Site-archief
Leesletters
Remko Ekkers
.
Ik schrijf hier vrijwel altijd over poëzie voor volwassenen en adolescenten, maar er wordt ook regelmatig poëzie voor kinderen geschreven die zeer de moeite waard is. Zo heeft in de bundel ‘Leesletters’ Elseline Knuttel vijftig gedichten opgenomen over letters, lezen, boeken, voorlezen, leren lezen, bibliotheek, boeken zonder en lezen in bed. Een bloemlezing voor jong en oud. De bundel is geïllustreerd door Ceseli Josephus Jitta en bevat gedichten van bekende dichters als Herman de Coninck, Joke van Leeuwen, Hans Kuyper en Ted van Lieshout maar ook van minder bekende dichters als Leendert Witvliet en Gerard Berends.
In de bundel, uitgegeven door uitgeverij De Inktvis in 2011, staat ook het gedicht ‘Eerste woord’ van de dit jaar overleden dichter Remko Ekkers (1941 – 2021) dat ik hier graag met jullie deel.
.
Eerste woord
.
Mijn eerste woord was r aa m.
Het hing in de eerste klas
vlak onder het raam.
Later zag ik ook d eu r.
.
Je kon naar buiten
dan waren de woorden weg
maar hun beeld zweefde
nog in mijn hoofd.
.
Ik leerde dat de letters
van het woord vrij
konden fladderen
maar deze bleven samen.
.
Tot ik een naam
gaf aan bijna alle
dingen in de klas.
het raam ging open staan.
.
Belgium Bordelio
Vreemdeling
.
Sinds 2014 is er in België een Dichter des Vaderlands. Om de twee jaar wordt een dichter uit een andere taalgemeenschap aangesteld. Deze eretitel werd in 2016 toegekend aan de Franstalige dichteres Laurence Vielle (1968), zij is een Franstalige Belgische dichteres en actrice.
Voor haar werk als schrijfster en voordrachtskunstenaar ontving ze verschillende prijzen. In 2015 kreeg ze een van de ‘Grands Prix Internationaux du Disque et du DVD’, in de categorie ‘Parole enregistrée’, van de Académie Charles Cros voor haar boek met bijhorende cd ‘Ouf’, die bij uitgeverij maelstrÖm verscheen.
De Dichter des Vaderlands is een “project” dat de taalgemeenschappen de kans biedt, in een verbrokkelend Belgisch landschap, om steeds weer spelenderwijs bruggen te slaan, om uitwisseling te stimuleren, gemeenschappelijke acties te bedenken en grenzen te doen vervagen.
Laurence Vielle droomde ervan dat er op school opnieuw ruimte komt om gedichten uit het hoofd te leren, dankzij een bloemlezing voor kinderen en jongeren vanaf 11 tot 18 jaar.
Bij uitgeverij Maelström verscheen in samenwerking met Poëziecentrum reeds eerder Belgium Bordelio, volume I en II, een tweetalige bloemlezing van levende Belgische dichters. In de mini versie zijn de volgende Vlaamse en Franstalige (jeugd) dichters opgenomen:
Joke van Leeuwen . Luc Baba
Lotte Dodion . Youness Mernissi
Stijn Vranken . Lisette Lombé
Geert De Kockere . Gioia Kayaga
Seckou Ouologuem . L’Ami Terrien
De bloemlezing werd voor de bescheiden prijs van 3 euro verkocht en bij elke nieuwe start van het schooljaar aan de leerlingen aangeboden. Maar dit mini tijdschrift is ook digitaal te lezen via https://poeziecentrum.be/sites/default/files/01_book_139_bookleg_mini_bordelio_entier_web_def.pdf
In dit mini magazine (A5 formaat, dus net iets groter dan de MUG zine) verrassende nieuwe namen maar ook een naam die ik niet verwacht had namelijk die van Joke van Leeuwen. Ik weet dat zij stadsdichter van Antwerpen was maar voor zover ik weet is ze toch een Nederlandse dichter. Dat doet overigens niets af aan de aantrekkelijkheid van dit magazine.
Ik koos voor een gedicht van Geert de Kockere getiteld ‘Vreemdeling’ en in het Frans ‘Étranger’.
.
Vreemdeling
.
Weet je
wat zo vreemd is
aan een vreemdeling?
.
Een vreemdeling
wordt maar een vreemdeling
als hij uit zijn decor stapt.
.
En een niet-vreemdeling
wordt een vreemdeling
als hij in dat decor stapt.
.
Het is dus vaak
maar een kwestie
van decor en attributen.
.
Étranger
.
Tu sais
ce qui devient si étrange
chez un étranger?
.
Un étranger
ne devient un étranger
qui lorsqu’il sort de son décor.
.
Et un non-étranger
devient un étranger
dès qu’il entre dans ce décor.
.
Ce n’est donc souvent
qu’un question
de décor et d’accessoires.
.
Man gevonden geen wormen wel maden
Tsead Bruinja
.
