Site-archief
Oud en nieuw
Op de grens van 2015 en 2016
.
Op deze laatste dag van 2015 wil ik graag iedereen bedanken voor het lezen van mijn blog, de vele leuke en interessante reacties die ik telkens weer ontvang en voor de vele likes op mijn berichten. 2015 was een jaar waarin ik op het gebied van de poëzie weer vele mooie initiatieven heb mogen leren kennen en meemaken. Persoonlijk waren een aantal optredens in 2015 heel waardevol maar ook mijn bemoeienis met stichting Ongehoord! en iets meer op afstand met een nieuw initiatief als de Poëziebus geven me de zin en de energie om met volle kracht ook in 2016 over de vele gezichten van de poëzie te blijven schrijven.
In dit laatste bericht in 2015 uiteraard een gedicht. Ik heb gekozen voor een gedicht waaruit blijkt dat hoe oud iets ook kan zijn, voor sommigen of in een andere situatie kan iets weer helemaal nieuw zijn. Het betreft hier het gedicht ‘Het paar’ van Heinz Kahlau uit 1931 in een vertaling van Geert van Istendael en Koen Stassijns, verschenen in ‘Blanke man’ uit 2002.
.
Het paar
.
Zij lagen been aan been
sinds ze gestorven waren
.
tot men ze vond
.
Ze lagen zo
al zestigduizend jaren.
.
Toen loste men de hand die hem met haar verbond.
.
Gelukkig nieuwjaar!
Perfect day
Songtekst en poëzie
.
Ik schreef al vaker over het poëtisch gehalte van sommige songteksten. In deze dagen voor kerst en oud en nieuw krijgen we weer heel veel overzichten te horen van allerlei (pop)muziek van de laatste veertig, vijftig jaar. de top 2000, de top 1000, de Serious Request top weet ik hoeveel, de top 100 van 2015 en ga zo nog maar even door.
Wat opvalt is dat in dit soort lijstje nummers uit begin jaren zestig gebroederlijk of gezusterlijk naast elkaar kunnen staan. Een nummer dat in veel lijstjes terug komt is ‘Perfect day’ van Lou Reed. Op een website over poëzie en songteksten (scarriet.wordpress.com) werd dit nummer genoemd met als reden dat er onduidelijkheid bestaat over wat de tekstdichter/zanger hier beschrijft; is het een romance of een vorm van drugs gebruik? Met als mooiste zin: ‘I thought I was someone else, someone good’.
Ik kan me hier helemaal in vinden, daarom en omdat het gewoon een prachtig nummer is hier de tekst en de video van Youtube.
.
Perfect day
.
Just a perfect day
drink Sangria in the park
And then later
when it gets dark, we go home
Just a perfect day
feed animals in the zoo
Then later
a movie, too, and then home
Oh, it’s such a perfect day
I’m glad I spend it with you
Oh, such a perfect day
You just keep me hanging on
You just keep me hanging on
Just a perfect day
problems all left alone
Weekenders on our own
it’s such fun
Just a perfect day
you made me forget myself
I thought I was
someone else, someone good
Oh, it’s such a perfect day
I’m glad I spent it with you
Oh, such a perfect day
You just keep me hanging on
You just keep me hanging on
You’re going to reap just what you sow
You’re going to reap just what you sow
You’re going to reap just what you sow
You’re going to reap just what you sow
.
Zijwaarts springen
Een recensie
.
Van Méland Langeveld kreeg ik de bundel ‘Zijwaarts springen’. Een bundel die op een bijzondere manier tot stand kwam, maar daarover straks meer. Méland Langeveld is (tekst)schrijver, redacteur en dichter. Langeveld deed meerdere malen mee met de Turing gedichtenwedstrijd. Zes gedichten in deze bundel eindigden hoog in de Turingprijs ranglijst. Gedichten uit de edities van 2012, 2013 en 2014 en ongetwijfeld zal ook dit jaar zijn naam niet ontbreken op de ranglijst (als hij weer meedoet) want zijn poëzie heeft een heel eigen toon.
