Site-archief
Britney Spears en Alicia Keys
Beroemdheden en poëzie
.
Een paar jaar geleden schreef ik al eens een bericht over een artikel in the Huffington post, dat ging over beroemdheden die gedichten schreven. Twee vrij slechte voorbeelden (Charlie Sheen en Leonard Nimoy) en een goed voorbeeld (Bob Dylan) werden daar in behandeld. Inmiddels las ik op papermag.com een nieuw artikel over ‘celebrities’ die aan het dichten geslagen waren.
Ook hier worden Charlie Sheen en Leonard Nimroy genoemd maar ook Kristen Stewart, Pamela Anderson en Britney Spears. Maar ook een mooi voorbeeld van hoe, een zangeres in dit geval, bijzonder fraaie poëzie schrijft en voordraagt (Alicia Keys).
Hier het gedicht (wat ook zomaar een liedje van haar had kunnen zijn) van Britney Spears over haar toenmalige echtgenoot Kevin Federline.
.
Remembrance of who I am
.
“The guilt you fed me
Made me weak.
The voodoo you did
I couldn’t speak.
You’re awakening
The phone is ringing.
Resurrection of my soul
The fear I’m bringing.
What will you say
And what will you do?
She’s not the same person that you’re used to.
You trick me one, twice, now it’s three.
Look who’s smiling now
Damn, it’s good to be me!”
.
Hieronder het gedicht P.O.W. (Prisoner Of Words unsaid) uit de bundel ‘Tears for water’ (songbook of poems and lyrics) uit 2005 van Alicia Keys.
.
P.O.W.
I’m a prisoner
Of words unsaid
Just lonely feelings
Locked away in my head
I trap myself further
Every time I stay quiet
I should start to speak
But I stop and stay silent
And now I’ve made
My own hard bed
Inside a prison of words unsaid
I am a P.O.W.
Not a prisoner of war
A prisoner of words
Like a soldier
I’m a fighter
Yet only a puppet
Mostly I only say
What you wanna hear
Could you take it if I came clear?
Or would you rather see me
Stoned on a drug of complacency and compromise
M.I.A.
I guess that’s what I am
Scraping this cold earth
For a piece of myself
For peace in myself
It’d be easier if you put me in jail
If you locked me away
I’d have someone to blame
But these bars of steel are of my making
They surround my mind
And have me shaking
My hands are cuffed behind my back
I’m a prisoner of the worst kind, in fact
A prisoner of compromise
A prisoner of compassion
A prisoner of kindness
A prisoner of expectation
A prisoner of my youth
Run too fast to be old
I’ve forgotten what I was told
Ain’t I a sight to behold?
A prisoner of age dying to be young
To my head is my hand with a gun
And it’s cold and it’s hard
Cause there’s nowhere to run
When you’ve caged youself
By holding your tongue
I’m a prisoner
Of words unsaid
Just lonely feelings
Locked away in my head
It’s like solitary confinement
Every time I stay quiet
I should start to speak
But I stop and stay silent
And now I’ve made
My own hard bed
Inside a prison of words unsaid
.
The Poet’s Tongue
An anthology chosen by W.H. Auden and John Garrett
.
Uit mijn boekenkast dit keer de gebonden bundel ‘The poet’s tongue’ uit 1956 uitgegeven door G. Bell & Sons ltd. en samengesteld door niemand minder dan W.H. Auden en John Garrett.
De introductie begint al gelijk veelbelovend : Of the many definitions of poetry, the simplest is still the best: ‘memorable speech’. That is to say, it must move our emotions, or excite our intellect, for only that which is moving or exciting is memorable, and the stimulus is the audible spoken word and cadence, to which in all its power of suggestion and incantation we must surrender, as we do when talking to an intimate friend.
Een mooier introductie voor het project De Poëziebus lijkt me niet te vinden (zie elders op dit blog). Maar terug naar de bundel. Een aantal uitgebreide indexen maken de bundel leesbaar en de gedichten vindbaar. Op auteur, op eerste regel en op onderwerp, zo zijn de gedichten ontsloten.
Alle grote Engelse dichters zijn vertegenwoordigd. Van William Blake, George Gordon Byron, T.S. Elliot tot Emily Dickinson en Mary Coleridge. Van Shakespeare, Yeats en D.H. Lawrence tot Robert Frost en John Milton.
Prachtig uitgegeven in een heerlijk saaie linnen kaft biedt deze bundel voor ieder wat wils. Mijn keuze is gevallen op een gedicht van een voor mij redelijk onbekende dichter A. E. Housman (1859 – 1936). Housman was een Engels klassiek geschoold geleerde en dichter. Hij werd beschouwd als een van de belangrijkste classici van zijn tijd, en behoort tot de grootste geleerden van alle tijden.
.
In valleys green and still
Where lovers wander maying
They hear from over hill
A music playing
.
Behind the drum and fife,
Past hawthornwood and hollow,
Through earth and out of life
The soldiers follow.
.
The soldiers’s is the trade:
In any wind or weather
He steals the heart of maid
And man together.
.
The lover and his lass
Beneath the hawthorn lying
Have heard the soldiers pass,
And both are sighing.
.
