Maandelijks archief: maart 2025
Dof
Stella Bergsma
Ik las afgelopen zaterdag een artikel over de situatie in de wereld, de Verenigde Staten en welke onwaarschijnlijk gevaarlijke ontwikkelingen daar plaats vinden. De schrijver (ben even vergeten op te schrijven van wie het was en waar ik het las, het was een Amerikaans artikel op een nieuwswebsite) sprak van een doffe situatie. Dat zij daar een gevoel van numbness van kreeg (gevoelloosheid dat ik lees als dofheid).
Ik was het artikel al bijna vergeten totdat ik in de bundel ‘Meesterwerk voor de prullenbak’ uit 2023 van dichter, opiniemaker, schrijver en zangeres Stella Bergsma (1970) aan het lezen was. Toen ik het gedicht ‘Dof’ las moest ik meteen weer aan dit artikel denken. Daarom uit deze bundel dit gedicht.
Dof
.
En terwijl
de tijd overal in hakt en bijt
rest een nacht die weekt in spijt
maar dat is glijverwrongen
zoetverdriet van suikergoed
dat smelt met tranene hoongelach
erger
veel erger is
wat dof blijft hangen
in de dag.
.
De laatste dichters
The Last Poets
.
Ik ben de roman ‘De laatste dichters’ van Christine Otten (1961) aan het lezen uit 2004. Deze roman gaat over een groep dichters uit die bekend zijn geworden onder de naam ‘The Last Poets’. Ze beschrijft hun levensverhalen, over hun jeugd in de getto’s, hun liefdes, successen en nederlagen. Het boek springt van de jaren ’50 naar de jaren ’00 naar de jaren ’70 en weer terug naar de jaren ’60 enzovoorts. In het boek leer je de dichters kennen. mensen als Omar Ben Hassen, Felipe Luciano, Abiodun Oyewole, Gylan Kain en David Nelson komen voorbij maar ook allerlei mensen als producers, journalisten en familieleden. De verhalen lopen door elkaar heen en al lezend begin je een rode draad te zien van verhalen van een aantal hoofdpersonen.
The Original Last Poets werden opgericht op 19 mei 1968, de geboortedag van Malcolm X , in Mount Morris Park (nu bekend als Marcus Garvey Park ) in East Harlem , New York City. De oorspronkelijke groep bestond uit Gylan Kain, Alafia Pudim (Felipe Luciano) David Nelson en Abiodun Oyewole. De groep ontstond via een Harlem writers’ workshop uit 1969, bekend als East Wind. Op 24 oktober van dat jaar trad de groep op in het baanbrekende New Yorkse televisieprogramma Soul! . The Last Poets droeg “Wake Up, Niggers” bij aan de soundtrack van ‘Performance’ , een film uit 1970 met Mick Jagger.
In de jaren 80 en daarna kreeg de groep echter bekendheid met de opkomst van hiphopmuziek , en werd vaak genoemd als grootvaders en oprichters van deze, toen nieuwe beweging. In de loop der jaren wijzigde de formatie nog al eens onder andere door gevangenschap (Oyewole) en overlijden (Sulaiman El-Hadi). Toch bleven veel van de leden actief tot ver in de 21ste eeuw. Door de jaren heen bleven Jalaluddin Mansur Nuriddin ( Lawrence Padilla) en Suliaman El-Hadi als kernleden over terwijl andere leden kwamen en gingen.
‘De laatste dichters’ bevat niet alleen de levensverhalen van The Last Poets, maar ook veel van hun teksten en gedichten. Een van deze gedichten (niet toevallig over een bibliotheek) wil ik hier met jullie delen. Het betreft ‘The Library’ uit 1968 geschreven door Felipe Luciano, een van de originele grondleggers van de Last Poets, van het album ‘Right On!’ uit 1968.
.
The Library
.
I’ve kissed books before
Held them close to my brown skin
Learning when my mother got moody at the end of every month
But they never taught me how to fight
Or how to run from cops
Zig zag
Zig zag
Taught me to know
But not to believe
Mum’s believe is in God
I believe in revolution
We both believe in something devoutly
.
Laatste dag
Charles Bukowski
.
Ook in de vakantie mag een gedicht van de Amerikaanse dichter Charles Bukowski (1920-1994) natuurlijk niet ontbreken. Uit de bundel ‘Burning in Water, Drowning in Flame: Selected Poems 1955-1973’ uit 1996 het gedicht ‘the trash men’.
Dit was de laatste dag van mijn vakantie. Ik wil Marianne heel hartelijk bedanken voor haar inspirerende gastblogs van de afgelopen week. Ik denk zeker voor herhaling vatbaar.
the trash men
.