Uit eerdere besprekingen van zijn gedichten door de Turingprijs redactie: “Fantasie en werkelijkheid lopen door elkaar heen, vooral als er een vergelijking wordt gemaakt tussen een vader die lispelt en meubelen die praten.”
Maar ook: “zeer ontroerende, beeldende beschrijving van de relatie tot een dementerende ouder. Nergens wordt dit gedicht zeemzoet – wat met een gevoelige thematiek niet gemakkelijk te vermijden is.”
De verwachtingen voor lezing waren dan ook hoog gespannen bij mij. Dan als eerste de bundel. Deze is een gevolg van het feit dat Langeveld in de zomer van 2015 de eerste prijs bij de door uitgeverij aquaZZ georganiseerde gedichtenwedstrijd, won.
Als prijs werd deze bundel uitgegeven. Mooi vormgegeven door Angélique Kersten en opgedragen aan Leonie en Roos. De bundel is ingedeeld in zes hoofdstukken met titels als: Huilend leeg landschap’, ‘Sleetse loper naar het avondland’ en ‘Lepe ogen van de melancholieke koe’. Dit zijn mijns inziens willekeurig gekozen titels, ik heb tenminste geen directe link kunnen vinden met de gedichten die na de hoofdstuktitels volgden en de titel van een desbetreffend hoofdstuk. Overigens vind ik dit totaal geen probleem, misschien zie ik iets over het hoofd, misschien zijn het slechts vehikels om enige structuur aan te brengen in de bundel.
Uit deze titels komt al naar voren wat voor soort dichter Méland Langeveld is, wat ik een bijvoeglijke naamwoordendichter zou noemen. Dat is overigens zeker niet altijd een negatieve connotatie. In het geval van Langeveld zeker niet. Juist door de ongebruikelijke manier van toepassen. Voorbeeld: ‘Het vochtig ruisen van rul water’, ‘Fris gewassen sneeuw’ en ‘onverschillige regen’. Juist door het gebruik van dit soort ongebruikelijke combinaties van bijvoeglijke en zelfstandige naamwoorden is het lezen van deze bundel een plezier.
De gedichten zijn dan weer heel ‘down to earth’ en even later weer volledig ontspoord (op een positieve manier). Hierbij speelt de fantasie van de dichter een belangrijke rol. Voor de ervaren poëzielezer valt er veel te genieten maar ook voor de minder ervaren lezer zijn de gedichten zeer te genieten (ik heb de proef gedaan!). Een bundel die ik kan aanraden kortom.
Ik heb voor het gedicht ‘Stilte’ gekozen omdat dit voor mij heel duidelijk illustreert wat Langeveld kan.
.
Stilte
.
Vandaag rouwt de treurwilg paars
haar takken reiken tot aan
het somber, vileine water
haar lijzige bladeren
ruizelen in de schrale wind
.
voor even toont ze me een grimas
speelt met haar uitgerekte schaduw
aaibaar groen in nevelslierten omhuld
.
tijd is verzonnen door verlangen
lauwwarm water laat me erin wiegen
schudt me wakker
in fluisterend geschreeuw
.
zwalkend licht zindert uit de verte
drijft weg in ’t cadans van het getij
verstarring voorgoed doorbroken
.
in spraakloze taal ademt ze
zonder te ademen
.
ISBN: 978 94 91897 50 4
86 pagina’s, prijs € 13,95
Dichtsalon ’t Kapelletje
Voordracht
.
In maart schreef ik over een nieuw initiatief als het gaat om poëziepodia. Een nieuw initiatief was toen Dichtsalon ’t Kapelletje. Het podium van Dichtsalon het Kapelletje is in de foyer van theater het Kapelletje aan de v.d.Sluijsstraat 156 ( ingang Schiekade 45/47 ) in Rotterdam en wordt georganiseerd van 14.00 uur t/m 16.00 uur.
Op zondag 4 oktober aanstaande zal ik op dit podium mijn poëzie voordragen. De toegang is gratis, de presentatie doet Frank Vingerhoets en de muziek wordt verzorgd door Maaike Siegerist. Mijn voordracht is na de pauze. Het programma ziet er als volgt uit:
Rien Vroegindeweij
Liesbeth Mende
Jan de Grauw
PAUZE
Hans Wap
Frans Oltshoorn
Wouter van Heiningen
.
