedacht.
De rust waarmee hij alles met me deed
om me tot een bekentenis te dwingen.
Stroomstoot, ijslikeur, bamboe, valse hoop:
hij was een meester in het derdegraads verhoor.
Toen ik vertrok had ik gezworen wat hij wou.
Ik had gemoord, verraden en gelogen,
en meer getierd dan hij ooit had gehoord
en toegegeven: deze ontmoeting vond nooit plaats.
.
Het klein heelal
April op de Veluwe
.
Uit mijn boekenkast vandaag de bundel ‘het klein heelal’ uit 1970. Een bundel moderne gedichten voor het voortgezet onderwijs, samengesteld door H. Doedens en P. Maassen. De titel komt uit een gedicht van H.W.J.M. Keuls. De samenstellers hebben zich bij hun keuze laten leiden door de liefde voor de eigentijdse letteren. Zij wagen het, zo stellen ze, een bloemlezing van merendeels nog levende dichters samen te stellen want, de jeugd herkent zich het best in de uitingen van tijdgenoten. Je vraagt je af hoe zo’n bundel er heden ten dage uit zou zien.
In een aantal hoofdstukken met titels als Fantasieën, Bloemen en dieren, Het Vaderland, Het leven van alledag, De dood, De seizoenen, De religie en Epische gedichten staan de bijna 200 gedichten gerangschikt. Gedichten van bekende namen maar ook van minder bekende namen als Edmond de Clerq, Alette Beaujon, W.S. Noordhout en Willem Enzink.
Ik koos voor een, mij onbekende, dichter namelijk Jo Landheer met het gedicht ‘April op de Veluwe’.
.
April op de Veluwe
.
In andre streken is ’t nu volop voorjaar.
Daar staan nu al veel bomen in een zacht,
Pril waas van groen en gaat jong gras ontspruiten.
Verblindend trilt er de ijle bloesempracht.
.
Hier blijft het donker op de stille heide,
Die nog van winterkoude lijkt verstard.
Vaal en verlaten liggen de stuifzanden
En al het loofhout ziet nog kaal en zwart.
Maar meer dan naar het liefelijkste op aarde
Trekt naar dit stugge land mijn hele hart.
.
Lijsterbessen
Over de dichtkunst
.
Over poëzie en de dichtkunst zijn vele gedichten geschreven, er zijn zelfs bloemlezingen over verschenen. Ook ik heb er enkele gedichten over geschreven. In de bundel ‘Herinneringen aan het onbekende’ een keuze uit eigen werk van Rutger Kopland uit 1966 staat het prachtige korte gedicht ‘Lijsterbessen’ met precies dit als thema.
.
Erger Lijsterbessen
.
De dichtkunst beoefenen is
met de grootst mogelijke zorgvuldigheid
constateren dat bijvoorbeeld
in de vroege morgen
de lijsterbessen duizenden tranen dragen
als een tekening uit de kindertijd
zo rood en zo veel.
.
Ik vind geen rust
Sir Thomas Wyatt
.
Sir Thomas Wyatt (1503 – 1542) werd geboren in Kent, Engeland en was dichter maar ook ambassadeur van koning Hendrik VIII in Frankrijk en Italië. Wyatt speelde het gevaarlijke spel van seks, geld en macht tijdens zijn verblijf in het hof van Hendrik VIII. Hij maakte zijn leven nog gevaarlijker door met de koning te strijden om de hand van Anne Boleyn. Tenslotte hadden de vijanden van Henry de gewoonte om met hun hoofden gescheiden van hun lichaam te eindigen. Wyatt was een hoveling en metgezel van Henry VIII vanaf zijn dertiende. Hij was op 17-jarige leeftijd getrouwd en kort daarna gescheiden. Sommige bronnen zeggen dat hij in 1522 de minnaar van Anne Boleyn was geworden, niet lang voordat ze voor Koning Hendrik koos.
Minstens vier gedichten van Wyatt worden verondersteld te verwijzen naar Anne, inclusief het sonnet ‘Whoso list to hunting’ waarin ze wordt voorgesteld als een hert, bejaagd door vele vrijers maar uitsluitend toebehorend aan Caesar. Wyatt werd in 1526 weggestuurd van het hof naar Frankrijk en in 1527 naar Italië, waar hij werd gevangen genomen door troepen van het Heilige Roomse Rijk. Toen Anne Boleyn uit de gratie viel bij Hendrik in 1536, werd Wyatt gevangengezet in The Tower of London, omdat hij met haar omging en bekeek hij haar executie vanuit zijn cel. In 1539 stond hij aan het hoofd van een complot om de katholieke Reginald Pole te vermoorden door vergiftiging. Tegen 1540 zat hij opnieuw in de gevangenis wegens verraad. Zijn latere minnares zou ook door Hendrik als zijn geliefde zijn genomen.
