Site-archief
Nancy Meelens
Bloemige poëzie
.
Bij het laatste Ongehoord! podium in november van dit jaar mocht ik van Nancy Meelens (1972) het bundeltje Bloemige poëzie ontvangen. Vorige week kocht ik op het B@M Fest voor een luttele 2 Euro deel 2 en ben ik gaan lezen. Nancy is een van de drijvende krachten achter Poëzine, als zodanig al reden genoeg om hier aandacht te besteden aan haar bundeltjes.
Veel van de gedichten in de bundels gaan over haar liefde voor Derrel, de man in haar leven. Maar er is meer dan alleen de liefde. Ook ziekte en ongemak worden beschreven. Nancy heeft een heel eigen stijl van dichten. Soms is het heel persoonlijk en voel ik me bijna een voyeur als ik het lees maar door een zekere humor en het gebruik van het Vlaams (ze is een Vlaamse uit Emblem) is haar poëzie voor mij heel lezenswaardig.
Een mooi voorbeeld van verschillende elementen van haar poëzie komen voor in het gedicht ‘Mijn Verslaving’.
.
Mijn Verslaving
.
Ik ging ten onder in water.
MIJN lichaam moest kuis zijn.
Elke goesting met druppels
en woorden
van me afgewassen.
O ja afwassen
moet ik ook nog.
Laat de katten
de borden proper likken.
Plaats ze in de kast,
de borden, niet de katten.
.
Wil ook niet opgesloten zitten
tenslotte want
ik ben een madammeke met pit
die soms een kater heeft
en niet om mezelf te behagen,
fel en niet voor de liefde,
slecht en voor de roes
.
De wereld veranderd om me heen.
Neen die is nog steeds
kattig tegen me.
Maar ik vlieg over de onnozelaars heen
en kijk neer op hun onvermogen
om te zien wie ik ben.
Kijk, acherme toch,
omdat ze niet zien wie ik ben.
.
Bied hun de fles aan
die de borst niet hebben gehad
laat ze hier maar aan slurpen.
Aan mij geen polonaise,
het spel is uit.
.
Laat me niet
meer met de voeten spelen
want jullie spel is voorbij
als het gaat om mij.
.
Hij rolde zijn woorden als
dobbelstenen voor mij.
Hij heeft dit rondje Yahtzee
gewonnen.
.
Ja hij is ……… ???? Ik laat hem gewoon horen,
.
“Jij bent mijn nieuwe doping”.
.
Zoals ik al schreef, humor, onverwachte wendingen, Vlaamse woorden en uitdrukkingen en de liefde. Toch wil ik ook nog wat opbouwend kritische woorden schrijven. Opmaak en interpunctie zijn aandachtsgebieden. Dan weer wel een punt, dan weer niet, hoofdletters om zaken te benadrukken, puntjes en vraagtekens, een vet gedrukte laatste zin, ze leiden wat mij betreft teveel af van waarom het gaat. Het is volgens mij ook niet nodig , het gedicht, de woorden vertellen het verhaal. Ook de bladspiegel vind ik afleiden door de zinnen (en het gedicht) gecentreerd op de pagina te plaatsen.
Verder niets dan lof voor Nancy en deze lieve bundeltjes.
.
Uit mijn boekenkast
Beemdgras
.
De oplettende lezer van mijn blog zal weten dat ik een zwak heb voor de poëzie van Judith Herzberg. In mijn boekenkast staan dan ook meerdere bundels van haar hand. Een ervan is Beemdgras uit 1968. Uit deze bundel het gedicht ‘Hij is zo dik en zij zo klein’.
.
Hij is zo dik en zij zo klein
Hij is zo dik en zij zo klein
hoe zou ze hem omhelzen.
Hij is zo moe en zij zo klein
hoe zou ze hem begrijpen.
Hij loopt zo slecht en zij zo klein
hoe staan ze samen stil.
Hij is zo grijs en zij zo klein
hoe. Hij wenste iemand, onbesmet
door zo’n onhebbelijk verleden als het zijne
en zij is zo klein.
.
De geur van de maan
Menen 2013
.Gistermiddag was de bundelpresentatie van Hervé Deleu’s nieuwste dichtbundel ‘De geur van de maan’.
Morgen hiervan uitgebreid verslag. Vandaag een prachtig gedicht van Hervé.
.
Nu je gaat…
Sierlijk is niet de zwaan
maar het water
waarin de zwaan zich eindloos in weerspiegeld waant.
Het warmst is niet jouw blik
maar de mijne
omdat jouw blik als harde marmer glanzen gaat.