De van oorsprong Friese dichter Tsead Bruinja (1974) debuteerde officieel in 2000 met de Friestalinge bundel ‘De wizers yn it read/ De wijzers in het rood’. Zijn eerste publicatie is echter al van 1998 ‘Vreemdgaan’ (uitgegeven in eigen beheer). In 1999 publiceerde hij met onder andere Daniël Dee ‘Startschot’, ook in eigen beheer uitgegeven. In 2001 en 2002 verschenen nog Friestalige bundels maar zijn Nederlandstalige debuut ‘Dat het zo hoorde’ werd gepubliceerd in 2003 en het jaar daarop genomineerd voor de Jo Peterspoëzieprijs. De laatste bundel van Bruinja vescheen in 2015 getiteld ‘Binnenwereld buitenwijk natuurlijke omstandigheden’.
Samen met Joke van Leeuwen, Erik Menkveld, Hagar Peeters en Ramsey Nasr was Bruinja genomineerd als volgende Dichter des Vaderlands voor de periode 2009-2013. Ramsey Nasr won die verkiezingen. Met het collectief ‘Gewassen’ (2001-2004), met onder anderen dichter Sieger MG en videokunstenaar Alan D. Joseph, won hij in 2002 het Hendrik de Vriesstipendium.
Uit zijn bundel ‘Overwoekerd’ uit 2010 het gedicht ‘man gevonden geen wormen wel maden’.
.
man gevonden geen wormen wel maden
.
vind je een lijk in een huis
kijk dan onder de deurmat
in de spleten van de vloer
in welke fase zijn de insecten
zijn het nog maden of zijn er al poppen?
eerst komen de maden en poppen van bromvliegen
bromvliegen kunnen binnen een uur eitjes leggen
ze ruiken een lijk over zestig kilometer afstand
er bestaat een bromvliegsoort waarbij de poppen op het lijk uitkomen
andere soorten maden kruipen van het lijk af
om enkele meters verderop te verpoppen
bij warm weer wordt een lijk binnen twee weken opgegeten door de maden
het eindigt met spektorren die eten droog vlees
museumkevers eten andere insecten
kleermotten eten haren en huid
het langste duurt het om huid en skelet te verteren
daartussenin zitten mijten
die de eieren van de vliegen opeten
met honderden tegelijk kruipen ze door je vlees
.
Foto: Tineke de Lange
Meer informatie: www.tseadbruinja.nl.
De Poëziebus Deel 3
Lotte Dodion
.
Normaliter zou vandaag (sinds enige weken) de zondag van Herman de Coninck zijn maar omdat vandaag De Poeziebus officieel gaat rijden ( startschot in het Letterkundig museum in Den Haag onder leiding van dichter der Nederlanden Joke van Leeuwen) maak ik hier een uitzondering. Maar wel met een Vlaamse dichteres Lotte Dodion. Overigens zal ik zelf het podium van De Poeziebus betreden op zondag 26 juli in Antwerpen in het Bouckenborgh park, Bredabaan 559 in Merksem, aanvang 13.00 uur. Maar zover is het nog niet. Nu Lotte Dodion.
Lotte Dodion (1987) is dichteres, performer en polyvalent teksttalent. Met haar ‘poëzie voor het plebs’ toont ze dat poëzie toegankelijk en tegelijk eigenzinnig kan zijn. Haar teksten zijn donker, direct en in your face; haar optredens zachte donderpreken.
.
STIL
Gij aarzelt niet als ge wat zegt
en gij lijkt sprekend als ge zwijgt
op iemand die het beter weet.
Maar nu er nog wat braaksel hangt
als woorden aan uw lippen,
aan uw open mond, nu krijgt
gij het niet uitgelekt, niet uitgelegd.
Trager moet gij leren inhaleren
als ik uw natte lippen kus,
uw tong van kippenvel.
De huig moet nu geparfumeerd:
gij moet de opening van de verstuiver
in de mondholte houden en drukken
en slikken, niet stikken.
.
Meer info over de Poëziebus op http://poeziebus.nl
Seks
De daad in 69 gedichten
.
Soms is poëzie iets zeggen in verbloemende woorden en soms niet. De verzamelbundel ‘Seks, de daad in 69 gedichten’ samengesteld en ingeleid door Vrouwkje Tuinman en Ingmar Heytze laat qua titel niets aan de verbeelding over. Dat schept verwachtingen. Toch is de inhoud van de bundel minder expliciet dan de titel suggereert. De samenstellers zeggen het zelf al in hun ten geleide:
“Sex sells. Verwijzingen naar de lichamelijke liefde creëren hoge verwachtingen van spanning en sensatie. U stelt zich bij het onderwerp van deze bloemlezing wellicht dampende gedichten voor, waarin alle lichaamsvochten zich mengen in een draaikolk van samensmeltende woorden.”
De inleiding eindigt met de zinnen:
“Poëtische erotica is inventief, ruimdenkend en zacht en ruw tegelijkertijd. Het lijkt soms net een echte vrijpartij…”
Daarom uit deze aardige bundel twee gedichten om de smaak te pakken te krijgen.
.
Het
.
Die bril die vond ik niks, die moest maar af.
