Site-archief
Hellouw
Gijsbert Hamoen
.
Van mijn oud mede columniste bij Maassluis.nu Corinne Hamoen, kreeg ik de dichtbundel ‘Vierstromenland’ van haar vader Gijsbert Hamoen (1932 – 2013). De bundel is mooi en zorgvuldig vorm gegeven, fraaie omslagfoto’s, harde kaft en mooi matglanzend papier. Uitgegeven in eigen beheer.
Gijsbert Hamoen groeide op in de Rijnstreek. Hij studeerde aan de RU te Utrecht theologie en Semitische talen. Hij werkte in Berlijn als predikant voor buitengewone werkzaamheden (vluchtelingenwerk), en woonde en werkte achtereenvolgens in de Alblasserwaard (Oud-Alblas), Tielerwaard (Meteren en Est), Land van Heusden en Altena (Heusden), het Westland (’s Gravenzande) en het Sticht (De Meern). Hij publiceerde gedichten en artikelen over plaatselijke en regionale kerkgeschiedenis in verschillende tijdschriften.
Dan de bundel. Deze bevat zo’n 120 gedichten en deze zijn geschreven tussen 1960 en 2011. Een overzicht van een dichterlijk leven dus. Een aantal gedichten zijn eerder gepubliceerd in onder andere het tijdschrift de Waagschaal en de historische reeks Land van Heusden en Altena. Andere gedichten zijn voorgelezen in het NCRV programma ‘Vers in het gehoor’.
De bundel is opgedeeld in een aantal hoofdstukken en deze verwijzen naar de Vier Stromen uit de titel. Zo zijn er hoofdstukken met titels als ‘De Alblas’, ‘De Linge’, ‘De Maas’ en ‘De Rijn’. In deze hoofdstukken een aantal gedichten zonder titel maar de meeste gedichten verwijzen naar een dorp of hebben een andere geografische verwijzing.
Een aantal genoemde dorpen kende ik maar er viel nog een hoop te ontdekken zo merkte ik tijdens het lezen. Zoals bijvoorbeeld bij het gedicht hieronder ‘Hellouw’. Dit blijkt een dorpje te zijn in de Betuwe met 960 inwoners (2008). Hamoen geeft in deze bundel vele van dit soort kleine dorpjes een eigen gedicht en dat vind ik op zichzelf al een mooi gegeven.
Voor de inwoners van deze dorpjes zullen de gedichten zeker herkenbaar zijn, specifieke plekken als wegen, kerken, begraafplaatsen, waterputten en andere objecten worden op een respectvolle en poëtische manier beschreven.
Als deze bundel één indruk bij mij heeft achtergelaten dan is het wel dat er veel mooie plekjes in Nederland zijn om nog te ontdekken. Bijvoorbeeld met deze bundel in de achterzak.
.
Hellouw
.
Tussen de kribben
drijft een dode hond
op de rivier
en op het basalt
blijft hooi en hout
op de hoogte
van de vloed.
.
Tegen de dijken
schurken de huizen
en likken hun wonden
bij doodtij.
.
Vreemden
Ester Naomi Perquin
.
In 2007 debuteerde Ester Naomi Perquin bij Uitgeverij van Oorschot met de dichtbundel ‘Servetten halfstok’. In 2009 volgde ‘Namens de ander’ en begin 2012 verscheen haar laatste bundel ‘Celinspecties’. Deze bundel werd bekroond met de VSB Poëzieprijs 2013. Voor haar werk ontving ze verder de Liegend Konijn Debuutprijs, de Anna Blamanprijs, de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs en de J.C. Bloemprijs.
Om haar studie aan de Schrijversvakschool te kunnen financieren is ze enige tijd cipier geweest. In ‘Celinspecties’ geeft Perquin een stem aan gevangenen, aan misdadigers – maar ook aan slachtoffers, getuigen en rechters.
Van 2007 tot 2009 was ze de 3e stadsdichter van Rotterdam, ze volgde hiermee Jana Beranová op. Uit de bundel ‘Namens de ander’ het gedicht ‘Vreemden’.
