Site-archief

Aanklacht tegen de oorlog

Dichter in verzet

.

Nu de hele wereld in rep en roer is om de gifgasaanval in Syrië wordt her en der ook teruggekeken naar gifgasaanvallen in het verleden. Gifgas werd niet voor het eerst in de eerste wereldoorlog gebruikt, maar al in de tijd van de oudheid. De Perzen zouden tijdens een beleg van de plaats Dura aan de rivier de Eufraat de Romeinen hebben vergiftigd met pek en zwavel in het jaar 256. De eerste grote gifgasaanvallen echter (chemische wapens) stammen uit de eerste wereldoorlog.

De dichter Wilfred Owen (1893 – 1918) wordt gezien als één van de grootste Engelse dichters van de eerste wereldoorlog (War poets). Hij werd beroemd door zijn oorlogspoëzie waarin de loopgraven en de gifgasaanvallen een grote rol speelden. In 1915 meldde Owen zich, voornamelijk uit romantische overwegingen, als vrijwilliger aan bij het leger. In januari 1917 werd hij, toegevoegd aan The Manchester Regiment. Na een aantal traumatische ervaringen (zo zat hij 3 dagen vast in een bomkrater) werd hij met een shellshockdiagnose naar huis gestuurd en opgenomen in het Craiglockhart War Hospital in Edinburg. Het was daar dat hij Siegfried Sassoon ontmoette.

Owen sneuvelde op  4 november 1918 tijdens een actie bij het  Sambre -Oise kanaal, een week voor het tekenen van de wapenstilstand.

Owen voelde zich al op jeugdige leeftijd aangetrokken tot de dichtkunst, voornamelijk door zijn fascinatie voor het werk van John Keats, wiens invloed merkbaar aanwezig is in zijn vroege werk. Zijn poëzie veranderde sterk tijdens zijn verblijf in Craiglockhart. Als onderdeel van zijn therapie werd Owen, door zijn behandelend arts, aangemoedigd zijn ervaringen in Frankrijk om te zetten in gedichten.  Sassoons invloed bestond vooral uit het stimuleren van een andere stijl en inhoud van de gedichten. Owen nam vooral Sassoons satire en realisme over. Er zijn verscheidene handgeschreven manuscripten van Owen’s werk bekend, compleet met Sassoon’s commentaar.

De grootste bijdrage aan Owens roem door Sassoon is waarschijnlijk de promotie van diens werk geweest, zowel voor als na zijn dood. Sassoon was een van Owens eerste redacteuren, al tijdens hun verblijf in Craiglockhart.

Een beroemd gedicht van Owen over de gifgasaanvallen lijkt een aanklacht tegen gifgas maar in feitelijk een aanklacht tegen de oorlog of zoals een commentator Say Tan het omschrijft: “Owen is saying, basically, that if the kind of “patriots” who always think war is somehow “noble” actually heard the blood gurgling in a dying man’s lungs as it frothed up out of his mouth, they might not think war was such a glorious thing after all, and they might realize there is nothing “fitting and sweet” about dying for a country.”

.

Dulde et Decorum Est.

Bent double, like old beggars under sacks,
Knock-kneed, coughing like hags, we cursed through sludge,
Till on the haunting flares we turned out backs,
And towards our distant rest began to trudge.
Men marched asleep. Many had lost their boots,
But limped on, blood-shod. All went lame, all blind;
Drunk with fatigue; deaf even to the hoots
Of gas-shells dropping softly behind.

.

Gas! GAS! Quick, boys!–An ecstasy of fumbling
Fitting the clumsy helmets just in time,
But someone still was yelling out and stumbling
And flound’ring like a man in fire or lime.–
Dim through the misty panes and thick green light,
As under a green sea, I saw him drowning.

.

In all my dreams before my helpless sight
He plunges at me, guttering, choking, drowning.

.

If in some smothering dreams, you too could pace
Behind the wagon that we flung him in,
And watch the white eyes writhing in his face,
His hanging face, like a devil’s sick of sin,
If you could hear, at every jolt, the blood
Come gargling from the froth-corrupted lungs
Bitter as the cud
Of vile, incurable sores on innocent tongues,–
My friend, you would not tell with such high zest
To children ardent for some desperate glory,
The old Lie: Dulce et decorum est
Pro patria mori.