Als voorproefje een gedicht van één van mijn mede-dichters zondag (en jurylid van de Ongehoord! Poëzieprijs 2015) Rien Vroegindeweij. Uit de bundel ‘Een vliegtuig van beton’ uit 1973.
.
Poëzie is voor mij een verhaal
.
Poëzie is voor mij het verhaal
Dat men mij vroeger vertelde
Van een man die op zijn zolder
Een vliegtuig van beton gebouwd had
En trots tegen iedereen zei
Dat het wel kon vliegen
Maar niet door het dakraam kon
.
Meer informatie op http://www.theaterkapelletje.nl
Co. 7
Eriek Verpale
.
Eriek Verpale (1952 – 2015) zijn werkelijke naam was Eric Verpaele was een Vlaams dichter,schrijver, toneelschrijver. Hij werd opgevoed door zijn uit Litouwen afkomstige joodse overgrootmoeder, die vlak naast hem woonde. Hierdoor werd zijn belangstelling gewekt voor de Joodse cultuur. Hij heeft dan ook verschillende vertalingen uit het Jiddisch en Hebreeuws op zijn naam staan (hij studeerde onder andere twee jaar Hebreeuws). Verpale ontving in 1992 de prestigeuze NCR literatuurprijs in België voor ‘Alles in het klein’ uit 1990.
Uit “Op de trappen van Algiers’ uit 1980 het gedicht Co. 7
.
Co. 7
.
Geen foto wil ik van je dragen, geen brieven –
zelfs geen zakdoek die ooit jouw lippen vond:
niets daarvan wil ik bewaren, laat staan
in een verouderd vers als dit verdoken
tot het mijne maken
.
Maar het dunne stof, geschud
uit diepe mantelzakken, oud
speelgoed dat eens op je kamer stond,
of de beduimelde bril
– ik bewonder de dikke glazen –
.
Alleen dàt wil ik van je sparen.
.
Wat een ander niet krijgen wil
zal ik van je hebben:
.
Het hoogste bod zal de wereld
niet eens verbazen.
.
Die achternacht
Joost Zwagerman (1963 – 2015)
.
Hoewel ik een aantal van de boeken van Joost Zwagerman heb gelezen, behoorde hij niet tot mijn favoriete schrijvers. ook zijn poëzie vond ik vaak wat gekunsteld. Helemaal niet erg natuurlijk, smaken verschillen. Nu hij maandag zo plotseling en onverwacht een einde aan zijn leven heeft gebracht voelde ik toch dat ik ook aan zijn poëzie aandacht moest besteden. Overal in het nieuws worden zijn romans en essays genoemd en het feit dat hij bij De Wereld Draait Door vaak over kunst sprak (iets waar ik trouwens wel altijd enthousiast van werd), maar vrijwel nergens lees ik uitgebreid terug dat hij ook poëzie schreef. Zwagerman behoorde in de jaren 80′ tot de ‘Maximalen’
De dichters die bij de “Maximalen’ behoorde zetten zich vooral af tegen de volgens hen ‘witte en stille’ gedichten die er door de talige dichters werd geschreven. In plaats van die minimale poëzie wilden zij ‘maximale’ – en ze noemden de bloemlezing waarin ze hun werk verzamelden dan ook ‘Maximaal’ (1988). Deze Maximalen rekenden af met poëzie die gebukt ging onder ‘het juk van het grote niets’, zoals Joost Zwagerman het noemde. Zoals alle nieuwe stromingen maakten zij dus een karikatuur van het werk van hun voorgangers. Dichters moesten zichzelf niet langer reduceren tot ‘lispelende garde van de porseleinkast’, maar moesten de ‘muze de straat opjagen’- poëzie moest realistisch zijn. Maar voor deze ‘Maximalen’ was het ook van belang hoe een gedicht was geschreven: behalve het leven speelde ook het talige een grote rol.
