Site-archief
Roeping
Gerard Reve
.
Vandaag is het 10 jaar geleden dat ‘volksschrijver’ Gerard Reve (1923 – 2006) overleed in Zulte, Oost Vlaanderen waar hij woonde. Gerard Reve is natuurlijk vooral bekend en beroemd geworden door zijn roman ‘De Avonden’ uit 1947, dat hij aanvankelijk onder het pseudoniem Simon van het Reve publiceerde. Na de derde druk werd zijn volledige naam echte gebruikt en tot 1973 publiceerde hij onder de naam Gerard Kornelis van het Reve. In de loop van 1973 werd het echter Gerard Reve en bij Koninklijk besluit werd dit ook zijn burgerlijke naam.
Gerard Reve schreef behalve verhalen, toneelwerken, brieven, toespraken en romans ook poëzie. Zijn debuut als schrijver was als dichter in 1940 met de poëziebundel ‘Terugkeer’ dat hij in 1993 in eigen beheer als facsimile opnieuw uitgaf in een oplage van 500 stuks.
Misschien wel één van zijn mooiste en bekende gedichten is het gedicht ‘Roeping’ uit ‘Verzamelde gedichten’ uit 1986.
.
Roeping
.
Zuster Immaculata die al vier en dertig jaar
verlamde oude mensen wast, in bed verschoont,
en eten voert,
zal nooit haar naam vermeld zien.
Maar elke ongewassen aap die met een bord: dat hij
vóór dit, of tegen dat is, het verkeer verspert,
ziet ’s avonds reeds zijn smoel op de tee vee.
Toch goed dat er een God is.
.
Ik word als jij
Jan Pieter Guépin
.
Er zijn veel dichters. Heel veel dichters. Als je bloemlezingen bekijkt dan staan er soms dichters in van eeuwen her. Dat betekent dat het arsenaal aan dichters voor iemand die over poëzie schrijft (zoals ik) enorm is. Dat is één van de redenen dat ik, een tijd geleden alweer, begonnen ben met de rubriek (bijna) vergeten dichters. Veel van de dichters die heden te dage niet meer gelezen worden zijn namelijk nog steeds zeer goed leesbaar.
Een goed voorbeeld van zo’n (bijna) vergeten dichter is wat mij betreft J.P. Guépin (1929 – 2006). Tijdens zijn studie klassieke letteren aan de universiteit van Amsterdam was hij redacteur van het studentenweekblad Propria Cures. Hij promoveerde op een onderwerp uit de Griekse godsdienstgeschiedenis: De tragische paradox.
Guépin was dan ook een groot pleitbezorger van de Neolatijnse poëzie, waarvan hij veel vertalingen maakte. De Neolatijnse poëzie zijn gedichten die zijn geschreven in het Latijn in de periode vanaf de renaissance.
In het gedicht’Ik word als jij’ komt deze voorliefde niet zozeer naar voren. Het gedicht komt uit de bundel ‘Gedichten’ uit 1984.
.
Ik word als jij
.
‘ik word als jij, we gaan elkaar vertrouwen,
kom bij me, kijk naar mij, ik naar jou,
mijn armen om je schouders, jij de jouwe,
ik voel hoe jij, jij hoe ik van je hou.’
.
‘Ik word als jij, als we in elkaar vergroeien,
ik proef mijn zoen, jouw zoen is nu mijn zoen,
mijn hand jouw buik, jouw buik mijn hand doet gloeien,
wat ik ook doe met jou zal jij weer doen.’
.
Nu woest maar kalm, dan opgewonden klaar,
gefluister, schreeuwen, en doodstil een poosje,
heel knus als lepeltjes in een klein doosje.
.
Zo gaan we op in elkaar,
wij met zijn tweeën weten hoe dat kan:
de man wordt telkens vrouw, de vrouw wordt man.
.
Kater
Froukje van der Ploeg
.
De dichter/vormgeefster Froukje van der Ploeg (1974) studeerde audiovisuele vormgeving aan de Kunst academie St. Joost in Breda en de opleiding van schrijversvakschool ’t Colofon in Amsterdam. In 2005 ontving ze de Hollands Maandblad poëziebeurs en in 2006 debuteerde ze met de bundel ‘Kater’ bij uitgeverij Nieuw Amsterdam. Haar tweede bundel ‘Zover’ verscheen in 2013.
Uit haar debuutbundel het gedicht ‘Verlenging’.
.
Verlenging
.
Op het terras werkt een langzame jongen
honden vliegen hysterisch langs, meeuwen
worden bootjes op het water naast de opblaasboot
van de meisjes met de vlechten
.
Dames praten hun voeten in nog warm zand
duwen ijsstokjes weg onder hun hand
De zandjongen haalt de bedden weg
bepaalt niet meer de sluitingstijd van de zon
.
