Categorie archief: Vlaamse dichters

Kanonnenvlees

Lotte Dodion

.

Aanstaande zondag is het zover, het leukste podium van Ongehoord! in één van de mooiste en gezelligste binnentuinen van Rotterdam. In de Jacobustuin (Jacobusstraat 105) in hartje Rotterdam, op een paar minuten lopen van het Centraal Station viert Ongehoord! haar jubileum. Vijf jaar stichting Ongehoord!, vijf edities van de Gedichtenwedstrijd.

Zondagmiddag vanaf 14.00 uur (toegang gratis) zullen optreden:

 

Lotte Dodion (van wier debuutbundel Kanonnenvlees inmiddels een derde druk is verschenen)

Else Kemps (winnares van de Turing poëziewedstrijd en 3FM dichter bij Giel in de ochtend)

Alja Spaan (winnares van de Ongehoord! Gedichtenwedstrijd 2015 en 2e bij de Turing Poëziewedstrijd)

Edwin de Voigt (Rotterdammer en dichter)

Marco Martens (als dichter en met zijn band)

Irene Siekman (dichter, hoofdvrouw van de Poëziebus en duizendpoot)

.

Om alvast in de stemming te komen een opwarmertje in de vorm van een gedicht van Lotte Dodion, de Vlaamse dichter die Vlaamse en Nederlandse poëzie scene bestormt als geen ander. Uit haar debuutbundel ‘Kannonenvlees’ het gedicht ‘Het gesprek’.

.

Ver reeds is de tijd

René Verbeeck

.

Na al die gedichten op bijzondere plekken is het weer eens tijd een voor bijzonder gedicht. Een liefdesgedicht van de dichter René Verbeeck. Verbeeck was voor de oorlog een actief dichter. Met André Demedts, Pieter G. Buckinx en Jan Vercammen richtte hij het tijdschrift ‘De Tijdstroom’ (1930-1934) op. Hij was oprichter van uitgeverij Eenhoorn (Mechelen, 1936). Hij stichtte in 1937 de poëziereeks ‘De Bladen voor de Poëzie’, waarvan hij tot 1944 de leiding had. Begin 1943 verhuisde hij met de reeks naar de collaborerende uitgeverij Steenlandt. Hij zat na de oorlog 22 maanden gevangen.

Uit de bundel ‘De zomer staat hoog en rijp’ uit 1965, het gedicht ‘Ver reeds is de tijd’.

.

Ver reeds is de tijd

.

Ver reeds is de tijd toen het nestelen begon

tegen een bergflank van de Ardennen.

.

maar zie hoe wild en fier zij is,

nog kregen de jaren haar niet klein,

.

van liefde als hars en bosgrond krachtig

is zij nooit verzadigd

.

en dank noch medelijden

stillen de honger van haar hart.

.

de dienstmaagd van man en kinderen

heeft de minnares niet omgebracht:

.

het wilde meisje houdt mij omstrengeld

in mijn zomerse vrouw.

.

Verbeeck-René-0

Marina

Hugo Claus

.

Op dit blog schenk ik vaak aandacht aan Vlaamse dichters. Het beste voorbeeld was wel de maanden dat ik elke zondag een gedicht van één van mij favoriete dichters, Herman de Coninck plaatste. Hoewel ik wel eens iets van hem plaatste komt Hugo Claus er een beetje bekaaid vanaf. Misschien wel omdat ik hem toch vooral als schrijver zie en minder als dichter (geheel ten onrechte natuurlijk).

Daarom vandaag een gedicht van hem getiteld ‘Marina’uit de bundel ‘Gedichten 1948 – 2004’ uit 2004.

.

Marina

.

Maar als haar sterven nu eens was

Als een woord, iets dat overeengekomen werd,

Raar, onbeschaamd, geen daad eigenlijk maar een

Intense wonde, verpakt in rouw

Naar de wijs van alle mensen, vol verdriet en kussen,

Als een wonder ook, ja toch, voor wie zij achterliet.

.

claus

cover

Gedicht op een kas

Jos Vandebergh

.

Van Jos Vandebergh kreeg ik via de mail deze foto toegestuurd. Dit gedicht (of deel van het gedicht) van Geert de Kockere staat geschreven op de ruit van een kas van de Kinderboerderij van Kiewit bij Hasselt in België.

