Site-archief

Zwaluwwand

Gedicht op een vreemde plek

.

De Nederlandse dichteres en schrijfster Heleen Bosma uit Deventer was in 2013 en 2014 Dichter bij Overijssel. Bosma heeft als provinciedichter voor de provincie Overijssel ten minste 6 gedichten per jaar geschreven.

Heleen Bosma studeerde Nederlandse letterkunde. Ze dicht al haar hele leven en is nu vijftien jaar fulltime dichteres. In augustus 2009 werd zij gekozen tot Deventer Dichter. In 2011 heeft zij deze erefunctie afgerond en  verscheen  de bundel ‘Oostenwind’. Ze treedt graag op en het is haar specialisme dichtregels letterlijk de ruimte te geven, in, op of rond gebouwen en als landart (in de natuur).
Daarnaast zet ze zich in voor het wijd verspreiden van de poëzie van andere nationale en internationale dichters en dichteressen. Poëzie is volgens Bosma niet ingewikkeld, poëzie is van iedereen waar ik het uiteraard helemaal mee eens ben.

Een mooi voorbeeld van de genoemde landart, of zoals ik hem gerangschikt heb onder gedichten op vreemde plekken, is het gedicht ‘Vederlicht’. Dit gedicht werd Geschreven ter gelegenheid van de afronding van de natuurinrichting Wetering Oost en West en de faunapassage bij Muggenbeet (Steenwijkerland) op 29 augustus 2014. Het is aangebracht op de zwaluwwand bij de vogelkijkhut, nadat de zwaluwen klaar waren met broeden.

.

Verderlicht

Vederlicht is onze ziel

Van dons en zijdezacht

Wij zijn een stipje in het zwerk

Een knipoog naar de zwaartekracht

.

zwaluwen

 

foto_zwaluwwand

Gewicht van verwerking

Meine Maipoto

.

Poëzie is niet altijd ‘een gedicht’ of een vorm die we kennen. Soms ligt poëzie verborgen in teksten die misschien niet bedoeld zijn als poëzie maar wel zo ervaren kunnen worden. Die gewaarwording heb ik bij een werk getiteld ‘The Weight’ van kunstenares Adeline de Monseignat.

Adeline de Monseignat is een kunstenaar die woont en werkt in Londen. Haar, op sculpturen en installaties gebaseerde, en in papier gevatte werken komen voort uit haar interesse in de  Uncanny ( een Freudiaans concept van alles wat bekend is maar een gevoel geeft van oncomfortabele bevreemding), het lichaam , het moederschap en het begrip van de oorsprong .

In 2013 maakt zij een kunstwerk met de titel ‘The Weight’.

Dit werk werd gemaakt in reactie op de getuigenis van de 16 jarige Zuid Afrikaanse Meine Maipoto uit het Rammulotsi Township, met de titel ‘Over mijn toekomst’. De Monseignat hierover: “Mij werden mondelinge en schriftelijke getuigenissen gestuurd van kinderen die de trauma’s die ze hebben opgelopen, beschrijven en ik voelde me bijzonder geraakt door het verhaal van de jonge Meine Maipoto. Deze, met de hand geschreven, getuigenis waarin ze beschrijft hoe ze, op achtjarige leeftijd, plots haar moeder verliest en wordt gescheiden van haar broer.  De belasting voor zo’n jonge ziel en het gewicht van haar woorden vervulde mij met een sterk verlangen om haar te helpen. De manier waarop ze haar tekst had ‘ gebouwd ‘, woord voor woord –  steen voor steen – als een solide basis voor haar toekomst, in combinatie met mijn wil om een ​​monument te bouwen om haar verhaal te eren , maakte dat ik een muur van stenen voor haar wilde bouwen. Elke baksteen is zorgvuldig verpakt in weefsel, voorzien van een woord of twee van haar handschrift ; met rood geschreven op wit , zoals de kleuren van de schoolkleren die ze droeg toen men haar het nieuws vertelde dat haar moeder was overleden, waardoor haar blote weerloze lichaam wordt blootgesteld . De verpakking is dus een poging om haar in staat te stellen een gevoel van bescherming op geven . Elke rij stenen is een zin van haar tekst. De muur is haar getuigenis.