 

Owen

Met dank aan Wikipedia en Poetseers.org

Women Write Resistance

Dichters in verzet

.

Laura Madeline Wiseman is docente Engelse literatuur en dichter uit Nebraska Lincoln. Zij heeft sinds 2010 zeven poëziebundels uitgebracht waaronder ‘Women write resistance; Poets Resist Gender Violence’ (Hyacinth Girl Press, 2013).  In deze bloemlezing wordt poëzie beschouwd als transformerende kunst. Meer dan 100 Amerikaanse vrouwelijke dichters maken het geweld in de Amerikaanse cultuur tegen vrouwen,  in geschreven woord zichtbaar. Een kritische inleiding gaat de gedichten vooraf waarin het intellectuele werk van deze dichters zichtbaar wordt, hoe zij de stilte verbreken, hoe zij verstorend werken en hoe zij hun boosheid strategisch inzetten voor verandering. Women write resistance onderscheidt zich door een overtuigende retoriek die de lezer vraagt vooral te handelen.

In deze bloemlezing onder andere werk van Alicia Ostriker, Maureen Seaton, Judy Grahn, Hadara Bar-Nadav, Ellen Bass, Kristy Bowen, Allison Hedge Coke, Jehanne Dubrow, Leslie Adrienne Miller, Khadijah Koningin, Hilda Raz, Evie Shockley, Margo Taft Stever, Judith Vollmer, Rosemary Winslow, Shevaun Branigan en veel, veel meer

Meer informatie over Laura Madeline Wiseman en haar werk kun je vinden op http://www.lauramadelinewiseman.com/

.

Uit het gedicht  “Why My Mother is Afraid of Heights” van Shevaun Branigan

.

When he held her by her ankles

upside down on the roof

like she was

a bird he was plucking

.

I wish he doesn’t drop me

I wish this hadn’t

happened,

this being

the molesting, the threats, then

– to come –

the disbelief,

when the girl came forward and said

he made me

touch him,

and she, my mother said, me too,

they told her she was

a naughty girl who just wanted attention

Women

Salma,dichter in verzet

Salma, Tamil dichter

.

Salma (geboren als Rokkiah) kwam in 1968 ter wereld in een traditioneel Tamil gezin. Na haar 13e  mocht, volgens gebruik in haar dorp, als meisje geen onderwijs meer volgen. Thuis bleef ze echter stiekem lezen en voor zichzelf schrijven. Op haar 20ste trouwde ze en ook in haar huwelijk bleef ze in het geniep gedichten schrijven . Onder de schuilnaam Salma smokkelde ze haar gedichten naar de buitenwereld en kreeg ze in de literaire Tamil wereld een goede naam.  Samen met haar moeder ijverde ze voor publicatie van haar gedichten zonder dat haar familie dit wist. Ze bleef anoniem tot de plaatselijke Pancayat (lokaal zelfbestuur) verkiezingen. Na verkozen te zijn groeide haar zelfvertrouwen en werd langzaam duidelijk dat zij Salma was.

De taal van haar poëzie werd gevormd door de acute eenzaamheid. Gevoelens die niet konden worden gedeeld met iedereen creëerde een taal van intensiteit. Tegenwoordig is Salma een beroemd dichter en voorvechtster van vrouwenrechten.

Hieronder twee gedichten van haar hand in het Engels.

.

Evil

The streets of the city
where deceit has spread.
Heat floats inside the bus.
Amidst the sweltering bodies,
a penis probes me.
Like evil,
sprouted, swelled
somewhere.

.

Perspective

I stand upside down
and comb my hair.
I cook topsy-turvy,
and eat thus, too.
I sit inverted on my haunches
to feed my child;
heels upward,
I read my books.
Upside down,
I gaze at myself.

Terrified, stunned, and staring at me,
a bat,
hanging ripe on the tree in the garden.

.

Meer gedichten van Salma lees je op: http://www.caravanmagazine.in/poetry/four-poems

.

Salma

Nelson Mandela en Ingrid Jonker

Dichter in verzet

.

Zuid Afrika heeft een lange geschiedenis van dichters in verzet. In verzet tegen de Apartheid.