En zij zei tegen mij, niet alleen mijn bril
maar ook mijn truitje en mijn onderbroek.
.
Toen zag ik dat het goed was en ging in
met geweldige wind en zonder mantel.
We hadden erg veel zin en deden het.
.
Rob Schouten uit Te voorschijn stommelt het heelal, Arbeiderspers, 1988.
.
Verloksels
.
Het mooie van plooien
het vocht in de oksels
de paaiende kant van
de hand en de pols en
iets hols en
wat spant
.
Joke van Leeuwen uit Vier manieren om op iemand te wachten, Querido, 2001
.
Stadsdichters
Avond met stadsdichters Rotterdam en Antwerpen
.
Afgelopen vrijdag- en zaterdagavond organiseerden het Vlaams-Nederlands Huis deBuren, Antwerpen Boekenstad & Poetry International in samenwerking met de Arenbergschouwburg en Bibliotheek Rotterdam twee avonden met stadsdichters van Rotterdam en Antwerpen. Ik ging naar de avond in het Bibliotheektheater in Rotterdam.
Presentator en interviewer Ernest van der Kwast ging in gesprek met de huidige stadsdichters Stijn Vranken (A) en Daniël Dee (R) en voormalig stadsdichters Jana Beranová (R) en Joke van Leeuwen (A).
De gesprekken gingen over wat een stadsdichter doet, welke vrijheden hij of zij zich kan permitteren, welke projecten men had gedaan en aan welke men werkte, over de lengte van het stadsdichtersschap en over de relatie met het gemeentebestuur, de stad en de inwoners van de stad. Behalve veel interessante informatie en een kijkje in het leven van de stadsdichters droegen zij ook allemaal een aantal gedichten voor.
Van Stijn Vranken was net daags ervoor een nieuwe bundel gepubliceerd. Helaas was die daar nog niet te krijgen. Persoonlijk was ik zeer onder de indruk van zijn (stads)gedicht ‘Spat onder stroom’.
Hieronder de gefilmde versie van (delen van) dit gedicht voorgedragen en besproken door Stijn zelf en de volledige tekst van het gedicht..
Spat onder stroom
(een bovenaanzicht)
Zie uzelf daar eens liggen, daar beneden, zo licht, gij stuk
stad, al dat stralen staat u precies goed, al dat schijnen
zit u blijkbaar diep in het bloed, gij brandt als vaneigens
bijna door de kaart, zo vurig als gij uzelf bemint en dit
brave land bevlekt, zo hard, zo hels, mijn god, gij non
stop big bang (in miniatuur, jaja, maar toch) – ach, waar
moet dat stranden, met uw steeds oeverlozer gescheld,
uw gebreek en gebouw, uw gegraaf en gedemp, uw
geschipper en gevaar, uw keer om keer altijd maar
weer wat aan de hand – niet te geloven hoe luid gij lijdt
aan uw zelfverklaarde rand – kom op schat, schitter nog
maar wat feller, ja gij, vermakelijke vlek, flikker voort
met uw geschilder en geschets, uw geschrijf en gezwets,
uw gekunst en gekitsch, uw gefuif en gefoor (ga door!)
met uw gesmoor en gesnuif, uw gesnor en gekuif, uw
getjing en getjoek, uw gezeik en gezoek, uw gedoe en
gedroom – allez, komaan, vooruit, licht uzelf nog eens
wat hogerop (armen genoeg) – zie, voila: zo valt daar
dan toch (uit uw eigen warme handen, jaja, maar toch)
een verdomd verdiend applaus (geklap, geklap!) voor u
en uzelf en vooral voorgoed, want zo zijt gij (dat ziet ge
nu eens van hier), gij schitterende plek
welgemorste mensheid, onbeschaamd schuim
op dit schiftend land, gij onuitwisbare
spat onder stroom.
.
© stadsgedicht Antwerpen 2014. Met dank aan de de organisatie van deze avond.
Lend me some sugar, I am your neighbour*
Wees eens aardig voor je buren
.
Onder dat motto vandaag een gedicht van Joke van Leeuwen uit de bundel ‘Wuif de mussen uit’ uit 2000.
* uit: Hey Ya van Outkast
Bezichtiging
Komt u maar binnen. Hier
is dus de hal. Hier hangen
alle jassen. Voor het
winter is, voor als ze passen.
.
Hier is de kamer met de bank,
waarop ik laat en moe
Afghanistan nog zie op de tv
of iemand die een eind weg
.
praat met aandachtsgeil op camera
gericht gezicht. De deuren. Mooi
bedacht toch deuren, zo eenvoudig
gaan die open en weer dicht en open en weer dicht en o en weer en hoeps en b
.
Nou goed. Hier slaap ik als ik slaap,
het bed zo net of niemand hier, of niets
en hier een bad, een geiser, een wc.
De buren hoor je af en toe een beetje.
.
Mijn roerend goed gaat mee, verweesde
woorden veeg ik weg. Sleept u maar aan
wat u al heeft en meet het mogelijke op
tussen de muren.
.

