Waarom je poëzie moet lezen
Dan Chelotti
.
Op de website van The Huffington Post las ik een artikel van de dichter Dan Chelotti over de waarde van poëzie en waarom je dagelijks een gedicht zou moeten lezen. Daarom, hier in vertaling en in mijn eigen woorden zijn artikel.
.
Waarom je poëzie moet lezen?
Lees poëzie om elke keer dat je gestopt bent om te kijken naar de vallende regen bij het schijnsel van straatlantaarns en je je afvroeg welke woorden daar het best bij zouden passen. Lees poëzie omdat je eenzaam bent en vol verlatingsangst. Lees poëzie als je niet meer eenzaam bent en wikkel je armen en benen om degene die je lief hebt en diegene zal zeggen dat zulke armen en benen nooit verlaten zullen worden. Lees poëzie zodat een deel van je blijft in wat je ziet en wat je ziet blijft bij je.
Lees poëzie omdat de wereld en onze emoties en ideeën altijd ingewikkelder zijn dan dat we willen dat ze zijn. Lees poëzie, omdat de dame naast je in het café niet zal stoppen zonder melodie te neuriën in zichzelf en je een manier moet vinden om haar eenzaamheid te kennen.
Lees poëzie zodat je om gegronde reden een hekel kan hebben aan Gedichtendag op de social media. Lees poëzie omdat de nacht lang is en mensen sterven en deze beide waarheden oneerlijk zijn en je pijn doen opnieuw en opnieuw en meedogenloos zijn.
Lees poëzie, omdat de taal een virus is uit de ruimte die ooit evolueert en elke gedicht de kans op eeuwig leven heeft. Lees poëzie en wees enthousiast over de formele beperkingen in poëzie, omdat, nou ja, wie houdt er niet van om van tijd tot tijd beperkt te worden?
Lees poëzie in plaats van eindeloos naar haar profielfoto te staren, zo vaak dat wanneer je Facebook opent automatisch haar pagina opent; lees poëzie zodat ze elke ‘zij’ in elk gedicht wordt. Lees poëzie omdat je weet dat wachten op dat waar je op wacht, alleen maar beter wordt wanneer het eenmaal komt.
Lees poëzie omdat niemand ooit zoveel heeft liefgehad of gekwetst is door de liefde als jij. Natuurlijk voel je je zo, poëzie begrijpt dat. Lees poëzie omdat de overblijfselen van een wereld die je kende, je dagelijks overvallen en de huizen en de wegen van het verleden, helaas, gevangenen zijn van elk jaar.
Lees poëzie zodat je zinnen van je geliefde dichters kunt stelen en gebruiken. Poëzie is de ware fictie. Lees poëzie zodat je nooit meer over de betekenis van poëzie hoeft te praten omdat poëzie zich niet laat omschrijven. Lees poëzie omdat politieke en ecologische realiteit je laten huilen en poëzie kan helpen. Poëzie kan helpen. Lees poëzie omdat het geen antwoorden geeft, geen advies, geen genezing maar begrip, liefde en timing.
Lees poëzie want de wereld is meer dan een stapel feiten. Lees poëzie omdat je niet genoeg mysterie in je leven kunt hebben en je wilt nog meer mysterieuzer (lees: aantrekkelijker) worden dan je al bent. Lees poëzie omdat je gedichten in je hebt die moeten worden geschreven.
Lees poëzie omdat het gevoel dat vogels, verlichte ramen, nieuwe schoenen, in de buitenlucht lopen, donuts, lippenstift, verse perziken, cocktails en kussen in de regen, je geven, een gevoel is dat je nooit wilt verliezen, maar dat zal gebeuren, en het enige dat je er tegen kunt doen is beter op te letten als dat gevoel zich opnieuw manifesteert.
Het gevoel komt en het gaat, was het zo mooi als het zou kunnen zijn? Het leven is kort vrienden. Maar poëzie maakt dat het leven langer duurt. Dat is zo, echt waar.
.
Het originele artikel lees je op: http://www.huffingtonpost.com/dan-chelotti-/why-read-poetry_b_5227554.html
Dan Chelotti publiceerde ‘ x ‘ (McSweeney’s, 2013) en ‘The Eights’ (Poetry Society of America, 2006). Zijn gedichten zijn daarnaast gepubliceerd in ‘Fence’, ‘Boston Review’ ,’jubilat’, en verschillende andere magazines. Hij is assistent Professor bij de faculteit Engels bij het Elms College in west Massachusetts.
Hans Tentije
Verzamelbundel
.
Uit de verzamelbundel van Arie Boomsma “met dat hoofd gebeurt nog eens wat’ een gedicht van de dichter Hans Tentije. Voor mij was Tentije nog een onbekende dichter vandaar dat ik op zoek ging naar wat informatie over hem. En die heb ik gevonden.