And down the distance they
With dying note and swelling
Walk the resounding way
To the still dwelling.
.
Panties
Gedichten op je benen
.
Bij Etsy.com, een website van creatieve ondernemers die hun waar aanbieden. Veel design en bijzondere producten zoals panty’s met poëzie en literaire teksten. Via Etsy worden verschillende panty’s in allerlei kleuren aangeboden met teksten van William Shakespeare (Romeo & Julliet), Allice in Wonderland en Jane Austen (Pride and prejudice).
De panty’s worden ontworpen door Natali Cohen van Colinedesign uit Israël.
.
Strange fruit
Seamus Heaney
.
Vandaag uit een bundel uit mijn boekenkast ‘Opened ground, poems 1966-1996’ van Seamus Heaney het gedicht ‘Strange fruit’.
.
Strange fruit
.
Here is the girl’s head like an enhumed gourd.
Oval-faced, prune-skinned, prune-stones for teeth.
They unswaddled the wet fern of her hair
and made an exhibition of its coil,
let the air at her leathery beauty.
Pash of tallow, perishable treasure:
Her broken noseis dark as a turf clod,
het eyeholes blank as pools in the old workings.
Diodorus Sicilus confessed
his gradual ease among the likes of this:
Murdered, forgotten, nameless, terrible
beheaded girl, outstaring axe
and beautification, oustaring
what had begun to feel like reverence
.
Code poetry
Code poetry challenge
.
Getipt over code poetry (artikel in de NRC Next) ging ik op zoek en ik vond op Facebook de Code poetry challenge. Deze vorm van poëzie is gebaseerd op C#, Java of C++. Er is zelfs een wedstrijd aan verbonden wie de beste gecompileerde vorm van een gedicht in een van deze programmeertalen kan maken. In hoeverre dit poëzie is, een cross-over tussen poëzie en kunst, of poëzie en visual art? Wie het weet mag het zeggen. Als rafelrandje van de poëzie vind ik het een grappige, toegepaste en ook wel enigszins obscure vorm van poëzie maar toch bevalt het me wel.
Hoe ziet zoiets er dan uit vraag je je nu vast af. Hier een aantal voorbeelden.
Gedichten voor tuiniers
Poems for gardeners
.
Van een vriendin kreeg ik de bundel ‘Poems fo gardeners’. Germaine Greer bracht gedichten over tuinen en tuinieren bij elkaar. De gedichten komen uit de klassieke oudheid tot aan de 21ste eeuw. Van Shakespeare en Anacreontea tot Alexander Pope en Louise Glück. Maar ook Cummings, Heaney en Simon Armitage.
Germaine Greer schrijft in haar inleiding: ‘Marianne Moore said that the poet’s job was to depict “imaginary gardens with real toads in them’. In truth, gardens are always imaginary because they are always the garden that you are aiming for rather than the garden you have, but the toads are real and immediate’.
Uit deze mooi vorm gegeven bundel een gedicht van Philip Larkin getiteld ‘Cut Grass’.
.
Cut grass
.
Cut grass lies frail:
Brief is the breath
Mown stalks exhale.
Long, long the death
.
It dies in the white hours
Of young-leafed June
With chestnut flowers,
With hedges snowlike strewn,
.
White lilac bowed,
Lost lanes of Queen Anne’s lace,
And that high-build cloud
Moving at summer’s pace.
.
E-Otoliths
Toby Fitch
.
Op de blog met de intrigerende naam http://the-otolith.blogspot.com.au/ (een otolith is een structuur in het binnenoor van vissen dat uit calciumcarbonaatkristallen en een gelatineuze massa bestaat), vond ik een paar voorbeelden van gedichten in vreemde vormen. De dichter en kunstenaar Toby Fitch publiceerde in 2012 het boek ‘Rawshock’ waarin een aantal voorbeelden van gedichten in bijzondere vormen staan.
Toby Fitch (geboren in Londen) groeide op in Sydney. Zijn eerste collectie gedichten in deze vorm publiceerde hij in Rawshock bij Puncher & Wattmann. In 2010 publiceerde hij bij Vagabond Press al eens een Chapbook ‘Everyday Static’ getiteld. In 2014 verscheen ook bij Vagabond press zijn laatste boek met de titel ‘Jerilderies’ . Rawshock stond op de shortlist van de Peter Porter Poetry Prize in 2012 en won de Grace Leven Prize for Poetry. Zijn poëzie werd gepubliceerd in kranten, bloemlezingen en nationale en internationale magazines waaronder ‘Best Australian Poems’ 2011 en 2012, ‘Meanjin’, ‘The Australian’, ‘Cordite’, en ‘Drunken Boat’. Daarnaast is hij poëzieredacteur bij ‘Southerly journal’.
Uit ‘Rawshock’ een aantal voorbeelden van zijn visuele poëzie.
ON GWASS
after Angoisse
A DIVA’S FATE
after Fête d’Hiver
DEVOLUTIONS
after Dévotion
A close season for cats
Margreet Jorna
.
