Site-archief
Négligé
Willem Frederik Hermans
.
Een van Nederlands grootste romanschrijvers, Willem Frederik Hermans (1921 – 1995) schreef behalve romans ook novellen, verhalen, poëzie, toneelstukken en scenario’s, alsmede essays, kritieken en polemieken. Sterker nog, Hermans debuteerde in 1944 als dichter met de bundel ‘Kussen door een rag van woorden’. Toch beperkte zijn poëzie uitgaven zich tot de jaren veertig van de vorige eeuw. Daarna werd er nog wel herdrukt en verzameld werk uitgegeven maar lag zijn focus duidelijk niet op het schrijven van poëzie.
In 1982 verscheen bij De Bezige Bij de bundel ‘Overgebleven gedichten’, een herdruk van de gelijknamige bundel uit 1968. De gedichten in deze bundel zijn een strenge selectie uit de twee bundels die Hermans in het begin van zijn literaire loopbaan schreef, aangevuld met ongepubliceerde verzen en de vertalingen van 7 gedichten.
Uit deze bundel een liefdesgedicht met in de titel één van de mooiste woorden die uit het Frans in het Nederlands is overgenomen ‘Samenzijn in négligé’.
.
Samenzijn in négligé
.
Zij stond voor haar toilettafel,
Een driedelige toilettafel,
Een toilettafel met drie spiegels.
.
Zij kamde haar haar.
En ik stond achter haar.
Zij plukte uit haar kam een rafel.
.
En zo lichtgevend was zij,
Dat ik, toen ik mij omdraaide naar de wand
(De toilettafel – zij – ik – de wand),
Zag een driedubbele schaduw van haar hand.
.
Drie lichtende vlinders; ik ontweek ze schuw,
Ik ontweek ze, ik, driedubbele schaduw.
.
Horloge
J. Bernlef
.
Uit de bundel ‘Aambeeld’ uit 1998 van J. Bernlef het gedicht ‘Horloge’.
.
Horloge
.
Ik zat op de huisbank van een Zuid-Afrikaan
toen jou alles afgenomen werd
verder was ik nooit van je vandaan
.
Terwijl mijn gastheer krakend koersen controleerde
en zijn dikke dochter zocht naar gave popmuziek
wat zag jij toen, in je laatste val?
.
Dit gedicht even duidelijk als de dood
een open boek, een afgesloten hoofdstuk
woorden weggevloeid in aarde, als water
.
Voor jou werd het nooit meer later
op je horloge dat ik nu verder draag
de tijd die voor jou noch mij bestaat
.
Eén pot nat
Jules Deelder
.
Gisteren de voorlopig laatste editie van de Poëziebus 2016 daarom vandaag op maandag de dichter van de maand juli, Jules Deelder. Ik heb dit keer gekozen voor zijn gedicht ‘Eén pot nat’ uit de bundel ‘Moderne gedichten’ uit 1979.
.
Eén pot nat
Het is allemaal één popt nat
.
sprak de kat
die bij de wieg van Lao-tse
te spinnen zat.
.
Hoe of wat
Dit en dat
Bol of plat
.
Het is allemaal één popt nat,
.
sprak de rat
die aan het lijk van Lao-tse
te knagen zat.
.
.
Doornroosje
Gerrit Achterberg
.
Staand voor mijn boekenkast, voor de planken met poëziebundels, koos ik vandaag voor de verzamelbundel ‘Voorbij de laatste stad’ van Gerrit Achterberg, samengesteld en ingeleid door Paul Rodenko. Dit keer heb ik gekozen voor het gedicht ‘Doornroosje’ dat oorspronkelijk verscheen in ‘Doornroosje’ uit 1947.
.
Doornroosje
.
Houthakkers, die zich in het bos verklikken.
Sloten, die op hun bodem staan te roesten.
Je eigen in de hoogte horen hoesten.
Een edelhert met plotselinge schrikken.
.
Spechten, als zachte mitrailleuren tikken
tegen de honderd jaar in eikeknoesten.
Dat wij elkander tegenkomen moesten
was te voorzien met langgeworden blikken.
.
Hier is het uur.Op deze ronde plek
heeft het tussen ons plaats, een vuur,
dat niet verglaast. De groene diepte drinkt.
.
terwijl de stilte verder openspringt,
met bomen van verbazing opgewekt,
omklemmen wij het eeuwig avontuur.
.
Hellouw
Gijsbert Hamoen
.