Geert de Kockere (1962) is een Vlaams schrijver van vooral kinderboeken. Maar hij schreef ook verschillende poëziebundels. Hij kreeg verschillende literaire prijzen voor zijn kinderboeken  en in 1995 kreeg hij de Prijs Letterkunde van de Vlaamse Provincies voor kinderliteratuur voor zijn poëziebundel ‘Een fruitje van zilver’. Geert werkte ook mee aan de Vlaamse ‘Man bijt hond’ en ‘Woestijnvis’.

.

gedicht op kas

geertdekockere

Erotisch gedicht

Eddy van Vliet

.

Bij het woord erotiek hebben de meeste mensen wel een beeld. Dat hierin een enorme verscheidenheid schuilt zal voor de meeste ook geen nieuws zijn. Bij het lezen van het gedicht ‘Ochtend’ van de Vlaamse dichter Eddy van Vliet (1945 – 2002) zul je misschien niet meteen denken aan een erotisch gedicht. Toch als je door de zinnen heen leest en de beelden die Eddy oproept tot je door laat dringen, kun je je voorstellen waarom dit gedicht is opgenomen in de bundel ‘Seks, de daad in 69 gedichten’.

Oorspronkelijke verschenen in de bundel ‘De binnenplaats’ uit 1987, het gedicht ‘Ochtend’.

.

Ochtend

.

Liefst hoor ik het geritsel van kleren

als zij opnieuw de vorm aannemen

waaruit liefde hen gedurende uren verdreef.

.

En buiten: de kou die de bakstenen roder maakt,

de kinderen dichter bij elkaar doet kruipen.

.

Liefst hoor ik het geritsel van kleren,

als de slaap zich langzaam aan onze ogen onttrekt

en de glazen toekijken hoe het licht

zich opdringt aan de ramen.

.

Op zo’n ochtend zal het zijn dat zij,

van wie wij de uniformen niet kunnen raden,

zullen komen en zeggen: jullie gaan mee.

.

licht

een twee drie ten dans

Eva Cox

.

Eva Cox (1970) is een dichter, prozaïst en vertaler, woont in Oostende, België. Op haar website schrijft ze over zichzelf en over haar leven tussen 1986 en 1999 het volgende:

“Zij woonde zelfstandig op zestien, ontvluchtte de middelbare school,stichtte een eenoudergezin, werkte als enquêtrice en tekenmodel, verkocht brood, opende een theehuis.”  Vanaf 1999 schrijft ze en was ze onder andere medewerker van Parmentier, De Brakke Hond, Revolver, Poëziekrant, Rottend Staal, Yang en DWB.

In 2001 won ze de eerste Vlaamse Poetry Slam. In 2004 debuteerde ze met de bundel ‘Pritt.stift.lippe’ in de Windroosreeks.  In 2009 verscheen bij De Bezige Bij ‘een twee drie ten dans’, een kleine stoet poëzie, (ultra)kort proza, vertalingen, pastiches, een duet voor één stem. Uit deze bundel het gedicht ‘Hand’.

.

Hand

Toen er een hand uit de kast stak, niet opdringerig, eerder
bijna verlegen, traag kantelend in het bleke licht, nam ik
een stoel en moest even gaan zitten. Ik overdacht het
bestaan, het ritme ervan, de pitloze weekte, en besloot de
hand niet weg te slaan. Sindsdien deel ik de tijd, mijn
kast en mijn leegte, en het is waar dat ik voor het eerst en
haast tot mijn spijt afhankelijk ben, maar ik blijf opgelucht
dat het een hand is en geen tong, god verhoede een tong,
of een neus, wat neuzen teweeg kunnen brengen, hoe men
er in lorren gehuld achteraan moet, nee een hand, lege
hand, glad, verlegen, traag kantelend in het harde licht,
op het ritme van de zon en wat uren.

.

Eva zwart wit k

De laatste Herman de Coninck

Herman de Coninckzondag

.

Zoals ik vorige week al aankondigde wordt dit de laatste Herman de Coninckzondag zoals ik het in de loop der maanden ben gaan noemen. In het laatste halfjaar heb ik hier elke zondag een gedicht uit het oeuvre van Herman de Coninck met jullie gedeeld. Ik deed dit omdat Herman één van de grootste dichters in het Nederlandse taalgebied is en één van mijn favoriete dichters. De CPNB (de collectieve propaganda voor het Nederlandse boek) start juist deze week een campagne onder de titel “het belangrijkste boek” en helaas zijn Vlaamse titels daarvan uitgesloten (stom, vraag me niet waarom). Anders had ‘De gedichten’ het verzameld werk van Herman voor mij absoluut op de eerste plaats gestaan.

