Categorie archief: Dichtbundels
Jozzonet
Joz Knoop
.
De Rotterdamse dichter Joz Knoop ken ik al jaren als een prima dichter en een fijn mens. Joz (1957) was van 2013 tot 2016 wijkdichter van De Beverwaard en hij was samen met Irene Siekman de initiatiefnemer van De Poëziebus. Joz is echter vooral bekend van zijn Jozzonetten.
Het Jozzonet is een door Joz Knoop ontwikkelde dichtvorm, waarbij de middelste regel van een oneven aantal regels het gedicht als het ware spiegelt. Een mooi voorbeeld is het Jozzonet ‘Grassex’ uit ‘De driehoek is rond’ uit 2013.
.
Grassex
De koeien staan onverstoord
te grazen in het weiland.
Ik neem je overtuigend
lief mee naar stille paden.
Daarom ga jij met mij
naar waar de lente explodeert..
Dat wat ons bindt verwijst ons door
naar waar de lente explodeert..
Daarom ga jij met mij
lief mee naar stille paden.
Ik neem je overtuigend
te grazen in het weiland.
De koeien staan onverstoord.
Hugo Claus
Avondland
.
Van de Vlaamse dichter Hugo Claus (1929 – 2008) verscheen in 1994 de bundel ‘Gedichten 1948 – 1993’ met daarin het volgende gedicht.
.
Als er niets nieuws is in het avondland
maar alleen wat er geweest is vanaf het begin,
wat kan ik uitvinden dat niet faliekant
een eerder geboren kind verzint?
.
Jij staat al Etruskisch, Helleens, Azteeks
op ansichtkaarten aan de wand gepind
te lonken, te koop, al te zeer bemind,
mijn eeuwenoude jonge feeks.
.
Hoe zou de antieke wereld reageren
tegenover het huidig mirakel van je lijf?
Blijven geloven dat geen ogenblik
.
ooit zonder herinnering kan genereren?
Die oude rakkers wisten van geen blijf
met jouw eenzelvigheid, net zomin als ik.
.
Carmen 2
Catullus
.
De Italiaanse dichter Caius Valerius Catullus (beter bekend als Catullus) die leefde van ca. 84 –tussen 54 en 47 v.Chr.) was de eerste grote Latijnse lyricus. Als een van de invloedrijkste dichters van de 1e eeuw voor Christus uit de Ciceroniaanse periode schreef hij ongeveer 116 gedichten (totaal circa 2300 verzen of versregels). Deze gedichten werden later gebundeld in de ‘Carmina Catulli’.
Zijn stijl is gevarieerd en zijn werk bevat onder andere liefdesgedichten, spotgedichten en epische gedichten (epigrammen). Het volgende gedicht is getiteld ‘Carmen 2’ en werd vertaald door A. Rutgers van der Loeff.
.
Carmen 2
.
Sijsje, waar mijn meisje graag mee speelt,
dat zij aan haar borst drukt, dat zij streelt,
dat zij driftig in haar pink laat pikken,
als ze troost zoekt in de oogenblikken,
dat het hartje van mijn lieveling
harder klopt, alsof het barsten ging,
tot ontspanning van ’t geprangd gemoed
en verkoeling van den fellen gloed,
mocht ik als je zoete lieve vrouw
vrede vinden in een spel met jou!
.
Bommen
Paul Rodenko
.
Uit de bundel ‘Gedichten’ uit 1951, het gedicht ‘Bommen’ van de van geboorte Haagse dichter, criticus, essayist en vertaler Paul Rodenko (1920 – 1976).
.
Bommen
.
De stad is stil.
De straten
hebben zich verbreed.
Kangeroes kijken door de venstergaten.
Een vrouw passeert.
De echo raapt gehaast
haar stappen op.
De stad is stil.
Een kat rolt stijf van het kozijn.
Het licht is als een blok verplaatst.
Geruisloos vallen drie vier bommen op het plein
en drie vier huizen hijsen traag
hun rode vlag.
.
Dichter.
Gedichten voor kinderen van 6 tot 106
.
Het magazine Dichter. van uitgeverij Plint staat deze zomer, met als ondertitel “tem de tekens” in het teken van laaggeletterdheid, om met een van de meest elegante taalvormen ons allen te beroeren, te verbinden en aan te moedigen een helpende hand te bieden aan hen die het lezen en schrijven minder machtig zijn. Samen met de stichting Lezen en Schrijven is er nu een uitgave speciaal over dit onderwerp.
In Nederland hebben 2,5 miljoen volwassenen moeite met lezen en schrijven en/of rekenen. Deze mensen zijn laaggeletterd. Er rust nog steeds een taboe op deze problematiek maar gelukkig komen steeds meer mensen hier voor uit. In heel veel gemeenten komen taalhuizen (vaak bij openbare bibliotheken) waar deze mensen terecht kunnen voor hulp en ondersteuning.
In dit magazine 75 gedichten van meer dan 30 dichters die de problematiek allemaal op hun eigen wijze hebben verwoord, waaronder een gedicht van de stadsdichter van Rotterdam Derrek Otte getiteld ‘Pennenstreken’.
.