Toen Nelson Mandela in 1994, na de opheffing van de Apartheid, het eerste democratische parlement van Zuid Afrika opende, las hij het gedicht ‘Die kind’ of  ‘The child’ van Ingrid Jonker voor. Ingrid Jonker schreef dit gedicht naar aanleiding van het bloedbad dat de Zuid Afrikaanse politie aanrichtte in de township van Sharpeville in 1960. Meer dan 20.000 inwoners van Sharpeville demonstreerden tegen de pasjeswetten die hen belemmerden in hun bewegingsvrijheid en hen verplichtten om op vordering hun identiteitsbewijs te tonen. De demonstratie was georganiseerd door het Pan-Afrikaans Congres. De politie schoot op de demonstranten, waardoor 59 doden en vele gewonden vielen.

.

The child that died at Nyanga

 .

The child is not dead

The child lifts his fist against his mother

Who shouts Africa! Shouts the breath

Of freedom and the veld

In the shanty-towns for the cordoned heart

.

The child lifts his fist against his father

In the march of the generations

Who are shouting Afrika! Shout the breath

Of righteousness and blood

In the streets of his embattled pride

.

The child is not dead

Not at Langa nor at Nyanga

Nor at Orlando nor at Sharpeville

Nor at the police station in Philippi

Where he lies with a bullet through his head

.

The child is the shadow of the soldiers

On guard with their rifles saracens and batons

The child is present at all assemblies and legislation

The child peers through the windows of houses and into the hears of mothers

This child who just longed to play in the sun at Nyanga is everywhere

The child grown into a man treks on through all Africa

The child grown into a giant journeys over the whole world

.

Carrying no pass

.

 “Rebel SA Poet Writes of Sharpeville, Orlando, Langa …”, Drum, May 1963. Translation from the original Afrikaans by Jack Cope

 .

Wil je de opname horen van Nelson Mandela die het gedicht voorleest tijdens de opening van het eerste democrtaische parlement van Zuid Afrika ga dan naar: http://www.youtube.com/watch?v=9zMwdBX1V_8

 .

 nelson-mandela
ingrid
Voor degene die ook de Afrikaanse versie of de Nederlandse versie willen lezen: http://www.muurgedichten.nl/jonker.html#.UaxrB2gjwe0.facebook
(met dank aan Frans Roesink)

Todesfuge

Paul Celan

.

In de geest van bevrijdingsdag en de dodenherdenking las ik enkele gedichten over de tweede wereldoorlog. Een van die gedichten was een vertaling van een een gedicht van Paul Celan. Het gedicht Todesfuge (of in de vertaling Sirene) is één van de meest indringende gedichten die ik ooit las over de Holocaust en de verschrikkingen in de concentratiekampen.

Paul Celan (1920–1970, geboortenaam: Paul Antschel), is een Roemeense dichter van Joodse afkomst. Celan beheerste meerdere talen, en schreef zijn gedichten in het Duits. In 1942 werden zijn ouders vanuit hun Roemeense geboorteplaats Czernowitz gedeporteerd naar een concentratiekamp. Zijn vader stierf in dat kamp aan een ziekte, en zijn moeder werd doodgeschoten. De jonge Celan werd van 1942 tot 1943 in werkkampen in Roemenië ondergebracht, waar hij dwangarbeid voor de Duitsers moest verrichten. Celan zelf overleefde dit werkkamp en schreef in 1944/1945 het gedicht Todesfuge.

Celan wordt algemeen beschouwd als een der grootste dichters van de tweede helft van de twintigste eeuw. Hij schreef, beïnvloed door het symbolisme en het surrealisme, gedichten waarin hij op zijn eigen wijze zijn ervaringen met de Holocaust verwerkte.

.

Op http://www.academia.edu/1624904/Het_fuga-motief_in_Paul_Celans_Todesfuge_en_de_representatie_van_de_Holocaust staat naast een uitgebreide beschrijving van het gedicht ook een thematische analyse van Anne van der Horst, die ik kan aanbevelen te lezen. Wie het gedicht in de oorspronkelijke taal wil lezen kan terecht op http://www.celan-projekt.de/hausarbeit-todesfuge.html

.

Sirene

.

Zwarte melk van de vroegte we drinken haar ’s avonds
we drinken haar ’s middags en ’s morgens we drinken haar ’s nachts
we drinken en drinken
we graven een graf in de lucht daar ligt men niet krap
Er woont een man in dit huis
hij speelt met de slangen hij schrijft
hij schrijft als het schemert naar Duitsland je goudblonde haar Margarete
hij schrijft het en komt uit z’n huis en de sterren beginnen te flonkeren hij fluit z’n honden naar buiten
hij fluit z’n joden naar voren beveelt ze een graf in de aarde te graven
hij beveelt ons speel dat de dans kan beginnen

.

