Site-archief

Zomerfestival

Augusta Peaux

.

In 2023 was ik uitgenodigd om voor te komen dragen op het Augusta Peauxfestival in Simonshaven. Samen met 24 andere dichters, de openingsdichter Ingmar Heytze en muzikanten van verschillende pluimage was dit een bijzonder mooie dag. Ook dit jaar was ik weer uitgenodigd maar helaas moest ik afzeggen door persoonlijke omstandigheden. Ik vind dat oprecht heel jammer want dit jaar is het voor de tiende keer dat dit charmante festival in de tuin en het voormalig woonhuis van dichter Augusta Peaux (1859-1944) plaats vindt.

Dit jaar is het thema ‘Vieren’ wat voor een jubileumeditie een mooi passend thema is. Dit jaar zullen tien dichters en vertellers komen voordragen, zal Mario Molegraaf een presentatie geven over de bron van het festival: het werk van Augusta Peaux, is er live muziek en zijn er lokaal geproduceerde feestelijke lekkernijen vanuit heel Zuid-Holland. Als motto heeft de organisatie een zin gekozen uit het gedicht ‘Vlindervlucht’ van Augusta Peaux: ‘Mijn dromen grepen de teugels’. Men hoopt (en ik verwacht het) dat dit een uitnodiging is om de verbeelding aan te zetten zodat de tuin weer vol  van poëzie zal zijn.

Het festival is op zaterdag 31 augustus, Ring 42 in Simonshaven van 13.00 tot 17.00 uur. Om alvast in de stemming te komen hier het gedicht ‘Zomer’ van Augusta Peaux.

.

Zomer

.

0 Zomer, die wenkt met handen
op ’t zonnig pad!
Ik zie geen wenkende handen,
‘k zie ’t eikenblad
rood in de jonge toppen…
0, wenkte dát?
.
Ik ga de rulle paden
0, wat is dat?
Dat zijn twee vlindervleugels,
geen eikenblad.
Twee rode vlinderwieken,
die zeggen… wat?
.
O, zie mij van zonnige hemel,
Zomer, zo vreemd niet aan!
Hoe kan ik van uw dagen
het rode raadsel raân!
Leer mij in sterrennachten
zijn gouden zin verstaan.

.

Vruchtpluis

Elise Vos

.

Elise Vos (1984) studeerde Oost-Europese Talen en Culturen aan de Universiteit van Gent. Daarnaast is ze dichter en maakt ze deel uit van Vos & Wolf, een kunstenaarsduo dat poëzie en fotografie combineert. Met haar partner Kris Lauwereys en nog twaalf dichters maakt ze deel uit van Obsidiaan “een schrijfcollectief met vlijmscherpe pen die zintuigen prikkelt en woorden wil slijpen tot kunst, een open laboratorium met teksten die beperkingen en grenzen daadwerkelijk opheffen, met inkt die licht absorbeert en weer vrijgeeft.”

Haar beeldrijke poëzie wordt gekenmerkt door vrouwelijkheid, folkloristische elementen (soms met een zwart randje) en een patstelling tussen de rauwe realiteit en sprookjes.  In haar schrijven kent ze geen taboes. Haar werk werd gepubliceerd in Meander, Het Gezeefde Gedicht, De schaal van Digther, Tirade, Deus ex Machina, Het Liegend Konijn en Hollands Maandblad. Eind 2024 verschijnt haar debuutbundel bij uitgeverij De Zeef. Van de site van Meandermagazine nam ik het gedicht ‘Vruchtpluis’ omdat ik erg hou van samengestelde woorden die feitelijk (nog) niet bestaan.

.

Vruchtpluis
.
het onkruid woelt
van de pogingen in haar buik
daar krioelen duizend poten
.
moeder verlaat de doorploegde akkers
om ze te verruilen voor een open zee
ze draagt een zoute massa, de vorm verloren
.
in een vermomd huis zonder stem
slapen Noordzeegrijze kiezels
ze vermoedt ogen in lege schelpen
.
van akkerdistel en hondsdraf
tot wilgenroosje of zilverschoon
ze beslist: elke bloem verdient een naam

.

De man van Marathon

Dag 10: Rien Vroegindeweij

.

De CPNB (Collectieve Propaganda voor het Nederlandse Boek) heeft deze zomer ‘De man van Marathon’ van dichter Rien Vroegindeweij (1944) gekozen als sportzomergedicht 2024. Het gedicht wordt verspreid via sociale media en honderdduizend Boomerangkaarten in cafés, bioscopen en sportclubs.