Het zachtst zijn niet jouw armen
maar de mijne
omdat jouw armen mij als versteend alléén doen staan.
Teder zijn niet jouw woorden
maar de mijne
omdat jouw woorden in mij onhoorbaar wonden slaan.
Verdriet is niet de traan
maar de kilte
die ik als sjaal eeuwig omheen mijn schouders draag.
En toch…
Naast alles wat niet bleef, bleef jij mij over
want alles gaat voorbij, maar niets gaat over.
/
Vlakbij je hart
Harriet Laurey
.
In de categorie (bijna) vergeten dichters vandaag Harriet Laurey. Harriet werd in 1924 in Eindhoven geboren. Zij is vooral bekend geworden als schrijfster en vertaalster van sprookjesachtige kinderboeken voor jonge kinderen.
Als dichteres debuteerde Laurey in 1945 met het gedicht ‘Laatste gebed’ in De Nieuwe Eeuw. Snel volgden meer gedichten en zij werd enkele jaren redactrice van het tijdschrift Roeping en medewerkster van Nieuwe Stemmen. Haar eerste zelfstandige publicatie is een kleine cyclus liefdeslyriek die in 1950 verscheen onder de titel Voorland.
De bundel ‘Triple alliantie’ verscheen ongedateerd (in 1951) bij Uitgeverij Helmond en bevat behalve van Harriet Laurey ook gedichten van Lou Vleugelhof en Frans Babylon. Laurey’s eerste eigen bundel, ‘Loreley‘, verscheen in 1952 en had als autobiografisch hoofdthema het verlies van een grote liefde. Net als de bundel ‘Oorbellen‘ (1954), met liefdesgedichten in kwatrijnvorm, vond dit werk veel bijval bij een groot publiek.
Uit de bundel ‘Loreley’ het gedicht ‘Vlakbij je hart’.
.
Vlakbij je hart
.
Vlakbij je hart moet ik soms denken aan
het droefste liefs, en kan het niet vertellen,
maar uit mijn donker schokt het zich vandaan,
zo driftig en gehaast als waterbellen.
Ik lig het bijna, bijna te verstaan,
met open mond, om het langzaam te spellen.
.
Maar wat ik zeggen kan, is zo gering,
bij ’t onuitsprekelijke vergeleken,
dat ik weer stil word van verwondering.
En als ik zo lang naar je heb gekeken,
dat alle woorden zijn teruggeweken,
weten mijn lippen maar van: lieveling…
.
Poëziebundel Ongehoord Rotterdam
Uit mijn boekenkast
.
In mijn boekenkast staat een mooi klein bundeltje uit 2009 met een aantal gedichten van dichters die in dat jaar op Ongehoord Rotterdam stonden. De stichting ongehoord! is voortgekomen uit Ongehoord Rotterdam dat toe bestond uit Joris Lenstra, Hein van de Assem, Ton Huizer, Yvonne Koenderman en Frida Winklaar. Van hen is alleen Yvonne nog actief in de stichting Ongehoord!
Het aardige van de bundel is dat er dichters instaan die inmiddels enige bekendheid genieten, meer nog dan toen het geval was. Zo ook Peter W.J,. Brouwer.
In de bundel zijn gedicht ‘Over grootouders”.
.
Over grootouders
.
Op een avond liep
een schelpenpad tot aan het huis
.
voor zijn grootmoeder
als engel de deur opende
.
in zoveel licht
had ik haar nog niet gezien
.
een fossiel was haar stem en
mijn herinnering het huis geworden
.
we groeten elkaar en spoelden aan
terwijl ik mijn grootvader slapend zag wijken
.
ik kon zijn huis met dieren met hokken
tot wrakhout bedenken
.
zijn appelboom tot klokhuis kijken
mezelf een nachtegaal
horen zingen
.
Sprot
Uit mijn boekenkast: Liereman van Ed Leeflang
.
In 1996 gaf De Arbeiderspers de bundel ‘Liereman’ van Ed Leeflang uit. In mijn exemplaar staat een opdracht van ene Brigit aan Walter (1 juli 2007) want ooit bij een kringloopwinkel op de kop getikt, Van harte gefeliciteerd en ps: Let’s keep in touch. Geen idee of deze twee nog in touch zijn. Uit deze bundel het gedicht ‘Sprot’.
.
Sprot
.
November heeft zich uitgestort
en is daarvan zowaar genezen.
Niemand sticht nog een wereldrijk
maar dichtbij gaan gebeden op.
.
November is de maand van sprot
gevist uit kleine zeeën
door mannen van mijn moeders kant
oorlogen lang geleden
.
