Site-archief

Bob Dylan

Tarantula

.

Afgelopen weekend liep ik op de pier van Scheveningen en daar had zich een boekenverzamelaar/winkeltje geïnstalleerd aan de kop op de boulevard. Uiteraard moet ik dan even kijken wat het poëzie aanbod is en dat viel niet tegen. Daar kwam ik ‘Tarantula’ van Bob Dylan tegen, een eerste Nederlandse druk uit 1972.

Nu ben ik geen fan van Dylan (sorry Alja), of eigenlijk geen fan van zijn muziek maar ik weet dat Alja Spaan een hele grote fan is van Bob Dylan dus kocht ik het boekje voor haar met in mijn achterhoofd dat ze het waarschijnlijk wel zou hebben. Maar je weet nooit. Ze had al een exemplaar.

Dat is niet erg want dit gaf me een kans om het geschreven werk van Dylan van wat dichterbij te leren kennen (de man had niet voor niks de Nobelprijs voor de literatuur gekregen tenslotte). En dat viel niet tegen.

Na een korte introductie van Dylan als artiest meldt de uitgever dat “Tarantula een fantastisch, briljant boek is, stormachtig en vol verbijsterend proza-poëzie. Ongeduldig, rusteloos en surrealistisch als alle beroemde Dylan-teksten. Door de ogen van Dylan zien we in fragmenten de Amerikaanse samenleving: mensen, plaatsen en levensstijlen in een chaotisch geheel waarvan de kern op excentrieke Dylanwijze wordt blootgelegd.” De uitgever eindigt met: Een feestelijk relikwie uit een periode die misschien voorbij lijkt maar zeker niet is vergeten.

Dat beloofde wat. Ik weet niet wat Bob Dylan had gebruikt toen hij dit schreef maar het komt me allemaal nogal psychedelisch over, het doet me erg denken aan het werk van Vaandrager; vreemd, verwarrend, heel associatief, beeldend en heel jaren zestig/zeventig (interpunctie die te pas en te onpas wel of niet wordt gebruikt), vrij van elke vorm van vorm of richting.

En toch heeft het iets boeiends, het spel met de taal, de ongewone en onverwachte wendingen , het soms volledig uitblijven van structuur of vorm waaraan je je als lezer kunt vastgrijpen. Het ene stuk (het boek bestaat zoals de uitgever al schreef uit fragmenten) is beter te behappen (ik zeg hier expres niet begrijpen) dan het andere, sommige stukken zijn net iets beter plaatsbaar in tijd en plaats dan andere.

Tussen deze stukken tekst, die soms als een brief aan iemand eindigen, staan stukken die veel van poëzie weghebben. In het fragment ‘Prelude voor het platte plektrum’ dat volgens mij gaat over de domheid van de mens, religie die alles plat slaat, het losbreken van de familie en thuis, staan een viertal tekstfragmenten die, onder elkaar geplaatst een gedicht vormen dat niet alleen min of meer begrijpelijk is maar ook zeer genietbaar.

.

‘zijn er nog vragen?’ vraagt

de instrukteur. een blond

jongetje op de eerste rij

steekt zijn vinger op en vraagt

‘hoe ver is het naar mexico?’

.

‘wie wil er iets buitengewoons worden?

vraagt de instrukteur. het slimste

kind van de klas, dat dronken op school

komt, steekt zijn vinger op en zegt

‘ik meneer. ik wil een

dollar worden meneer’

.

‘wie kan me vertellen

hoe de derde president van de

verenigde staten heette?’ een

meisje met haar rug vol inkt

steekt haar vinger op en zegt

‘ernst tobbe’

.

‘kan iemand in de klas

met het preciese uur vertellen

waarop zijn of haar vader

niet thuis is?’ vraagt de

instrukteur. iedereen laat

opeens zijn potloden vallen

en rent de deur uit-iedereen

behalve het jongetje op de

laatste rij natuurlijk, die een

bril draagt en zijn appel

meebracht

.

Voor de liefhebber van vreemde geschriften uit een periode waarin vreemd eerder gold als gangbaar dan als bijzonder is ‘Tarantula’ een boek dat dit tijdsbeeld als geen andere weergeeft. Voor Dylan fans ongetwijfeld een voorbeeld van zijn genialiteit. Voor mij boeiende literatuur vanuit de taal gezien, een introductie in wat Bob Dylan dus ook is of was. Ik zal er geen plaat van hem extra om gaan draaien maar ik snap nu beter de ‘rijkdom’ van de taal van Dylan die ik eerder alleen kende van zijn songteksten.