.

mm

mm3

mm5

mm4

Iemand moet altijd gemist worden

Recensie van een dichtbundel van Antoinette Sisto

.

Afgelopen zaterdag presenteerde Antoinette Sisto haar derde dichtbundel ‘Iemand moet altijd gemist worden’. Na de bundels ‘Het verre huis’ uit 2006 en ‘Dichter bij de dagen’ uit 2013 nu dus haar derde bundel bij uitgeverij Oorsprong.

Ik was een van de dichters die Antoinette had uitgenodigd om de presentatie extra glans te geven maar door een ongelofelijke stomme fout van mijn kant (vergissen in de dag) was ik er niet bij. Ik kan aanvoeren dat ik een hele drukke week achter de rug had en me de hele week al niet lekker voelde maar feit blijft dat ik Antoinette in de steek heb gelaten en daar baal ik enorm van. Desondanks was de presentatie een groot succes met bijdragen van Herbert Mouwen, Peter W.J. Brouwer, Jos van Daanen, Wilma van den Akker en niet in de laatste plaats Antoinette zelf.

Dan de bundel.

´Iemand moet altijd gemist worden´ bestaat uit 7 delen of hoofdstukken met als titel: Onderweg, Focus, Achter glas, Iemand moet altijd gemist worden, De man in het gedicht, Schrijven als anderen slapen en Zicht op de stad.

De poëzie van Antoinette laat zich het best omschrijven als observerend waarbij ze gebruik maakt van elegante taal. In het hoofdstuk ‘Onderweg’ is de afwezigheid van de ander steeds aanwezig, in een vorm van melancholisch herinneren. In ‘Focus’ staat  liefdespoëzie die ik het liefste lees, tussen de regels doorlezen op zoek naar waar de liefde zich bevind. Maar ook hier overvalt me soms een zekere triestheid bij het lezen. ‘Achter glas’ lijkt het keerpunt in deze bundel. In de eerste twee hoofdstukken moeten zaken uit het verleden worden beschreven, verwerkt  om in ‘Achter glas’ met een schone lei, opnieuw  te kunnen beginnen. Dit hoofdstuk ademt een nieuw positief gevoel uit, een nieuwe start (lentezon, het jonge gras).

In het gedicht ‘Keukenprinses’ straalt een nieuwe ik, ondeugend en klaar voor iets nieuws. Of in het gedicht ‘Tomeloos’ waarin de herfst tot de nieuwe lente wordt gemaakt, waarna dit in het gedicht ‘Mantra’s’ nog eens wordt bevestigd.

In ‘De man in het gedicht’ legt Antoinette uit hoe het zit met de man en de vrouw in haar poëzie. Misschien had ze hier mee moeten beginnen maar aan de andere kant, het verklaard maar veranderd niet, het bevestigd mijn idee dat deze bundel een bundel van hoop is, van verandering.

In ‘Schrijven als anderen slapen’ laat Antoinette zien dat dat is wat ze doet, ze geeft een proeve weg van haar poëzie over een aantal onderwerpen die los staan van de eerdere hoofdstukken, om te eindigen met ‘Zicht op de stad’ waarin gedichten over de stad. Een voorzet voor een volgende bundel wellicht?

Al met al moet ik zeggen dat ik de bundel met veel plezier heb gelezen. Sommige gedichten moet je een paar keer lezen om ze echt goed te kunnen duiden maar de poëzie van Antoinette is heel toegankelijk en rustig van toon. Het enige dat je mist bij het lezen is de stem van Antoinette, haar te horen voordragen voegt werkelijk iets toe aan de beleving van haar poëzie.

De bundel is binnenkort te koop via de boekhandel of bij uitgeverijoorspong.nl

.

Een gedicht dat ik had willen voordragen bij de presentatie uit het hoofdstuk ‘Onderweg’ is ‘Maandag, 15.29u, Antwerpen Centraal’.

.

maandag, 15.29u, Antwerpen Centraal

.

Een snellere dienstregeling

heeft de oude verdrongen

tijd in kiosken wordt weggebladerd

lucht door optrekkende treinen verplaatst

.

een roltrap daalt naar drie niveau’s diepte

betonnen perrons onder de grond

uit mijn blikveld haasten zich reizigers

naar richtingen uiteenlopend onbekend.