Zwarte melk van de vroegte we drinken je ’s nachts
we drinken je ’s morgens en ’s middags we drinken je ’s avonds
we drinken en drinken
Er woont een man in dit huis hij speelt met de slangen hij schrijft
hij schrijft als het schemert naar Duitsland je goudblonde haar Margarete
Je asgrauwe haar Sulamith we graven een graf in de lucht daar ligt men niet krap

.

Hij roept steek dieper de grond in jullie hier jullie daar zing en speel
hij rukt aan het staal van z’n riem hij zwaait het z’n ogen zijn blauw
steek dieper de spaden blijf spelen opdat men zal dansen

.

Zwarte melk van de vroegte we drinken je ’s nachts
we drinken je ’s middags en ’s morgens we drinken je ’s avonds
we drinken en drinken
er woont een man in dit huis je goudblonde haar Margarete
je asgrauwe haar Sulamith hij speelt met de slangen
Hij roept speel de dood eens wat zoeter de dood is een meester uit Duitsland
hij roept strijk de violen wat triester dan stijg je als rook naar de hemel
dan krijg je een graf in de wolken daar ligt men niet krap

.

Zwarte melk van de vroegte we drinken je ’s nachts
we drinken je ’s middags de dood is een meester uit Duitsland
we drinken je ’s avonds en ’s morgens we drinken en drinken
de dood is een meester uit Duitsland en blauw zijn z’n ogen
hij raakt je met kogels van lood hij staat onbewogen
er woont een man in dit huis je goudblonde haar Margarete
hij hitst z’n bloedhonden tegen ons op hij schenkt ons een graf in de lucht
hij speelt met de slangen en droomt dat de dood is een meester uit Duitsland

.

je goudblonde haar Margarete
je asgrauwe haar Sulamith

.

Vertaling Peter Nijmeijer

paul

Verzet begint niet met grote woorden

Dichter in verzet

.

Ik ben al lang een liefhebber van de poëzie van Remco Campert (1929). Toen ik het onderstaande gedicht van hem las moest ik meteen aan de rubriek Dichter in verzet denken. Aan de ene kant omdat ik deze rubriek ooit ben begonnen met één van de belangrijkste verzetsgedichten die de Nederlandse geschiedenis kent van de vader van Remco (zie mijn post van 13 februari 2013 over het gedicht ‘De achttien doden’ van Jan Campert) en aan de andere kant om de laatste zinnen uit dit bijzondere gedicht. ‘Jezelf een vraag stellen / daarmee begint verzet / en dan die vraag aan een ander stellen’.  Zo kernachtig en mooi verwoord, zo’n gedicht hoort in deze rubriek.

.

Verzet begint niet met grote woorden

 .

Verzet begint niet met grote woorden
maar met kleine daden
zoals storm met zacht geritsel in de tuin
of de kat die de kolder in zijn kop krijgt
.
zoals brede rivieren
met een kleine bron
verscholen in het woud
.
zoals een vuurzee
met dezelfde lucifer
die een sigaret aansteekt
.
zoals liefde met een blik
een aanraking iets dat je opvalt in een stem
.
jezelf een vraag stellen
daarmee begint verzet
.
en dan die vraag aan een ander stellen

.

remco

Havel en Hoop

Dichters in verzet

.

Václav Havel ( 1936 – 2011) zat als schrijver en dissident tussen 1970 en 1989 drie keer gevangen (in totaal 5 jaar). Havel was als schrijver in 1977 één van de grondleggers van Charta 77, een beweging die de Tsjecho-Slowaakse overheid wees op schendingen van mensenrechten.  Na de fluwelen revolutie werd Havel tot president van Tsjecho-Slowakije (1990) en Tsjechië (1992) gekozen. In de periode tussen 1970 en 1989 schreef hij het onderstaande gedicht.

.

‘Hoop’

.

Diep in onszelf dragen we hoop:
als dat niet het geval is,
is er geen hoop.

.

Hoop is de kwaliteit van de ziel
en hangt niet af
van wat er in de wereld gebeurt.

.