.

Herman de Coninck

Statistiek

.

Het aardige van een website in WordPress bijhouden is dat er een nogal uitgebreid statistiekmodel achter hangt. Zo kan ik zien waar mensen vandaan inloggen op mijn site (uit welk land), onder welke termen met zocht en op mijn website terecht kwam en een leuke (vind ik) welke berichten het meest gelezen worden. Zo nu en dan kijk ik daar eens naar en wat me dit keer opviel is dat onder de berichten die het hoogst genoteerd staan een aantal buitenlandse dichters staan vóór de eerste Nederlandse dichtersnaam.

Die dichters zijn grappig genoeg niet meteen de dichters die ik zou verwachten; Rainer Maria Rilke, Goethe, E.E. Cummings, Antonio Machado én (en dat doet mij deugd) Herman de Coninck. In 2014 en het grootste deel van 2015 was Herman de Coninck dichter van de maand maar dan maandenlang. Elke zondag deelde ik een gedicht van deze meesterdichter met jullie.

Na ongeveer anderhalf jaar wilde ik weer eens iets anders proberen en ging ik variëren in de maandelijkse dichter en sinds kort elke zondag Dichter op verzoek. Daardoor is het werk van Herman de Coninck een beetje uit beeld gebleven de afgelopen periode. Een enkele keer plaatste ik nog wel eens een gedicht van hem maar de laatste dateert alweer van 17 februari van dit jaar.

Daarom voor alle liefhebbers, waaronder niet in de laatste plaats ikzelf vandaag nog een gedicht van deze prachtige Vlaamse dichter getiteld ‘Voor mekaar’ uit ‘Met een klank van hobo’ uit 1980.

.

Voor mekaar

.

Vroeger hield ik alleen van je ogen.

Nu ook van de kraaiepootjes ernaast.

Zoals er in een oud woord als mededogen

meer gaat dan in een nieuw. Vroeger was er alleen haast

.

om te hebben wat je had, elke keer weer.

Vroeger was er alleen maar nu. Nu is er ook toen.

Er is meer om van te houden.

Er zijn meer manieren om dat te doen.

.

Zelfs nietsdoen is er daar één van.

Gewoon bij mekaar zitten met een boek.

Of niet bij mekaar, in ’t café om de hoek.

.

Of mekaar een paar dagen niet zien

en mekaar missen. Maar altijd mekaar,

nu toch al bijna zeven jaar.

.

Niels Hanson

Dichter op verzoek, deel 5

.

Enige tijd geleden mocht ik samen met Joz Knoop (en nog wat andere mensen) voordragen bij Local Literature in Spijkenisse. Daar vertelde Joz mij over de dichter Niels Hansson. Een goede vriend van hem die was overleden. Hij stuurde me, op mijn verzoek, wat informatie en een gedicht toe. Maar (schaam, schaam) in de tijd tussen toen en nu heb ik daar nog niets mee gedaan. Dat ga ik nu (dank voor de reminder Joz!) recht zetten.

Niels Hansson ( 1947 – 2000) was als organisator verbonden aan vrijwel alle nieuwe poëziepodia in Rotterdam. Veelal vanuit zijn ‘eigen’ Stichting Weerwoord, vaak ook in samenwerking met andere organisaties zoals Laurens Literair, Dunya, Poetry International, het Bibliotheektheater, en vele andere. Hoofdthema van zijn poëzie is de menselijke onmacht. ‘Buiten zinnen’ (een selectie uit zijn werk over de periode 1982-1993) was, buiten enkele incidentele publicatie, zijn officiële debuutbundel.

Volgens Joz is het gedicht ‘Kantinemeisje’ misschien wel zijn beste gedicht waarin verlangen en onmacht bij elkaar komen.

.

Kantinemeisje

.
Sinds ik op deze camping bivakkeer
doorbreekt haar beeld mijn werelds fulmineren
een bakvis met kastanjekleurig haar
onwetend van hetgeen de tijd zal leren
schenkt mij met toegeloken oogopslag
mijn koffie in bij wat ik mag ontwaren
aan schoonheid nog onzeker van zichzelf
en niet in staat mijn glimlach te verklaren
door mij als uiterst vriendelijk bedoeld.
Verwarring siert haar licht ontvlamde lippen
waaraan een onverstaanbaar ‘alstublieft’
in alle kwetsbaarheid tracht te ontglippen.
Ik groet haar op mijn weg naar duin en strand
mijn best doend’ om haar hart niet weer te stelen
al zal een ander, net als ik destijds,
onhandig wreed haar tere borsten strelen.
.