Zo blijft november jong en zout
voor mij die het kan weten
en die nog wel een dag vertrouwt
op de verlichte rede
.
Alles wat je wilde
Menno Wigman
.
Vandaag een gedicht van Menno Wigman uit zijn bundel ‘Zwart als kaviaar’ uit 2001 waar hij in 2002 de Jan Campert prijs voor ontving met de titel ‘Alles wat je wilde, het was alles’ .
.
Alles wat je wilde, het was alles
Het was de welving van een schouderblad.
het fosfor van een nieuwe dronkenschap,
de slapeloosheid van een wereldstad.
Je sliep nooit twee keer met dezelfde dag
en leven was pas leven als er ’s nachts
een halo uit je glas te voorschijn brak.
Een juni en je peinst aan een vermolmd
ontbijt: ik zwierf om zoveel mensen heen,
verruilde zoveel zonlicht voor een zweem
van eeuwigheid en moet je nu eens zien:
die rouwrand rond m’n brood, dat zeepsoplicht,
die vuile handen en dat nevelhoofd.
Had ik maar minder in mijn dorst geloofd.
Gaf ik maar minder om het tegengif
voor mijn zorgvuldig bestudeerde dood.
.
.
Met dank aan gedichten.nl
Project Gutenberg en de poëzie
Guido Gezelle
.
Ik kwam op internet een Eboek tegen van Guido Gezelle; Een bloemlezing van Guido Gezelle’s gedichten. Dit boekje uit 1915 was te vinden dankzij het Project Gutenberg.
Project Gutenberg is een digitale bibliotheek van zogenaamde E-boeken of elektronische boeken.
‘ Michael Stern Hart startte in 1971 met dit project genoemd naar Johannes Gutenberg, die algemeen geldt als uitvinder van de boekdrukkunst met losse letters.De meeste door Project Gutenberg gepubliceerde teksten vallen in het publiek domein in de VS. Ofwel omdat ze nooit onder het auteursrecht vielen, ofwel omdat het auteursrecht verlopen is. Enkele teksten vallen nog onder auteursrecht, maar zijn beschikbaar gesteld door de auteurs. Typische kandidaten voor Project Gutenberg zijn belangrijke of succesvolle boeken waarvan het auteursrecht inmiddels verlopen is, zoals veel oude filosofische teksten, maar b.v. ook de Sherlock Holmes-verhalen van Conan Doyle of de Tarzan-verhalen van Edgar Rice Burroughs. Er zijn diverse readers (leesprogramma’s) op het internet te vinden waarmee men de teksten op een plezierige manier op het computerscherm kan lezen.’ (Bron Wikipedia)
Hoewel het merendeel van de teksten Engelstalig is, zijn er ook veel werken in andere talen te vinden op Project Gutenberg, waaronder het Nederlands. Een daarvan is dus het boek met de gedichten van Guido Gezelle. Waarom dan hier aandacht daaraan besteed? Allereerst omdat het project Gutenberg een prachtig initiatief is om oudere literaire werken weer onder de aandacht te brengen bij een modern (E-boeken lezend) publiek. Maar daarnaast werd ik getroffen door een gedicht van Guido Gezelle (dat ik niet kende maar waarin ik iets herkende. De op een na laatste zin deed mij heel erg denken aan twee zinnen uit een gedicht dat ik zelf heb geschreven met de titel ‘Kus’. De titel van mijn tweede dichtbundel ‘Je hebt me gemaakt met je kus’ komt uit dit gedicht. Je kunt het gedicht hier lezen: https://woutervanheiningen.wordpress.com/2010/12/
Hier het gedicht van Guido Gezelle.
.
’T IS STILLE.
Nu u!
Literair productiehuis Wintertuin
.
Nu u! Is het eigenzinnige en poëtische antwoord van Literair Productiehuis Wintertuin op de canondiscussie. Ze hebben een reeks grote gedichten van vroeger aan grote dichters van nu, met de vraag:
Als u dit gedicht nu zou schrijven, hoe zou het dan klinken?
Deze nieuwe poëzie is samen met de klassiekers waarop ze gebaseerd zijn staan in dit fraaie boekje.
Een voorbeeld van een klassieker van ‘nu’ is een gedicht van K. Michel ‘Onder het tuimelraam’ met als inspiratie het gedicht ‘Impasse’ van Martinus Nijhoff.
.
Onder het tuimelraam
Tussen
twee keukens
Tussen
Twee sonetten
Tussen
Daar en hier
Hem en haar
Klemt
Al dagenlang vandaag
Een vraag
Maar tussen
Stoom en blauwe ogen
Niet en lied
Fluit de fluitketel
.