.

De man van Marathon

.

Ooit versloegen Athenes helden

de Perzen in de slag bij Marathon.

Om dit heuglijk nieuws te melden

liep één held zo hard hij kon

 

naar Athene om daar uit te leggen

hoe de strijd verlopen was.

Maar hij kon geen pap meer zeggen

en stierf ter plekke, in het harnas

 

zogezegd; de mensen in Athene

zeiden in hun eigen sportjargon:

hij had vandaag geen goeie benen

 

en hij had veel meer moeten trainen

voor zo’n lange loop van Marathon.

Nu weten we nog niet wie er won.

.

Verlaten broek

Dag 8: Ted van Lieshout

.

Uit de onvolprezen bundel ‘Ommouw me’ uit begin van dit jaar, van Ted van Lieshout (1955) nam ik het bijzondere gedicht ‘Verlaten broek’.

.

Verlaten broek

Er hangt een verlaten broek
in de kast. Ik ben eruit verdwenen.
Twee lege pijpen, een achterzak
waar nog een kassabon in is gebleven
van boodschappen voor mijn moeder.

Hij is te klein, hij zit te strak. Maar
de rits doet het nog en ik schaam
me voor de stijve die ik er een keer
of acht in had. Ik ben die jongen
kwijt. Waar ben ik gebleven? Ik aai

de gulp die bol staat van vroeger.
Ik streel de vale plekken waar mijn
knieën zaten, de rafels onder aan
de zoom. Hoe kan het dat ik niet
meer pas in de jongen die ik was?

.

 

NK Poetry Slam

Voorrondes België

.

Tijdens deze zomer zijn er in Antwerpen, Gent en Turnhout plekken te verdienen voor de halve finaleronde van het NK Poetry Slam 2024. Op 1 augustus (Turnhout), 3 en 28 augustus (Gent) en 5 en 22 augustus (Antwerpen kun je meedoen aan deze voorrondes. Je mag ook aan meerdere voorrondes meedoen maar je kan natuurlijk ook gewoon meteen winnen en een plaats in de finale op 2 september binnen slepen.

Per datum kunnen er maximaal 12 deelnemers worden ingeschreven. In de eerste twee ronden staan de slam dichters individueel op het podium en beslist de vakjury en het publiek welke 6 er doorgaan naar de volgende ronde. Vanaf de derde ronde zullen de dichters opgedeeld worden in twee zogenaamde poetry battle match-ups, waaruit dus ook de 2 finalisten per datum zullen komen.

In september zullen de halve finales en de finale gedaan worden waarin de laatste 12 kandidaten het tegen elkaar opnemen in één individuele ronde en daarna poetry battles om het ticket naar de finale te winnen. Voor alle regels klik je hier. Dus wil je Femke van Grootel of Evelien Mommerency worden? (de Belgische finalisten van vorig jaar) of van winnaar van de NK Poetry Slam 2023 Nicole Kaandorp, geef je dan op en doe mee.

Een poetry slam (naar Engels, to slam oftewel smijten, slaan) of poëzieslag is eigenlijk een kruising tussen literatuur en sport. Enkele slamdichters, kortweg ‘slammers’, gaan op een podium (vaak in een club of café) een wedstrijd met elkaar aan. Binnen een bepaalde korte tijd en in een paar rondes dragen de dichters hun gedichten voor. Het publiek en/of de jury bepaalt wie de beste is. Iedereen mag zijn kans wagen; in de loop van de avond worden de besten geselecteerd. Bij poetry slam is zowel de inhoud als de voordracht belangrijk maar uiteindelijk gaat het maar om één ding: het publiek enthousiast maken.

Een aantal bekende namen waren ooit NK Poetry Slam winnaars zoals Daniël Vis, Kira Wuck, Erik Jan Harmens, Ellen Deckwitz en Martje Wijers. In 2006 was Krijn Peter Hesselink (1976) winnaar en van hem is het gedicht ‘De ruimte van het volledig leven’ uit zijn bundel ‘Toondoof’ uit 2018.

 

De ruimte van het volledig leven

.

