Auteursarchief: woutervanheiningen

Last Post

Vingerafdrukken

.

Vandaag heb ik gekozen voor een gedicht van Herman de Coninck uit zijn laatste regulier verschenen bundel ‘Vingerafdrukken’ die in 1997 vlak voor zijn dood verscheen. In eerste instantie wilde ik een ander gedicht plaatsen maar door een bespreking van Ad Zuiderent van deze bundel in ‘Ons Erfdeel’ ging ik twijfelen.Uiteindelijk heb ik voor het gedicht ‘Last Post’ gekozen.

Niet in de laatste plaats door mijn herinneringen aan Ieper, waar vanaf het einde van de Eerste wereldoorlog elke avond onder de Menempoort de last post wordt geblazen (met uitzondering van de jaren tijdens de Tweede Wereldoorlog) tot op de dag van vandaag.

Ik ben een aantal keer aanwezig geweest bij deze gebeurtenis, de eerste keer alweer zo’n 20 jaar geleden toen er nog de laatste overlevenden van WO I bij aanwezig waren. Een bijzonder indrukwekkende gebeurtenis. Vandaag is het de 30.227ste keer dat hij geblazen wordt om 20.00 uur. http://www.lastpost.be/

Daarom dus vandaag op Herman de Coninckzondag het gedicht ‘Last Post’.

.

Last Post

.

Vanavond zou ik naar Ieper. Het liep tegen zessen.

Ik reed ondergaande zon tegemoet, en drie verdiepingen

Dali-achtige wolken die door windkracht negen werden weg-

.

gejaagd, de hemel waaide van de aarde weg,

ik moest hem laten gaan, ik reed en reed, 150 per uur,

en raakte per minuut tien minuten achter. Daar ging mijn

[ horizon.

.

Als ik in Ieper arriveer is het 1917. Duitsers hebben de zon

kapotgeschoten. het licht dat er nog is, zijn explosies.

Ik bevind mij in een gedicht van Edmund Blunden.

.

Vanuit de loopgraven schrijft hij een ode aan de klaproos.

Aarde heeft een groot Über-ich van bloemen over zich.

Blunden heeft ze letterlijk in het vizier.

.

Het is hier een paar jaar lang

de laatste seconde voor je sterft.

Er zijn alleen maar kleinigheden.

.

Later hoor ik onder de Menenpoort de Last Post aan:

drie bugels die je tot tachtig jaar terug

door wat nog over is van merg en been hoort gaan.

.

vingerafdrukken

Gedichten langs de Geul

Limburg: 3 routes, 41 dichters

.

In Zuid-Limburg meandert een riviertje de Geul: van de Belgische grens, tussen grenspaal 8 en 9, tot aan de Maas boven Maastricht. Van Cottessen bij Epen tot Voulwames bij Bunde. Ze lijkt maar klein, de Geul: een bescheiden riviertje, een beetje verborgen in het landschap maar overal in Zuid Limburg kom je haar tegen.

Voor een literaire of poëzieroute zijn 41 gedichten uitgezocht, en die op zuilen in het landschap geplaatst. Zo is er een wandelroute ontstaan, waarbij je als wandelaar regelmatig een gedicht tegenkomt:  gedichten die tot vrolijkheid stemmen of tot nadenken, die ontroeren en beroeren, die enthousiasmeren en motiveren; die in elk geval, net als het landschap, u niet onverschillig laten.

De totale route is zo’n 35 km lang. Ze is verdeeld over drie trajecten in de drie gemeentes waar de Geul in Nederland doorheen stroomt: Gulpen-Wittem, Valkenburg aan de Geul en Meerssen.

Bij de 41 dichters zitten alle grote namen uit het Nederlands taalgebied zoals Herman de Coninck, Vasalis, Rutger Kopland, Jan Hanlo, Remco Campert maar ook Diana Ozon, Miriam van Hee en Seline Bastings.

Zo staat bij de Oliemolen in Meerssen een gedicht van Anna Enquist getiteld ‘De veldtocht’ uit haar bundel ‘De gedichten’ uit het jaar 2000.

.

De veldtocht

.

Niet in je omhelzing, niet in je armen,

niet in jouw weten ga ik verloren. Niet

in de brandende auto, toneel voor verbijsterd

publiek, maar lopend door een schamel bos.

.

Altijd het eind van de middag. O laat

de middag snel komen. De kinderen gingen

het huis uit; mist kruipt langs de grond.

Zo, zelf, ga ik stapvoets verloren.

.Geul 3

De Oliemolen

Geul 2

Tussen Heimansgroeve en de brug over de Geul

Geul 4

Stella Maris

Geul 1

De Volmolen

 

Meer informatie vind je op http://gedichtenlangsdegeul.nl/

Voordrachten in de komende week

Dichters aan de bar en Poëzie Café

.