In het kader van (bijna) vergeten dichters een dichter de eigenlijk vrijwel onbekend is gebleven. Vooral omdat het enige bundeltje dat er van haar te vinden is in Engeland is verschenen. Margreet Jorna, geboren in 1946, werkte in 1985 toen het bundeltje ‘a close season for cats’ verscheen voor de NOS. Ze woonde in Berkshire en was zomers meestal in Norfolk Broads te vinden. Ze studeerde Engels en rechten.
In 1985 verscheen bij Merlin books ltd. in Braunton en Devon het bundeltje ‘A close season for cats’ met daarin 33 Engelstalige gedichten. Het boekje is gek genoeg nog steeds te koop via Amazon.com maar is ‘currently unavailable’.
Uit dit kleine bundeltje het gedicht ‘A matter of fact’ (for Rob B.)
.
A matter of fact
(for Rob B.)
.
As she leans back in her easy chair
looking as sweet as an English long vowel
correctly pronounced
nobody could possibly dream
that not so very long ago
she was referred to as a calculating cat
and that she finds a change
rather refreshing.
.
Een dichter in oorlog
Frederick William Harvey
.
Frederick William Harvey werd geboren in 1888 en volgde onder druk van zijn familie een opleiding tot advocaat. Omdat zijn hart bij de poëzie lag en niet bij het leven van een jurist zakte hij voor zijn examen. Hierop werd hij naar een intensieve rechtenopleiding in Londen gestuurd waar hij uiteindelijk slaagde in 1912. Bij thuiskomst begon hij met flinke tegenzin in zijn eigen advocatenpraktijk.
Op 8 augustus 1914, vier dagen nadat Engeland Duitsland de oorlog had verklaard, schreef Harvey zich in bij het leger. Waarschijnlijk schreef Harvey zich vooral in om aan zijn beroep als advocaat te ontsnappen. “Daarnaast was het normaal om als goed opgeleide man zich in te schrijven” vertelt hij. “Dit werd gezien als een zeer patriottisch iets om te doen.” De meeste mannen twijfelden dan ook geen moment en schreven zich zo snel mogelijk in. “Iedereen dacht ook dat de oorlog zo voorbij zou zijn. Dit wereldconflict zou uiteindelijk vier jaar duren.” Harvey, die zo hoog opgeleid was en daarom meteen officier had kunnen worden, weigerde deze functie en hij was niet de enige. “Naarmate de oorlog voortduurt werden veel mannen gepromoot tot officier maar sommigen weigerden deze functie. Zij bleven liever soldaat in de ‘gewone’ troepen.”
Harvey was niet zomaar een soldaat in de Eerste Wereldoorlog. Hij werd tijdens en na de oorlog geroemd om zijn poëzie. Daarnaast was Harvey’s streven naar gelijkheid tussen de soldaten zeer benoemenswaardig. Zo schreef hij zich in het leger in als een ‘gewone soldaat’, terwijl hij, vanwege zijn hoge afkomst, meteen officier had kunnen worden. Zijn werk had zowel tijdens en na de oorlog een grote impact op de samenleving.
Terwijl Harvey meevocht in de loopgraven tegen Duitsland, schreef de soldaat honderden gedichten. Zijn werk werd zelfs gepubliceerd, nog tijdens de oorlog. Harvey bracht twee collecties uit genaamd ‘A Gloucestershire Lad at Home and Abroad’ in september 1916 en ‘Poems from a German Prison Camp’ in september 1917. Vooral die laatste is heel erg bijzonder; het is de enige verzameling van gedichten van een soldaat die tijdens publicatie daadwerkelijk een krijgsgevangene was.
.
If we return
just England still to you and me?
The place where we must earn our bread?
We who have walked among the dead,
and watched the smile of agony,
and seen te price of Liberty.
Which we had taken carelessly
from other hands. Nay we shall dread,
if we return.
Dread lest we hold blood-guiltily
the things that men have died to free.
Oh, English fields shall blossom red,
for all the blood that has been shed,
by men whose quardians are we,
if we return.
Bluebird
Charles Bukowski
.
Voor Charles Bukowski is er altijd een plekje op dit blog. Vandaag dus ook. Nu met een animatie van zijn gedicht ‘Bluebird’. Op http://www.openculture.com/2014/05/three-charles-bukowski-poems-animated.html staan er nog drie.
.
Bluebird
there’s a bluebird in my heart that
wants to get out
but I’m too tough for him,
I say, stay in there, I’m not going
to let anybody see
you.
there’s a bluebird in my heart that
wants to get out
but I pour whiskey on him and inhale
cigarette smoke
and the whores and the bartenders
and the grocery clerks
never know that
he’s
in there.
there’s a bluebird in my heart that
wants to get out
but I’m too tough for him,
I say,
stay down, do you want to mess
me up?
you want to screw up the
works?
you want to blow my book sales in
Europe?
there’s a bluebird in my heart that
wants to get out
but I’m too clever, I only let him out
at night sometimes
when everybody’s asleep.
I say, I know that you’re there,
so don’t be
sad.
then I put him back,
but he’s singing a little
in there, I haven’t quite let him
die
and we sleep together like
that
with our
secret pact
and it’s nice enough to
make a man
weep, but I don’t
weep, do
you?
.



