Hoop is niet voorspellen of vooruitzien.
Het is een gerichtheid van de geest,
Een gerichtheid van het hart,
voorbij de horizon verankerd.

.

Hoop
in deze diepe en krachtige betekenis
is niet hetzelfde als vreugde
omdat alles goed gaat
of bereidheid je in te zetten
voor wat succes heeft.

.

Hoop is ergens voor werken
omdat het goed is,
Niet alleen omdat het kans van slagen heeft.

.

Hoop is niet hetzelfde als optimisme,
evenmin de overtuiging
dat iets goed zal aflopen.
Wel de zekerheid dat iets zinvol is
afgezien van de afloop,
het resultaat.

.

havel

 

 

Dichter in verzet

Guillaume van der Graft

.

Willem Barnard (1920 – 2010) was theoloog, schrijver en dichter en publiceerde onder de naam Guillaume van der Graft. In het gedicht ‘Tegen de ketterij der straaljagers’ uit de bundel ‘Vogels en vissen’ (1954) deelt hij zijn zorgen over het milieu en de natuur met de lezer. Het is als het ware een oproep aan de mensheid om tot inkeer en protest te komen tegen de genoemde misstanden.

.

TEGEN DE KETTERIJ DER STRAALJAGERS
Laten de vogels protesteren
tegen de branding tegen het schuim
tegen de vliegende vissen
.
laten de vogels protesteren
tegen de opgezette vogels
tegen de vogelschemering
.
laten de vogels protesteren
geen voedsel meer zoeken, geen nesten meer bouwen
zodat het geen lente meer wordt
.
laten de vogels niet meer drinken
uit de liederenfontein
die ze aan hun snavels zetten
.
laten de vogels zich verschuilen
in de nesten van het donker
laten ze zweetdroppels worden
in de oksels van de nacht
.
laten de vogels ghandibeesten
monniken van assisi zijn
.
en laten de mensen zich bekeren
met hun woorden slaan van woede
dat de vogels niet meer broeden
met hun hart slaan van verdriet
dat de hemel stroomgebied
van de diepzee is geworden
.
laten de mensen protesteren
met hun armen vol met veren
en een brok zon in hun keel.

.

Guillaume

 

Met dank aan Wikipedia.

Louis Aragon

1897 – 1982

.

Louis Aragon was behalve dichter ook romanschrijver, journalist en essayist. Samen met André Breton en Philippe Soupault was hij een van de grondleggers van de surrealistische beweging. Ook was hij een vertegenwoordiger van het socialistisch realisme.

In 1919 verscheen het tijdschrift Littérature van Breton, Soupault en hem als spreekbuis van het Dadaïsme. Dit tijdschrift evolueerde echter vrij snel in een tijdschrift over het surrealisme.

Zijn engagement bij de oprichting van het surrealisme kan worden begrepen vanuit zijn persoonlijke ervaringen in de eerste wereldoorlog en als een verwerping van een maatschappij waarvan de onrechtvaardigheid en andere misstanden hem tegen de borst stuitten.

In 1927 werd hij lid van de Franse communistische partij. Tot zijn dood in 1982 zou hij hiervan lid blijven. In het begin van de tweede wereldoorlog werd hij krijgsgevangen genomen maar wist hij te ontsnappen naar het vrije zuiden van Frankrijk.

In september 1940 werd de Liste Otto gepubliceerd, een lijst van werken die de Duitse overheid verboden waren. Hierop stonden ook enkele van Aragons werken, zoals Les Cloches de Bâle en Pour un réalisme socialiste. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Aragon een van de weinige schrijvers die openlijk partij kozen voor het verzet tegen het nazisme.

Samen met Elsa Triolet organiseerde hij ook het Front National des écrivains. Deze steun aan het verzet kwam ook tot uiting na de afloop van de oorlog, onder andere in zijn gedicht L’Affiche rouge uit 1954, waarin hij de rol van de buitenlanders in het Verzet beschrijft.

Hieronder het gedicht Ik protesteer van Aragon in een vertaling van Ernst van Altena.

.