Hoogeveen

De komende week ga ik ik twee keer voordragen. Allereerst aanstaande zondag in Hoogeveen bij het poëziefestival aldaar van dichtersduo Delia Bremer en Ria Westerhuis, ‘Dichters aan de bar’. Het wordt een bonte middag daar in Drenthe want maar liefst  24 dichters (waarvan de meeste deelnamen aan de tour van de Poëziebus in 2015) treden op in Theatercafé De Tambour aan de Hoofdstraat 17 aldaar. Daarnaast is er muziek van Melvin Bonnet en Jason Staal. Andere dichters die het podium beklimmen zijn o.a. Joz Knoop, Von Solo, Kasper Peters, Jolies Heij, Sven de Swerts, Irene Siekman, Wander Awee, Derrel Niemeijer, Luk Paard, Yannick Moyson, Mischa van Huijstee en natuurlijk Ria Westerhuis en delia Bremer zelf.

Den Haag

Op donderdag 25 februari zal ik voordragen in mijn eigen Den Haag in het Poëzie café in bar Bodega De Posthoorn aan het Lange Voorhout 39a. De andere dichters die daar voordragen zijn Amy de la Haye, Joop Alleblas en dichter/singer-songwriter Alexander Franken. En natuurlijk is er een open podium.

Dichtersaandebar

poeziecafe

Poëzie in beweging

Voor scholieren en iedereen die van poëzie houdt

.

Even geleden werd ik op de website http://poezie-in-beweging.nl/ gewezen. Op dat moment heb ik het adres van de website even opgeschreven en vervolgens weer vergeten. Maar zoals vaker kom ik soms papiertjes tegen met (vaak cryptische) zinnen of woorden of in dit geval een adres op internet. 

Toen ik de website werd ik meteen enthousiast. Want wat staat er in het welkoms-woord? “De bedoeling van deze vakoverstijgende educatieve poëzie-website is gedichten in de vreemde talen Duits, Engels en Frans zo aantrekkelijk en laagdrempelig mogelijk aan te bieden”.

Ik kan je melden dat de makers van deze website hun belofte volledig nakomen. Op de website staan allerlei rubrieken gevuld met interessante, mooie en leuke voorbeelden van gedichten, vormen poëzie, weetjes, filmpjes, interactieve gedichten, een quiz en ga zo maar door. Voor je het weet ben je uren zoet met het doorbladeren van deze geweldige website.

Hadelinde van der Hoek en Margreet Feenstra zijn terecht trots op hun werk en eigenlijk zou elke middelbare school gebruik moeten maken van de informatie op deze site. Juist ook omdat men zich niet tot Nederlandse gedichten en dichters beperkt maar ook Engels, Duitse en Franse dichters en gedichten behandeld en plaatst.

Uit deze enorme hoeveelheid leuke, interessante en mooie dichters en gedichten heb ik gekozen voor een gedicht van Anne Sexton over New York dat in de rubriek ‘gedichten over landen en steden’ staat.

.

PIB

as

Hulp bij zelfdoding

Marc van Biezen

.

In 2011 verscheen bij uitgeverij Mistral de bundel ‘Ex-mondschilder’ van Marc van Biezen. Marc van Biezen (1968) debuteerde in 2007 met de bundel Afwezigheidsassistente. Zijn poëzie werd ook gepubliceerd in diverse tijdschriften, waaronder Zoetermeer en De Brakke Hond. Samen met collega-dichter Jaap Stiemer maakte hij de cd KRANK ZIN, een ‘ontluisterboek voor zachthorenden’.

In ‘Ex-mondschilder’ zijn (zeer) korte gedichten of puntdichten en aforismen gebundeld die stuk voor stuk donkere thema’s behandelen. Tegelijkertijd zijn de gedichten licht van toon wat het lezen zeker geen onaangename bezigheid maakt. Ziekte, verval, ongeluk en de dood zijn thema’s die voorbij komen. Volgens de uitgever poogt de dichter in deze bundel “het leed dat leven heet te bezweren met troostende relativering en absurdistische humor”.

Oordeel zelf aan de hand van het gedicht ‘Hulp bij zelfdoding’.

.

Hulp bij zelfdoding

.

adem in

adem uit

.

adem in

adem uit

.

en

stop

.

ex-mondschilder-marc-van-biezen-boek-cover-9789049951276

Angel Island

Chinese immigranten poëzie

.

Angel Island is een eilandje in de San Fransisco Bay (waar ook Alcatraz Island ligt) waar tussen 1910 en 1940 ongeveer een miljoen Aziatische immigranten de Verenigde Staten in kwamen. Daarom wordt Angel Island ook wel het Ellis Island van de westkust genoemd.

