Site-archief
Hoe een zee een woord werd
Antoinette Sisto
.
Vorige week zaterdag mocht ik bij de presentatie van Antoinette Sisto van haar nieuwe bundel ‘Hoe een zee een woord werd’ een aantal gedichten voordragen. Een paar uit haar nieuwe bundel en een paar van mezelf. Op deze mooie middag in Perdu in Amsterdam stonden ook op het programma: Herbert Mouwen (met een voordracht over het werk van Antoinette), Gerda Posthumus, Katelijne Brouwer, het muzikale duo Hoed en de Rand en er was een gesprek met Antoinette door Will van Sebille.
Zeer binnenkort een recensie van deze nieuwe bundel maar nu alvast een gedicht uit de bundel die ik in Perdu heb voorgedragen.
.
Een kwestie van tijd
.
We horen onszelf dingen zeggen
een smoes bedenken, anekdotes vertellen
naakt is het timbre van onze stem
al geven we ons niet bloot
.
we dichten elkaar betekenis toe
in een later ver van hier
wij zingen onszelf van binnen moe
.
dat is wat we doen
we zingen ons
een park in Beijing
een meer in Toronto
een kapotte brug in de binnenstad van Praag.
.
De val van een terloopse speld
blijft zo mijn enige hoop
met pijn in onze buik
iedere gêne
van onbeholpen leegte weglachen.
.
Laten we afspreken
dat het nooit te laat is.
.
Foto: Rob Hilz
Misschien moet alles eerst op tekening hersteld
Alja Spaan
.
Dichter Alja Spaan ken ik al jaren. Ooit was ik haar vriendelijke lezer, ik droeg voor bij haar thuis bij Alkmaar Anders, in haar huiskamer atelier, ze droeg voor het eerst voor op een podium van Ongehoord! (dat wist ik toen niet) en later nog eens en we brachten samen een bundel uit ‘Je hebt me gemaakt met je kus’ in 2010 met prachtige illustraties van schilder-tekenaar Pierre Struys. Later won ze niet alleen de tweede prijs van de Turingwedstrijd maar ook won ze de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd in 2015 en stond ik op haar podium van Reuring.
En dan is er nu haar nieuwe bundel ‘Misschien moet alles eerst op tekening hersteld worden’, mooi uitgegeven door uitgeverij Watervis. Feitelijk is dit haar debuut als solodichter (eerder gaf ze ook al een andere bundel met Nina Barhorst) zo staat voorin de bundel maar volgens mij is dat haar bundel ‘De hand de beweging laten maken’. Omdat ik haar als mens en dichter goed ken, omdat ik haar ‘geschiedenis’ redelijk goed ken ( het overlijden van haar moeder, haar verhuizing naar Sint Pancras en de geboorte van haar eerste kleinzoon Scott David aan wie deze bundel is opgedragen) is het lezen van deze bundel voor mij een echt feest. Soms een feest van herkenning, dan weer een feest van poëtische vervoering, ontroering en genieten.
Waar in onze gezamenlijke bundel Alja nog niet een echte vaste dichtvorm had, daar heeft ze in de afgelopen jaren een heel duidelijk herkenbare stijl ontwikkeld waar ze bekend mee is geworden en die breed gewaardeerd wordt. Alle gedichten in deze nieuwe bundel bestaan uit strofen van twee zinnen of drie zinnen (de meeste twee zinnen) waarin, in een bijna vloeiende stijl, alsof het één lange zin is, het gedicht zich ontvouwt.
Prachtige beelden, zinnen en situaties schotelt Alja ons voor, steeds met een grote warmte en gevoel voor haar onderwerpen, de mensen in haar poëzie en de situaties die ze beschrijft. Zoals over haar moeder in ‘Koek’:
Ik zie haar weer in de winter, onherstelbaar
en zo half, naar opzij gevallen, niet meer
schuilend, zo laag bij de grond.
.
Of over haat terugkeer naar de stad, het vertrek uit het dorp van haar jeugd in ‘De echo’:
.
Niets is nog van mij of alles is verdeeld onder de
achterblijvers. Er hoefde niet
.
gedobbeld te worden. Mijn kleding gebukt onder
vele lagen stof, doordrenkt van
.
stadsdamp en snelverkeer, honderd mensen op een
vierkante meter.
.
In vier hoofdstukken met titels als ‘Opnieuw is de stilte weer oorverdovend, Alle portretten zijn levend geworden, Kokette neigingen en Ze is nog altijd bereikbaar geeft Alja ons een intiem kijkje in haar wereld. Een wereld die niet groots en meeslepend is maar voelt als een warm bad waarin je heel makkelijk wordt meegezogen. Dergelijke bundels laten je deel uitmaken van de kleine intieme wereld van Alja en nodigen je uit tot herlezen, keer op keer.
In het gedicht ‘Een andere prestatie’ komt haar huis in Alkmaar langs, de lange woonkamer met de hoge wanden waar je je bij binnenkomst meteen welkom en thuis voelde.
.
Een andere prestatie
.
Nu pas mis ik mijn witte, hoge wanden
voorgoed. In dit poppenhuis
.
waar rondom de bomen dunner worden,
de straat dichterbij terwijl
.
de hemel steeds verder lijkt, blijven de
korte muren vochtig, een
,
blauwzwarte tekening volgt als een ader
mijn melkwit lijf, achter
,
de kast waarin mijn schriften liggen, groeit
een grijze boom, dik
.
dit keer. De woorden liggen gelukkig nog
droog in hun bedding,
.
wat ze bedoelden lijkt in het vorige huis
achtergebleven te zijn, alsof
,
geschreven op die hoge witte muren die
in de storm blijven staan.
.
Lucebert
De Amsterdamse school
Eén pot nat
Jules Deelder
.