Ik word wakker op de bodem van een fontein
als was er nooit een slaap voorafgegaan

het zicht is troebel, soms breekt met een klap
een euro door het dak van deze wereld

we zijn het afgedankte wisselgeld
dat eindeloos zou willen blijven zweven

maar elke munt komt knarsend op de kiezels
tot rust en wordt zich van zichzelf bewust

zo liggen we hier maar, geen flauw idee
wie we geluk hebben gebracht en wat

daar nog van over is

.

Marshmallow

Simone Atangana Bekono

.

Het woord marshmallow komt van de heemst ( Althaea officinalis ), een kruid dat oorspronkelijk uit delen van Europa, Noord-Afrika en Azië komt en groeit in moerassen en andere vochtige gebieden. De stengel en bladeren van de plant zijn vlezig en de witte bloem heeft vijf bloemblaadjes. De marshmallows zoals wij die kennen hebben tegenwoordig heel andere ingrediënten namelijk: suiker, water, lucht en een klopmiddel.

Ik begin dit stukje met deze informatie omdat de nieuwe bundel van Simone Atangana Bekono de titel ‘Marshmallow’ heeft en ik me afvroeg waarom ze voor deze titel heeft gekozen? Op de website van haar management (ja dichters hebben tegenwoordig managers) lees ik over deze bundel: Met gebruik van verschillende registers brengt Atangana Bekono groteske beelden, erotiek, alledaagsheden en geweld samen in de botsende herinneringen van twee stemmen die eens lieflijk samen moeten hebben geklonken, resulterend in giftige, grappige, en schrijnende poëzie. Zouden de twee stemmen die eens lieflijk hebben geklonken naar de oorspronkelijke ingrediënten van een marshmallow verwijzen? Wie weet.

Kamiel Choi schrijft in zijn recensie van deze bundel op de Meanderwebsite: “De bundel is rood en iets breder dan gebruikelijk; op het omslag staat een donkergrijze vlek die lijkt op en teddybeer, een foetus of en marshmallow. Een marshmallow weet ook niks van vorm en kan zo gekneed worden en vervormd door iedereen die hem aanraakt of opeet. Het blijft een marshmallow: de vorm is niet de essentie, dat is de zachte, zoete smaak in je mond wanneer je hem eet, wanneer hij geroosterd is tijdens een zomerkamp met al je vrienden.” Het blijft gissen.

Volgens Maria Barnas in NRC schrijft Atangana Bekono mierzoet en zacht ‘van binnenuit’. Wat we in ieder geval weten is dat het laatste ‘hoofdstuk’ in de bundel marshmallow als titel heeft.

Schrijver en dichter Simone Atangana Bekono (1991) heeft een Nederlandse moeder en haar vader komt uit Kameroen. Vandaar haar volledige Kameroense achternaam Atangana Bekono. Ze debuteerde in 2017 met de dichtbundel ‘Hoe de eerste vonken zichtbaar waren’, waarvoor zij de Poëziedebuutprijs aan Zee 2018 en het Charlotte Köhler Stipendium 2019 ontving. In 2019 riep de Volkskrant haar uit tot een van de literaire talenten van 2020. Haar roman ‘Confrontaties’ (2020) werd verschillende keren bekroond. En dan nu in 2024 dus haar tweede dichtbundel ‘Marshmallow’. Uit deze bundel nam ik het gedicht ‘Uhh,,, I am soryy I know nothing of form!!’.

.

Uhh,,, I am soryy I know nothing of form!!

.

er wordt veel over me gefluisterd

ik mis tucht dus ik vraag stergespreid om tucht

waarmee ik bedoel ik mis mijn meesters

niet maar wel dat krakende verwachtingsvolle

van het knielen dat witheet tot aan mijn

haarzakjes dat huidloze zweven zo  rauwgebeukt

en overmorst

dan voorzichtig ingepakt

.

zoet gemompel der overtreden regels

zacht gekneed vervolgens met zalf op de wond

.

Een vorm van vasthouden van

Shari Van Goethem

.

Op het raam van mijn huis staat sinds de Week van de Poëzie een weesgedicht van Shari Van Goethem (1988). Ik ken Shari al langer en ik vind dat ze heel mooie poëzie schrijft. In MUGzine #13 zijn gedichten van haar hand opgenomen en ik schreef op dit blog al eerder over haar. De nieuwe bundel van Shari Van Goethem ‘Een vorm van vasthouden’ die dit jaar verscheen is een soort poëtisch dagboek dat ze bijhield bij de geboorte en eerste levensjaar van haar derde kind.

