Site-archief
Quilt
Gedichten op vreemde plekken
.
In mijn nimmer aflatende zoektocht naar poëzie op vreemde plekken kwam ik op de website van Hannie de Beer, textielkunstenares, een quilt tegen ( die Hannie had gekregen van Liesbeth Wessels, ook al zo handig met textiel) met daarin verwerkt een gedicht vrij naar een vers van de toenmalige stadsdichter (het bericht is uit 2012) Piet van den Boom, getiteld ‘Voor Hannie’.
.
Voor Hannie
.
Zij is een dame, mooi en dynamisch
aan weinig ziet men haar leeftijd af
wie haar niet kent, ziet haar wellicht
als liefhebber van moderne materialen
.
Ja, zij houdt van klare lijn en kloeke vorm
maar gruwt van namaak,
zij omringd zich daarom graag
met verf, stoffen en stempels.
.
Zij is gastvrij en waakzaam
en zet niet zomaar alles in de etalage
want een echte dame
pronkt niet met haar parels
.
Voordracht
Optreden bij Reuring
.
Op zaterdag 28 november zal ik samen met de dichters Edith de Gilde, Martin Wijtgaard en Elly Stolwijk optreden bij het fijne podium van dichter en vriendin Alja Spaan. Alja, met wie ik samen ‘Je hebt me gemaakt met je kus’ publiceerde bij haar uitgeverij is al jaren actief in Alkmaar. Eerst bij haar thuis in haar huiskameratelier onder de titel ‘Alkmaar Anders’ en de laatste jaren met Reuring, dit keer in de Aikemazaal van Grand Café Koekenbier aan de Kennemerstraatweg 16 in Alkmaar.
Onder het motto “Oh death, my poetic death!” zal ik daar enige diep doorwrochte, trieste en minder trieste gedichten voordragen. Komt allen zou ik zeggen, de toegang is gratis. Vanaf 16.00 u bent u van harte welkom.
.
Van Edith de Gilde het gedicht ‘Als zwijgen’ uit haar bundel ‘Vleugels van cement’ uit 2012.
.
Als zwijgen
Huilen in Den Haag: stel je geen tranen voor.
Het is een bed tegen een muur geschoven.
Dat afgepaste knikje in de lift.
Thuiszitten in stof van weken
en dan uitgaan in je nette pak.
Het zijn de hoofden in de rijen voor je.
Huilen in Den Haag is krap bemeten,
is naar een feestje gaan omdat het hoort.
Zeggen dat het goed gaat, dat je
weer eens op huis aan moet, we bellen!
Het krijsen uitbesteden aan een meeuw.
Poster: Helle van Aardenberg
Zij
Bernard Dewulf
.
Voormalig stadsdichter van Antwerpen (2012-2014) Bernhard Dewulf (1960) is naast dichter ook redacteur, columnist en dramaturg voor theatergezelschap NT Gent. Dewulf publiceerde al gedichten in diverse literaire tijdschriften, voor hij debuteerde met de bundel ‘Waar de egel gaat’ in 1995. Sindsdien publiceerde hij naast gedichten ook theatrale vertellingen, lezingen, kunstbeschouwingen en essays.
Uit de bundel ‘Waar de egel gaat’ uit 1995 het liefdesgedicht ‘Zij’.
.
Zij
.
Wij doen ondeelbaar, hart aan hart,
maar slapen ieder onze nacht.
Haar lichaam ademt in mij voort
en binnen word ik weggedacht.
.
Woont daar iemand die bestaat
als zij zich sluit? Alles is
zo denkbaar in dit hoofd, ik
raak er niet in en niet uit.
.
Ik ken haar enkel in mijn armen,
zij houdt mij eeuwig op de tast.
Zij slaapt en wie is zij
die morgen weer in alles past?
.
Lozenges
Gedichten in vreemde vormen
.
In 1965 gaf Colleen Thibaudeau een alleraardigst boekje uit met de intrigerende titel ‘Lozenges’. Om daar maar mee te beginnen; een Lozenge (◊) is een ruitvormig leesteken dat nog maar weinig gebruikt wordt. De lozenge werd vroeger wel eens gebruikt om spaties aan te geven bij woorden waar onduidelijk was of deze aan elkaar hoorden of niet. In de huidige spelling is dit niet meer nodig.
Colleen Thibaudeau (1925 – 2012) was een Canadees dichteres en schrijfster van korte verhalen die in veel tijdschriften en magazines gedichten publiceerde. Behalve ‘Lozenges’ publiceerde ze nog de bundels ‘Ten Letters’ (1975), ‘My Granddaughters Are Combing Out Their Long Hair’ (1977), ‘The Martha Landscapes’ (1984), ‘The “Patricia” Album’ (1992) en ‘The Artemesia Book’ (1991).
Het boekje ‘Lozenges’ staat vol met gedichtjes in de vorm van een object en heeft dit ook als titel. Voorbeelden zijn een kroon, een trein, een hockeystick en een pop.
Hieronder twee voorbeelden van een ballongedicht en een kaarsgedicht.
.
Voor het hele boekje on-line ga je naar http://colleenthibaudeau.com/lozenges-poems-in-the-shape-of-things/
E-Otoliths
Toby Fitch
.