Hans Tentije (1944, pseudoniem van Johann Krämer) werkte als docent Nederlands, maar wilde eigenlijk schrijver en dichter worden. De eerste gedichten die Tentije schreef hadden een politieke inslag. Eind jaren zestig heerste de gedachte onder jongeren dat alles zou veranderen. Toen dat niet gebeurde heerste er teleurstelling, een zeker cynisme. Dit cynisme kwam terug in Tentijes vroegere werk. Zijn latere gedichten benadrukken meer de avontuurlijke kant van het leven.
Oorspronkelijk uit de bundel ‘Uit zoveel duisternis’ uit 2006 een titelloos gedicht.
.
Jezelf het zwijgen opleggen, ernaar verlangend
niets meer te hoven zeggen, vanwege
het verwarrende, het onuitsprekelijke – opstaan en zonder echt
afscheid te nemen uit elkaar gaan, het ogenblik
waarop je het dorp verlaat, je wereld van herinneringen
met je meesleept, om je gezicht te begraven
in bont, in een wilde, onkambare vacht, op zoek
naar warmte, naar lijfgoed, naar liefde
en het schunnige daaronder, het leven valt niet te vermurwen-
je toekomst is al verleden, is pijn
die nooit overgaat maar toch is geweken
.
Foto: Marion Krämer
.
Meer informatie over Hans Tentije op: http://www.deharmonie.nl/auteur/auteurdetail.asp?id=63
Burenbuurtballade
Ruben van Gogh
.
Vele gedichten gaan over muziek en in de bundel ‘Het muzikaalste gedicht, De mooiste gedichten over muziek uit Nederland en Vlaanderen’ uit 2006, staan er maar liefst ruim 90. Dat gedichten over muziek niet altijd meteen herkenbaar zijn als zodanig blijkt uit het gedicht ‘Burenbuurtballade’ van Ruben van Gogh. En als je het gelezen hebt begrijp je toch waarom het in deze bundel is opgenomen.
.
Burenbuurtballade
.
Ik neem je mee
Ja
Waarheen waarheen
Ja
.
Hee m’n straat
Zie daar, geen kleren aan
Naakt naakt
Laat maar gaan
.
Hee ho
Nog nooit gezien
Zal treuren man
Vandien
.
Vandien haar armen
Hee
Vandien haar borsten
Ho
Vandien haar geur
.
Vandien
haar bruine muren burenbuurt
waarin het buren uren duurt
.
Poëzie en kunst
Sophia Kemp
.
Sophia Kemp is afgestudeerd master Illustration aan het Camberwell College of Art and Design, University of the Arts London in 2011. Daarna studeerde ze af als Bachelor Illustration and Graphic Design bij het Central Saint Martins College of Art and Design, University of the Arts London in 2006.
Tegenwoordig schrijft en tekent ze een serie geïllustreerde gedichten in de hoop deze te kunnen publiceren in de nabije toekomst. Van haar hand zijn een aantal gedichten en illustraties die goed laten zien dat poëzie en beeld (grafisch, tekeningen, afbeeldingen e.d.) heel goed samen kunnen gaan.
Hieronder een aantal voorbeelden van haar gedichten op tassen en t-shirts.
.
Meer voorbeelden van haar gedichten/illustraties vind je op http://sophiakemp.wix.com/skillustrations#!
Taal zonder mij
Kristien en Herman
.
Van mijn vrouw kreeg ik het luisterboek ‘Taal zonder mij’ van Kristien Hemmerechts (uitgeverij Rubinstein, 2006). In dit luisterboek leest Kristien Hemmerechts haar boek voor op 4 cd’s. Het boek gaat over haar leven met de (te vroeg gestorven) Vlaamse dichter Herman de Coninck, over haar verdriet, over hun leven, over zijn poëzie, zijn brieven – over de man die ze liefheeft. Behalve dat het een genot is om naar de prachtige stem van Kristien in het Vlaams te luisteren, is het luisterboek ook zeer informatief en goed geschreven.
Veel stukjes uit de poëzie van Herman, een inkijkje in het leven van een schrijversechtpaar en een mooi document als eerbetoon aan de dichter de Coninck of zoals ze zelf zegt een ‘monument ter ere van afwezigheid’. Al luisterend komen er verschillende stukken uit gedichten van Herman langs die me opnieuw heel nieuwsgierig maken naar zijn poëzie.
Daarom uit zijn bundel ‘De lenige liefde’ uit 1969 het gedicht met als beginregel ‘O, ik weet het niet’.
.
o ,ik weet het niet,
maar besta, wees mooi.
zeg: kijk, een vogel
en leer me de vogel zien
zeg: het leven is een brood
om in te bijten en de appels zien rood
van plezier, en nog, en nog, zeg iets.
leer me huilen, en als ik huil
leer me zeggen: het is niets.