.
Vreemden
.
Zoals je jezelf op een foto waarop je ruggelings staat afgebeeld
herkent maar omdat het onnatuurlijk blijft
liever niet meer bent – zo is de ander
.
precies zoals je zelf al denkt: het is niet goed teveel te weten,
geheimen tekenen verstand, geven iets om handen
.
leg tussen jezelf / de ander een diepe zee en verf je haren,
hou je onhoorbaar voor elke poging tot elkaar, verzet je
tegen nadering met rotsvast uitgesproken namen.
.
geef volle ruchtbaarheid en ga een oorlog aan, wees
te allen tijde onveranderbaar. Val met niemand samen.
.
Begin
Gerrit Komrij
.
Hoewel Gerrit Komrij regelmatig genoemd wordt in mijn blogs moet ik tot mijn grote schaamte bekennen dat ik maar een enkele keer over zijn werk heb geschreven of een gedicht van hem heb geplaatst (de laatste keer toe hij overleed in 2012). Daarom vandaag twee gedichten uit zijn bundel ‘De os op de klokketoren’ uit 1981. Het eerste gedicht uit deze bundel met als titel ‘Begin’ en het tweede gedicht met als titel ‘Janus’.
.
Begin
.
De tijd is op. wat onder was werd boven
en het glazuur sprong van de eeuwigheid.
De bodem trilt. we leven in een oven.
Nog even en we zijn het vuur ook kwijt.
.
Platvissen zwemmen nog door stilstaand water.
Ze drinken alles leeg en vallen om.
De wereld droogt en krimpt. een laatste krater
haalt adem en lanceert haar als een bom.
.
Een heel eind verder zal, in een heelal
waar vlinders dansen en waar bijen gonzen,
de aarde die van ons was als een bal
geruisloos op een verend grasveld plonzen.
.
.
Janus
.
De zee is droog. Het vasteland is nat.
Alleen de dode dingen hoor je zingen.
De levende hebben hun tijd gehad
en zwijgen stom. Groeten uit Scheveningen.
.
Op dit strand worden alle vrouwen mooi.
Hun ogen glanzen en rondom hun monden
verdwijnt hier elke levervlek en plooi.
Haast om te zoenen zijn hier alle honden.
.
De jongens daarentegen hebben in
hun neuzen onophoudelijk bezoek
van kevers, in hun oogkas huist een spin.
Hun voorhoofd is vergaan, hun wang is zoek.
.
Couveuse
Paul Gellings
.
Voormalig stadsdichter van Zwolle, gemeenteraadslid, docent Franse Taal- en Letterkunde, vertaler, schrijver en dichter. Paul Gellings (1953) is een veelzijdig man. In 1976 debuteerde hij met de poëziebundel ‘Tragiek van een jonge haan’ waarna nog 5 poëziebundels volgde alsmede een aantal romans.
Gellings publiceert met enige regelmaat gedichten, novellen en artikelen in literaire tijdschriften als ‘De Gids’, ‘Bzzletin’, ‘Hollands Maandblad en ‘Tirade’. Ook is hij werkzaam als recensent bij ‘De Stentor’ en het ‘Nieuw Israëlietisch Weekblad’.
Zijn bundel ‘Het oog van de egel’ werd in 1991 genomineerd voor de C. Buddingh’ prijs en in 2012 werd hij, door het Franse ministerie van Cultuur benoemd tot Chevalier dans l’Ordre des Palmes Académiques (Ridder in de Orde der Academische Palmen) voor zijn inzet voor de Franse Taal- en Letterkunde.
Uit de bundel ‘Antiek fluweel’ uit 1997 het gedicht ‘Couveuse’.
.
Couveuse
.
Kijk hoe stil ze worden bij de luier
die het klein karkas omvat, zoals de
scherf van een eierschaal het beetje
leven dat de avond niet zal halen.
.
De telefoon eruit, gordijnen dicht,
zo groot en zo onwerkelijk hun huis
vandaag. Kijk hoe stil ze zijn nu,
niet ontwaken uit hun boze droom.