Brommerdagen

Uit mijn boekenkast

.

Ik sta voor mijn boekenkast met poëzie en dan ineens valt me een oranje rug op. Het is de rug van ‘Brommerdagen’ van Jan Baeke (1956). Van de meeste poëziebundels weet ik dat ik ze heb maar ook waar ik er ooit aan gekomen ben, van deze bundel weet ik n iet hoe ik eraan kom, sterker nog, ik was vergeten dat ik hem had.

En dat is ten onrechte want bij herlezing blijkt de poëzie van Jan Baeke zeer genietbaar. In 2008 schreef de jury van de VSB Poëzieprijs over ‘Groter dan de feiten’: Onontkoombaar en huiveringwekkend. Op Wikipedia staat: Het is poëzie die in gewone taal en met directe beelden een mysterie weet op te roepen.

Oordeel zelf over het gedicht uit ‘Brommerdagen’ getiteld ‘In a sentimental mood’.

.

In a sentimental mood

.

Op een middag zeg ik zoveel tegelijk
ik moest aan vallen denken, aan explosies
hoe de jaren zeventig zijn weggevaagd.

Ik zat in mijn kinderkamer
had alles uitgestald wat mij toebehoorde.
Daarmee redden wat ik ben, het kon niet meer.

Ik nam de telefoon op met mijn moeders naam
en staarde de middag in. Een serieus fantast
met veel te veel herinneringen, zoals

dat ik ziek was en dat nooit te boven kwam
of dat de oorlog op de hoek stond, wachtend
op het juiste jaar, de juiste landverrader

viel ook goed te overzien waar zich
een haan mocht roeren en hoe.
en hoe de dingen zijn als je de mens weglaat.

.

Limonadeglazen wodka

Spinvis

.

Erik de Jong(1961) is singer-songwriter die onder de naam Spinvis bekend is. Vriend en vijand zijn het erover eens dat zijn liedjes een grote poëtische zeggingskracht hebben. Of iedereen de muziek en zijn manier van zingen in een zelfde mate waardeert is de vraag maar over zijn teksten is men het wel eens. Persoonlijk mag ik graag naar zijn muziek luisteren, niet teveel en te lang achter elkaar maar juist door zijn teksten blijf ik aandachtig luisteren.

Als voorbeeld hieronder de tekst van ‘Limonadeglazen wodka’ van het album ‘Spinvis’ uit 2002 wat zonder muziek een bijzonder gedicht maakt.

.

Limonadeglazen wodka

.

oh als je hier kon zijn vandaag
mijn vreemde vriend
en dat je nuchter was
en je geschoren had
wat zou je lachen om mijn shirt
en m’n huis en m’n oude hoofd
ik zou je vragen hoe het is
en ik had je niet geloofd

’t was een mooie tijd
als ik me niet vergis
we hadden zon gelijk altijd
maar ja we zeiden niks
je had het eerder door dan ik
er is zo weinig tijd

je zag er heel goed uit
je deed als iemand van tv
zo kon ik toch nooit zijn
niet ik, niet met dat haar van mij
een cirkel op je arm, ik niet
want ik was veel te bang

ze had de juiste naam
ze had de juiste huid
ze had iets prachtigs aan
ook jij zag er fantastisch uit
ze woonde in Madrid
ze had een hele leuke baan

ik had een film gezien die nacht
ik dacht op 2
er was iets met een oorlogsheld
er werd niet veel gezegd
je zag ‘m eerst als kind
maar het kon ook alweer de reclame zijn

toen ging de telefoon
en dus ben ik toen maar gegaan
ik had zelfs een echte traan
want de as kwam in mijn oog
ze had een poncho aan die dag
als ik me niet vergis

wat zou je lachen om die vent
met z’n cake en die foute tune
maar ik zweer je
er komt een keer geheid een dag
dat ie het nog een keer mag doen

ze had de juiste naam
ze had de juiste huid
ze had iets prachtigs aan
ook jij zag er fantastisch uit

.

 

Unicorn

New Women Poets

.

Het aardige van bundels en boeken die al wat ouder zijn is dat er vaak later blijkt dat er een belofte wordt ingelost. In de bundel ‘New Women Poets’ uit 1990 las ik het gedicht ‘The unicorn is a symbol of virginity’ van Christiania Whitehead (1969). In dit boek wordt ze nog als aanstormend talent beschreven, net afgestudeerd en met een paar gedichten in verzamelbundels.