Zijn werk werd nooit gepubliceerd tijdens zijn leven, maar hij was een van de leidende dichters van de Engelse Renaissance. Tijdens zijn tijd in Italië ontdekte hij de werken van Petrarca en introduceerde hij Italiaanse modellen en poëtische vormen in Engelse verzen, waaronder het sonnet.
I find no peace
.
Lou Reed
Laurie Anderson
.
Ik ken de Amerikaanse experimentele performance-kunstenares, dichter en musicus Laurie Anderson (1947) vooral van haar hitsingle (en enige single die in Nederland bekend werd) ‘O Superman’ uit 1981. In 2008 trouwde zij met Lou Reed met wie ze tot zijn dood in 2013 samen woonde in New York.
‘O Superman’ is oorspronkelijk een cover van de aria ‘Ô Souverain, ô juge, ô père’ uit Jules Massenets opera ‘Le Cid’. Het lied begint ook met een vergelijkbare tekst, de stanza (O Superman / O Judge / O Mom and Dad) komt overeen met Massenets intro. Daarna volgt een telefoongesprek tussen de hoofdpersoon en een geheimzinnige stem aan de andere kant van de lijn, die eerst de moeder van de hoofdpersoon lijkt te zijn maar zich later ontpopt als ‘De Hand Die Neemt’. De stem heeft ook beschikking over lange, elektronische en petrochemische armen. Grote invloeden zijn er verder te horen van Einstein on the Beach van Philip Glass en Warm Leatherette van The Normal. Het lied refereert daarnaast aan thema’s zoals de Tao en telecommunicatie.
De tekst ontleent enkele bekende citaten en uitspraken (althans, voor Amerikanen), zoals de zin ‘Neither snow nor rain nor gloom of night shall stay these couriers from the swift completion of their appointed rounds‘, destijds de slogan van de toenmalige Amerikaanse PTT.
.
O Superman. O judge. O Mom and Dad. Mom and Dad
O Superman. O judge. O Mom and Dad. Mom and Dad
Hi. I’m not home right now. But if you want to leave a
Message, just start talking at the sound of the tone
Hello? This is your Mother. Are you there? Are you coming home?
Hello? Is anybody home? Well, you don’t know me, but I know you
And I’ve got a message to give to you
Here come the planes
So you better get ready. Ready to go. You can come
As you are, but pay as you go. Pay as you go
And I said: OK. Who is this really? And the voice said:
This is the hand, the hand that takes. This is the
Hand, the hand that takes
This is the hand, the hand that takes. This is the
Hand, the hand that takes
This is the hand, the hand that takes
Here come the planes
They’re American planes. Made in America
Smoking or non-smoking?
And the voice said: Neither snow nor rain nor gloom
Of night shall stay these couriers from the swift
Completion of their appointed rounds
Cause when love is gone, there’s always justice
And when justice is gone, there’s always force
And when force is gone, there’s always Mom. Hi Mom!
So hold me, Mom, in your long arms. So hold me
Mom, in your long arms
In your automatic arms. Your electronic arms. In your arms
So hold me, Mom, in your long arms
Your petrochemical arms. Your military arms
In your electronic arms
.
het is de tijd die dringt
Dichter van de maand April
Kwade trouw
De grote lijsters
.
In 1996 verscheen in de serie ‘De grote lijsters’ het zesde deel met als titel ‘Kwade trouw’ met gedichten van Jean Pierre Rawie. In dit kleine maar vriendelijke bundeltje staan naast gedichten in het hoofdstuk Kwade trouw ook een drietal gedichten in het hoofdstuk Liederen in opdracht.
In totaal 18 gedichten maar waarom ik er toch graag enige aandacht aan besteed is omdat in het hoofdstuk Kwade trouw het gedicht ‘Kleine liefdesverklaring’ staat. Omdat het lente is en omdat het altijd tijd is voor een liefdesgedicht vandaag dit gedicht.
.
Kleine liefdesverklaring
.