Pennenstreken
.
je zou het haast vergeten
omdat je de meesten
door onterechte schaamte
niet zo gauw zal horen
.
maar met niet kunnen schrijven
gaan waarschijnlijk
fantastische verhalen verloren
.
wel gedacht en gevoeld
maar niet geuit in pennenstreken
wellicht hadden we véél meer
dichters welkom kunnen heten
.
romanschrijvers en filosofen
noem het allemaal maar op
al die letters, woorden, zinnen
nu nog
weggestopt en opgekropt
.
Slagbaai
Alette Beaujon
.
Uit de serie ‘dichters omnibus’. Heb ik nu ook deel 6 bemachtigd. Een klein beetje waterschade maar dat mag de pret niet drukken. In dit deel uit 1959 , een geschenk van Esso Nederland n.v., staan weer een aantal dichters die ik niet ken. Een daarvan is de dichter Alette Beaujon.
Alette Clemence Beaujon, geboren op Curacao (1934 – 2001) studeerde in Chicago en Amsterdam. In de jaren ‘60 werkte Beaujon als klinisch psycholoog. Schreef poëzie in het Engels, Papiamento maar hoofdzakelijk in het Nederlands. Van haar hand verscheen een grote bundel ‘Gedichten aan de baai en elders’ en de dichtbundel ‘De schoonheid van blauw’. Daarnaast publiceerde ze poëzie in het magazine ‘Amigoe’ in de Nederlandse Antillen.
.
Slagbaai
.
Stil te zitten in de schemering
voor een huis te staren
wanneer de hemel plots
heel laag zijn kleuren offert
aan de nacht
.
Snelle Spaanse waaiers in de lucht
een dansend begin
wordt langzaam donker in de verte
en komt vreedzaam naar ons toe
in de omtrek sterft het weg
.
De gladde strekenvan de zee
slepen nog kleine stenen mee
alle beweging is moeizaam
en boeit niet meer
.
Ik kom hier elke dag
de avond zoeken
en de dag want beide
heb ik op dit strand voor het eerst gevonden
heel lang geleden
.
Omdat daar toch niemand zat
Hans Faverey
.
De dichter Hans Faverey (1933-1990) werd geboren in Paramaribo en kwam in 1939 naar Nederland. Aan de Universiteit van Amsterdam studeerde hij psychologie. Sinds 1965 was hij als klinisch psycholoog verbonden aan de Universiteit Leiden. Hans Faverey begon gedichten te schrijven in de hoogste klassen van het Amsterdams Lyceum, toen hij via de stimulerende lessen van F. Lulofs kennis had gemaakt met de moderne Nederlandstalige poëzie. Tussen 1953 en 1957 schreef hij niet, omdat hij naar eigen zeggen zijn gedichten niet goed en muziek mooier vond. De poëzie van Faverey is modern en klassiek tegelijk, makkelijk en moeilijk. Soms verontrustend, met een dramatische ondertoon. Hij speelt een spel, hij goochelt, hij is de meester van het onverwachte, en hij heeft humor. In 1990 kreeg hij de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre.
Uit de postuum verschenen bundel ‘Springvossen’ uit 2000, samengesteld door Lela Zeckcovic, de weduwe van Faverey, het gedicht ‘Omdat daar toch niemand zat’.
.
Omdat daar toch niemand zat
.
Omdat daar toch niemand zat,
en omdat het niet dicht zit,
is het weer tijd voor een wandeling
langs de oevers van het strand, daar
waar het woud zich plotseling inhield,
of zich gaandeweg heeft verwijderd.
Dit denkt iemand die niet weet
dat hij in deze tekst zit
en er nooit meer uitkomt,
hoe hij ook morrelt aan zinnen
en met betekenissen schuift.
Beter zo dan andersom,
wanneer de kou onverwacht inzet;
en beter nooit dan te laat.
Dat ben ik weer die dit denk.
In mijn afwezigheid hier
verschuilt zich een triomf
die nooit uitgevierd raakt.
.
De hand en de stem
Armando (1929 – 2018)
.
Afgelopen zondag, op 1 juli overleed de dichter, kunstschilder, beeldhouwer, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker Armando (pseudoniem voor Herman Dirk van Dodeweerd). Armando was zijn officiële naam; zijn geboortenaam, het pseudoniem zoals hij het noemde, bestond voor hem niet meer. Later heeft hij zijn oorspronkelijke naam in het register van de burgerlijke stand laten wijzigen door Armando. In 1964 debuteerde hij met ‘Verzamelde gedichten’ en tussen zijn debuut en zijn laatste bundel ‘Waarom’ met 21 nieuwe gedichten uit 2015, publiceerde hij vele gedichtenbundels, columns, verhalen, en romans. Als dichter en kunstenaar was hij verder betrokken bij De Nieuwe Stijl en Gard Sivik.
In 1995 werd een kleine bundel van hem gepubliceerd in een oplage van 50 stuks met de titel ‘De hand en de stem’.
.
de hand en de stem
.
hij denkt door middel van de stem, hij
laat de stem denken, de stem
denkt.
.
de stem beveelt de ledematen
ze moeten luisteren, ze
luisteren.
.
is de stem voor rede vatbaar?
.
hoe komt de linkerhand te weten
wat de rechterhand van plan is
hoe kan de linkerhand ooit weten
dat de stem een voorkeur heeft.
.
soms grijpt de ene hand de
andere hand, soms zijn ze
met zijn tweeën, zijn ze
geketend.
.
