Op de blog met de intrigerende naam http://the-otolith.blogspot.com.au/ (een otolith is een structuur in het binnenoor van vissen dat uit calciumcarbonaatkristallen en een gelatineuze massa bestaat), vond ik een paar voorbeelden van gedichten in vreemde vormen. De dichter en kunstenaar Toby Fitch publiceerde in 2012 het boek ‘Rawshock’ waarin een aantal voorbeelden van gedichten in bijzondere vormen staan.
Toby Fitch (geboren in Londen) groeide op in Sydney. Zijn eerste collectie gedichten in deze vorm publiceerde hij in Rawshock bij Puncher & Wattmann. In 2010 publiceerde hij bij Vagabond Press al eens een Chapbook ‘Everyday Static’ getiteld. In 2014 verscheen ook bij Vagabond press zijn laatste boek met de titel ‘Jerilderies’ . Rawshock stond op de shortlist van de Peter Porter Poetry Prize in 2012 en won de Grace Leven Prize for Poetry. Zijn poëzie werd gepubliceerd in kranten, bloemlezingen en nationale en internationale magazines waaronder ‘Best Australian Poems’ 2011 en 2012, ‘Meanjin’, ‘The Australian’, ‘Cordite’, en ‘Drunken Boat’. Daarnaast is hij poëzieredacteur bij ‘Southerly journal’.
Uit ‘Rawshock’ een aantal voorbeelden van zijn visuele poëzie.
ON GWASS
after Angoisse
A DIVA’S FATE
after Fête d’Hiver
DEVOLUTIONS
after Dévotion
Bezing mij de zuivere meisjes
Velimir Chlebnikov
.
Van Geraldina Metselaar kreeg ik het bijzonder fraai uitgegeven bundeltje Verzameld werk, Poëzie 1 van Velimir Chlebnikov. In deze bundel, uitgegeven door Filonov in 2012 staan gedichten van Chlebnikov uit 1904-1908 in een vertaling van Willem G. Weststeijn.
Velimir Chlebnikov (1885-1922) werd geboren in wat nu Kalmukkië heet en was Russisch dichter en theoreticus. Als dichter maakt hij deel uit van de Futuristen. De Futuristen zetten zich af tegen de toen dominante stroming in de Russische literatuur, het Symbolisme, waarin verbeeldingskracht, fantasie en intuïtie centraal werden gesteld. De Futuristen verworpen deze volledige “oude” literatuur. Het poëtische woord moest weer centraal komen te staan.
Chlebnikov experimenteert vooral met klankpoëzie en hij ontwikkelt een geheel eigen (bijna mathematisch) systeem waarin diverse talen (de vogeltaal, de godentaal, de sterrentaal) evenzoveel semantische ontwikkelingen doormaken die de dichter bijstaan in het kanaliseren van zijn niet te stuiten creatieve energie. Veel literatoren zien Chlebnikov tegenwoordig als één van de belangrijkste vernieuwers van het Modernisme en zijn invloed op de Russische literatuur is groot.
Uit de bundel een aantal korte gedichten uit de jaren 1907 en 1908.
.
Bezing mij de zuivere meisjes,
Kibbelaarsters met hun vogelkers,
De breedgeschouderde jongens:
Ze zijn er – ik weet en geloof het.
.
Maanlicht, een witte omheining,
Populieren als zeilen veraf.
Hier komt de nachtelijke minnaar,
Schuift van het hekje de grendel af.
.
Wie als beroemde tovenaar
Roemvolle kunst waardeert:
Hij noemt de Slaaf
Een nachtegaal.
.
Met dank aan Wikipedia.
Moderne Chinese poëzie
Hsia Yu en Shang Ch’in
.
In 2012 bracht uitgeverij Voetnoot uit Antwerpen twee dichtbundels uit van moderne Chinese dichters. Vertaalster Sylvia Marijnissen maakte een selectie uit werk van Hsia Yu (1956) en Shang Ch’in (1930-2010). De bundels, getiteld ‘Als kattenogen’ (Yu) en ‘Ontsnappende hemel'( Ch’in), voorzag Marijnissen van een nawoord waarin ze ingaat op de vertaalkeuzes waarvoor zij zich gesteld zag.
De bundels werden mogelijk gemaakt door het Nederlands Letterenfonds. De poëzie van Yu is erg talig en biedt de lezer verschillende in- en uitgangen, waar Ch’in prozagedichten en verzen schrijft. Als jongeman werd Shang Ch’in als deserteur gevangengezet. In een van de cellen waar hij zat opgesloten lagen dichtbundels van Lu Xun en Bing Xian, nieuwe literatuur die de klassieke schrijftaal verruilde voor de spreektaal.
Van Hsia het gedicht ‘Ansichtkaart’.
.
Ansichtkaart
Weinig tijd
Stadje van behoedzaamheid
niet zonder elkaar te vernietigen
op het punt ver weg te gaan
glas kapotslaan
vingernageldoorzichtig
.
Van Shang Ch’in het gedicht ‘Ontsnappende hemel’.
.
Ontsnappende hemel
Dodengezicht is nooit gezien moeras
Moeras in wildernis is ontsnapping van hemeldeel
Vluchtende hemel is overvloedige rozen
Overstromende rozen is nooit gevallen sneeuw
Niet gevallen sneeuw is tranen in aders
Opwellende tranen is bespeelde luitsnaren
Tokkelende luitsnaren is brandend hart
Verbrand hart is wildernis van moeras
.


