Ik ben al bijna dood, en ik
zal nooit aan mensen wennen;
zo meen ik ook geen ogenblik
je werkelijk te kennen,
.
maar soms, tezamen in het huis
en in één bed tezamen,
met het behoede geruis
van regen langs de ramen,
.
heb ik wel eens een kort moment
gedacht dat ik doorgrondde
hoe ondoorgrondelijk je bent,
en dat al veel gevonden.
.
Gek, slecht en gevaarlijk te kennen
François Villon
.
Dichters zijn over het algemeen gevoelige, etherische wezens, ineffectieve dromers die geobsedeerd zijn door metaforen en het juiste ritme en rijm. Tenminste dat is de romantische kijk die nog steeds een grote groep mensen heeft van dichters. Over het algemeen zijn ze in ieder geval onschadelijk. Nou, niet altijd. Op het internet vond ik een lijst met moordenaars, oplichters, harken, een afperser, verschillende revolutionairen, hartenbrekers, duellisten, dronkaards, een opiumduivel, een serieuze excentrieke en zelfs een fascistische dichter. Deze mannen (want het zijn allemaal mannen) zijn gek, slecht en gevaarlijk om te kennen.
François Villon was een moordenaar, dief en een all-round low-life. Hij was ook de beste lyrische dichter in Frankrijk in de 15e eeuw. Geboren in 1431 of 1432, werd hij opgevoed door een professor in kerkelijk recht in Parijs. Nadat hij in 1452 de universiteit verliet, zakte hij snel af door een reeks vechtpartijen, gevangennemingen en ballingschap. Veel van wat we van hem weten komt uit de gegevens van het archief van de gevangenis. In 1455 was Villon betrokken bij een dronkenmans ruzie in Parijs, die eindigde toen hij een priester doodstak. Hij werd uit Parijs verbannen vanwege deze misdaad, maar hij ontving koninklijke gratie. Hij werd opnieuw verbannen in 1456 voor het leiden van een bende rovers die 500 gouden kronen van het College de Navarre stalen. Hij zat zijn gevangenisschap uit in Blois in 1457 en in Moulins in 1461. Villon verschijnt voor het laatst in Parijse verslagen in 1462 voor diefstal. Nadat hij was vrijgelaten, was hij betrokken bij een nieuwe vechtpartij en ter dood veroordeeld, maar in plaats daarvan werd hij verbannen. Na 1463 verdwijnt hij volledig. Ondanks zijn levensstijl was Villon een meester in de ingewikkelde poëtische vormen van de ballade, de rondeau en het chanson. Zijn langere werken raken de kosmologie, satire en religieuze symboliek. Zijn werk staat vol met thema’s van mislukte liefde, melancholie, menselijk leed, verloren tijd en de alomtegenwoordigheid van de dood, met karakters als prinsen en prostituees die vastzitten in Parijse bordelen en drinkgelegenheden. Rimbaud herleefde zijn werk in de 19e eeuw, terwijl Rossetti het in het Engels vertaalde en ons de prachtige zin gaf “Where are the snows of yesteryear?
Van de hand van Francois Villon, in vertaling van Ernst van Altena, het gedicht ‘Ballade des dames du temps jadis’ of in het Nederlands ‘Ballade van de dames uit vroeger tijden’.
.
Ballade van de dames uit vroeger tijden
.
Zeg mij: waar, in welk ver domein
Is Flora, die schoon van gezicht was;
Archipiades, rank en fijn
En Thais, die haar volle nicht was
Nimf Echo die tot zang verplicht was
Als men haar riep langs stroom of meer
En die goddelijk slank en licht was
En waar is de sneeuw van weleer
Heloise, ach waar is zij
Die zo schoon was en veel verstand had
Abelard trok de monnikspij
Voor haar aan, toen men hem ontmand had
En de Vorstin die een galant had
Buridan, die zij zonder meer
In de Seine wierp als een landrat
En waar is de sneeuw van weleer
Vorstin Blanche, die blank als ijs
Met haar stem menig man bekoord heeft;
Berthas, Alice en Beatrijs;
Arembourg voor wie ’t Maine-oord beeft;
En Jeanne die men wreed gesmoord heeft
Ginds in Rouaan, bij ’t Britse heir
Maagd, weet Gij waar elk hunner voortleeft
En waar is de sneeuw van weleer
Oh Prins, verklaar mij waar hun woon is
Want anders zing ik keer op keer
Deze keerzang die droef van toon is
Ach, waar is de sneeuw van weleer
.














