Site-archief
Schelpen
Paul Verlaine
.
Een van de eerste keren dat een gedicht van mij geplaatst werd op een website was in 2008. Het was het gedicht ‘Schaakmeisje’ en het werd gepubliceerd op het (toen nog bestaande) Verlaine.web-log.nl
Toen ik dit terug las bedacht ik me, dat ik in al die tijd die ik al over poëzie schrijf, nog nooit over de dichter Verlaine heb geschreven. Daar komt nu dus verandering in.
De Franse dichter Paul Verlaine (1844 – 1896) studeerde rechten in Parijs, maar de literatuur trok aan hem en hij stopte met zijn studie. Hij ging werken op het gemeentehuis van Parijs en besteedde de rest van de tijd aan de poëzie.
Paul Verlaine had een roerig leven. Zo had hij na zijn eerste huwelijk (dat mislukte omdat hij alcoholist was en als hij had gedronken gewelddadig werd) een relatie met de 17 jarige dichter Arthur Rimbaud. Met hem woonde hij in België en in Engeland. In 1873 probeerde hij in een dronken bui, Arthur Rimbaud neer te schieten in een hotel in Brussel maar hij verwondde hem slechts. Dit leverde hem wel een gevangenisstraf op van 18 maanden.
Hierna probeerde hij zijn leven te beteren maar in Parijs terug gekeerd verloederde hij. Hij woonde in armzalige omstandigheden bij prostituees en vrienden. In die tijd genoot hij enige bekendheid door zijn literaire publicaties ( de Symbolisten omhelsden hem als hun voorman en in 1894 kreeg hij, niet veel meer dan een clochard, de eretitel ‘Prince des poètes’), maar desondanks stierf hij verarmd en eenzaam.
Verlaine werd met zijn werk een van de leidende Franse dichters van het symbolisme en het decadentisme en beïnvloedde vele anderen. Zijn gedichten zijn muzikaal en proberen de schakeringen uit het gevoelsleven tot uiting te brengen. Zowel morbide erotiek als religieus gefundeerde mystiek komt in zijn werk aan de orde. Daarmee beïnvloedde Verlaine de neoromantische beweging. Verlaine vond de klank van een gedicht belangrijker dan de inhoud.
.
Schelpen
.
Schelpen, in de grot ingebed
Waar wij elkaar in de armen vielen:
Ze hebben elk hun eigenheid.
.
Eén heeft het purper onzer zielen,
Ontstolen aan ons hartebloed,
Mijn liefdesvuur, jouw liefdesgloed;
.
Die dáár spiegelt jouw kwijnend smachten,
Je bleekheid als je moe en boos bent,
Omdat mijn ogen om je lachen;
.
Die heeft de gratie van je oortje
Mooi nagebootst, en die het roze
Van je nekje, het dikke, korte;
.
Maar één was er die me deed blozen.
.
Les coquillages
.
Chaque coquillage incrusté
Dans la grotte où nous nous aimâmes
A sa particularité.
L’un a la pourpre de nos âmes
Dérobée au sang de nos coeurs
Quand je brûle et que tu t’enflammes ;
Cet autre affecte tes langueurs
Et tes pâleurs alors que, lasse,
Tu m’en veux de mes yeux moqueurs ;
Celui-ci contrefait la grâce
De ton oreille, et celui-là
Ta nuque rose, courte et grasse ;
Mais un, entre autres, me troubla.
.
Met dank aan Wikipedia
Happy ending
Grand Palais
.
Vanaf deze plek wil ik iedereen heel hartelijk bedanken voor de vele en vriendelijke felicitaties, ik voelde mij, mede hierdoor, zeer jarig.
De afgelopen week was ik in Parijs en bezocht daar de fototentoonstelling van de beroemde Amerikaanse fotograaf Irving Penn (1917 – 2009). Een prachtige tentoonstelling waar ik onder andere de foto die Penn nam van de dichter W.H. Auden (1907 – 1973) nam. Meteen kwam bij mij het idee op om weer eens een gedicht van deze grote dichter te plaatsen en daarom vandaag het gedicht ‘Happy Ending’ uit 1929.
De muze viert feest
Paul Rodenko
.