.

Wie sla ik hier gade?

de man die op zijn vrouw wacht

de vrouw die verlangt naar haar minnaar

de moeder die zoekt

naar een lang gemiste zoon

.

de émigré die slechts stationsgeur

hier komt ruiken, geknars van remmen

wil beluisteren

als muziek zonder welke hij niet slapen kan.

.

sisto1

Fuckende konijnen

Els Moors

.

De Vlaamse dichter Els Moors (1976) studeerde Germaanse filologie aan de Universiteit van Gent en aan de Gerrit Rietveld Academie. In 2006 debuteert ze met de bundel ‘er hangt een hoge lucht boven ons’ waarmee ze dat jaar genomineerd wordt voor de C. Buddingh’ prijs en in 2007 de Herman de Coninckprijs voor het beste poëziedebuut wint.

In de jaren hierna publiceert ze nog de bundels ‘Het verlangen naar een eiland’ (roman, 2008), ‘Vliegtijd’ (verhalen, 2010) en ‘Liederen van een kapseizend paard’ (poëzie, 2013).

Van haar hand het volgende titelloze gedicht uit ‘er hangt een hoge lucht boven ons’.

.

de witte fuckende konijnen fucken en zij fucken samen
het dak plat
zonder afstandsbediening
galm galm het is ochtend
het is ochtend in dit natte land
dit tandpasta nutella land
dit natte afgematte veld
er staan drie camping caravans met oranje gordijnen
een uit zichzelf verschenen flard mist trekt zijdelings het oog
voorbij

.

ElsM

elsM2

 

Met dank aan Meander en Wikipedia.

Sylvie Marie

Vlaamse dichters

.

Sylvie Marie ( 1984) woont in Gent, waar ze politieke en sociale wetenschappen studeerde. In Brussel voltooide ze haar studententijd met een postgraduaat journalistiek. Ze publiceert sinds 2005 gedichten in literaire tijdschriften en staat regelmatig op het podium. In het voorjaar van 2009 verscheen haar debuutbundel ‘Zonder’.  In 2011 volgde een tweede bundel ‘Toen je me ten huwelijk vroeg’ die genomineerd werd voor de Herman de Coninckprijs en de JC Bloemprijs. In 2013 verscheen ‘Speler X’, een voetbalroman waarvan ze co-auteur is. In juni 2014 verscheen haar derde dichtbundel ‘Altijd een raam’.

Tussen november 2009 en juni 2011 schreef Sylvie Marie als huisdichteres regelmatig gedichten voor het weekblad Humo nadat ze Humo’s Gouden Aap won. Tegenwoordig werkt ze als leerkracht literaire creatie aan de academies van Tielt en Ieper en geeft ze regelmatig workshops poëzie. Ze was poëziecoördinator bij Meander en is redacteur bij het literaire tijdschrift Deus ex Machina. Op haar website http://www.sylviemarie.be/ kun je veel meer informatie vinden.

Uit haar bundel ‘Zonder’ uit 2009 het gelijknamige gedicht.

.

zonder

die morgen tref ik woorden aan tussen de lakens,
ze prikken als stukjes spiegel waarin een schim
weerkaatst. ik lees:

ik ben weg, neem niets mee behalve
de geur van je haren, de zachtheid van je wangen,
de smaak van je lippen. de hond

op straat leidt me
af en ik staar naar het raam, nooit zag het ochtendlicht
er zo vaal uit, had het gordijn zo weinig kracht.

het was de eerste keer dat het niet opbollend
in mijn haren snoof, mijn wangen streelde,
me goedemorgen zoende.

.

Sylvie marie

De driehoek is rond

Joz Knoop

.

Afgelopen zaterdag mocht ik samen met een aantal dichters een poëtische bijdrage leveren aan het mini festival Boerol in Maasland. Eén van de dichters was Joz Knoop, wereldberoemd geworden door de versvorm die hij heeft ontwikkeld, de Jozzonet.

Joz Knoop heeft de Jozzonet ontwikkeld in het spiegeljaar 1991. Een Jozzonet is een versvorm waarbij  er altijd een oneven aantal regels is, waarbij de middelste regel de enige unieke blijkt. De regels daarboven worden daarna in omgekeerde volgorde herhaald, waarbij een nieuwe zins samenstelling een nadere nuancering geeft.