Gisteren de voorlopig laatste editie van de Poëziebus 2016 daarom vandaag op maandag de dichter van de maand juli, Jules Deelder. Ik heb dit keer gekozen voor zijn gedicht ‘Eén pot nat’ uit de bundel ‘Moderne gedichten’ uit 1979.
.
Eén pot nat
Het is allemaal één popt nat
.
sprak de kat
die bij de wieg van Lao-tse
te spinnen zat.
.
Hoe of wat
Dit en dat
Bol of plat
.
Het is allemaal één popt nat,
.
sprak de rat
die aan het lijk van Lao-tse
te knagen zat.
.
.
Hans Lodeizen
Wandelend in de tuin
.
Hoewel Hans Lodeizen (1924 – 1950) een zeer kort leven gegeven was (hij werd 26) en maar één bundel publiceerde (Het innerlijk behang) en wat nagelaten werk, is zijn invloed op de poëzie in Nederland vernieuwend geweest. Hij wordt wel als een voorloper van de Vijftigers gezien met zijn experimentele poëzie. Uit de ‘Verzamelde gedichten’ uit 1996 het gedicht ‘Wandelend in de tuin ontdekte ik…’ dat ook verscheen in “Het muzikaalste gedicht’ De mooiste gedichten over muziek uit Nederland en Vlaanderen.
.
Wandelend in de tuin ontdekte ik…
.
Wandelend in de tuin ontdekte ik
Bloemen wier lichte gratie ik
Bijna vergeten had als de muziek
Die ’s ochtends na het bal door de tuinen
Zweeft; een herinnering en meer niet.
.
Heimwee naar mijn dochter
Robert Anker
..
In mijn boekenkast staat de dikke bundel van Robert Anker met de titel ‘Nieuwe veters, verzamelde gedichten 1979 – 2006’. Al bladerend stuitte ik op het intrigerende gedicht ‘Heimwee naar mijn dochter’. Het is zo’n gedicht van Robert Anker dat je een paar keer moet lezen om een idee te krijgen wat hij nu eigenlijk wil zeggen.
Volgens mij gaat het over het proces van loslaten, terug vinden in uniciteit en het gemis aan hoe het was. Wat je er ook in leest, het is een prachtig gedicht door de bijna hypnotiserende toon en taal van het gedicht maar zeker ook door het weglaten van elke vorm van interpunctie.
.
Heimwee naar mijn dochter
.
Nu je terug bent want nu ik mijn dochter
terug heb want nu je terug bent gekomen
(waar was je wie ben je en wat was je)
maar nu je terug bent nu heb ik je zo
verloren en heb ik mij zo beschadigd
aan jouw aanwezigheid zonder jezelf
nu je schrille gestalte in volle emotie
verdween mis ik je dochter maar rijm je
met mij voor een leven naar voren
nu je terug bent en nu ik je zo
terug heb en liefheb omdat ik je mis.
.
Weerzien
Liefdesgedicht van Anna Enquist
.
In 1994 verscheen van Anna Enquist (1945) de bundel ‘Een nieuw afscheid’ met daarin het prachtige ‘Weerzien’ en gedicht over de liefde tussen een man en een vrouw.
.
Weerzien
.
Hoe de mensen, hoe deze mensen, hoe
een man en een vrouw na jaren elkaar –
hoe na jaren deze mensen elkaar zullen
zien, harnas van vroeger over het sleets
lichaam, hoe in hun botten moeheid
en deceptie jaar na jaar kerven.
.
Hoe mensen, door afscheid op afscheid
gestriemd en geslagen, het kijken
verdragen in de laatste smalle kier
die de tijd hen laat, in laat licht
ontluisterd. Dat ligt aan de ogen;
genadig wrikt tovenaar geheugen
aan de deur van de tijd; ontzien
in het zien (weggeblazen heupen,
dood haar). Die daar staan ont-
staan voor elkaar bedrieglijkerwijs
in vijvers van vroeger. Zij bieden
elkaar een diep water, hier.
.
Zo zien een man en een vrouw na
jaren elkaar of niet of anders. Vuur!
.
Oogsten
Kira Wuck
.
Hoewel Kira alweer een nieuw boek (Noodlanding) met verhalen uit heeft kreeg ik voor mijn verjaardag haar poëzie debuutbundel ‘Finse meisjes’, waar ik overigens erg blij mee was. ‘Finse meisjes’ is zo’n bundel met gedichten en zinnen waar je steeds weer iets nieuws in ontdekt.
Ik herinner me Kira nog van een aantal jaar geleden, toen ze als nog redelijk onbekend en ongepubliceerd dichter op het podium van Ongehoord! al veel indruk maakte. Uit haar bundel heb ik gekozen voor het gedicht ‘Oogsten’.
.
Oogsten
.
De tijd gaat sneller als je af en toe een plant verschuift
in de winter heb ik beweegredenen nodig
niets is hier voorbestemd
maar alles gaat geleidelijk
.
dit ben ik in het oudst van de nacht
en ik waarschuw je alvast, ik word vaak verliefd
.
ik herken je voordat je jezelf herkent
(je past goed bij mijn behang)
er zijn huizen waarin je beter gedijt
.
we roken gaten in het bankstel
als je er nog bent als ik me omdraai
.
dan ben je niet meer weg
.
Winterpijn
E-poëziebundel
.
Naar aanleiding van het publiceren en cadeau doen van mijn nieuwe E-bundel ‘XX-XY’ kreeg ik van verschillende kanten de vraag waar mijn vorige E-poëziebundel ‘Winterpijn’ te downloaden is. Dat kan vanaf de website van MUG books ( http://www.mugbookpublishing.wordpress.com) maar voor het gemak ook hier nog een keer de link naar deze gratis bundel van mij.