Inmiddels is Dr Christiania Whitehead niet alleen afgestudeerd in de middeleeuwse Engelse literatuur in Oxford, vmaar is ze ook sinds 1996 staff member bij Warwick  bij het departement Engels. Ze doceert middeleeuwse literatuur en heeft boeken gepubliceerd over architectonische allegorie en devotionele schrift voor vrouwen, evenals een poëzieverzameling , ‘The Garden of Slender Trust’ (Bloodaxe). Uit die bundel komt ook het gedicht dat opgenomen is in New Women Poets.

.

The Unicorn is a Symbol of Virginity

.

Dun brown tomorrow. The unicorn

looks surprised. It had faintly expected

always to stay white.

“Does that mean my horn will

creep back into my head?” whispers

the miscreant, and it paws the ground

a little, as if in protest.

Tush, rocking horse. You have nothing

but milk teeth to talk with,

you are only the little creature

the woman chuckles with,

when she is feeling holy.

Perched there amongst

the shamrocks and thorn roses –

you were never meant to last,

but came down through the ages

on a prayer cushion or in locket form,

eluding the bonny cavalry

by dint of a streak up a tree.

Mother of Jesus, what did you start?

Of course the horn must go.

.

Politiek

Yeats

.

Toen ik de bundel ‘De mooiste van William Butler Yeats’ aan het doorlezen was, wist ik bij het lezen van het gedicht ‘Politiek’ of ‘Politics’ zoals het origineel getiteld is, meteen dat ik hier iets over ging schrijven.

In deze bundel staan de mooiste gedichten van Yeats in de oorspronkelijke Engelse taal en in vertaling van een aantal vertalers waaronder Jan Eijkelboom die het gedicht ‘Politics’ vertaalde.

Waarom dan hier dit gedicht? In een tijd waarin de politieke meningen polariseren en waarin het steeds moeilijker lijkt om een kabinet te vormen (dat krijg je met zo’n versnipperd politiek landschap) is het misschien goed om af en toe even als Yeats te denken. Laat alle problemen hoe groot ook eens even los en denk aan het liefhebben van (in zijn geval) een meisje. Maar een jongen mag natuurlijk ook. Hoe dan ook een mooie gelegenheid om weer eens iets van deze prachtige dichter te plaatsen.

.

Politics

.

‘In our time the destiny of man presents its meaning in political terms‘ – Thomas Mann

.

How can I, that girl standing there,

My attention fix

On Roman or on Russian

Or on Spanish politics?

Yet there’s a travelled man that knows

What he talks about,

And there’s a politician

That has read and thought,

And maybe what they say is true

Of war and war’s alarms,

But O that I were young again

And held her in my arms!

.

Politiek

.

‘In onze tijd drukt het lot van de mens zich uit in politieke termen’ – Thomas Mann

.

Hoe kan ik mijn aandacht bepalen,

terwijl daar dat meisje staat,

bij wat er in Rome of Rusland,

of Spanje, aan politiek omgaat?

Toch is hier een bereisde man

die weet waarover hij het heeft

en daar is een politicus

die nadenkt en veel leest,

en ’t kan wel waar zijn wat ze zeggen

over oorlog en oorlogsgevaar,

maar o, wat was ik liever jong

en vrijde ik me haar!

.

 

Man gevonden geen wormen wel maden

Tsead Bruinja

.

De van oorsprong Friese dichter Tsead Bruinja (1974) debuteerde officieel in 2000 met de Friestalinge bundel ‘De wizers yn it read/ De wijzers in het rood’.  Zijn eerste publicatie is echter al van 1998 ‘Vreemdgaan’ (uitgegeven in eigen beheer). In 1999 publiceerde hij met onder andere Daniël Dee ‘Startschot’, ook in eigen beheer uitgegeven.  In 2001 en 2002 verschenen nog Friestalige bundels maar zijn Nederlandstalige debuut ‘Dat het zo hoorde’ werd gepubliceerd in 2003 en het jaar daarop genomineerd voor de Jo Peterspoëzieprijs.  De laatste bundel van Bruinja vescheen in 2015 getiteld  ‘Binnenwereld buitenwijk natuurlijke omstandigheden’.

Samen met Joke van Leeuwen, Erik Menkveld, Hagar Peeters en Ramsey Nasr was Bruinja genomineerd als volgende Dichter des Vaderlands voor de periode 2009-2013. Ramsey Nasr won die verkiezingen. Met het collectief ‘Gewassen’ (2001-2004), met onder anderen dichter Sieger MG en videokunstenaar Alan D. Joseph, won hij in 2002 het Hendrik de Vriesstipendium.