In de bundel ‘De driehoek is rond’ die Joz in 2013 uitgaf bij uitgeverij De Muze staan naast een aantal gedichten in de vrije vorm ook een groot aantal Jozzonetten. Hilde Zuurd tekende voor de prachtige illustraties waarmee een bijzondere bundel ontstond.

Uit deze bundel het titelgedicht ‘Driehoek’.

.

Driehoek

.

Rond

de driehoek is

alles recht en rustig.

De pen trok langs de liniaal

de lijn die zich snijdt aan andere lijnen

in hoeken, ontstaan door de plaatsing van juist

de lijn die zich snijdt aan andere lijnen,

De pen trok langs de liniaal

alles recht en rustig,

de driehoek is

rond.

.

Joz

 

Meer informatie en Jozzonetten op http://www.jozknoop.nl/

Iris

Laten we mijn lichaam delen

.

Uit de prachtige debuutbundel uit 2013 ‘Laten we mijn lichaam delen’ van Iris Brunia (1977) het titelgedicht.

.

Laten we mijn lichaam delen

om de week, afwisselend een weekend
Over halve dagen valt te praten

Mijn hemd deed ik bijna uit, hier, midden in het café
Gelukkig bedacht ik me, maar O die dag, dat ik te laat ben

wil je de notaris bellen?

Rond etenstijd kwam je binnen, we aten pannenkoeken met zeewier
Ik keek uit op het aquarium. Twee vissen treuzelden –

Een bubbelend in een boterhamzak, de ander lippen tuitend op haar af
botste, stuiterde kopje duikelend terug

Om te wennen zei de ober, anders gingen ze dood
De overgang zou te groot zijn

wennen? de dood?

Een pin van mijn kam schoot mijn nagelriem in. De rekening
Ik graaide in mijn tas

dus ja, ik bloed wel eens, maar ik vergeet

Bijna kregen we ruzie, omdat het aquarium klinkt als onze koelkast
Je wilde geen nieuwe zolang hij het deed, maar geluiden
kunnen ondraaglijk zijn

Ik las dat drie appels per dag goed zijn voor een gezond verstand
Je keek over je bril, slikte een hap weg, dat ik de boodschappen
dan niet moest vergeten

Ik begon maar weer over die vissen, dat ik me als ik een vis was
daar in het water niet thuis zou voelen, dat ik beter gedij
op plekken waar ik niet verwacht word

maar als ik naar je kijk ben ik er nog
en als ik glimlach beaam jij dat

.

Iris

Vuurtoren

Oosterleek

.

Van Stefanie van Ruijven ontving ik een paar fraaie voorbeelden van gedichten op vreemde plekken. Dit keer gedichten op de vuurtoren van Oosterleek, gemeente Drechterland (West Friesland). De vuurtoren blijkt bij nader inzien een lichtopstand genaamd het ‘Vuurtje van Leek’, een waarschuwingssein in de vorm van een torentje met een lichtbaken, bij de Leekerhoek voor het scheepvaartverkeer op het Markermeer.

De lichtopstand bevindt zich even ten zuiden van Oosterleek in een haakse bocht van de Zuiderdijk langs het Markermeer. Het torentje werd in 2001 gebouwd ter vervanging van een soortgelijk exemplaar, dat sinds 1939 op deze plaats heeft gestaan. Ook voor 1939 was er al een waarschuwingslicht op deze plaats.

In het kader van het project Land in dicht is er op de ronde groene ketel met zwarte letters een citaat uit een gedicht van Emily Dickinson aangebracht: “We wouldn’t mind the sun, dear, if it didn’t set -“. Aan de andere zijde van de toren is de vertaling van Louise van Santen in witte letters aangegeven: “De zon zou ons niet kunnen schelen, lief, als zij niet onderging -“

Toen in 2013 de lichtopstand geschilderd werd verdwenen de teksten van de gedichten onder de verf. Een aantal inwoners was hierover zeer teleurgesteld en daarop werden de teksten opnieuw aangebracht.

.

VT

De teksten zoals ze aangebracht waren voor 2013.

VT1

 

VT2

 

VT3

En de teksten zoals Stefanie ze tegen kwam.