Sholez Rezazadeh
Gedondernis in oorverdovende veelvouden
Alles begint met een verlangen, dat ondervond ook Arita Baaijens, ontdekkingsreiziger en bioloog. In gesprek met Lex Bohlmeijer voor de Correspondent vertelt Arita over haar behoefte om te verdwijnen in een landschap dat zo veel groter is dan wijzelf. Het gaat over de aantrekkingskracht van de woestijn en de kanteling van perspectief die contact met andere volkeren geeft. Ze moest “een nieuwe taal leren spreken”, woorden vinden voor ervaringen die te groot zijn om te beschrijven. En daar komt de poëzie om de hoek kijken. Ze komt in contact met Tivon Rice, die een taalmodel had gekoppeld aan gezichtsherkenning. Ze gaf een foto van een landschap en dan kwamen er commentaren van een filosoof, een wetenschapper en een dichter, drie zienswijzen op hetzelfde landschap. De wetenschapper en de filosoof, daar kon ze weinig mee, maar de dichter, “die begreep ik volkomen.”
Het zet haar aan tot het trainen van een algoritme dat kan spreken namens de zee, AI-Zee. Met door elkaar gehusselde zinnen, woordvondsten die de taal ‘herwilderen’ om de natuur erin te laten doorklinken. De zee spreekt: “Nattigheid en pulserend leven. Gedondernis in oorverdovende veelvouden. Verhef je stem voor de Atlantische steur (…). Het is Nederlands, maar er zit iets ondeugends in.”
Met dit taalalgoritme laat ze schrijvers experimenteren. Een van hen is Sholeh Rezazadeh. Hieronder haar gedicht, geïnspireerd door Al-Zee:
.
Zeewaarheden
.
Gedurende een storm in de koude winternacht
een lijn van verlangen onder de lange golven
golven die vertrekken, golven die blijven, golven die gillen, golven die zwijgen
met een koffer vol de zeedroom
als de hoofd van een waterdruppel
licht
met een brandende kaars daarin
als de zon op de top van een berg
reizend
naar een zon geveild in de ochtendtijden
naar het samenstralen
‘neem ruim’ zei de zee
haar natte armen wijd open
als het leven voorbij is
heb je dan onze oude zwijgen
onze zelfdruppel met mysterieuze zeewaarheden
die in het kloppende hart van elke golf
klopt
tegen de borst van de strandrotsen.
Het gedicht is onderdeel van de serie Taal voor de toekomst in De Groene Amsterdammer https://www.groene.nl/lijsten/taal-voor-de-toekomst
Dag 13
Federico Garciá Lorca
Qasida van de liggende vrouw
.
Ode aan het brood
Een tuin vol brood en poëzie
.
De ochtend strekt zich voor me uit als een onbeschreven bladzijde, er hangt lente in de lucht! Ik heb m’n plannen afgezegd en een stapel boeken opzij gelegd, ruim baan voor de zon en het woekerend gras.
Ik verkies om niets te doen. Terwijl een querulerende mussenbende hun territoriumdriften botviert op de dorre beukenhaag waar weldra olla vogala hun nestas zullen bouwen, duik ik met m’n neus in de poëzie. Al snel komen er twee jongens hongerig naar beneden voor een boterham. Zo zitten we samen in de tuin, met brood en poëzie.
Er was een tijd dat ik graag de tango hoorde, in het bijzonder de uitvoeringen die Gotan Project daarvan maakte, Argentijnse tango van Astor Piazolla gemixt met samples, ingetogen beats, jazzy elementen en sferen uit de achterstraten van Buenos Aires en Parijs. Luisterend naar het nummer Diferente, uit 2006, hoorde ik de regels
.
En el mundo habrá un lugar
Para cada despertar
Un jardín de pan y de poesía
.
Een tuin van brood en poëzie. Werkelijk? Of had ik het verkeerd begrepen? Dit gegeven was genoeg om op surftocht te gaan. Het bracht me bij vertalingen, dichters en filosofen, bij een podcast en bij pan & poesía, een culinair-cultureel festival dat plaatsvond in Spanje in 2022 waar dichters en broodbakkers. Pablo Neruda bracht een ode aan het brood: Oda al Pan. Het blijkt toch niet zo’n gekke combinatie. Het graan en de taal staan voor ambachten die zo oud zijn als de mensheid: het zaaien-oogsten-kneden en bakken van brood, en het proces van poëtische creatie. Brood en poëzie zijn er om te delen.
Voor de liefhebber hieronder de Spaanse songtekst (te mooi om te vertalen) en een linkje naar de muziek.