Van mijn oud mede columniste bij Maassluis.nu Corinne Hamoen, kreeg ik de dichtbundel ‘Vierstromenland’ van haar vader Gijsbert Hamoen (1932 – 2013). De bundel is mooi en zorgvuldig vorm gegeven, fraaie omslagfoto’s, harde kaft en mooi matglanzend papier. Uitgegeven in eigen beheer.
Gijsbert Hamoen groeide op in de Rijnstreek. Hij studeerde aan de RU te Utrecht theologie en Semitische talen. Hij werkte in Berlijn als predikant voor buitengewone werkzaamheden (vluchtelingenwerk), en woonde en werkte achtereenvolgens in de Alblasserwaard (Oud-Alblas), Tielerwaard (Meteren en Est), Land van Heusden en Altena (Heusden), het Westland (’s Gravenzande) en het Sticht (De Meern). Hij publiceerde gedichten en artikelen over plaatselijke en regionale kerkgeschiedenis in verschillende tijdschriften.
Dan de bundel. Deze bevat zo’n 120 gedichten en deze zijn geschreven tussen 1960 en 2011. Een overzicht van een dichterlijk leven dus. Een aantal gedichten zijn eerder gepubliceerd in onder andere het tijdschrift de Waagschaal en de historische reeks Land van Heusden en Altena. Andere gedichten zijn voorgelezen in het NCRV programma ‘Vers in het gehoor’.
De bundel is opgedeeld in een aantal hoofdstukken en deze verwijzen naar de Vier Stromen uit de titel. Zo zijn er hoofdstukken met titels als ‘De Alblas’, ‘De Linge’, ‘De Maas’ en ‘De Rijn’. In deze hoofdstukken een aantal gedichten zonder titel maar de meeste gedichten verwijzen naar een dorp of hebben een andere geografische verwijzing.
Een aantal genoemde dorpen kende ik maar er viel nog een hoop te ontdekken zo merkte ik tijdens het lezen. Zoals bijvoorbeeld bij het gedicht hieronder ‘Hellouw’. Dit blijkt een dorpje te zijn in de Betuwe met 960 inwoners (2008). Hamoen geeft in deze bundel vele van dit soort kleine dorpjes een eigen gedicht en dat vind ik op zichzelf al een mooi gegeven.
Voor de inwoners van deze dorpjes zullen de gedichten zeker herkenbaar zijn, specifieke plekken als wegen, kerken, begraafplaatsen, waterputten en andere objecten worden op een respectvolle en poëtische manier beschreven.
Als deze bundel één indruk bij mij heeft achtergelaten dan is het wel dat er veel mooie plekjes in Nederland zijn om nog te ontdekken. Bijvoorbeeld met deze bundel in de achterzak.
.
Hellouw
.
Tussen de kribben
drijft een dode hond
op de rivier
en op het basalt
blijft hooi en hout
op de hoogte
van de vloed.
.
Tegen de dijken
schurken de huizen
en likken hun wonden
bij doodtij.
.
Alles is ijdelheid maar dat geeft niet
Nieuwe bundel van Pieter Drift
.
Kunstenaar en dichter Pieter Drift heeft een nieuw bundeltje gedichten doen laten verschijnen. De titel: ‘Alles is ijdelheid maar dat geeft niet’. En zo is het maar net. Tien gedichten in een prachtig vormgegeven bundeltje. Het colofon meldt: ‘De tekst van deze bundel is met de hand gezet uit de Lectura en De Roos (Naar de ontwerper van de letter Sjoerd de Roos) door Dick Ronner. De hoogdrukets op het omslag is vervaardigd door de dichter. De oplage van 66 exemplaren werd op een Korrex proefpers gedrukt.’
Uit alles blijkt dat Pieter zich met deze uitgave heeft bemoeit, de bundel is in feite een klein kunstwerkje. Het papier, de druk, het feit dat de bundel is ingenaaid, de nummering van elk deel (ik heb nummer 2 van 66), de ondertekening, het is een feest om het boekje te voelen en te bekijken. Uit alles blijkt met hoeveel liefde en aandacht dit bundeltje is uitgegeven.
Dan de inhoud. Met ironie en een knipoog dicht Pieter korte puntige gedichten. Maar ook serieuze onderwerpen schuwt hij niet zoals in het gedicht ‘Als ik dood’ met de beginzinnen ‘Als ik dood ben wil ik / nog een beetje nagalmen’. In het hart van dit bundeltje staat het gedicht ‘Spiegel’ waar ik me wel wat in herken (Pieter is een paar jaar jonger dan ik) en waar de titel van de bundel uit is genomen. Een bundel voor de liefhebber van mooie boekjes en poëzie. Ik ben blij dat ik een exemplaar heb.