Door de Chinese Exclusion Act uit 1882, welke één van de meest belangrijke beperkingen was als het ging om vrije immigratie naar de VS, werd het  Chinese arbeiders verboden naar de VS te emigreren. Toch kwamen er tussen 1910 en 1940 ruim 55.000 Chinezen naar de Verenigde Staten.

De meeste van hen moesten jaren verblijven in barakken op Angel Island. Tijdens hun verblijf begonnen de Chinezen met het kalligraferen van Chinese poëzie op de muren van de barakken in zwarte inkt. Toen de districts commissioner langs kwam rapporteerde hij graffiti op de muren waarna deze werden overgeschilderd.

De Chinese bewoners begonnen toen met het uitsnijden van de poëzie in kalligrafie in de houten muren. In de periode tussen 1910 en 1940 werden vervolgens alle muren maar liefst 8 maal over geschilderd.

In 1931-1932 werd door twee bewoners onafhankelijk van elkaar gesproken van 80 tot 90 gedichten die op deze manier de wanden sierde. In 1970 kwam men tot 135 gedichten en nader onderzoek in 2004 toonde aan dat er maar liefst 200 gedichten en tekstfragmenten te vinden waren op de muren in de voormalige barakken.

In 1964 werd onder druk van de Chinees-Amerikaanse gemeenschap geijverd voor het behoud van de barakken. Het eiland met zijn historische gebouwen is nu een National Landmark.

Een aantal vertalingen van de teksten in het Engels:

*

This is a message to those who live here not
to worry excessively.
Instead, you must cast your idle worries to
the flowing stream.
Experiencing a little ordeal is not hardship.
Napoleon was once a prisoner on an island.

*

In the quiet of night, I heard, faintly, the whistling of wind.
The forms and shadows saddened me; upon
seeing the landscape, I composed a poem.
The floating clouds, the fog, darken the sky.
The moon shines faintly as the insects chirp.
Grief and bitterness entwined are heaven sent.
The sad person sits alone, leaning by a window.

 

Angel-island-wall-poetry_2464

Angel-island-wall-poetry-less-clear_2458

Ik ben beplakt met kleine spiegeltjes

Eva Cox

.

De Vlaamse dichter Eva Cox (1970) begon in 1999 met het schrijven van gedichten, die ze bijzonder overtuigend uit het hoofd weet voor te dragen. In 2001 won ze dan ook de Eerste Vlaamse Poetry Slam, waar ze topperformers als Peter Holvoet-Hanssen en Vital Baeken als concurrenten had. Gedichten van haar hand werden voor 2001 alleen in ‘Het Belang van Limburg’ en op een bord op het oud-kerkhof te Hasselt gepubliceerd. Ze debuteert in september 2004 met de bundel ‘Pritt.stift.lippe’ in de Windroosreeks. In 2009 verscheen bij de Bezige Bij de bundel ‘een, twee, drie ten dans, een kleine stoet poëzie, (ultra)kort proza, vertalingen, pastiches, een duet voor één stem’ Deze bundel kreeg nominaties voor een aantal literaire prijzen. Eva Cox haar werk verscheen in verschillende literaire bladen en magazines en is in verschillende talen vertaald.

Uit haar bundel ‘Pritt.stift.lippe’ het gedicht ‘Ik ben beplakt met kleine spiegeltjes’.

.

Ik ben beplakt met kleine spiegeltjes

Ik ben beplakt met kleine spiegeltjes.
Ik dans als een strandbal rond.
Ik kan oogverblindend zijn.

Wie naar mij kijkt denk mij te zien.
Wie naar mij kijkt die ziet zichzelf.
De eigen monsterlijk vervormde grimas.

Wie van mij wegrent jaagt zichzelf weg.

Ik ben beplakt met kleine spiegeltjes.
De randen snijden in mijn eigen vlees.

Ik ben:
een glinsterende mozaïek
met weke rode voegen en
een hart van sneeuwwit.

.
Eva Cox
                                          Eva Cox in de Prinsentuin in 2008

Pointillisme

Voor Laura en Tom

.

Verrast was ik toen ik al lezend in ‘De Gedichten’ van Herman de Coninck het gedicht ‘Pointillisme’tegen kwam. Niet zozeer door de titel of de inhoud maar door het gegeven dat het ‘voor Laura en Tom’ was geschreven. Mijn tweeling neefje en nichtje heten zo, dus speciaal voor hen vandaag dit gedicht van Herman uit de bundel ‘Vingerafdrukken’ uit 1997..

.

Pointillisme

Voor Laura en Tom

Sloten onder kroos, pointillisme
van groen, stilliggend geril
van begin, natuur die vijf miljard puntjes tegelijk
op haar i’s zet.

Ik op mijn buik langs zo’n sloot.
Geef me mijn bril eens. Puntjes op de i inspecteren
is mijn beroep en vooral: daarbij op mijn buik liggen.
Hoeveel puntjes heb je nodig voor groen?