.
un jardin de pan y de poesia
,
En el mundo habrá un lugar
para cada despertar
un jardín de pan y de poesía
Porque puestos a soñar
fácil es imaginar
esta humanidad en harmonía
Vibra mi mente al pensar
en la posibilidad
de encontrar un rumbo diferente
Para abrir de par en par
los cuadernos del amor
del gauchaje y de toda la gente
Qué bueno che , qué lindo es
reírnos como hermanos
Porqué esperar para cambiar
de murga y de compás.
.
– “Diferente” Gotan Project
.
Dit is het zevende gastblog van Marianne Hermans
.
Peter Verhelst
Uren waren we aan het klimmen
Verdwalen kan niet meer? Dat zou je denken, met de digitale voelsprieten en voetstapregistraties, de wifistralen die we als moderne rooksignalen uitzenden overal waar we zijn, maar: het ís nog mogelijk. Nu doe ik daar liever niet aan want al ben ik nergens, in mijn verbeelding ben ik overal. Ik dwaal het liefst door boeken, flarden en pamfletten van geliefde en onbekende schrijvers die me vergezellen op reis door de twilight zone vlak voordat het licht uitgaat. In de omgevallen stapel boeken die door het huis slingerend het pad markeren dat ik als een Klein Duimpje afleg door de literatuur, bevinden zich prachtige poëtische zinnen.
Die wil ik bij me houden, als fijne reisgenoten: ‘De ochtendzon op de bosaardbeien, als vloeibare honing.’ (uit: Lichamen). Of deze ‘Ik bleef maar stappen, omdat ik mijn gedachten voor wilde zijn.’ (uit: Tongkat). Het zijn zinnen van de veelbekroonde Vlaamse schrijver en dichter Peter Verhelst die vorig jaar De Grote Poëzieprijs in ontvangst mocht nemen voor zijn bundel Zabriskie. “… het prachtige slotstuk van een fascinerende reis in drie delen. Dit is een gloedvolle, bezwerende bundel die uitnodigt tot reflectie en die de taal viert, met dromen, visioenen, gezangen en rituelen (…) Een bundel om steeds weer naar terug te keren. Opnieuw en opnieuw en opnieuw.” aldus de jury. Als een verdwalen in een maanlandschap dat stap na stap méér op zichzelf begint te lijken.
Voor de liefhebbers van deze veelzijdige kunstenaar serveer ik hier een gedicht uit de bundel ‘Zing, zing’ uit 2016
.
Uren waren we aan het klimmen
.
Je vingertoppen op je gezicht en daarna in je ooghoeken
om het vel vaster aan te drukken,
.
is dat jouw manier van denken?
Wat een prachtige, stille plek.
.
Hoe moet het verder, denk je. In de vallei klopt ochtendmist
zich boven de rivier op. Verlangen
.
in iets te verdwijnen
wat er altijd zal zijn.
.
Het gras is hier zo anders.
Hoe moet het verder met ons? fluister je.
.
Bloemen met verglaasde kelken.
Ik ga met gespreide armen op sterrenmos liggen.
.
Hoe zou jij dat noemen, verlangen naar iets moois?
Je schudt je hoofd. Naar iets wat er altijd zal zijn, fluister je.
droom je weg, je pink streelt je mond en ergens
.
moeten nu verdrietige vormen ontstaan
van glimlach, magnolia, halsbandparkiet. Onverwoestbaar
.
vanzelfsprekend en onzinnig tegelijk
lijkt de vallei van hierboven.
.
Dit was het zesde gastblog van Marianne Hermans.
Jan Lauwereyns
Neem een bad. In het bos.
.
In 1982 werd in Japan het nationaal gezondheidsprogramma voor bosbaden geïntroduceerd, vanwege de vele bewezen gezondheidsvoordelen van het bos in een drukke, lawaaiige wereld. Niet verwonderlijk dat dit is ‘uitgevonden’ in Japan, een van de bosrijkste landen, maar ook met de drukste steden ter wereld. Denk aan Shibuya Crossing, het drukste voetgangerskruispunt in Tokyo met de metershoge lichtreclames op de gebouwen, denk aan de volle metro’s, de vele toeristen en het verschijnsel dat mensen zichzelf letterlijk doodwerken in Japan en je begrijpt: het contrast kan haast niet groter.