Afgelopen Oud en Nieuw verbleef ik in Drenthe en vandaar uit bracht ik een bezoek aan twee kringloopwinkels in Groningen. Bij kringloopwinkels is het altijd maar afwachten of: Ze veel boeken hebben, de kans dan groot is of ze ook veel poëziebundels hebben en of ze de boeken een beetje gerangschikt hebben. Ik kom toch regelmatig in kringloopwinkels waar alle boeken maar een beetje door elkaar staan of waar de poëzie tussen de (vele) romans staan. In de eerste winkel die ik bezocht stonden de poëziebundels wel apart maar niet aangegeven. Daar kocht ik voor nog geen tientje maar liefst tien bundels.
In de tweede kringloopwinkel alweer geen aanduiding van poëzie maar toch gevonden. Daar kocht ik voor nog een drie keer niks drie bundels. Dat Groningen een literair klimaat had wist ik en ik weet ook dat er aan poëzie ‘gedaan’ wordt. Dat de opbrengst zo groot zou zijn was echter een verrassing. En er zaten een paar fraaie exemplaren bij. Zoals de bundel ‘De muze viert feest’.
Deze bundel uit 1960 (het Boekenweekgeschenk dat jaar) is een uitgave van de Vereniging ter bevordering van de belangen des boekhandels voor de jeugd! Het bevat een ‘Bonte verzameling feestgedichten bijeengebracht door Gerriot Borgers” met tekeningen en een typografie van J.H. Kuiper. Achterin de bundel waarin vrijwel alle belangrijke dichters uit die tijd zijn vertegenwoordigd een index op eerste regel, op naam van de dichter en een korte beschrijving van de dichters uit de bundel.
Ik heb dit keer gekozen voor een gedicht van Paul Rodenko waarvan achterin de bundel staat: Geboren 26 XI 1920 in Den Haag. Studeerde Slavische talen en psychologie te Leiden en Parijs. Redacteur van ‘Columbus’, ‘Podium’ en thans vast medewerker van ‘Maatstaf’. Woont te Warnsveld. Het gedicht dat van Rodenko staat is heel toepasselijk in deze maand getiteld ‘Januari’.
.
Januari
.
Groene stemmen en gele stemmen en de lente
Van een jonge sneeuw
Het raadsel van de trams ontraadseld
De lucht vol ochtendgymnastiek
.
Wij rinkelen onze lach wij drinken
De koppige vorst als een kroningsgedicht
Wij dragen ons blinkende tweelinggezicht
Wij horen bijeen als een stel akrobaten
En onder de kapspiegel van onze ogen
Onder het kraaien geduld van de bomen
Onder de sneeuwhazerij van woorden
Vinden wij in het contact onzer handen
Bloedwarme zonnen en kolibri’s uit
.
100 inspirerende websites over poëzie
Voor poëzieliefhebbers
.
Via een Facebookgroep kwam ik op een website terecht waar ik erg blij van werd. De website http://mastersinenglish.org/poetry/ biedt een overzicht van maar liefst 100 Engelstalige websites over poëzie. Poëzie is volgens de makers van deze pagina één van de meest rijke, complexe en mooie vormen van expressie in elke taal. De culturele en emotionele impact van poëzie kan niet worden overschat. Schrijver Salman Rushdie zij ooit over poëzie: “A poet’s work is to name the unnameable, to point at frauds, to take sides, start arguments, shape the world, and stop it going to sleep.”. Mooi gezegd en helemaal waar.
Deze lijst bestaat uit een aantal onderdelen te weten poëzie organisaties, poëzie magazines, poëzie blogs, poëzie archieven en collecties, voordrachts- en evenementensites en websites voor dichters. Een schatkamer vol kortom. Uit deze lijst heb ik een keuze gemaakt voor Free verse, A journal of contemporary poetry and poetics. In deze website heb ik wat rond gestruind en daar kwam ik een gedicht tegen van Sarah Riggs getiteld ‘Van Gogh in a Landscape, 1957’. Dit gedicht verwijst naar een schilderij van Francis Bacon.
Sarah Riggs is een dichter, regisseur, essayist en kunstenaar afkomstig en woonachtig in New York na meer dan 10 jaar in Parijs te hebben gewoond. Ze publiceerde vijf dichtbundels en vertaalde er zes van het Frans naar het Engels. Daarnaast is ze docent aan het Pratt institute in Brooklyn.
.
Van Gogh in a Landscape, 1957
.