Jeanine Hoedemakers schreef in haar recensie over deze bundel op Meander: “De dichter laat op overtuigende wijze zien hoe belangrijk de rol van poëzie is. Ik ben er allang van overtuigd dat poëzie onmisbaar is, maar als ik dat nog niet geweest was, dan had Shari Van Goethem me nu overtuigd. Met haar poëtische dagboek van een eerste levensjaar.” In deze ‘oefening in aandacht’ zoals op de kaft te lezen valt, worden de verschillende fasen van het in verwachting zijn en de geboorte van haar kind op een liefdevolle en poëtische manier beschreven.

Dat zou, in de handen van een andere dichter misschien, tot een vorm van getuigenispoëzie kunnen leiden. In de handen van Shari Van Goethem wordt dit een oefening in poëzie waarbij zij zelf het lijdend voorwerp is. Dat dit tot bijzondere poëzie leidt blijkt voor mij uit het gedicht dat ze op 18 juli schreef zonder titel.

.

er was eens een waterdier

het wist niet van de wolken

.

maar op een dag duwde

iets het de koude lucht in

.

die veel dunner omhelst

dan het warme water

.

niet meer dan een hand is

onder de buik van het waterdier

.

dat met de eerste hap naar

adem

.

is verleerd wat zwemmen is

.

18 juli

.

Poëzie in de ruimte

Ada Limón

.

De maan is misschien wel het onderwerp geweest van evenveel gedichten als er sterren aan de hemel zijn. Maar zijn koude neef, Europa – een van de grootste van de vele manen die rond Jupiter cirkelen, het zijn er maar liefst 95 – krijgt in literaire kringen iets minder aandacht.

Tot nu. Op verzoek van NASA heeft de Amerikaanse dichter Ada Limón (1976) een gedicht van 21 regels geschreven, ‘In Praise of Mystery: A Poem for Europa’,  dat helemaal naar zijn interplanetaire muze zal reizen. De Space Administration zal het gedicht mee laten reizen op de Europa Clipper , een onbemand ruimtevaartuig dat in de herfst van 2024 in de baan van Jupiter zal worden gelanceerd om wetenschappelijke observaties uit te voeren. Leuk weetje: iedereen heeft ook de mogelijkheid om een naam toe te voegen aan de ‘boodschap in een fles’ op de website van NASA, die samen met het gedicht van Limón in het ruimtevaartuig zal worden geëtst.

De Clipper zal een afstand van 3,5 miljard kilometer afleggen en in 2030 op zijn bestemming aankomen. Wetenschappers geloven dat zich onder het ijskoude oppervlak van Europa water bevindt, en mogelijk de omstandigheden om leven mogelijk te maken. Limón zinspeelt hierop in haar vrije vers en schrijft: “En het is niet de duisternis die ons verenigt, niet de koude afstand van de ruimte, maar het offer van water, elke druppel regen.”

Ada Limón werd in 2022 door de Librarian of Congress uitgeroepen tot de 24e Poet Laureate van de Verenigde Staten . Dit maakte haar de eerste Latina die Poet Laureate (zeg maar dichter des vaderlands) van de Verenigde Staten werd. Limón debuteerde in 2005 met de bundel ‘Lucky Wreck’  welke door Jean Valentine (Poet Laureate van 2008-2010) gekozen als winnaar van de Autumn House Poetry Prize in 2005, terwijl haar tweede bundel ‘This Big Fake World’ , de winnaar werd van de Pearl Poetry Prize in 2006.

.

In Praise of Mystery: A Poem for Europa

.

Arching under the night sky inky

with black expansiveness, we point

to the planets we know, we

.

pin quick wishes on stars. From earth,

we read the sky as if it is an unerring book

of the universe, expert and evident.

.

Still, there are mysteries below our sky:

the whale song, the songbird singing

its call in the bough of a wind-shaken tree.

.

We are creatures of constant awe,

curious at beauty, at leaf and blossom,

at grief and pleasure, sun and shadow.

.

And it is not darkness that unites us,

not the cold distance of space, but

the offering of water, each drop of rain,
.

each rivulet, each pulse, each vein.

O second moon, we, too, are made

of water, of vast and beckoning seas.
.

We, too, are made of wonders, of great

and ordinary loves, of small invisible worlds,

of a need to call out through the dark.

.