Ik protesteer

tegen pest, plaag en schavot,

tegen liefde die belust

wordt gemarteld en geblust,

tegen lippen ongekust,

tegen ’t lichaam dat verrot,

protesteer ik

.

tegen leven zonder licht,

’t zogenaamde ‘natuurlijk’ sterven

na de strijd, de twist, de scherven

die hun diepe nerven kerven

in ons kinderlijk gezicht,

protesteer ik

,

tegen lamgeslagen botten,

tegen pijnlijk barensleed,

dorrend land in rouw gekleed,

zang, gesmoord tot bange kreet,

protesteer ik

.

tegen wat men met ons doet,

wij die alles zomaar slikken

en terwijl we heden stikken

op een betere morgen mikken

knielend aan de heerservoet,

protesteer ik

.

tegen ‘t kwaad als goed verpakt

dat men ons als lokaas laat.

(wordt het dan een goede daad

als men sneuvelt voor het kwaad?)

tegen wie ons zo verlakt

protesteer ik

.

ja, uit naam van hoger zaken

protesteer ik tegen ’t feit

dat het arme vee misleid

zich ter slachtbank voorbereidt.

met opeengeklemde kaken

protesteer ik

.

louis

Meer informatie over Louis Aragon op Wikipedia.com

Een nieuwe lente

Een nieuwe rubriek: Dichter in verzet

.

Op de vraag ” Over welk onderwerp in relatie tot poëzie zou ik op mijn blog kunnen schrijven?” kreeg ik van Blauwkruikje2.wordpress.com het antwoord ‘De dichter en zijn verzet tegen…’

Eerlijk gezegd vind ik dat een hele goede suggestie. De geschiedenis kent vele dichters en  tekstdichters die zich op de een of andere manier ergens tegen verzetten.

Daarom een nieuwe rubriek ‘Dichters in verzet’ waarin ik voorbeelden ga behandelen van dichters die zich middels hun poëzie verzetten tegen onrecht.

Denkend over deze rubriek kwam meteen een gedicht en een dichter naar boven. De achttien dooden van Jan Campert.

Jan Remco Theodoor Campert (1902 -1943) was journalist, schrijver, dichter en verzetsman. Jan Campert is bekend geworden door zijn gedicht De achttien dooden, dat hij schreef naar aanleiding van de aangekondigde executie van vijftien verzetslieden van de Geuzengroep en drie communistische Februaristakers in maart 1941.

..

De Achttien Doden

.

Een cel is maar twee meter lang
En nauw twee meter breed,
Wel kleiner nog is het stuk grond
Dat ik nu nog niet weet,
Maar waar ik naamloos rusten zal,
Mijn makkers bovendien,
Wij waren achttien in getal,
Geen zal de avond zien.
.
O lieflijkheid van lucht en land
Van Hollands vrije kust –
Eens door de vijand overmand
Vond ik geen uur meer rust.
Wat kan een man, oprecht en trouw,
Nog doen in zulk een tijd?
Hij kust zijn kind, hij kust zijn vrouw
En strijdt de ijd’le strijd.
.
Ik wist de taak, die ik begon,
Een taak van moeiten zwaar,
Maar ’t hart, dat het niet laten kon,
Schuwt nimmer het gevaar;
Het weet hoe eenmaal in dit land
De vrijheid werd geëerd,
Voordat een vloek’bre schennershand
Het anders heeft begeerd.
.
Voordat die eden breekt en bralt
Het misselijk stuk bestond
En Hollands landen binnenvalt
En brandschat zijne grond;
Voordat die aanspraak maakt op eer
En zulk germaans gerief
Een land dwong onder zijn beheer
En plunderde als een dief.
.
De rattenvanger van Berlijn
Pijpt nu zijn melodie;
Zo waar als ik straks dood zal zijn
De liefste niet meer zie
En niet meer breken zal het brood
En slapen mag met haar –
Verwerp al wat hij biedt of bood,
De sluwe vogelaar!
.
Gedenk, die deze woorden leest
Mijn makkers in de nood,
En die hun nastaan ’t allermeest,
In hunne rampspoed groot,
Gelijk ook wij hebben gedacht
Aan eigen land en volk,
Er komt een dag na elke nacht,
Voorbij trekt ied’re wolk.
.
Ik zie hoe ’t eerste morgenlicht
Door ’t hoge venster draalt –
Mijn God, maak mij het sterven licht,
En zo ik heb gefaald,
Gelijk een elk wel falen kan,
Schenk mij dan Uw genâ,
Opdat ik heenga als een man
Als ‘k voor de lopen sta…

.

jan_campertde_achtien_doden_campert_1024

 

Met dank aan: http://www.verzetsmuseum.org