Site-archief

Levensverhaal

Peter Ghyssaert

.

Het gebeurt steeds minder vaak dat ik een nieuwe dichter ontdek die ik niet ken. Tenzij deze uit het niets of debuterend als jong of nieuw talent zich aandient uiteraard. Nee, het betreft hier dichters die al enige tijd meelopen of soms al zijn overleden maar waar ik nog nooit tegen aan ben gelopen.

Zo’n dichter is Peter Ghyssaert (1966) en dat ik zijn naam nu pas leer kennen is vreemd want hij heeft al een behoorlijke staat van dienst. Zo werd zijn werk tweemaal genomineerd voor de VSB Poëzieprijs (‘Kleine lichamen’ uit 2oo5 en ‘Ezelskaakbeen’ uit 2011) , was hij te gast op onder meer Poetry International, Dichter aan Huis, Nacht van de Poëzie en de Maastricht International Poetry Nights.

Deze Vlaamse dichter en musicus studeerde muziekgeschiedenis, viool en kamermuziek aan de conservatoria van Brussel en Antwerpen. Als dichter debuteerde hij in 1991 met de bundel ‘Honingtuin’ en publiceerde sindsdien nog acht dichtbundels, de laatste in 2018 met de wonderlijke titel ‘Laiwarikon’.

Zijn werk werd meermaals bekroond, met onder andere de Poëzieprijs De Vlaamse Gids en de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs voor ‘Cameo’ (1993) en de Poëzieprijs Antwerpen voor ‘Sneeuwboekhouding’ (1995). Ook verscheen zijn werk in literaire tijdschriften als  Hollands Maandblad, Maatstaf, De Revisor, Tirade, Dietsche Warande & Belfort, Nieuw Wereldtijdschrift en De Vlaamse Gids.

De jury van de VSB Poëzieprijs schreef over zijn poëzie: Doorgaans wordt de poëzie van Ghyssaert geplaatst in de traditie van het estheticisme en de decadentie, zoals die in het fin de siècle gestalte kreeg. Zijn gedichten hebben iets kunstmatigs, maar zonder dat ze daardoor aan natuurlijkheid verliezen. Zijn thematiek is de voornaamste reden om hem decadent te noemen. In zijn gedichten is een obsessieve aandacht voor dood en verval waar te nemen. In de werkelijkheid ziet hij vooral aftakeling, degeneratie en het zieke. Het beschrijven daarvan heeft bij hem een bezwerend karakter.

De zaken die de jury van de VSB Poëzieprijs hierboven benoemen komen terug in het gedicht dat ik uitkoos met de titel ‘Levensverhaal’. Dit gedicht komt uit de bundel ‘Jubileum en andere gedichten’ uit 1997.

.

Levensverhaal

.

Toen hij geboren was begon het al:

zijn moeder had de bijsluiter verloren.

.

Nooit wist hij waartoe dit

of dat dienen moest. Hoewel

hij toch kan raden

liep het steeds verkeerd.

.

Zijn vrienden durfde hij niets vragen:

in hun jeugd hadden die goed

hun eigen voorschriften gelezen

en die toen verbrand.

.

Iedereen hield alles maar geheim

en deed volmaakt wat hij hij niet kon;

ze lachten hem al op de speelplaats uit:

.

een tegenstrijdigheid, verlamd

en huilend in de zon.

.

Het licht

Don Paterson

.

De in 1963 geboren Don Paterson is een Schots dichter, schrijver en (jazz) muzikant. Hij debuteerde in 1993 met de bundel ‘Nil Nil’ waar hij de Forward poëzieprijs won voor het beste debuut. In 1997 volgde zijn tweede bundel ‘God’s Gift to Women’ en daar ontving hij de TS Eliot Prize en de Geoffrey Faber Memorial Prize voor. Zijn gedichtenbundel ‘Landing Light’ (2003) won zowel de TS Eliot-prijs en de Whitbread Poëzieprijs 2003. Paterson is geen veelschrijver maar wat hij schrijft valt erg in de smaak.

Naast eigen dichtbundels was hij redacteur van ‘101 Sonnets: From Shakespeare to Heaney’ (1999) en stelde hij bloemlezingen samen van het werk van Robert Burns (2001) en de bundel ‘New British Poetry’ samen met Charles Simic (2004). Daarnaast schrijft hij literaire kritieken en aforismen.

Hoewel Don Paterson sinds het begin van de jaren negentig als schrijver werkt, verliet hij aanvankelijk de school om een ​​carrière in de muziek na te streven. Hij verhuisde in 1984 naar Londen, nam wat lessen van gitarist Derek Bailey en toerde, en nam muziek op, met Ken Hyder’s Talisker. Hij heeft ook toneelmuziek (en drama) geschreven voor radio en toneel, en een aantal verschillende jazz- en ‘straight’-ensembles.

Hij heeft ook enige tijd als recensent van videogames voor de Times gewerkt. Maar hij is ook geïnteresseerd in taalkundige en cognitieve benaderingen van ars poetica, en er komt een uitgebreid werk over poëtische theorie,  ‘The Poem: Lyric, Sign, Metre’ .