Rounding the outscape: stick figure drop off
Near dusk: a bluish blind sort of Giverny
Spongy, earth-stroked: miniscule artist
Become a twig: his head splashed on
Dot of yellow, to the side of neck: afterthought
Seen from around the curve: last walk?
Last neighborhood: also greens, reeds
A huge hole: mire of glanced pigments
The edge is clear: a trunk warps to the left
Barely on the road: save for the blotch of sun
Or seeds or mind: he won’t get here
Not landscape: paints pain out in it
.
Peter Orlovsky
My bed is covered yellow
.
Peter Orlovsky (1933 – 2010) was een Amerikaans dichter. Hij was onderdeel van de Beat Generation en had een jarenlange relatie met collega-dichter Allen Ginsberg. Zijn werk verscheen in verschillende bladen en bloemlezingen.
Allen Ginsberg was ook de reden dat hij in 1957 begon met het schrijven van gedichten. Het stel woonde destijds in Parijs. Hij reisde later naar en door Europa, Afrika en India en woonde in de jaren ’60 in de New Yorkse kunstenaarswijk Lower East Side. In de jaren ’70 betrok hij een boerderij in de staat New York. Vanaf 1974 was hij als docent poëzie verbonden aan de ‘Jack Kerouac School of Disembodied Poetics’ in Boulder (Colorado).
In 1957 schreef Orlovsky in Parijs het gedicht ‘My bed is covered yellow’.
.
My Bed is Covered Yellow
My bed is covered yellow – Oh Sun, I sit on you
Oh golden field I lay on you
Oh money I dream of you
More, More, cried the bed – talk to me more –
Oh bed that taked the weight of the world –
all the lost dreams laid on you
Oh bed that grows no hair, that cannot be fucked
or can be fucked
Oh bed crumbs of all ages spiled on you
Oh yellow bed march to the sun whear yr journey will be done
Oh 50 lbs. of bed that takes 400 more lbs-
how strong you are
Oh bed, only for man & not for animals
yellow bed when will the animals have equal rights?
Oh 4 legged bed off the floor forever built
Oh yellow bed all the news of the world
lay on you at one time or another
.

Orlovsky en Ginsberg
Met dank aan Boppin.com
Each X Other
Gedichten op kledingstukken
.
Het Parijse modelabel Each X Other heeft in de opzet van haar collectie voor 2015-2016 (FW 15-16) opnieuw gezocht naar het concept ‘Art meets fashion’. Men heeft dit onder andere gedaan met de conceptuele band ‘Liquid Architecture en met de dichter en contemporain kunstenaar Robert Montgomery.
Over Robert Montgomery schreef ik al eerder (op 21 februari 2013) maar toen betrof het billboards en publieke communicatiemogelijkheden die hij gebruikt om zijn poëzie onder de mensen te brengen. Zijn poëzie bespreekt, viert en berispt gelijktijdig het moderne leven en legt op die manier schrijnender dan ooit aan ons uit hoe het zit met het moderne leven.
Uit de FW 15-16 collectie een t-shirt en een trui waarop een gedicht en een fragment van een gedicht van Montgomery is aangebracht. Het gedicht op het t-shirt is te lezen op de laatste foto.
.
Alle kleding in deze collectie is te vinden op:
http://www.each-other.com/download/press/fw15/04_LINESHEET/EachxOther_Linesheet_FW15.pdf
Dada poëzie
Tristan Tzara
.
In de twintiger jaren van de vorige eeuw werd door Tristan Tzara, één van de stichters van de Dada beweging, een ‘recept’ geschreven voor het maken van een Dada gedicht.
Tristan Tzara (1896 – 1963) werd als Sami Rosenstock geboren in Roemenië en was was een dichter, essayist en performanceartiest die het grootste deel van zijn leven in Frankrijk leefde. Hij begon Dada toen hij in de Eerste Wereldoorlog, samen met Hugo Ball, naar Zürich vluchtte. De eerste voorstellingen vonden daar plaats, in Cabaret Voltaire. In 1919 vestigde hij zich in Parijs waar hij na drie jaar, als Dada ophoudt te bestaan (in 1921), bij de literaire voorloper van de surrealisten terechtkomt.
Zijn ‘recept’ voor het maken van een gedicht in Dada stijl is even simpel als inventief. Je zou het de eerste vorm van een readymade kunnen noemen.
Dada gedicht van Hugo Ball




