.
Spiegel
.
Ogen worden nooit ouder
kijken gulzig om zich heen
maar in de spiegel
valt het zwaar
.
Graag zien ze het lijf
strak getekend
.
niet deze omtrek
De ontkenning
van een Spartaans bestaan
.
Zou het lukken om mezelf
weer in vorm te gunnen?
.
Alles is ijdelheid
maar dat geeft niet
.
Ballon en Vaas
Gedichten op vreemde plekken
.
Toen ik de afbeeldingen op mijn telefoon doornam kwam ik daar twee foto’s tegen, die ik gemaakt had in het kader van ‘Gedichten op vreemde plekken’. De eerste is van een vaas die in de etalage staat van een edel smederij bij mij om de hoek van de straat met de veelzeggende naam ‘Zee Zand Zilver’.
De poëtische tekst of kort gedicht zo je wil luidt:
Als bloemen drijven zeilboten over het meer,
langzaam,
middagmoe.
.
De tweede foto nam ik van een foto die ik ergens tegenkwam. Het betreft hier een ballon van Lotte Dodion, de Vlaamse dichter die op 12 juni acte de présence geeft op het Zomerpodium van Ongehoord! in de Jacobustuin in Rotterdam. In maart 2016 verscheen van haar de bundel ‘Kanonnenvlees’ en deze ballon is ter gelegenheid daarvan gemaakt.
De tekst luidt:
Spraakwater
hoe minder woorden stromen
hoe hoger golven van stilte
hoe zwijgen tot de lippen stijgt
.
Alles over Lotte staat te lezen op http://www.lottedodion.be/
Begin
Gerrit Komrij
.
Hoewel Gerrit Komrij regelmatig genoemd wordt in mijn blogs moet ik tot mijn grote schaamte bekennen dat ik maar een enkele keer over zijn werk heb geschreven of een gedicht van hem heb geplaatst (de laatste keer toe hij overleed in 2012). Daarom vandaag twee gedichten uit zijn bundel ‘De os op de klokketoren’ uit 1981. Het eerste gedicht uit deze bundel met als titel ‘Begin’ en het tweede gedicht met als titel ‘Janus’.
.
Begin
.
De tijd is op. wat onder was werd boven
en het glazuur sprong van de eeuwigheid.
De bodem trilt. we leven in een oven.
Nog even en we zijn het vuur ook kwijt.
.
Platvissen zwemmen nog door stilstaand water.
Ze drinken alles leeg en vallen om.
De wereld droogt en krimpt. een laatste krater
haalt adem en lanceert haar als een bom.
.
Een heel eind verder zal, in een heelal
waar vlinders dansen en waar bijen gonzen,
de aarde die van ons was als een bal
geruisloos op een verend grasveld plonzen.
.
.
Janus
.
De zee is droog. Het vasteland is nat.
Alleen de dode dingen hoor je zingen.
De levende hebben hun tijd gehad
en zwijgen stom. Groeten uit Scheveningen.
.
Op dit strand worden alle vrouwen mooi.
Hun ogen glanzen en rondom hun monden
verdwijnt hier elke levervlek en plooi.
Haast om te zoenen zijn hier alle honden.
.
De jongens daarentegen hebben in
hun neuzen onophoudelijk bezoek
van kevers, in hun oogkas huist een spin.
Hun voorhoofd is vergaan, hun wang is zoek.
.
Daarachter
Doeschka Meijsing
.
In mijn jeugd was Doeschka Meijsing (1947 – 2012) een bekende schrijversnaam al kende ik niemand die ooit iets van haar gelezen had. Dat ze ook poëzie schreef was mij niet bekend tot ik las dat ze in 1986 een dichtbundel heeft uitgebracht met de titel ‘Paard Heer Mantel’ . Dat was haar enige poëziebundel. Meijsing werd niet oud, ze overleed op 64 jarige leeftijd. Voor haar proza ontving ze verschillende prijzen.
Uit de bundel ‘Paard Heer Mantel’ het gedicht ‘Daarachter’.
.
Daarachter
.
De diepte ja,
die kennen we.
Die is vaak nogal hartgrondig.
.
Maar de geur van violieren.
De deur naar de andere
kamer.
Waar ieder
voorwerp specifiek de geliefde
spiegelt.
.
Waar ieder
ander een rivaal is.
.
Die deur.
daarachter.
Wie er liederen zingt.
.
Die.
.