In 2005 nam samensteller Daan Bronkhorst het gedicht ‘Het licht’ van Paterson op in de bundel ‘Zo’n gelukkige dag’ Dichters voor Amnesty International. Het gedicht komt uit de bundel ‘In zo’n intieme ballingschap’ uit 2004 in een vertaling van Jan Eijkelboom.

.

Het licht

.

Toen ik het bed bereikte was hij al blind.

Dertien jaren gingen voorbij, toch was mijn geest

nog even donker als op de dag van mijn wijding.

Nu was ik schaamteloos. Ik vroeg hem om het licht.

‘Is ons dat niet geleerd, dat alles ijdel is?

En besefte je niet hoe waar dat is?

Er is geen licht, domoor. Dringt dat nu tot je door?

En hij lachte, en verliet ons toen. Ik was gebroken.

.

Ik ging naar mijn kamer om mijn spullen in te pakken,

mijn bedelnap, mijn mantel en kom; de bidmat

wilde ik achterlaten. Die nacht daar, rafelig en omlijst

in een vierkante late zon. En puur uit gewoonte-

nee, minder, uit niets want ik was het niet meer-

zag ik mijzelf zitten voor één laatste keer.

.

 

Een absolute mus

Yvonne Kroonenberg

.

In 2009 was het thema van de Boekenweek ‘Tsjilp Tsjilp, de literaire ZOO’, ik schreef destijds naar aanleiding van dit thema het gedicht ‘Mus’. In het kader van de Boekenweek verscheen toen ook het bijzonder amusante boek ‘Een absolute mus, mussenwoorden in tekst en tekening’, samengesteld door Peter Müller en Bert Keizer. In dit boek worden allerlei woorden waarin het woord mus voorkomt voorzien van een (kort) verhaal of gedicht. Zo zijn er bijdragen over Amusement, Humus, Museum, Musicus, Camus, Hypothalamus en Erasmus. Maar ook het Orgasmus wordt niet overgeslagen. Schrijfster Yvonne Kroonenberg schreef de bijdrage hierbij.

.

Orgasmus

,

Voor de mannen een makkie

voor de vrouw vaak een klus

voor beiden begeerlijk

in liefde en lust

stel je hart hart voor hem hem open

terwijl je liefste je kust

streef dan naar de

hoogste

bereikbare

Mus.

.

Dag van de Limerick

Edward Lear

Limericks worden al  heel lang en heel veel geschreven. De oudst bekende tekst in deze vorm (van 5 regels met een vrij strak metrum, twee drievoetige amfibrachen, twee regels amfibrachen en jambe en afgesloten door weer een drievoetige amfibrachys)  dateert uit de 13e eeuw en is een gebed in het latijn van Thomas Aquinas en gaat als volgt:

.

Sit vitiorum meorum evacuatio
Concupiscentae et libidinis exterminatio,
Caritatis et patientiae,
Humilitatis et obedientiae,
Omniumque virtutum augmentatio

.

In 1846 publiceert de Engelse kunstenaar, illustrator, musicus, schrijver en dichter Ewdard Lear (1812-1888)  ‘A Book of Nonsense’ met daarin light verse in de vorm van Limericks. Dit boek is zo populair dat er drie drukken van verschijnen. Edward Lear gebruikte de term Limerick overigens niet.

.

There was a young fellow named Lear
Who invented Limericks, we hear,
so now we converse
in humorous verse
on Limerick Day every year

.

Hoe deze vorm van nonsens poëzie zijn naam heeft gekregen is niet helemaal duidelijk. Wel is duidelijk dat deze verwijst naar de stad Limerick in Ierland. De eerste verwijzing naar de term Limerick komt uit 1880 uit Saint John, New Brunswick krant waar een dergelijke vorm op de wijze van een lied ‘Won’t you come to Limerick’ wordt vertolkt (destijds een zeer bekend lied).

.

There was a young rustic named Mallory,
who drew but a very small salary.
When he went to the show,
his purse made him go
to a seat in the uppermost gallery.

.

In Nederland werd de Limerick geïntroduceerd door Ko Donker in 1911 en populair gemaakt door André van Duin, die zijn Ep Oorklepshow altijd eindigde met een aantal gezongen Limericks.

.

Een volslanke dame uit Asten
Wilde niets weten van vasten.
Want zij had veel trek
In lekkere snack.
En liever de lusten dan lasten

.

Toen ik in 2014 in het plaatsje Limerick was schreef ik de volgende Limerick:

.

Op een eenzame plek* in Ierland

maakte een dichter zichzelf van kant

gestopt met het eeuwige zoeken

en omringd door heilige boeken

want je weet maar nooit waar je belandt

 

* betekenis van het woord Limerick

.

Vandaag, 12 mei, dus Limerick day of de dag van de Limerick op de dag dat Edward Lear in 1812 werd geboren.

.

limerick

Limerick-Day

Met dank aan Wikipedia