.
Foto: Lieve Blanquaert ( http://www.lieveblancquaert.be/)
.
Iemand moet altijd gemist worden
Recensie van een dichtbundel van Antoinette Sisto
.
Afgelopen zaterdag presenteerde Antoinette Sisto haar derde dichtbundel ‘Iemand moet altijd gemist worden’. Na de bundels ‘Het verre huis’ uit 2006 en ‘Dichter bij de dagen’ uit 2013 nu dus haar derde bundel bij uitgeverij Oorsprong.
Ik was een van de dichters die Antoinette had uitgenodigd om de presentatie extra glans te geven maar door een ongelofelijke stomme fout van mijn kant (vergissen in de dag) was ik er niet bij. Ik kan aanvoeren dat ik een hele drukke week achter de rug had en me de hele week al niet lekker voelde maar feit blijft dat ik Antoinette in de steek heb gelaten en daar baal ik enorm van. Desondanks was de presentatie een groot succes met bijdragen van Herbert Mouwen, Peter W.J. Brouwer, Jos van Daanen, Wilma van den Akker en niet in de laatste plaats Antoinette zelf.
Dan de bundel.
´Iemand moet altijd gemist worden´ bestaat uit 7 delen of hoofdstukken met als titel: Onderweg, Focus, Achter glas, Iemand moet altijd gemist worden, De man in het gedicht, Schrijven als anderen slapen en Zicht op de stad.
De poëzie van Antoinette laat zich het best omschrijven als observerend waarbij ze gebruik maakt van elegante taal. In het hoofdstuk ‘Onderweg’ is de afwezigheid van de ander steeds aanwezig, in een vorm van melancholisch herinneren. In ‘Focus’ staat liefdespoëzie die ik het liefste lees, tussen de regels doorlezen op zoek naar waar de liefde zich bevind. Maar ook hier overvalt me soms een zekere triestheid bij het lezen. ‘Achter glas’ lijkt het keerpunt in deze bundel. In de eerste twee hoofdstukken moeten zaken uit het verleden worden beschreven, verwerkt om in ‘Achter glas’ met een schone lei, opnieuw te kunnen beginnen. Dit hoofdstuk ademt een nieuw positief gevoel uit, een nieuwe start (lentezon, het jonge gras).
In het gedicht ‘Keukenprinses’ straalt een nieuwe ik, ondeugend en klaar voor iets nieuws. Of in het gedicht ‘Tomeloos’ waarin de herfst tot de nieuwe lente wordt gemaakt, waarna dit in het gedicht ‘Mantra’s’ nog eens wordt bevestigd.
In ‘De man in het gedicht’ legt Antoinette uit hoe het zit met de man en de vrouw in haar poëzie. Misschien had ze hier mee moeten beginnen maar aan de andere kant, het verklaard maar veranderd niet, het bevestigd mijn idee dat deze bundel een bundel van hoop is, van verandering.
In ‘Schrijven als anderen slapen’ laat Antoinette zien dat dat is wat ze doet, ze geeft een proeve weg van haar poëzie over een aantal onderwerpen die los staan van de eerdere hoofdstukken, om te eindigen met ‘Zicht op de stad’ waarin gedichten over de stad. Een voorzet voor een volgende bundel wellicht?
Al met al moet ik zeggen dat ik de bundel met veel plezier heb gelezen. Sommige gedichten moet je een paar keer lezen om ze echt goed te kunnen duiden maar de poëzie van Antoinette is heel toegankelijk en rustig van toon. Het enige dat je mist bij het lezen is de stem van Antoinette, haar te horen voordragen voegt werkelijk iets toe aan de beleving van haar poëzie.
De bundel is binnenkort te koop via de boekhandel of bij uitgeverijoorspong.nl
.
Een gedicht dat ik had willen voordragen bij de presentatie uit het hoofdstuk ‘Onderweg’ is ‘Maandag, 15.29u, Antwerpen Centraal’.
.
maandag, 15.29u, Antwerpen Centraal
.
Een snellere dienstregeling
heeft de oude verdrongen
tijd in kiosken wordt weggebladerd
lucht door optrekkende treinen verplaatst
.
een roltrap daalt naar drie niveau’s diepte
betonnen perrons onder de grond
uit mijn blikveld haasten zich reizigers
naar richtingen uiteenlopend onbekend.
.
Wie sla ik hier gade?
de man die op zijn vrouw wacht
de vrouw die verlangt naar haar minnaar
de moeder die zoekt
naar een lang gemiste zoon
.
de émigré die slechts stationsgeur
hier komt ruiken, geknars van remmen
wil beluisteren
als muziek zonder welke hij niet slapen kan.
.






