Omdat er een tijd van komen is en een tijd van gaan, laat ik Herman nu (voorlopig) gaan met een laatste gedicht op zondag van zijn hand. Vanaf volgende week elke maand een hele maand één dichter op zondag. Voor nu, de voorlopig laatste van Herman de Coninck uit zijn debuutbundel ‘De lenige liefde’ met als titel ’19’.

.

19

.

Dit zou geen zomergedicht zijn, als jij

er niet in voorkwam, verbonden door een rietje

met de nieuwe-stijl-realiteit van een flesje cola.

.

En natuurlijk zijn er ook onze dromen,

maar evenzeer de ligstoelen waarin

ze worden gedroomd.

.

Ik bijvoorbeeld, ik lig

in een droom

van een ligstoel.

.

cola

Ballon en Vaas

Gedichten op vreemde plekken

.

Toen ik de afbeeldingen op mijn telefoon doornam kwam ik daar twee foto’s tegen, die ik gemaakt had in het kader van ‘Gedichten op vreemde plekken’. De eerste is van een vaas die in de etalage staat van een edel smederij bij mij om de hoek van de straat met de veelzeggende naam ‘Zee Zand Zilver’.

De poëtische tekst of kort gedicht zo je wil luidt:

 

Als bloemen drijven zeilboten over het meer,

langzaam,

middagmoe.

.

Vaas

De tweede foto nam ik van een foto die ik ergens tegenkwam. Het betreft hier een ballon van Lotte Dodion, de Vlaamse dichter die op 12 juni acte de présence geeft op het Zomerpodium van Ongehoord! in de Jacobustuin in Rotterdam. In maart 2016 verscheen van haar de bundel ‘Kanonnenvlees’ en deze ballon is ter gelegenheid daarvan gemaakt.

De tekst luidt:

 

Spraakwater

hoe minder woorden stromen

hoe hoger golven van stilte

hoe zwijgen tot de lippen stijgt

.

Ballonlotte

Alles over Lotte staat te lezen op http://www.lottedodion.be/

44

Nog twee keer

.

Al enige tijd besteed ik op zondag speciale aandacht aan één van mijn favoriete dichters namelijk aan Herman de Coninck. Ik heb besloten dat ik vanaf mei hiermee stop (wat overigens niet wil zeggen dat zijn werk niet meer op dit blog zal verschijnen). Vanaf de maand mei zal ik de zondag, per maand, aan een andere, wisselende dichter wijden. Dus het komende jaar op zondag één dichter die speciale aandacht krijgt en dan een maand lang.

Ik heb al wat dichters op het oog maar ik zou het leuk vinden als er vanuit mijn lezers ook voorstellen zouden komen. Dus heb je een favoriete dichter, waar je een aantal zondagen lang iets van zou willen terugzien, laat me dit dan even weten.

Nu dus voor de één na laatste zondag in April nog gewoon een gedicht van Herman. Vandaag heb ik gekozen voor het gedicht ’44’ uit ‘De gedichten’ uit 1998.

.

44

.

Zonder ik, zonder onderwerp.

Lier aan de wilgen gehangen.

Ander instrument aangeschaft.

.

Met voorhamer van grote

gevoelens op xylofoon

van ziel. Ziel kapot, natuurlijk.

.

Met hark ziel in hoek

geveegd en opgestookt.

Meer ziel dan hij dacht.

.

En vervolgens op hark viool

gespeeld, met zaag als strijkstok.

Een liedje.

.

würfel cube ziel 3d

voorhamer

hark

Olifant

Kolder

.

Dat Herman de Coninck niet alleen prachtige gedichten schrijft over de vrouw, de poëzie, het leven, zijn kinderen en de liefde, bewijst hij met het kolderieke gedicht ‘Olifant’ dat werd gepubliceerd in ‘De Gedichten’ uit 1998.

.

Olifant

.

Hij is gemaakt van de grofste effecten,

draagt zijn broek als clown August,

de knieën slodderend, maakt danspasjes

als tante Bertha die een tango de grond

inheit, terwijl z’n kont doet denken

aan een vals gebit

.

dat net is uitgenomen. En dan zijn slurf

en vlak daarnaast zijn ogen. Hoe zou jij kijken

als ze je lul op je neus hadden gezet?

.

olifant

olifant 2