Volgens het boek van Dr. Li. ‘Shinrin-yoku – de kunst en wetenschap van het bosbaden’ gaat bosbaden om het openstellen van al je zintuigen voor de natuur. Het boek staat vol poëtische frasen, zoals van de toneelschrijver Zeami Motokiyo die yugen, ofwel gevoelens die te diep zijn voor woorden, omschrijft als ‘de subtiele schaduwen van bamboe op bamboe’, het gevoel dat je krijgt als je ‘de zon ziet ondergaan achter een met bloemen overdekte heuvel’ of ‘als je in een groot bos dwaalt zonder aan terugkeren te denken’.
Om dicht bij het bos en Japan te blijven, wil ik vandaag een tanka plaatsen van Jan Lauwereyns over een pijnboom. De tanka is een traditionele Japanse versvorm (voorloper van de bij ons bekendere haiku), bestaande uit 5-7-5-7-7 lettergrepen, waarin liefde, relaties of gevoel vaak samenvalt met een natuurverschijnsel.
Jan Lauwereyns is neurowetenschapper aan de universiteit van Kyushu en schreef behalve veel gedichten ook romans en essays. Onlangs verscheen de verzamelbundel ‘Leer van de orchidee – een keuze uit het werk 1991 -2024’ (lees ook de recensie door Kamiel Choi op de website van Meander of luister naar de podcast Beeldspraak van het Poëziecentrum Vlaanderen). Een dikke bundel waarin behalve korte Japanse tanka’s sonnetten, prozagedichten en ander werk zijn opgenomen. Hieronder een van de vier tanka’s van Jan Lauwereyns die eerder verschenen is in MUGzine 19.
.
Pijnboomschaamhaar
.
verander je ook
maar een beetje hoe je staat
krijg je iets gloednieuws
.
zeggen de pijnboomnaalden
aan het begin van alles
.
Dit is het vijfde gastblog van Marianne.
.
Wachten tot er een gedachte uit de lucht valt
Coming soon: MUGzine 26
.
op het land van mijn vader
van mijn grootvader
van mijn overgrootvader
kwamen mensen uit een ander land
en bouwden hun huis
en nog een
mijn kinderen rennen binnen de grenzen
van een vluchtelingenkamp
en ik moet mijn kinderen leren
dat het land van mijn vader
van mijn grootvader
van mijn overgrootvader
niet meer hun land is
als je geen vrede kent
hoe bouw je vrede in het hart van kinderen?
Dit was het voerde gastblog van Marianne, samen met Bart, medemaker van MUGzine.
Dit was het vierde gastblog van Marianne, m
Als een slak de berg Fuji
Een reis in 8 Haiku
.
Een slak aanmoedigen om de berg Fuji te beklimmen, maar: langzaam, langzaam! Dat kan alleen in een Japanse haiku. Een haiku is méér dan een gedicht van 5 – 7 – 5 lettergrepen. De natuur, de seizoenen, de waarneming van de omgeving, met een twist of onverwachte wending. Een sterke haiku gaat over de grote vragen in het leven maar ook om het detail. “De haiku is een vingerhoed vol emotie, waarin de natuur een centrale plaats inneemt” las ik ergens.
.
De verhalenvertellers van het online reismagazine WideOyster selecteerden voor hun ‘travel poetry film’ acht van deze miniscule lofzangen om te verfilmen in Tokyo, Kyoto en de natuur ertussenin: https://magazine.wideoyster.com/ode-aan-de-reis-japan/. In eerdere edities zijn verfilmingen van gedichten over New York, Brazilië & Australië te vinden.
.
Matsuo Bashō
蝶の飛ぶばかり野中の日影哉
Vlinders
fladderen alleen
in een veld van zonlicht
Yosa Buson
夏河を 越すうれしさよ 手に草履
Een zomer rivier wordt overgestoken
hoe aangenaam
met sandalen in mijn handen!
Matsuo Bashō
雲霧の暫時百景を尽しけり
In wolken en mist
worden in een oogwenk
honderd scènes tot vervulling gebracht
Kobayashi Issa
蝸牛 そろそろ登れ 富士の山
O slak
beklim de berg Fuji
maar langzaam, langzaam!
Natsume Sōseki
錦画や壁に寂びたる江戸の春
Wanneer de lamp gedoofd is
Komen de koele sterren binnen
Door het raamkozijn.
Matsuo Bashō
君火を焚けよきもの見せん雪まるげ
Als jij het vuur ontsteekt
zal ik je iets moois laten zien
een grote sneeuwbal
Yosa Buson
目に遠くおぼゆる藤の色香かな
In het maanlicht
Lijkt de kleur en geur van de blauweregen
Ver weg.
Matsuo Bashō
夏草や兵どもが夢の跡
Zomergras,
Is het enige dat overblijft
Van de dromen van krijgers
.
Dit is de derde gastblog van Marianne
.