Om ook dat aspect van zijn schrijverschap aandacht te geven hier een gedicht uit 2004 waarin ik bij herlezing wel iets van de worsteling in zijn leven terug lees. Of om, zoals hij het zelf schreef’ de laatste zin uit dit gedicht aan te halen; “een man om van kaft tot kaft uit voor te lezen”.
.
Die achternacht kwam ik mij tegen op een plek
Die achternacht kwam ik mij tegen op een plek
waar ik mij gewoonlijk niet vertoon.
Ik stelde mij teleur. Sprak te luid
tegen mensen die mij zichtbaar niet vertrouwden.
Ik wilde dat ik vond dat ik naar huis toe wilde
en sprak mij aan om hiervandaan te gaan
maar dat was zo gemakkelijk nog niet. Ik verloor mij
in gesprekken die ik al zo vaak gevoerd had
zonder zicht op toonzaamheid
of zelfs maar dunne trucs
waarmee je doorgaans
een kapotte nacht doorkomt.
Het eindigde ermee dat ik van alles
in mijn oor siste wat ik maar half verstond.
Wat doe je op zulke momenten? Ik liet mij
voor wat ik was; het had geen zin mij het zwijgen
op te leggen, ik was berstensvol op mij gebeten
en toen het eenmaal ochtend was
zag ik mij als zo vaak in tongen terug
als het legioen dat vreemden streelt.
Spreekwoord was ik dat niet snapt,
gaandeweg de dag werd ik weer opvoeding
die ouders voor hun kinderen uitdenken
en in het holst van alle bruikleen
was ik wat ik telkens na zo’n achternacht in corvee
en klatering moet zijn: voor dag en dauw de bijbel,
met stofomslag en in voldongen esperantoklanken,
een man om van kaft tot kaft uit voor te lezen
.
Uit: Roeshoofd hemelt
.
Met dank aan http://www.literatuurgeschiedenis.nl
De Laatste dag
Shari Van Goethem
.
Na gister de storm in Oostende te hebben weerstaan en de afreis naar Antwerpen is het vandaag alweer de laatste dag en stopplaats van de Poëziebus. In Antwerpen in het Bouckenborghpark aan de Bredabaan 559 (Merksem) vindt de zinderende slotmanifestatie plaats van de Poëziebus. Nog een keer laten alle 50 Belgische en Nederlandse woordkunstenaars luid en duidelijk van zich horen, waaronder dit keer ook ik zelf. We worden daarbij vergezeld van de spectaculaire muzikale woordacts van ‘Meandertaler’ uit Tilburg en ‘Ten Adem’ uit Gent.
Wie daar ook voordraagt is Shari Van Goethem (1988). Ze studeerde filosofie en dat kan je aan haar poëzie horen. Met haar zorgvuldig gevlochten teksten boordevol tot de verbeelding sprekende beelden heeft deze Nielse dichteres al heel wat fans bijeengesprokkeld, ook bij bekende dichters. Zo koos Michaël Vandebril in 2013 haar Gedicht ‘haar handen‘ als tip van de dag op Azertyfactor, en deed Stijn Vranken dat in 2014 voor het gedicht ‘olifanten‘.
In de lente van 2015 trad ze op in het Antwerpse Sportpaleis tijdens het Rotspaleis, maar ze is ook regelmatig op kleinere podia te horen & te zien. Haar gedichten verschenen onder andere in de bundels van de Turing Nationale Gedichtenwedstrijd en in ‘Het Gezeefde Gedicht’.
.
Splash and dash
Wat is er aan de hand?
Opgewarmd schuif ik uit bed, een kleine stap,
een kramp als ik het potlood voor de spiegel
aanbreng, het lijntje in het midden van mijn oog
begin.
Ik worstel met mezelf, zoveel is duidelijk,
ik herdenk de tijd. Groot feest op gang, dat wel,
maar in mijn kamer ruikt het naar een mengsel
in de vorm van gel die op mijn voet terechtgekomen
is.
Ik voel dat iets aan mij ontsnapt. Gespierde taal
en teenwarmers, lichte vleugels, een korte pitstop
en een vlag. Hannibal trekt de Alpen over.