 

Mond vol dobbelstenen

Tonnus Oosterhoff

.

De clubkeuze van poëziemagazine Awater 2024/2  is dit keer de bundel ‘Mond vol dobbelstenen’ van Tonnus Oosterhoff (1953) over wie ik al eerder hier, hier en hier schreef. Op de website Tzum schrijft Erik-Jan Hummel over deze nieuwe bundel van Oosterhoff: “Het helpt denk ik om bij het lezen van ‘Mond vol dobbelstenen’, tenminste bij een eerste lezing, een innerlijke criticus, een betekenisjager, te negeren. Lees de bundel in één keer uit, en laat je overweldigen. De bundel zelf lijkt ook precies die aanwijzing te geven: een inhoudsopgave ontbreekt, en zijn geen afdelingen, geen verantwoording.’

Die zelfde ervaring had ik bij het lezen van de bundel. Steeds ben je op zoek naar een betekenis, een lijn, haakjes waaraan je je leeservaring kunt ophangen voor een beter begrip van de gedichten. Maar die haakjes en betekenissen vind ik niet/. Waardoor de gedichten op zichzelf genoten en beoordeeld moeten worden. Niet om wat er mogelijk zou kunnen staan maar op wat er staat. En dat is zo nu en dan mysterieus genoeg.

Voor een beginnend poëzielezer misschien een brug te ver, voor een ervaren poëzielezer een traktatie. Zoals het gedicht zonder titel (in de bundel staan drie gedichten met een titel) op pagina zeven.

.

Het kleinste wat jij ziet is daarmee

het allerkleinste ter wereld,

het zachtste wat je hoort

het kleinste gerucht dat bestaat.

De ladder naar de maan is

net niet hoog genoeg. Je hand

op haar leggen, wat scheelt het?

Een velletje vershoudfolie.

De ontelbaarheid van de sterren

raakt aan hun telbaarheid.

.

Omkeren is de rug leegmaken,

liggen is de hoogte weg.

.

De afdaling in de omarming

de spiraal de omknelling in.

.

 

Poetry International

Alfred Schaffer

.

Afgelopen donderdag was ik bij de opening van het Poetry International 2024 festival. Een keur aan boeiende, interessante, verrassende en prachtige dichters gaf daar acte de présence. In tegenstelling tot vorig jaar was er dit keer niet een dichter die er meteen uitsprong voor me al vond ik de IJslandse schrijver, dichter en theatermaker Eva Rún Snorradóttir (1982) wel bijzonder.

Naast vele buitenlandse dichters waren ook een aantal Nederlandse dichters aanwezig zoals de dichter des vaderlands Babs Gons, Lieke Marsman, Neeltje Maria Min en Alfred Schaffer (1973). Die laatste dichter kwam ik al bladerend tegen in ‘Het liegend konijn’ oktober 2005 met het gedicht ‘Waar is iedereen gebleven?’. Een vraag die hij zeker afgelopen donderdag niet hoefde te stellen, de grote zaal van het Zuidpleintheater in Rotterdam zat vol.

Poetry International is vandaag voor het laatst dus grijp je kans en laat je onderdompelen in een zee van internationale dichters en poëzie. En als je er dan toch bent neem dan een kijkje bij boekhandel Bosch & de Jong. Voor een dichtbundel of editie 21 of 22 van MUGzine.

Van Alfred Schaffer hier het gedicht ‘Waar is iedereen gebleven?’.

.

Waar is iedereen gebleven?

.

Ik ben direct gekomen, op een scooter reed ik langs zee,

nu wil ik weten of ik blijven mag, of je kan overleven in het wild.

.

Antwoord is uitgesloten, geen gezellige middagen hier

in de zevende hemel – een vette streep door je authenticiteit.

Waar waterijsjes smelten, waar gangsters nog op gangsters lijken.

.

Dit riekt naar hoogmoed maar medelijden klinkt beter.

Alles gereduceerd tot een luchtfoto hoor ik je zachtjes zingen,

hoe je geheugen een model bouwt van de wereld.

.

Wie ben jij nog, hoe slik ik mijn woorden in?

Je komt nergens meer vandaan, van je nabijheid weet ik niets,

hoe zou ik je dan kunnen missen?

.

Altijd moeilijk zo’n gedicht, je hebt ruim baan zolang je in het

                                                     ongewisse blijft.

Print de hele handel uit en trots aan mammie laten zien.

.