Uit zijn bundel ‘Overwoekerd’ uit 2010 het gedicht ‘man gevonden geen wormen wel maden’.

.

man gevonden geen wormen wel maden

.

vind je een lijk in een huis
kijk dan onder de deurmat
in de spleten van de vloer

in welke fase zijn de insecten
zijn het nog maden of zijn er al poppen?

eerst komen de maden en poppen van bromvliegen

bromvliegen kunnen binnen een uur eitjes leggen
ze ruiken een lijk over zestig kilometer afstand

er bestaat een bromvliegsoort waarbij de poppen op het lijk uitkomen
andere soorten maden kruipen van het lijk af
om enkele meters verderop te verpoppen

bij warm weer wordt een lijk binnen twee weken opgegeten door de maden

het eindigt met spektorren die eten droog vlees
museumkevers eten andere insecten
kleermotten eten haren en huid

het langste duurt het om huid en skelet te verteren

daartussenin zitten mijten
die de eieren van de vliegen opeten

met honderden tegelijk kruipen ze door je vlees

.

                                                                                                                                                                        Foto: Tineke de Lange

Meer informatie: www.tseadbruinja.nl.

Kalamazoo

Muurgedichten

.

Zoals velen weten is Leiden de onbetwiste hoofdstad van Nederland als het gaat om muurgedichten. Uiteraard zijn er veel meer steden en dorpen in Nederland waar gedichten op muren zijn geplaatst. Zo ook in het buitenland. Ik kwam een mooi voorbeeld tegen van een muurgedicht in Kalamazoo. Ik heb even moeten googelen in welk land dit lag (ik dacht zelf ergens bij Australië) maar het is dus een stad in Michigan in de Verenigde Staten. Dat het hier niet zomaar een onbekend gat betreft blijkt uit het feit dat de wereldberoemde Gibson gitaar hier vandaan komt.

Vanaf 1980 is men begonnen met het aanbrengen van gedichten op muren. Maar bij elk gedicht werd een mural of muurschildering aangebracht door Conrad Kaufman en juist deze schilderingen maken deze muurgedichten iets bijzonders. De Kalamazoo Friends of Poetry kiezen de locaties uit en bepalen samen met Kaufman welk gedicht waar verschijnt. Door de bijzondere schilderingen vielen ze mij op en hieronder wil ik er enkele met jullie delen van respectievelijk Meredith Adams, Julie Stotz-Ghosh, Mark (acht jaar oud) en Emily Kunz, allemaal met schilderingen van Conrad Kaufman.

.

Dichter op verzoek

Deel 4

.

Van Jo Maes kreeg ik het verzoek via Facebook om aandacht te besteden aan de dichter Ellen Lanckman (1975). Deze Vlaamse dichter woont in Brakel (Oost Vlaanderen) en zegt van zichzelf: ‘Ik schrijf zoals ik adem: de ene keer snel, dan weer langzaam, een andere keer helemaal loos’.

Ze volgde proza en poëzie bij Wisper (Gent) en Literaire Creatie aan de Academie voor Podiumkunsten (Aalst). In de zomer van 2014 verscheen de debuutbundel ‘Over deugd en andere mankementen’ bij uitgeverij Scriptomanen.  In het voorjaar van 2015 bracht Ellen bij diezelfde uitgeverij en in samenwerking met fotograaf Hendrik Boxy ‘Dagen van glas’ uit. Haar derde bundel ‘Vogel-jong’ is via haar website bij haar te bestellen. Ze werd ze een aantal keer gepubliceerd, zowel in bloemlezingen als literair tijdschriften.  Tevens stelt ze regelmatig tentoon, altijd i.s.m. andere kunstdisciplines.

Uit 2015 een gedicht van haar hand getiteld ‘Weerspiegeling’.

 

Weerspiegeling

Hoe dichter ze komt
bij mijn jaren,
hoe vaker ik mezelf herken
in haar bewegingen.

We schuiven tegelijkertijd
een mok naar ons toe,
al is mijn koffie nog haar melk.

Net als ik leest ze
uren weg onder het dakraam
waar dezelfde maan binnen gluurt.

En de manier waarop ze haar haren
over de schouders schudt,
confronteert mij

met de tijd die kantelt
van proefdruk naar heruitgave
van een verloren gewaande jeugd.

.