En misschien een knop
herstart.
.
Alles over de Poëziebus vind je op http://poeziebus.nl
De Poëziebus
Doe mee!
.
Vanaf deze maand mag ik me voorzitter van de Raad van Toezicht van stichting De Poëziebus noemen. Ik werd hiervoor gevraagd en heb met veel enthousiasme ja gezegd omdat dit een initiatief is om te omarmen. Voor wie nog niet precies weet wat de Poëziebus is of gaat doen:
Hartje zomer (19 juli t/m 26 juli) 2015 gaat voor de eerste keer de Poëziebus met aan boord circa 50 Belgische en Nederlandse dichters een week op tournee langs 12 steden in Nederland en België.
De dichters aan boord van de Poëziebus vertegenwoordigen een dwarsdoorsnede van het poëzielandschap. Ze laten de diversiteit zien die er onder woordkunstenaars bestaat. Maak kennis met dichten anno nu en kom langs op een van de plaatsen waar we optreden. Dit zijn de volgende steden: Den Haag (kick off), Capelle aan den Ijssel, Delft, Amsterdam, Rotterdam, Tilburg, Eindhoven, Turnhout, Maastricht, Brussel, Oostende, en Antwerpen ( slotmanifestatie).
Kijk voor het programma en alle informatie op http://poeziebus.nl/
Om dit bijzondere initiatief te laten slagen is ook geld nodig. Er hebben zich al sponsors van naam gemeld, waar we heel erg blij mee zijn en we willen ook geld ophalen van enthousiaste liefhebbers van poëzie en van podiumkunst middels Voordekunst.nl
Hier kun je vanaf € 10,- donateur worden en het mooie is, je kunt zelf de tegenprestatie kiezen. Van de Poëziebusbutton en een handgeschreven poëtische kaart van een dichter naar keuze, uit één van de steden (€ 10,-) en De Poëziebusbundel én de bundel ‘De Driehoek is Rond’ van Joz Knoop óf de bundel ‘Talisman’ van Martin Beversluis (€ 30,-) tot een Huiskameroptreden van een dichter naar keuze (€ 200,-) of De Poëziebus komt letterlijk naar uw huis/bedrijf/feest/evenement toe, met een flinke delegatie dichters (€ 1000,-).
Voor de hele lijst met mogelijkheden kijk je op: https://www.voordekunst.nl/projecten/3411-poeziebus-1/doneer/37095
Geef je vader op vaderdag eens een origineel cadeau, ruil die paar biertjes op zaterdagavond eens in voor iets cultureels en waardevols of doneer gewoon omdat het kan en doe mee!
Haags fris
Anne Borsboom
.
Op 26 maart 2015 bestond Poëziecafé in bodega De Posthoorn in Den Haag 2 jaar. Ik mocht daar samen met o.a. Frans Reijman, Eelco van der Waals en Cor van Welbergen voordragen, zoals ik twee jaar daarvoor ook bij de allereerste editie mocht voordragen. Op deze avond kregen alle aanwezigen van Will van Sebille de bundel ‘Haags fris’ met als ondertitel ‘Huilend in Den Haag’. De bundel werd in 2010 uitgegeven door De Witte Uitgeverij en samengesteld door Diann van Faassen, Harry Zevenbergen en Will van Sebille.
Uit deze bundel heb ik het gedicht ‘Na vandaag: Den Haag’ van Anne Borsboom gekozen. Anne Borsboom is een collega auteur van mij die (net als ik) bij uitgeverij De Brouwerij poëzie heeft gepubliceerd (Brussels kant).
.
Na vandaag: Den Haag
.
De contactsleutel draait stroef
mijn roestige Italiaan zwelt
achterin de kinderen
‘vandaag verhuizen we’, zeg ik
‘wees flink,
nieuwe vrienden maak je zo
en herinneringen zijn voor later’
ze sputteren
de katten mauwen
de kanarie wil niet
ze verstaan geen Haags
.
ik zal het ze leren
.
















