Site-archief

Piet

Jules Deelder

.

‘Het grote dieren gedichten boek’ biedt een schat aan gedichten waarin dieren een rol spelen. Dit vuistdikke boek 446 pagina’s) werd in 2007 door Guus Luijters samengesteld en uitgegeven door Nieuw Amsterdam uitgevers. Dit boek bevat gedichten van Nederlandse dichters maar ook vertaalde gedichten van beroemde buitenlandse dichters. Zo zijn dichters als K. Schippers en J. Slauerhoff vertegenwoordigd maar ook Federico Gracia Lorca, Joseph Brodsky en Li Qi. Uiteraard is Kees Stip aanwezig met maar liefst 18 gedichten.

Vandaag (ik zal hier de komende tijd vaker gedichten uit kiezen) heb ik gekozen voor een typisch gedicht van Jules Deelder. Het gedicht werd oorspronkelijk gepubliceerd in de bundel ‘Vrijwel alle gedichten’ uit 2004 en is getiteld ‘Piet’.

.

Piet

.

De ouders van een vriend

van mij hebben een kanarie

gekocht, na eerst een hond

te hebben overwogen.

.

Ze zijn nu dagelijks

in de weer het stomme dier

met stukjes appel

te dresseren.

.

De objectiviteit gebiedt

ons te vermelden, dat Piet

prachtig zingen kan.

.

vrijwel-alle-gedichten---j.a.-deelder[0]

Men moet

Gerrit Kouwenaar

.

Een van de dichtbundels die ik pas geleden kocht is een bundel getiteld ‘Het mooiste gedicht’ De favoriete gedichten van Nederland en Vlaanderen. Met een inleiding van Jan Wolkers. Deze bundel uit 2000 is ontstaan in nauwe samenwerking met Poetry international de NPS en NRC Handelsblad. En een fraaie bundel is het geworden. Zo ongeveer alle grote Nederlandse en Vlaamse dichters zijn vertegenwoordigd. Vaak met bekende gedichten maar ook vaak met minder bekende of, voor mij dan toch, volledig onbekende gedichten. Veel poëzie uit de laatste helft van de twintigste eeuw maar stuk voor stuk zeer leesbaar.

Op de achterflap van de bundel staat een quote van Jan Wolkers: “Als men mij zou verzoeken het mooiste gedicht uit de Nederlandse poëzie te kiezen, zou ik net zo ontsteld kijken als wanneer men mij zou vragen de mooiste bloem uit een overdadige bloeiende bloemenweide te plukken”. Vandaar dat er zoveel gedichten zijn opgenomen.

Ik heb voor een gedicht van Gerrit Kouwenaar gekozen.Oorspronkelijk afkomstig uit de bundel ‘Helder maar grijzer’ Gedichten 1978-1996 uit 1998. Het gedicht is getiteld ‘men moet’.

.

men moet

.

men moet zijn zomers nog tellen, zijn vonnis

nog vellen, men moet zijn winter nog sneeuwen

.

men moet nog boodschappen doen voor het donker

de weg vraagt, zwarte kaarsen voor in de kelder

.

men moet de zonen nog moed inspreken, de dochters

een harnas aanmeten, ijswater koken leren

.

men moet de fotograaf nog de bloedplas wijzen

zijn huis ontwennen, zijn inktlint vernieuwen

.

men moet nog een kuil graven voor een vlinder

het ogenblik ruilen voor zijn vaders horloge –

.

helder

Gedichten voor tuiniers

Poems for gardeners

.

Van een vriendin kreeg ik de bundel ‘Poems fo gardeners’. Germaine Greer bracht gedichten over tuinen en tuinieren bij elkaar. De gedichten komen uit de klassieke oudheid tot aan de 21ste eeuw. Van Shakespeare en Anacreontea tot Alexander Pope en Louise Glück. Maar ook Cummings, Heaney en Simon Armitage.

Germaine Greer schrijft in haar inleiding: ‘Marianne Moore said that the poet’s job was to depict “imaginary gardens with real toads in them’. In truth, gardens are always imaginary because they are always the garden that you are aiming for rather than the garden you have, but the toads are real and immediate’.

Uit deze mooi vorm gegeven bundel een gedicht van Philip Larkin getiteld ‘Cut Grass’.

.

Cut grass

.

Cut grass lies frail:

Brief is the breath

Mown stalks exhale.

Long, long the death

.

It dies in the white hours

Of young-leafed June

With chestnut flowers,

With hedges snowlike strewn,

.

White lilac bowed,

Lost lanes of Queen Anne’s lace,

And that high-build cloud

Moving at summer’s pace.

.

GG

Hond met bijnaam Knak

Jan Hanlo

.

Bij de kringloopwinkel kocht ik een paar mooie poëziebundels voor een habbekrats waaronder ‘Voor wie dit leest, proza en poëzie van 1950 tot heden’. Nu is heden een betrekkelijk begrip daar dit boekje uit de Salamanderreeks (nummer 306) gepubliceerd werd in 1977. Het papier is al behoorlijk bruin maar de gedichten in de bundel, samengesteld door Kees Fens, zijn er niet minder door geworden.

Uit deze bundel een gedicht van Jan Hanlo (1912 – 1969) met de intrigerende titel ‘Hond met bijnaam Knak’.

.

Hond met bijnaam Knak

.

God, zegen Knak

Hij is nu dood

Zijn tong, verhemelte, was rood

Toen was het wit

Toen was hij dood

God, zegen Knak

.

Hij was een hond

Zijn naam was Knak

Maar in zijn hondenlichaam stak

Een beste ziel

Een verre tak

Een oud verbond

God, zegen Knak

.

Voor wie dit

 

Hanlo