.
Erheen, steeds maar weer erheen;
in kijken schuilt nog altijd wat
beweging en in traanvocht hoop.
.
Kijken – en vooral niets zeggen,
want in het woord loert gevaar:
is het gezegd, dan is het waar.
.
Daarachter
Doeschka Meijsing
.
In mijn jeugd was Doeschka Meijsing (1947 – 2012) een bekende schrijversnaam al kende ik niemand die ooit iets van haar gelezen had. Dat ze ook poëzie schreef was mij niet bekend tot ik las dat ze in 1986 een dichtbundel heeft uitgebracht met de titel ‘Paard Heer Mantel’ . Dat was haar enige poëziebundel. Meijsing werd niet oud, ze overleed op 64 jarige leeftijd. Voor haar proza ontving ze verschillende prijzen.
Uit de bundel ‘Paard Heer Mantel’ het gedicht ‘Daarachter’.
.
Daarachter
.
De diepte ja,
die kennen we.
Die is vaak nogal hartgrondig.
.
Maar de geur van violieren.
De deur naar de andere
kamer.
Waar ieder
voorwerp specifiek de geliefde
spiegelt.
.
Waar ieder
ander een rivaal is.
.
Die deur.
daarachter.
Wie er liederen zingt.
.
Die.
.
Foto: Steye Raviez
Quilt
Gedichten op vreemde plekken
.
In mijn nimmer aflatende zoektocht naar poëzie op vreemde plekken kwam ik op de website van Hannie de Beer, textielkunstenares, een quilt tegen ( die Hannie had gekregen van Liesbeth Wessels, ook al zo handig met textiel) met daarin verwerkt een gedicht vrij naar een vers van de toenmalige stadsdichter (het bericht is uit 2012) Piet van den Boom, getiteld ‘Voor Hannie’.
.
Voor Hannie
.
Zij is een dame, mooi en dynamisch
aan weinig ziet men haar leeftijd af
wie haar niet kent, ziet haar wellicht
als liefhebber van moderne materialen
.
Ja, zij houdt van klare lijn en kloeke vorm
maar gruwt van namaak,
zij omringd zich daarom graag
met verf, stoffen en stempels.
.
Zij is gastvrij en waakzaam
en zet niet zomaar alles in de etalage
want een echte dame
pronkt niet met haar parels
.
Voordracht
Optreden bij Reuring
.
Op zaterdag 28 november zal ik samen met de dichters Edith de Gilde, Martin Wijtgaard en Elly Stolwijk optreden bij het fijne podium van dichter en vriendin Alja Spaan. Alja, met wie ik samen ‘Je hebt me gemaakt met je kus’ publiceerde bij haar uitgeverij is al jaren actief in Alkmaar. Eerst bij haar thuis in haar huiskameratelier onder de titel ‘Alkmaar Anders’ en de laatste jaren met Reuring, dit keer in de Aikemazaal van Grand Café Koekenbier aan de Kennemerstraatweg 16 in Alkmaar.
Onder het motto “Oh death, my poetic death!” zal ik daar enige diep doorwrochte, trieste en minder trieste gedichten voordragen. Komt allen zou ik zeggen, de toegang is gratis. Vanaf 16.00 u bent u van harte welkom.
.
Van Edith de Gilde het gedicht ‘Als zwijgen’ uit haar bundel ‘Vleugels van cement’ uit 2012.
.
Als zwijgen
Huilen in Den Haag: stel je geen tranen voor.
Het is een bed tegen een muur geschoven.
Dat afgepaste knikje in de lift.
Thuiszitten in stof van weken
en dan uitgaan in je nette pak.
Het zijn de hoofden in de rijen voor je.
Huilen in Den Haag is krap bemeten,
is naar een feestje gaan omdat het hoort.
Zeggen dat het goed gaat, dat je
weer eens op huis aan moet, we bellen!
Het krijsen uitbesteden aan een meeuw.
Poster: Helle van Aardenberg






