Dichter bij (de) zee

Dichter, Kunst en poëzie en poëzie en muziek

.

Behalve dat ‘Dichter bij zee’ de titel is van een dichtbundel van Dirk Devroye, zijn er meer mensen en organisaties op het idee gekomen iets met ‘dichter’ en ‘zee’ te doen.

Zo is er het Kunstproject ‘Dichter bij Zee’ op Texel. Op de strand-afgang van Paal 9 op Texel staan 10 strandhuisjes. Zij vormen de expositie Dichter bij zeeElk huisje is omgetoverd tot een kunstwerk door een kunstenaar in verbinding met een dichter. Dit initiatief is een onderdeel van Kunst- en Cultuurmaand Texel die loopt van 31 mei t/m 30 juni.

Dan was er op het nabij gelegen Terschelling afgelopen zaterdag in Midsland het poëzie-evenement Dichter bij zee georganiseerd door Stichting Actief Midsland (SAM). Voor de pauze konden dichters van het eiland hun poëzie ten gehore brengen en na de pauze trad dichteres Ellen Deckwitz op. Bij de entreeprijs van dit evenement zat behalve een drankje tevens een gelegenheidsbundel van die middag voorgedragen poëzie van de eilanders.

In 2004 werd in Hoek van Holland de kunstroute Dichter bij Zee georganiseerd. Langs de route, vanaf het centrum van Hoek van Holland tot aan de pier, waren op afzonderlijke locaties, tien kunstwerken te zien. hAAi realiseerde de objecten van Tjitske Jannsen en Wilfried de Jong. Elk kunstwerk verbeelde een ander telefoonnummer. Wanneer men dit nummer belde was er een gedicht te horen dat speciaal geschreven was voor de betreffende locatie en door de dichter zelf was ingesproken. 

Tot slot was er in 2012 en 2013 in Vlissingen de ‘Dichter bij de Zee’, een soort stadsdichter waarbij de zee een prominente rol speelt. Dichter Jan Kortsmit nam op de nationale gedichtendag, afgelopen januari afscheid met het gedicht ‘Dichter van het Park’.

.

DBZ2

 

DBZ3

 

dichterbijzee_1

 

DBZ1

 

Literaire routes app

Letterkundig museum

.

Het Letterkundig museum in Den Haag heeft samen met 7scenes een App ontwikkeld met literaire routes en wandelingen. Tijdens het museumweekend in 2013 presenteerde het museum de eerste wandeling over Jan Siebelink langs diverse Haagse decors uit Siebelinks boeken.

In mei 2013 volgde een route door Noordwijk. Schrijvers en dichters verkozen door de tijd heen dit pittoreske dorp voor rust, inspiratie of afzondering. Noordwijk was de woonplaats van schrijvers als Henriette Roland Holst, Albert Verwey J.B. Charles. Ook P.F. Thomése, Harry Mulisch en Susan Smit hebben zich laten inspireren door het decor van duinen, bollenvelden en boulevard, strand en zee. De Literaire Route Noordwijk is ontwikkeld is samenwerking met Stichting Schrijvers Pantheon. De gids op deze tour is acteur Hans Croiset. 

Er is ook nog een Couperus route door Den Haag.  Deze wandeling voert door het Den Haag van Couperus, langs de huizen waar hij woonde en de plekken die een rol spelen in zijn werk.  De Couperus-wandeling is ontwikkeld in samenwerking met het Couperus Genootschap.

.

De App is gratis te downloaden via de Appstore of Google play.

.

LR

 

logo LM

 

 

 

Van de dichter J.B. Charles het gedicht: Aan de schrijvers uit: Ik ben het (1990)

 

Aan de schrijvers

Neem een schep woorden,
schep mij een taal,
kom op, vertel een verhaal.

Maar tel ’t op je vingers na:
het moet helemaal
zelf zijn verzonnen.

Anders hoef ik het niet.
Wat jij hebt gevoeld
dat wil niemand horen,
ook niet wat je ‘bedoelt’.
Dus doe niet te echt.
Praat mij niet van wetten,
ik stik al in recht.

Maar tover mij voor
en ik ben je knecht:
samen krijgen wij die verdomde
werkelijkheid er wel onder.