Hoeveel zandkorrels, zandkorzels, voor strand?
Hoeveel mensen voor mensheid?
Twee.
Iemand met sproeten, en iemand die ze telt.

.

kroos

Hun billen

Arthur Rimbaud

.

Arthur Rimbaud (1854 – 1891) was een vertegenwoordiger van het Symbolisme en het Decadentisme en in zijn korte leven één van de grote vernieuwers van de dichtkunst. Dat Rimbaud ook een lichte, speelse kant had blijkt mooi uit het gedicht ‘Hun billen’ of ‘Nos fesses’ (uit zijn vroege verzen).

.

Hun billen

.

Hun billen zijn de onze niet. Dat ondervond

ik als ik heren hurken zag achter de hagen

en bij de plonspartijen die de jeugd behagen

ontdekte ik model en vorm van onze kont.

.

In veel gevallen vaster, bleker, minder rond,

zo ziet ons achterwerk eruit, met ruige lagen

beharing; vrouwenbillen daarentegen dragen

slechts in de fraaie gleuf een bloei van welig bont.

.

Een blootheid die aandoenlijk is en wondermooi

als slechts bij engelen op vrome taferelen

tovert een glimlachende wang rond deze plooi.

.

Zó naakt te zijn om ’t spel van lust en rust te spelen,

het hoofd wenden naar de uitverkoren prooi

en in gefluister snikken met elkaar te delen.

.

Nos fesses

.

Nos fesses ne sont pas les leurs. Souvent jái vu

des gens déboutonnés derrière quelque haie,

et, dans ces bains sans gêne ou lénfance s’égaie,

jóbservais le plan et léffet de notre cul.

.

Plus ferme, blême en bien des cas, il est purvu

de méplats évidents que tapisse la claie

des poils; pour elles, c’est seulement dans la raie

charmante que fleurit le long satin touffu.

.

Une ingénuité touchante et merveilleuse

comme lón ne voit quáux anges des saints tableaux

imite la joue où le sourire se creuse.

.

Oh! de même être nus, chercher joie et repos,

le front tourné vers sa portion glorieuse,

et libres tous les deux murmurer des sanglots?

.

Dikke billen schilderijen

Uit: Arthur Rimbaud: Gedichten, vertaling door Paul Claes.

 

Poezijpaad

Dichtersroute door het gebied van Oranjewoud en Skoaterwâld

.

In Nederland en België (en ongetwijfeld daarbuiten ook) zijn verschillende literaire, schrijvers en dichters/poëzieroutes in steden, dorpen, parken en buitengebieden. Zo ook in Friesland, in Oranjewoud bij Heereveen. Het dichterspad, in het bosgebied van Oranjewoud en Katlijk, leidt de bezoeker / wandelaar langs de paden in dit fraaie zuidoost-Friese landschap. Op historisch belangrijke plaatsen treft men gedichten van gerenommeerde dichters en nieuw uitverkoren talent uit de regio.

De route begint bij hotel-restaurant Tjaarda en in het museum Belvédère. Daar is ook informatie te krijgen over de dichters die meedoen en de routebeschrijving. Ook is hier een boekje te koop met de route en meer informatie over de dichters, de gedichten, biografieën van de dichters en vertalingen van de gedichten in het Nederlands (het zijn gedichten in het Fries).

Als voorbeeld een gedicht van Piter Boersma dat geplaatst is bij de Brandeleane. Boersma (1947) is  schrijver, tijdschriftredacteur en lexicograaf. Vanaf de jaren ’70 heeft hij een divers oeuvre van proza, poëzie, toneel en vertalingen opgebouwd. In 1972 richtte hij het tijdschrift ‘Hjir’ op, dat in 2009 opging in ‘Ensafh’. In 1998 ontving hij de Gysbert Japicxprijs, de belangrijkste Friese literatuurprijs, voor zijn roman ‘It libben sels’.

Meer informatie over het Poezijpaad op http://www.slahheerenveen.nl/poezijpaad

.

Bûten

In hikke en in daam, it lân, in sleat,
it wetter yn’e greppels en de lichten,
heakkelpôlen as minimale hichten,
in krie en beammen om’e pleatsen bleat,

krekt as ûnwerklik as it panneread.
Plaatsjes binne ek de fiergesichten,
allinne echt is bûten yn gedichten
dy’t my wer bringe yn myn bernesteat:

ik wâdzje drystwei troch de plassen hinne
en flean balansearjend oer in strykdaam,
it waait, it reint, ik gean troch waar en wyn,

priuw drippen dy’t my oer de wangen rinne
en reitsje muorrefêstsûgd yn in drekdaam:
it rint my godlik by de learsens yn.

.

Brandeleane-kei

route-SBB

BrugPrinsenwijk